De charismatische beweging
(2)
We zouden in dit artikel een viertal punten uit liet boeic van Fem Rutke weergeven.
I. De ervaring van Pinksteren mag ook vandaag een levend gebeuren zijn.
De Geest als gave met alle gaven die dit Pinkstergebeuren meebrengt: zoals het bidden in tongen, de profetie, het visionaire, de dienst der genezing ... De Heere wil het ons allemaal geven. Of om het te zeggen met de woorden van één van de schrijvers: 'We mogen ons openstellen voor het aloude komen van de Geest in z'n volheid. En deze Geest werkt door zijn gaven vernieuwend in kerken en gelovigen, uitstralend in de wereld."
Centraal staat hier: de doop met de Heilige Geest. Wat is dit? Dit is een bepaalde belevenis, 'n bepaalde ervaring ... En men kan weten of men die gehad heeft of niet. Dit blijkt duidelijk uitHandelingen I : 4, 5 "En terwijl Hij met hen vergaderd was, beval Hij hun dat zij van Jeruzalem niet scheiden zouden, maar verwachten de belofte des Vaders die gij, zeide Hij, van Mij gehoord hebt; want Johannes doopte wel met water, maar gij zult met de Heilige Geest gedoopt worden, niet lang na deze dagen."
De doop met de Heilige Geest is dus een aparte ervaring. In dit verband wijst men ook op' Handelingen 19. De apostel Paulus komt in Efeze, treft daar enkele discipelen aan en vraagt hen: 'Hebt gij de Heilige Geest ontvangen als gij geloofd hebt . . . ? ' Ze hebben zelfs niet gehoord dat er een Heilige Geest is. Dan legt Paulus ze de handen op ... en de Heilige Geest kwam op hen . . .
Het is - zegt men - niet hetzelfde: uit de Heilige Geest wedergeboren te zijn, en met de Heilige Geest gedoopt te zijn. DÉ-Doop met de Heilige Geest voegt daaraan iets toe. Als men wedergeboren is, is men gered. Maar al is iemand gered, hij is daarmee nog niet geschikt voor de dienst aan God. Men is wedergeboren door de Heilige Geest . . . maar het maakt verschil of de Heilige Geest alleen in ons woont, en wij zijn aanwezigheid niet beseffen , of dat we met de Heilige Geest zijn vervuld of gedoopt. De Doop met de Heilige Geest is een werk van de Heilige Geest dat altijd is verbonden met getuigenis en dienst . . . om ons dus bruikbaar te maken voor de dienst van God.
De Doop met de Heilige Geest. De vervulling met de Heilige Geest. U voelt, dit is ook één van de wezenskenmerken van de Pinksterbeweging . . . met dit verschil dan - en dat zeg ik er graag direct bij - dat in de charismatische beweging deze 'geesteswerking' in de breedte van de oecumene terecht komt. Hier doet zich het verschijnsel voor dat de Geesteswerking zich wereldwijd en oecumenisch openbaart.
De charismatische ervaring van de Geest - en nou citeer ik - : 'is niet langer gebonden aan de enge piëtistische en fundamentalistische tradities van de opwekkingsbewegingen. De charismatische werking van de Geest heeft de ruimte gekregen in de breedte en de variaties van de tradities van de hele kerk, in de sacramenten, in de theologie'. 'De Geest' - en zo las ik het letterlijk - 'de Geest kan meer dan ooit uit de voeten'. We zijn hier terecht geko men bij de oecumeniciteit van de charismatische beweging.
En dat is het volgende wat me opvalt.
