De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Jezus... onder de wet

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Jezus... onder de wet

6 minuten leestijd

Lucas 1 : 21

Het is stil geworden rond de kribbe van Betlehem.

De herders zijn weer vertrokken en hebben tussen de geweldige boodschap van het geboren Koningskind alom bekend gemaakt.

In de stilte overlegt Maria in haar hart alles, wat ze gehoord heeft.

Maar wie bemerkt er verder iets van, dat de stroom van de geschiedenis in een andere bedding vloeit, dat er een nieuwe jaartelling begonnen is?

Er lijkt ook weinig veranderd te zijn...

Maar vergist u zich niet.

De openbaring van het Woord aangaande het geboren Kind en de gegeven Zoon gaat verder.

Het Kerstevangelie wordt niet afgebroken bij Lucas 2 : 20.

Nee, het gaat door.

Hoort u maar: En als de 8 dagen vervuld waren...

En even verder is er alweer sprake van vervulling van een aantal dagen. Het is helemaal niet stil gebleven rond het Kind van Bethlehem. Er vinden ingrijpende gebeurtenissen plaats. Het Kind Jezus komt namelijk al heel spoedig in aanraking met de wet.

Drie gebeurtenissen komen dan achtereenvolgens naar voren:

Eerst de besnijdenis met de naamgeving, dan de reiniging en tenslotte de lossing. Jezus, Gods Zoon, komt van meetaf aan te staan onder de Wet.

En dat heeft direct te maken met het kerstevangelie zelf.

In zijn brief aan de Galaten heeft Paulus dit evangelie samengevat in die ene geweldige volzin: 'Wanneer de volheid des tijds gekomen is, heeft God Zijn Zoon uitgezonden, geworden uit een vrouw, geworden onder de Wet, opdat Hij degenen, die onder de Wet varen, verlossen zou en opdat wij de aannening tot kinderen verkrijgen zouden'.

In de eerste plaats komt Jezus te staan onder de wet van de besnijdenis.

Acht dagen zijn vervuld... en dan moet met Maria's Zoon gebeuren, wat elke zoon in Israël ondergaat.

Het jongetje moet worden besneden.

Eenmaal had de Heere bij de oprichting van het verbond met Abraham uitdrukkelijk bevolen: Al wat mannelijk is, moet besneden worden, zodra het 8 dagen oud is.

Een ernstige bedreiging was er aan verbonden: een onbesnedene moest buiten de gemeenschap van het verbond vallen.

De besnijdenis: teken en zegel van de inlijving in het verbond.

Maar aan de andere kant was die besnijdenis ook een prediking van oordeel.

Er vond een kleine operatie plaats, een klein stukje van het lichaam werd weggesneden. Er vloeide bloed. De onreinheid van het mensenleven werd scherp en pijnlijk aangewezen.

Zoals bij ons in de doop de onreinheid van ons leven wordt aangeduid en we vermaand wor­den een mishagen aan onszelf te hebben.

Is het nu wel zo vanzelfsprekend, dat Jezus ook de besnijdenis moest ondergaan?

Hij was toch zonder zonde. Bij Hem behoefde toch geen bloed te vloeien? Zijn leven had toch geen reiniging en vernieuwing nodig?

Het Woord neemt ons mee naar Bethlehem om te horen de stem van een schreeuwend Kind in de kribbe en óm te horen de stem van het bloed.

Het is: Hij voor mij... want anders... Bevrijdend evangelie van eeuwig leven vanwege deze Zoon onder de wet in mijn plaats. Jezus, de Zaligmaker, nog maar 8 dagen oud, moet op de dag, dat Hij Zijn naam ontvangt, Zijn bloed al laten vloeien.

En dat niet voor Zichzelf, maar vanwege de schuld en de onreinheid van Zijn volk. Zijn besnijdenis was de indrukwekkende verklaring, dat Hij Zich stelde in onze plaats. God de Vader presenteert al direct aan het begin van het leven van deze Zoon van Israël, de rekening en neemt al een deel op van het bedrag, wat Deze schuldig is.

Een deel van de prijs van het bloed. 

Daarom zegt Calvijn dan ook, dat dit voleindigd is in het kruis van Christus.

Ook deze Zoon van 8 dagen oud moet onder het mes der wet, want Zijn naam is Jezus. Hij zal Zijn volk zalig maken van al hun zonden. Ontroering moet ons hart vervullen, wanneer we horen van het feit van deze eerste bloedstorting... om onzentwil.

Hier begint het.

Hier is de stem van het bloed, dat van betere dingen spreekt dan dat van Abel.

Het is het bloed, dat reinigt van alle zonden. Wie durft er over de ernst van de zonden heen te leven, terwijl deze Zoon van Israël, 8 dagen oud, vanwege die zonden reeds schreit van pijn en Zijn bloed al moet vloeien? Heere God, ik buig mij onder Uw oordeel over mijn verzondigde leven.

Daar klinkt de naam van Jezus mij tegen bij Diens besnijdenis.

De naam, die reeds vóór Zijn geboorte door de engel was genoemd en verklaard.

Op deze dag van besnijdenis en naamgeving wordt de grondslag gelegd van het verbond der genade in de aanvang van de bloedstorting van Jezus Christus.

Hier ontvangt het verbond zijn inhoud, die vastgelegd wordt in de naam: Jezus.

De Heere verlost op grond van het bloed van de Verbondsmiddelaar.

Al direct in het evangelie van Jezus' komst is er sprake van Zijn bloed om hart en leven van zo schuldige kinderen van het verbond te rei­nigen en te heiligen.

Hier is Jezus, de Zaligmaker, het Kind des verbonds bij uitnemendheid, ingelijfd in Israël.

Het eerste waarlijk heilige Kind.

Wat een evangelie voor mij, de zondaar voor God.

Heere, ik geloof... Kom mijn ongelovigheid te hulp...

Ingelijfd in Jezus Christus door het geloof betekent: leven vanwege Zijn verzoenend bloed.

Heel mijn leven voor Zijn rekening.

Een duur betaalde rekening.

Al mijn zonden, ook die, waarin ik ontvangen en geboren ben, worden dan voor Gods aangezicht bedekt.

Wat wordt de naam Jezus mij dan het één en het al.

Geen andere naam onder de hemel gegeven tot zaligheid dan deze ene naam.

Met deze naam verder het nieuwe jaar in.

Het nieuwe jaar met zijn strijd tegen zonde en ongeloof, met zijn vallen en opstaan. Wat blijft dan alleen over?

Het spellen van de naam van Jezus.

En het me in herinnering brengen, dat bij de naamgeving van deze Zaligmaker Zijn bloed vloeide.

Gaat niet aan die naam voorbij.

Vertreedt het bloed niet.

Zware schuld laden kinderen des verbonds op zich, wanneer ze achteloos aan de naam van Jezus voorbijgaan en Zijn bloed vertreden.

Zo gij Zijn stem in de naam en het bloed dan heden hoort, gelooft Zijn heil en troostrijk woord. Verhardt u niet, maar laat u leiden. Hoort de machtige klanken uit het kerstevangelie van Lucas 2.

Het bloed van het geboren Koningskind, dat op de achtste dag de naam van Jezus ontving, reinigt van alle zonden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 januari 1978

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

Jezus... onder de wet

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 januari 1978

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's