De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Uit de pers

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Uit de pers

9 minuten leestijd

Regelmatig huisbezoek doen is een belangrijke zaak. Ook een intens moeilijke zaak. Het pastoraat dreigt met name in de grote steden door allerlei oorzaken wel eens in de knel te komen. De vele verhuizingen en mutaties, de beweeglijkheid van de stadsbewoner, de voortschrijdende ontkerstening en ontkerkelijking maken het regelmatig huisbezoek-doen niet eenvoudig. Hoe vaak komen bezoekers niet voor gesloten deuren? Hoe vaalc gaat een gesprek de mist in. Toch wordt het bezoekwerk nog vaak in grote trouw gedaan en mogen we bij vele ambtsdragers en bezoekers de bereidheid constateren hier serieus mee bezig te zijn. Bezinning op de vraag: Hoe doen we het?  toerusting en vorming, blijven dan wel geboden.

Iets anders is dat men soms geluiden verneemt, die zeer kritisch staan tegenover het huisbezoek. De onlangs vertrokken pastor van de Amsterdamse Westerkerk gemeente, ds. H. A. Visser, heeft zich in een artikel 'm Hervormd Nederland van 14 mei zeer negatief over het huisbezoek uitgelaten:

'Huisbezoek doen we niet. Huiszoeking noem ik dat. De dokter gaat toch ook niet de deuren langs om te vragen of je iets aan je blinde darm hebt? Ik vind huisbezoek een soort geestelijke striptease. Het is een belediging voor de mensen om zo waar iedereen bijzit over hun geestelijke welstand te worden ondervraagd. Ontzettend veel dominees raken ook gefrustreerd van al die huisbezoeken. Steeds maar weer worden ze volgegoten met koffie en thee, misschien met gebed na en dan is het gebeurd. Die vragen zich ook af: Zijn we hier nu voor opgeleid? Iets anders is natuurlijk als mensen je om een gesprek vragen. Daarvoor heb ik altijd tien uur per week spreekuur gehouden. Men praat liever onder vier ogen'.

In het Geref. Weekblad van 26 augustus heeft dr. C. Gilhuis op tamelijk felle wijze hierop gereageerd. Hij noemt Visser's ontboezeming een caricatuur van het huisbezoek en meent, m.i. terecht, dat je op deze wijze ook het pastorale spreekuur kunt 'kraken'. We geven u hierbij een groot gedeelte van dit artikel ter overweging door:

Zijn er niet velen die 'de medicijnmeester' niet zoeken maar hem wel zeer nodig hebben? In dit verband denk ik ook aan een verschil tussen pastor en psycholoog zoals prof. v. d. Berg dat ziet: 'Aan het zuiver begeleiden zal de psycholoog zelden toekomen. Nooit, of bij uitzondering is de psycholoog als psycholoog zonder meer deelgenoot van het geluk van anderen. Als het geluk of de bevredigende toestand is bereikt, maakt de psycholoog zich uit de voeten, aangenomen dat men hem op dat ogenblik niet reeds lang heeft verlaten - terwijl de pastor blijft'. Verder geeft Van de Berg nog als verschil aan dat de psycholoog (alias de dokter) werkt in opdracht van de patiënt terwijl de zielszorger werkt in opdracht van de ander, 'wiens naam gemeenlijk met een hoofdletter wordt neergeschreven'.

Overigens: Ook de medische wereld neemt geen louter afwachtende houding meer aan. Hoe dikwijls wordt men b.v. opgeroepen tot een doorlichting, een keuring; soms zelfs verplicht!

De huisbezoeker dringt zich overigens niet op maar meldt zich en vraagt om contact. In het gastenboek, dat ik er indertijd nog op na hield, toen zovelen in de oorlog de dorpspastorie bezochten (niet alleen om geestelijk voedsel!) schreef de eerste gast, mijn vader, een woord van Herman Bavinck: Wordt niet boos als iemand zich aan uw pastoraal opzicht onttrekt, als hij zich niet aan de Grote Pastor onttrekt'. Dit wijze woord heb ik nooit vergeten.

Mijn negatieve reactie en verontwaardiging op de huisbezoektypering van Visser komt ook voort uit de praktijk. Ik heb ook een ouderlingsectie welke ik als zodanig 'bewerk'. Ik ben daar vooral nu, terwijl de vergaderingen wat stil staan (juli) mee bezig. Ik beleef soms avonden die ik het hele jaar zo niet gehad heb. Ik tref de mensen thuis in hun eigen omgeving aan. Velen ken ik uit allerlei commissiewerk. Visser zegt dat hij geen moeite heeft medewerkers te krijgen. Hij heeft er vele: 'Ze zijn helemaal niet moeilijk te krijgen, als je ze maar volwaardig behandelt. Maar zover is het in veel gemeenten nog niet...' Okay! Dat gezeur over ambtsdragers en medewerkers die niet te krijgen zijn moet maar eens uit zijn. Ze zijn best te krijgen, als ze er zijn en er wat gebeurt. Maar... diezelfde mensen, die je op al die vergaderingen enz. hebt leren kennen, zijn toch nog anders als je in eigen huis over geloofs-en kerkleven met ze praat.

Hoe onvergetelijk kan dan een gebed worden na een fijn gesprek. 'Ik weet waar gij woont' zegt de Heer. Er zit een hele preek in deze tekst. Op 'het wonen' is men zelfs gepromoveerd. Nog een woord van de Heer: 'Ik moet heden in uw huis zijn'.