II. Het oecumenische karakter van de charismatische beweging.
In het In die boek 'Charismatisch Nederland' werd ik getroffen door het steeds weer benadrukken van het feit dat de charismatische beweging 'oecumenisch' wil zijn. In Nederland zet zich de beweging de laatste jaren sterk door in de R.K. Kerk. En heus niet alleen in Nederland. In België is de bekende kardinaal Suenens van Mechelen, een warm voorstander van de charismatische beweging. En de paus heeft de charismatische vernieuwing een van de. machtigste en meest invloedrijke bewegingen tegen de afval van de hiërarchie genoemd. 'Gesterkt door Maria' zei de paus op een internationaal congres, 'gesterkt door Maria, de Moeder der Kerk, en in gemeenschap met het geloof, liefde en apostolaat van uw pastores, zult gij er zeker van kunnen zijn dat gij geen fouten zult begaan. En aldus zult gij een bijdrage kunnen leveren tot de vernieuwing der kerk'.
En een geref. predikant schreef enige maanden geleden een hooggestemd artikel onder de titel: 'Paus Paulus enthousiast over charismatische vernieuwing'.
U voelt ondertussen - ik wijs er zijdelings op - men spreekt graag over charismatische vernieuwing . . . om aan te geven dat er niets nieuws aan de orde is, geen nieuwe leer of iets van die aard, maar dat het de bedoeling is te komen tot vernieuwing van het bestaande.
Deze oecumenische instelling van de charismatische beweging maakt haar tegelijk zo ongrijpbaar, zo weinig gefundeerd.
Maar wat men bedoelt is uit te komen boven de verschillen Rome-Reformatie. In de charismatische.beweging komt de waarheidsvraag er minder op aan. Wel het doen, de ervaring, het resultaat, en dat alles zal alle verschillen tenslotte doen verdampen, zo zegt men. M.a.w. door de nadruk op geestelijke ervaringen en beleving zegt men een eenheid te ervaren boven alle kerkmuren uit. Zodat die kerkmuren tenslotte zo dun zullen worden dat ze als vanzelf zullen verdwijnen. Om nog éénmaal iets aan te halen wat dit kernachtig samenvat. Ds. W. W. Verhoef schrijft:
We mogen niet oecumenisch vrijblijvend zijn. Want juist in de charismatische vernieuwing wordt een eenheid in de Geest ervaren over de kerkmuren heen. Dit is nooit eerder in de kerkgeschiedenis voorgekomen. We zien dat christenen van alle soorten tradities betrokken worden in een ervaring van de Geest. Er ontstaat een oecumenische spiritualiteit voor het eerst in de kerkgeschiedenis sinds de grote scheuringen. Er is een brug in geloofsbeleving tussen hen die gevormd zijn door de gregoriaanse mis, en hen die opgroeiden met calvinistische preken. Deze geestelijke eenheid zal ook sacramentele eenheid tot gevolg hebben."
Het volgende wat me opvalt in de charismatische beweging is:
III De nadruk op de werking van de gaven van de Geest.
Dit hangt natuurlijk nauw samen met het eer ste waar ik over schreef: de doop met de Heilige Geest. Wel, waar de vervulling met de Geest er is, daar komen ook de gaven van de Geest. De gave van de genezing op het gebed, de gave van de bevrijding. Ook nu kan de Heere genezen en bevrijden. 'Het is de Heilige Geest, de kracht van omhoog, die gelovigen in staat stelt, de werken te doen die Jezus deed en zo zijn werk voort te zetten'. 'Waar de charismatische vernieuwing in een gelovige, in een gemeente doorbreekt, daar bevrijdt de Heere net als in de eerste eeuwen zieken en bezetenen'!
Men spreekt in dit verband graag over de dienst der genezing ... en de dienst der bevrijding. Ik moet er wel dit bij zeggen: mij viel op dat, anders dan in de Pinksterkringen, het simpele van 'wie gelooft ontvangt genezing, en: geen genezing verraadt gebrek aan geloof', dat dat hier zo niet aanwezig is. Wanneer geen genezing intreedt op het gelovig gebed hoeft dit niet te wijzen op een gebrek aan geloof. Er kunnen ook andere redenen in het spel zijn.
In verband met de dienst der genezing noem ik denaam van de geref. predikant dr. Kraan. Op zieken worden de handen opgelegd. Soms worden zij met olie gezalfd. U kent waarschijnlijk wel de naam van ds. Blumhardt uit Möttlingen in Duitsland? Ook daar werden zieken in de kerkdienst ontvangen, opdat de gemeente voor hen kon bidden.
