Saulus' bekering
De God onzer vaderen heeft u tevoren verordineerd om Zijnen wil te kennen, en de Rechtvaardige te zien, en de stem uit Zijn mond te horen. Hand. 22 : 14
2
Dank zij de bijzondere zorg die de Heere voor ons en onze zaligheid aan de welaangename dag legt is de bekering van de man uit Tarsen ons stellig driemaal verhaald. Niet precies gelijkluidend. Dat is allerminst letterknechten tot vreugde, die menen dat de testamenten Gods als notariële acten punctuele gelijkenis moeten vertonen. Die omstandigheden zijn daarentegen vijanden en verachters van Gods Waarheid welkom om met hun spitsvondig oordeel van tegenstrijdigheden geheel het Evangelie overboord te werpen. Deze mensen is het trouwens nooit naar de zin te maken. Indien de drie weergaven van Paulus' bekering als het ware slaafs gecopieerd waren, zouden ze net zo goed dat feit hebben aangegrepen als bewijs van voorop gezet bedrog bij het opstellen van de geschriften van Gods Waarheid. Juist de teksten zoals die voor ons liggen hebben de bewijzen van heiligheid en gezag bij zich. Zelfs blinden kunnen dit tasten. Maar tegen moedwillige en onbewuste Farizeeërsblindheid (Joh. 11 : 40 en 41), waaraan ook Gamahëls dicipel leed, is slechts één kruid gewassen.
Paulus loopt niet met bekering en andere soortgelijke belevenissen te koop. Hij vreest dat hij roemende onwijs wordt. Het gaat er enigszins mee als met het eedzweren. De Overheid kan ons ertoe brengen, zoals wij volgende keer zullen vernemen, of anderszins ook de nood kan het vereisen. Bepaalde situaties kunnen eenvoudig vergen, dat mannen Gods niet om hun bekering heengaan.
Wat opvalt is het volgende. Paulus zei eens dat hij de Joden, een Jood was en de Grieken een Griek. Het eerste blijkt in Handelingen 22 en het andere volgende week in Handelingen 26. De Israëlitische mannen, de broeders en vaders kunnen zich er levendig in verplaatsen, wanneer Paulus liefst in hun eigen vertrouwde taal de toestand schildert waarin hij geboren en getogen is. Als zij gevallen was hoorde je een speld vallen. Menigeen herkende zich in Paulus' zelfportret. De apostel wil duidelijk maken dat hij dit evangelie, dat hij nu predikt, en waarvoor hij ter verantwoording is geroepen, niet gezocht heeft. Zo ooit dan is in dit geval de Heere gevonden door wie naar Hem niet vroeg. Het was voor de Joodse man te Tarsen in Cilicië geboren in feite zo gelegen dat hij daar stond op de trappen, zoals hij was en dat zoals nooit anders gekund had. Hier sta ik, ik kan niet anders. Zeker Jezus was hem op de weg naar Damascus verschenen, maar in waarheid toch de God onzer vaderen, gelijk Ananias het uitdrukte. Het staat hier alles wat krasser en explicieter, maar er is geen enkel conflict met wat Handelingen 9 ons openbaart. Ananias wordt ook voor Joodse oren als een zeer aanvaardbare figuur getekend. Een godvruchtig man naar de wet, heet hij en bovendien wordt er de nadruk op gelegd, dat hij een goed getuigenis bezat van, let wel, al de Joden die daar woonden. Heel deze bekering wortelt met alle vezels in de Joodse traditie. Ook deze zaligheid is uit de Joden. Paulus viel het onschatbaar voorrecht ten deel dat hij de machtige heilswil Gods mocht kennen. Het heilgeheimenis verzwegen van alle eeuwen. Paulus mocht de Rechtvaardige zien en horen. Gods knecht de Rechtvaardige, Die door Zijn kennis velen zal rechtvaardig maken. Als in een fijne tere knop ligt in deze toegezegde uitspraak een hele Romeinen brief besloten. Als een ontijdig geborene viel het Paulus te beurt de Opgestane te zien. Hij Die is opgestaan om onze rechtvaardigmaking. Door deze wonderdaad worden mensenkinderen, nogmaals naar diezelfde wil Gods, wedergeboren tot nieuwe en andere mensen. Dit was inderdaad na alle verschijningen, die ons in de evangeliën en in I Corinthe 15 verhaald worden, de laatste van alle. Het viel wel helemaal buiten de gesloten termijnen. Maar de apostel is dan ook geworven voor een actie die tegen de natuurlijke regels inging. Voor de arbeid onder heidenen. Die zijn toch afkomstig uit de olijfboom, die wild was, om tegen-de-natuurin geënt te worden in de goede olijfboom. O, diepte!
De man die werd ingeschakeld was echter een eersteling van de goede boom zelf. Geboorte in de vreemde enerzijds en farizeïsche opvoeding en niet te vergeten bekwame scholing daarenboven anderzijds, maakten hem na en dóór goddelijke bekering tot de aangewezen figuur om deze machtige omwenteling te bewerkstelligen. Geenszins brengt deze constatering in mindering wat Paulus zelf elders uitdrukt dat hij als voornaamste der zondaren werd begenadigd, opdat alle zondaren aan zijn toebrenging moed zouden ontlenen tot hun behoudenis. Geenszins. Want het zal wel zo wezen, dat de voornaamste zondaren niet in poelen van verderf, maar in de meest godsdienstige en gehoorzaamste kringen moeten gezocht worden.
Eenmaal kwam de Heere Jezus Zich op deze wijze direct en persoonlijk hier op aarde inlaten met de geschiedenis van Zijn Kerk. De Rechtvaardige het Zich zien en horen. Christus' leven op aarde was één grote, ik mag wel zeggen existentiële, worsteling met Farizeeërs en hun Schriftgeleerden. Deze waren de talloze nagels, die Hem kruisigden. Posthuum, na Zijn dood eerst, mocht Hij zaad zien. Een Nicodemus kwam pas na het gewelddadig uiteinde voor de dag. Saul van Tarsen is Christus' hoogste triumf. Wellicht zal de eeuwigheid openbaren dat de bekering van deze man voor het Farizeïsme een dodelijke slag heeft uitgemaakt. Een klap die het universele jodendom nimmer te boven is gekomen en zal te boven komen. Wat zou gezien zijn rijke nalatenschap Saulus niet hebben kunnen betekenen voor de voorvaderlijke religie? Het was heilig de moeite waard voor de Heere Jezus om in eigen Persoon daarvoor te komen vlak voor de poorten van Damascus. Voor die poorten richtte Hij Zijn rechterstoel op.
U, Paulus, bent verordineerd, verkoren de Rechtvaardige te zien en te horen. U die zo uitermate bedreven zijt in de theologie van werken der gerechtigheid uit de wet. Om heidenen te verkondigen de gerechtigheid van die Rechtvaardige die door het geloof hun deel wordt. Om daardoor wettische rechtvaardigen tot hoogste jaloersheid te prikkelen. Dankzij uw late roeping. Paulus' bekering leert ons dat zelfs vrome mensen toch nog zalig kunnen worden. WeHswaar uit genade. Is dat even een goede boodschap. Voor wie wacht op zo'n verlossend woord.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 augustus 1977
De Waarheidsvriend | 14 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 augustus 1977
De Waarheidsvriend | 14 Pagina's