Over een komma en nog wat
Pastorale overwegingen
2
Toch een verschuiving
Reeds zagen we in het eerste artikel, dat de Heidelberger niet zoveel waarde hecht aan de plaatsing van de komma in de Twaalf Artikelen, alhoewel een voorkeur schijnt uit te gaan naar de lezing 'Die geleden heeft onder Pontius Pilatus, (Komma), gelet op de uitleg van vraag acht en dertig. Het blijft echter daarbij nog een vraag, of hier het lijden niet veel meer bedoeld is het veroordeeld worden en berechting.
Maar het moet wel opvallen dat in de geloofsbelijdenis van Nicea, naar de kerkorde het tweede algemene belijdenisgeschrift, beleden wordt'... ook voor ons gekruisigd is onder Pontius Pilatus, geleden heeft en begraven is'. Het is dacht ik niet meer na te gaan of al in de vroeg christelijke Kerk de volgorde van de Twaalf Artikelen onder critiek heeft gestaan, of dat andere gedachten mede bepalend zijn geweest. Bovendien... is het zo kwaad en af te wijzen, dat beide lezingen blijven bestaan? Zijn niet beide alleszins verdedigbaar?
Wel mag duidelijk zijn, dat en in de Twaalf Artikelen en in de Belijdenis van Nicea, met de uitdrukkelijke vermelding van Pontius Pilatus, het leven en sterven van de Heere Jezus als heils-feit beleden is. Het is alles geschied tot zaligheid van verloren zondaren en zondaressen. Welk een wonder! Maar het is alles ook geschied in de geschiedenis der wereld en volkeren, niet zo maar ergens, in een verstolen, achteraf gelegen hoekje. Paulus kon tot koning Agrippa met alle kracht getuigen' dit is in geen hoek geschied'.
Niet zo maar een naam
Men heeft zich er overigens wel over verbaasd dat de naam van een mens, van deze mens in de belijdenis der Kerk staat. Maar dat is niet zo maar willekeurig. Ik wees u al op het historische raam van de kruisdood van de Zaligmaker. Maar dan moet ook wel opvallen, dat deze kant juist bij het lijden van de Zaligmaker ter sprake komt. Bij de belijdenis van Zijn geboorte wordt niet gesproken over 'ten tijde van keizer Augustus' of 'onder koning Herodes'. Allerlei lijnen komen hier bij Christus samen als een, neen, het brandpunt. Wijlen prof. Van Ruler heeft daar belangrijke dingen over gezegd in het boekje 'Ik geloof'. Het lijden van de Zaligmaker en Zijn kruisdood is niet te verstaan dan tegen de donkere achtergrond van de zonde en de diepe val van de mens, de toorn van God over de zonde als rechtvaardig oordeel, terwijl in dat al dat donker oplicht het wonder van Zijn grote gewilligheid voor Zijn Vader en Zijn volk. Wel wijs ik er nog op, dat niet het lijden en sterven van Christus ons de zonde ontdekt, maar wel de vreselijkheid der zonde blootlegt. We worden voor God aan onze schuld ontdekt door de heilige Wet, niet door het Evangelie, zoals destijds in een aantekening terecht wijlen ds. Van Sliedregt in zijn catechisatieboekje opmerkt. Het lijkt mij onbijbels en ik meen, dat de Heere het zo Zijn kinderen ook niet leert, ' dat pas in de ontmoeting met Christus als Zaligmaker het wezen der zonde ontdekt wordt. Maar de Wet maakt door haar eisende en veroordelende werking het lieflijke Evangelie noodzakelijk tot behoudenis. En dat Pilatus uiteindelijk de beslissende doorslag gaf, door de macht hem van God gegeven, mag er op wij? en, dat de dood van de Heere Jezus niet maar op rekening van de joden is te schuiven. Gruwelijk anti-semitisme vloeide voort in de loop der tijden uit een valse gedachtensprong. Israël moge geroepen hebben 'Zijn bloed kome over ons en over onze kinderen' wie zou daarin een rechtvaardiging van jodenvervolgingen kunnen en durven vinden? Pilatus was toch een heiden en hij liet Hem over om gekruisigd te worden. Wel zong Revius En 't zijn de Joden niet, Heere Jezu, die u kruisten. ..'. Kennen ook wij ons schuldig aan Zijn vervloeking en dood, want... we hebben er toch allemaal aan meegedaan? Maar ook raag anderzijds gezegd worden, dat juist omdat hier een heiden genoemd wordt, de Heere er licht over doet opgaan, dat de zaligheid ook niet tot Israël beperkt blijft. De volkeren der gehele aarde komen binnen de lichtkring van de openbaring van Gods genade tot en aan verloren mensen. De zaligheid is wel uit de Joden, beperkt zich evenwel niet tot de Joden.
Waarom ook deze vermelding?
Als de oud-christelijke Kerk zo krachtig beleed hetzij 'geleden onder Pontius Pilatus', hetzij 'gekruisigd onder Pontius Pilatus', vergeten we dan niet, dat de Kerk dat deed in een tijd dat de keizer als Kurios werd vereerd, waarbij vele gelovigen martelaren werden. Nochtans sprak het geloof zich tegenover de staat krachtig uit, dat het wist van een andere, ja, van de ware Kurios: Jezus Christus. Pilatus is de vertegenwoordiger van de staat. Voor Hem beleed Christus dat Hij de Zoon van God was, onder vele getuigen, en Zijn Kerk... leert Hem ook daarin volgen, of niet soms? Velen doen dat niet meer. Vele staten wensen dat niet meer. Is het verwijt ten onrechte van wijlen prof. Van Ruler 'het hele christendom is in dat opzicht een zouteloos zaakje geworden'? En toch, altijd weer wil de Heere beleden zijn, ook... voor Pontius Pilatus. Al kost dat ook het eigen leven. Het is dan de Heere toegewijd.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 september 1977
De Waarheidsvriend | 14 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 september 1977
De Waarheidsvriend | 14 Pagina's