De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Is er wel vergeving...?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Is er wel vergeving...?

5 minuten leestijd

'Mijn misdaad is groter dan dat zij vergeven worde...' Gen. 4 : 13a 'Maar bij U is vergeving...' Psalm. 130 : 4a

Wat is er nu waar? Het woord van Kain of dat van de dichter?

Dit mag in ons leven geen open vraag blijven! Het woord van Kain is een woord van ongeloof, ten diepste een woord van de zonde, een leugen van de vader der leugenen.

Vorige week schreven wij, dat één van de kenmerken van de zonde is, dat deze op ons loert als een roofdier. Nu lezen wij dat diezelfde zonde, en achter de zonde de satan ons - wanneer we gezondigd hebben - meesleurt in de wanhoop van 'Dit is te erg, te groot, dit kan niet vergeven worden...'

De satan is een 'verleider' zegt de Bijbel. In Genesis 3 en 4 zien wij dit het duidelijkst. Eerst 'vergoelijkt' hij de zonde met woorden als: "t Is echt niet zo erg, 't is echt niet zoals God gezegd heeft...' maar als we dan in zonde vallen 'overtrekt' hij diezelfde zonde, in die zin dat hij inblaast: ' Die en die zonde van toen en toen is te groot om vergeven te worden...' Zo werkt de satan nog!

Ook mensen die begeerte hebben de Heere te dienen, maar tevens weet hebben van het 'Ik ellendig mens...' tracht hij te verstrikken in de greep van wanhoop en twijfel aan Gods genade. Woorden als: 'DeHeere is groot van goedertierenheid' komen in het woordenboek van de vorst der duisternis niet voor.

Integendeel, eerst zette hij Kain aan tot doodslag, daarna schroeft hij Kain de keel dicht met leugen: deze misdaad is te groot.

En zij was groot!

Moord in een ogenblik van razernij, of beneveld door drank is vreselijk, maar moord met voorbedachte rade -eerst sprak Kain nog met Abel - is ontzettend. En dat een bloedeigen broer! En niet in de duisternis van de onderwereld, maar in het licht -op het veld - en dicht bij het offer, dicht bij de offerplaats, dat betekent dicht bij de dienst van God.

Als een kerkmens zondigt, zondigt hij altijd dubbel zwaar zeggen de ouderen onder ons. En dat is zo! Daarom is het niet verkeerd zwaar te tillen aan de zonde; dat doen we niet gauw te zwaar. Dit ene kunnen we allen van Kain leren; niet te gering denken over de zonde en het oordeel van God over de zonde. Dat is niet verkeerd.

Maar dat Kain gering denkt over de genade... dat is erg. Kain roept niet tot God om vergeving, maar hij constateert iets en spreekt dat tegenover God uit 'Mijn misdaad is groter dan dat zij vergeven worde...' of iets duidelijker: 'Mijn misdaad is te groot om vergeven te worden ...'

Dat zijn geen woorden van de Heere!

Integendeel, de Heere is het die hem opzoekt... en nog eens opzoekt (vers 15) met vasthoudende liefde.

Dit is altijd weer om stil van te worden.

Ons denken, verdorven denken trekt altijd alles scheef, en dan hoort men het soms zeggen: 'Nu ja. Abel was van voor de grondlegging der wereld verordineerd ten leven, maar Kain... Kain was een verworpene.

Doch God heeft nooit tot Kain gezegd: Gij zijt een verworpene, gij kunt offeren wat gij wilt, roepen wat gij wilt, doen wat gij wilt het helpt u toch niet...'

Het tegendeel is waar! God zoekt deze Kain, hoewel zijn werken boos waren, (I Joh. 3 : 12) tot driemaal toe op, spreekt hem indringend en uitnodigend toe zich te bekeren, en geeft hem de belofte van 'verhoging' indien hij weldoet.

En dat zegt de Heere nog tot mensen die zich in deze Kain herkennen. 'Bekeert u toch, doet toch wel, waarom zoudt gij sterven...? ' Tot ons allen komt in deze de aandringende raad van Judas: 'Ga niet de weg van Kain...'

'Ja, maar mijn zonden' zegt iemand; die zijn zo groot. Nu kom dan met die zonde spreekt de Heere: 'Alwaren uw zonden rood als karmozijn, zij zullen worden als witte wol...' want bij Mij is vergeving.

En ieder die de aanvechting van de haat kent, die misschien zich vergreep aan het leven van zijn naaste mag heengewezen worden naar de bijbelfiguren als David die Uria de dood injoeg, de moordenaar aan het kruis, Saul van Tarsen die de gemeente ten dode vervolgd heeft.

Het woord van Genesis 4 'Mijn misdaad is te groot...' is een woord en list van de satan. Het woord van Psalm 130 'Maar er is vergeving ...' is een woord en nodiging van de Heere.

Zeg daarom nooit: 'Mijn zonde is te groot...' want dan zeggen we bedekt: 'God is te klein... Zijn genade is te gering...' En hoezeer we het kunnen verstaan dat iemand die in een dergelijke zonde viel, het soms zo kan uitschreeuwen, ten diepste blijven we met zo'n woord toch recht overeind staan, en stellen we God als de schuldige wanneer we verloren gaan. Dat moeten we afleren! Allen!

Niemand wordt buiten Gods gunst gesloten zo hij met zijn schuld tot Hem komt, niemand dan die zichzelf buitensluit.

'Er is vergeving...' zegt de onberijmde tekst. De berijming getuigt het nog sterker: 'Daar is vergeving, altijd bij u geweest...' 'Altijd...'

In welke duistere diepten we ook kwamen; (we spreken nu niet over de zonde tegen de Heilige Geest) als deze duistere diepten maar in het licht gesteld worden voor God. Aan Hem bekend gemaakt worden (Ps. 32).

Dan mag het altijd weer verkondigd worden: ' Die zijn zonde belijdt en laat, zal barmhartigheid ontvangen...' Daarom alleen mag het doopsformulier het zo ruim stellen: '... en als wij soms uit zwakheid in zonde vallen, zo moeten wij aan Gods genade niet vertwijfelen...'

'Er is vergeving...' alleen bij en door Golgotha.

'Er is vergeving...'

'Is...' Daarin klinkt dan ook mee de indringende waarschuwing: zij zal er niet altijd blijven. Wanneer wij ons blijvend verharden, de beloften van God blijvend veronachtzamen in luchtige oppervlakkigheid of in onbijbelse dode rechtzinnigheid, kunnen wij de vergeving van ons houden. Maar nooit, nooit van Gods kant... totdat wij voor Hem zullen verschijnen.

'Is er wel vergeving...? ' Ja!!!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 september 1977

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Is er wel vergeving...?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 september 1977

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's