De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

6 minuten leestijd

Prof. dr. K. J. Popma, Gestoorde Wereld. 160 blz. ƒ 18, 95. Wytse Benedictus, Hilversum, 1977.

Dit is een merkwaardig boek. Het is voortgekomen, naar de schrijver in zijn Woord Vooraf vertelt, uit een kring 'Medische ethiek', die de auteur met studenten heeft gehouden. Men zou denken dat het boek derhalve over vraagstukken van medisch-ethische aard zou gaan. Daaraan is met name hoofdstuk VIII gewijd, dat Euthanasie tot onderwerp heeft. Dit hoofdstuk acht ik het meest waardevolle. Daarnaast heeft de auteur als wijsgeer het onderwerp van ziekzijn en de relatie tot de kuituur aangesneden. Hij wijdt een apart hoofdstuk aan ethos en ethiek, onder de titel ethiciteit. Hij heeft daarover zijn eigen opvattingen, die het stempel dragen van de wijsbegeerte der wetsidee, al neemt hij binnen die wijsbegeerte wel weer een eigen plaats in. Verder handelt hij over lichaam en ziel, over leven en dood. Hij besteedt een waardevol hoofdstuk aan het onderwerp 'verzorging'. Hij eindigt met het hoofdstuk over 'wijze onwetendheid'.

De lezer zal begrijpen dat ik met deze opsomming tegelijk de moeite laat voelen, die ik met de opbouw van het boek heb. Allerlei onderwerpen worden erbij behandeld, waardoor de voortgang van het betoog belemmerd wordt. Soms herhaalt de schrijver zichzelf (blz. 57 en 66). Soms spreekt hij zichzelf tegen: Berkhofs tijdstheologie heeft met die van Barth vitale punten van overeenkomst (blz. 68) terwijl we op blz. 60 lazen dat Berkhofs tijdstheologie op vitale punten anders is dan die van Barth.

We hebben moeite met wat de auteur schrijft over de ethiek die geen voorschriften kan geven en die tegelijk ook niet puur descriptief kan zijn (blz. 113). Wat is de ethiek dan wel? Reeds op blz. 103 wordt de stelling geponeerd dat ethiciteit de hoogste verbijzonderingsvorm is van de religie, terwijl het volgende hoofdstuk geheel aan de ethiciteit is gewijd. Had deze centrale, en onzes inziens te weerspreken stelling niet tot dat hoofdstuk bewaard moeten worden?

Berkhofs dogmatiek lofwaardig te noemen (blz. 94) zonder enige beperking, lijkt mij te veel eer aan een werk dat zozeer het stempel van de synthese draagt. Met het grootste gemak spreekt de auteur over de vele miljoenen jaren die de geschiedenis telt, of over het feit dat de hel niet door velen bevolkt zal zijn, want ze is voorbestemd voor de duivelen; de mensen horen daar niet (blz. 57). Dit is een uitspraak die zonder nader bewijs wordt gedaan.

De auteur vormt nieuwe woorden, bijvoorbeeld technicisme (blz. 70) en levendheid (blz. 127). Ze komen ons gewild voor.

Vermelding van bronnen en vindplaatsen van citaten vindt middenin de tekst plaats. Dat vergemakkelijkt het lezen niet. Een boek, dat onzes inziens een grondige bewerking behoeft en om beperking vraagt zal het bij de lezer doen overkomen wat de auteur zeggen wil.

Paul Sporken, Ethiek en Gezondheidszorg, 296 bladzijden, ƒ 32, 50, Ambo Baarn, 1977.

De schrijver doceert medische ethiek aan de Universiteit van Limburg in Maastricht en vervult nog vele andere funkties.

Hij heeft een aantal jaren een ontwerp medische ethiek geschreven die de titel droeg 'Voorlopige Diagnose'. Dat boek werd enkele malen herdrukt. Een nieuwe druk bleek noodzakelijk. De schrijver gaf er de voorkeur aan het boek te herschrijven, gezien de vele en snelle veranderingen die zich op dit gebied voltrekken. De gewijzigde naam legt daarvan getuigenis af.