Wat betreft de dienst der bevrijding: men stelt duidelijk dat de bijbelse gegevens op het punt van demonie nog volop geldig en actueel zijn.
De demonen zijn (net als in de tijd van Jezus' omwandeling op aarde) actief en vaak heer en meester. Allerlei storingen, remmingen, gebondenheid zijn het gevolg van machten, demonische machten, geesten uit de afgrond. Bij zeer velen - zo las ik - bleek de aanleiding tot de demonie te bestaan in een contact met de wereld van het occulte. Men was op een spiritistische séance geweest, of had een waarzegger of magnetiseur bezocht. Occultisme (een zich begeven in de invloedssfeer van de vorst der duisternis) occulte en demonische storingen op geestelijk, psychisch en lichamelijk terrein hangen nauw samen. Daarom is demonie geen medische maar een geestelijke categorie. Vele door demonen bezetenen hebben vruchteloos jaren in een psychiatrische inrichting doorgebracht.
Ik noem u in dit verband de naam van ds. Van Dam die een boek schreef 'Demonen eruit in Jezus' naam'. Daarin wijst hij de gedachte als zouden de demonen alleen tot de antieke wereld behoren, scherp af. En ik dacht: zeer terecht. In dit boek wijst Van Dam op allerlei verschijnselen van occultisme als magie, spiritisme, werk van magnetiseurs, waarzeggen en satanisme. 'Hoe nader de wederkomst van Christus, hoe energieker de vijand zijn laatste reserves mobiliseert, totdat de demonische tegenstand zijn hoogtepunt bereikt en Christus komt'. Zien we inderdaad vandaag om ons heen niet een opvoering van satanische activiteit omdat Christus' wederkomst nabij is?
U voelt ondertussen hoe juist binnen de charismatische beweging open oog is voor de machten, de moderne machten van de duisternis. Ik denk ook aan Efeze 6 waar de apostel spreekt over de geestelijke boosheden in de lucht . . .
Velen stellen intussen hier: degene die zich met occulte dingen afgeeft, raakt in de macht van de duivel. Deze ketent de mens die zijn hulp zoekt met zware kettingen aan zich, en krijgt recht op hem. Er is maar één Naam waardoor deze macht moet wijken: dat is de Naam van Jezus Christus. Kortom: door gebed onder handoplegging, door de vervulling met de Geest kan er bevrijding komen. Wie weet van de werkelijkheid van het bloed van Christus en van de kracht van Zijn Geest wil de Heere gebruiken in de dienst der bevrijding.
Tot zover iets over deze twee gaven: de gave van de genezing en de gave van de bevrijding. Ik heb beprobeerd iets op dit punt weer te geven van wat de charismatische beweging vervult.
Ik wil hier niet verder op ingaan . . . Wel zou ik erop willen wijzen dat in de Schrift duidelijk verband gelegd is tussen de ziekte en het werk van de duivel. De rol van het demonische, ook in het ziek-zijn is door prof. Brillenburg Wurth (een onverdacht geref. man) in een van zijn laatste publikaties aan de orde gesteld. Op bijbelse gronden pleit hij meer dan tot nog toe onder ons gebruikelijk is, voor het in rekening brengen van de invloed van de machten der duisternis op de achtergrond van heel ons leven als enkeling en in de samenleving met al zijn aspecten.
En een vraag die ik u graag voorleg is deze:
Doorzien wij de machten der duisternis zoals ze ook in onze eeuw werkzaam zijn . . . en die de leegte van de godloosheid van velen opvullen? Beseffen wij dat tussen het Koninkrijk van God en dat van de duisternis geen neutrale zone' ligt? Beseffen we de ernst van allerlei infiltraties van de machten der duisternis . . . ook binnen de gemeente van Christus?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 januari 1978
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 januari 1978
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's