Ik heb op een emigrantenreis van tachtig dagen om de wereld bijna dagelijks met de lampenist gesproken. Toen ik hem later, krachtens belofte, thuis in Scheveningen eens opzocht, trof ik daar een heel andere man aan. Ik vroeg me zelfs even af, heb ik de goede wel? Er stonden in die straat zoveel gelijk luidende namen op de deuren!

Ik zeg een en ander uit ervaring. Maar wie ben ik? Laten anderen het zeggen.

Hier is er een, dr. J. H. A. Vermeulen: 'Menig zielszorger zal m.i. dan ook moeten bekennen, dat hij verscheidene mensen, met wie hij in organisatieverband samenwerkte, pas in hun 'eigenlijke zin' leerde kennen, wanneer hij met hen in aanraking kwam in hun huiselijk milieu. Niet zelden was het leren kennen van deze persoon in zijn gezinsmilieu dan een 'openbaring', soms ten goede, soms ook ten kwade. In het gezinsmilieu zal eerder het karakteristieke van iemands persoon naar voren komen. Vandaar dat de zielszorger dit contact via de organisatie etc. nooit als een vervanging van het huisbezoek moet zien. Het contact in het huiselijk milieu blijft voor een goede pastorale zorg onontbeerlijk, (curs. C. G., Vermeulen is r.k.) Dezelfde auteur vraagt ook; 'Blijft iets van de adem Gods achter als de priester het verlaten heeft? ' Zie mijn opmerking over het gebed hierboven.

Van die 'openbaringen' ten goede of ten kwade zou ik treffende staaltjes kunnen geven.

Laat ook de 'kérkmond' zelf spreken. In 1935 schreef dr. J. A. Cramer: 'We zien nooit een dominee, is de algemene klacht die men in de grote stadswijken hoort. De predikanten hebben het te druk met allerlei dingen en dan schiet het huisbezoek er vaak bij in'.

Deze klacht wordt nog vernomen, hoeveel men ook afgeeft op de kerk. Die moet zich in de huizen laten zien middels ouderling en/of dominee.

Men ziet in de kerk toch nog iets van de moeder die haar kinderen niet vergeet. Merkwaardig, want men is tegelijk vaak kritisch over in het verleden ontvangen bezoeken.

Dan tegenwoordig is er dé roep om preken die voorbereid zijn in gemeentegroepen. Terecht. Maar hoeveel preken zijn er in het verleden en nog ontstaan op huisbezoeken die bestonden uit een fijn en diep gesprek!

Waar goed huisbezoek gebracht wordt bloeit de kerk, ook naar buiten!

Als dat afgedaan wordt met 'klantenbinding' of zoals in het hier geciteerde als 'geestelijke striptease' geeft mij dat een klap in het gezicht.

Of ik dan niet weet hoe beroerd het vaak gebracht wordt? Ik weet het zeer wel, 'zwijg gij stil...' Maar ook gesprekken op spreekuren kunnen er hopeloos naast zijn, zelfs in de spreekkamer van de knapste psycholoog. Maar daarom schaf je die niet af.

Ik vind de typering 'geestelijke striptease' ook daarom beneden peil, omdat de laatste tijd erg veëT gedaan wordt om niet alleen de pastor (in allerlei pastorale trainingscursussen) maar ook de ouderling veel meer goede toerusting te geven dan ooit te voren.

Wat dit laatste betreft denk ik o.a. aan de werken van dr. G. L. Goedhart, pas benoemd als professor in o.a. deze materie te Brussel.

Ook zijn er door heel het land allerlei ouderlingencursussen. Ik heb ze zelf wel geleid en ervaren met hoeveel belangstelling en vragen ze gevolgd worden. De toerusting komt allerwege op gang, vanwege het belang van de zaak.

Het is niet mogelijk uitvoerig daar op in te gaan. Ik schreef dit protest neer omdat over enige weken oude en pas benoemde amtsdragers weer aan het werk gaan. Ze moeten door dergelijke caricaturen niet bij voorbaat ontmoedigd worden. Het is al moeilijk genoeg. Maar de moeiten waard. Als er geluisterd wordt als met de oren van de grote Luisteraar, in liefdevolle empathie (inleving), tegelijk in pastorale afstandelijkheid, met het gebed in het hart: Geef ons de woorden in het hart, die wijs zijn en die winnen'(Gez. 120 : 2 oude bundel), dan zal er een huisbezoek plaatsvinden, daar waar de mens zichzelf is, dat iets van de adem Gods achter laat. Met alle waardering voor de scheidende Westerkerkpastor vind ik toch dat hij in zijn typering van het huisbezoek meer Hennie Visser dan pastor Visser was.

Gilhuis' overwegingen verdienen tenvolle onze aandacht. Ik meen dat Visser's artikel ook daarom de plank misslaat omdat het tezeer zweert bij één methode, nl. het pastorale spreekuur. Leert de ervaring van het kerkewerk in de grote steden niet, dat men zich onmogelijk vast kan leggen op één methode. De situatie wijzigt zich voortdurend. Bovendien heeft men in een doorsnee-wijkgemeente verschillende typen. Er zijn er die de weg weten naar het spreekuur. Er zijn er ook die er uit zich nooit toe komen zullen, en opgezocht moeten worden. Soms kan het aanbeveling verdienen 'gericht' huisbezoek te doen, b.v. door via een brief, gemeenteleden te vragen om reacties en afspraken voor een bezoek. Maar de praktijk laat zien, dat maar een betrekkelijk gering percentage reageert op de vraag: Wenst u bezoek? Daarom zal men daarnaast een meer systematische aanpak moeten volgen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 oktober 1977

De Waarheidsvriend | 14 Pagina's

Uit de pers

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 oktober 1977

De Waarheidsvriend | 14 Pagina's