De schrijver heeft een vlotte pen, die scherp en toch gemakkelijk, duidelijk en aansprekend formuleert. Dat is een van de grote verdiensten van dit boek. Verder worden alle facetten die zich maar aan het onderwerp denken laten, besproken.

Het boek telt 22 hoofdstukken. Het heeft een voortreffelijke literatuurlijst van niet minder dan 18 bladzijden.

De schrijver is roomskatholiek. Hij behoort tot de nieuwe ethische richting die zich daar voor doet. Soms onverwacht afwijzend, bijvoorbeeld inzake euthanasie; dan weer veel overlatend aan de persoonlijke vrijheid, al vraagt men zich af, waarom op andere punten die vrijheid niet zo gerespekteerd wordt. Er staan namelijk ook bepaalde absolute afwijzingen in het boek. In zulke gevallen wordt de beslissing niet aan de vrijheid van een of ander individu overgelaten.

Hij meent te kunnen laten zien, dat roomskatholieke dokumenten abortus niet zonder meer veroordelen. Dan wordt er toch wel een echt roomskatholieke redenering gevolgd, die het tegendeel beweert van wat er staat.

De personalistische aanpak bij een aantal beslissingen - ik denk aan het vraagstuk van de zelfmoord en van seksueel verkeer voor of buiten het huwelijk - wekt de indruk dat de schrijver zelf wil schuilgaan achter de vrijheid van de ander. Met die aanpak kan ik me niet verenigen.

Het principiële standpunt van de schrijver is dat het gaat om humanisering van de verhoudingen. Humaniteit is eigenlijk het kriterium voor de juistheid van een beslissing. Dat werkt wel verhelderend, maar lijkt mij niet in overeenstemming met de Heihge Schrift. Ik zou de volgorde van humaniteit en christelijkheid willen omkeren: Daar waar iets christelijk is, zal het ook humaan zijn; de schrijver begint bij de humaniteit en plakt op het humane de naam christelijk.

Vandaar dat hij dikwijls niet van het speciaal chris­telijke uitgaat. Als iets humaan is, draagt het impliciet de naam christelijk.

Juist dit laatste maakt het boek tot een voor mij op veel punten niet aanvaardbare gids. Dat spijt me oprecht, omdat het een geweldig breed oriënterend boek is en geweldig veel materiaal bevat. Er is mij op dit ogenblik geen boek bekend, dat zo goed de zaken bijeen brengt als hier gebeurt.

Dit boek remt al te progressief denkenden enigermate af en vraagt telkens rekenschap van het motief waarom men iets wil. Niettemin staat de schrijver duidelijk in de lijn van het nieuwe ethische denken. Een duidelijk voorbeeld daarvan is de aanvaarding van de kunstmatige inseminatie met het sperma van een donor. Zonder al te veel problemen wordt dit bepleit.

De moderne gedachte van de humaniteit wint het van het spreken van de Schrift. Daar zit bij alle waardering voor wat we hier vinden de zwakte, zelfs het onaanvaardbare van dit boek.

W. H. Velema

Eimert Pruim. Stervenshulp: Opgave en onmacht. 22 blz. nr. 16 uit de serie Ter Sprake. Meinema Delft.

Dit boekje houdt zich bezig met ethische vraagstukken rond het sterven, het verwerken van rouw en de zin van het leven. Het doet dat in de vorm van in totaal 131 stellingen. Dat maakt het boekje aantrekkelijk. Het beperkt tegelijk de waarde ervan. Immers er wordt geen grond aangegeven. Men moet naar herkomst van het principiële standpunt maar raden. Dat is overigens ook weer niet zo moeilijk. De mens staat in het middelpunt. Zijn wensen en verlangens vormen het startpunt voor een beslissing. De Bijbel komt soms wel even ter sprake, maar is niet beslissend. De vorm van het betoog alleen reeds laat dat niet toe. De voorkeur voor boeken in de literatuurlijst aangegeven door een sterretje - is de onze niet.

Simplificerend en tegelijk humaniserend zijn de termen die ik voor dit boekje kenmerkend wil noemen.

W. H. Velema

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 september 1977

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 september 1977

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's