De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Korte commentaren

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Korte commentaren

6 minuten leestijd

Merkwaardig dualisme

De heer L. M. P. Scholten moet een bekwaam journalist zijn. Zijn regelmatige pennevruchten zijn overigens te vinden in twee organen van, ik zou haast zeggen, diametraal tegengestelde aard. Bij het dagblad Trouw is hij medeverantwoordelijk voor de kerkelijke pagina. En verder is hij redactioneel medewerker aan De Wachter Sions, het weekblad van de (uitgetreden) Gereformeerde Gemeenten in Nederland, een orgaan waarin wekelijks organen in andere delen van de Gereformeerde Gezindte onder zwaar spervuur staan (met name is men gebeten op alle bijdragen van ds. H. G. Abma), een orgaan óók, waarin het Reformatorisch Dagblad als reformatorisch dagblad al niet meer door de beugel kan, terwijl - o bittere ironie-Trouw nooit in het blikveld van de kritiek komt. Nu is het ieders recht te beslissen of hij actief bezig kan zijn bij twee zulke uiteenlopende organen. Maar als het éne ongeloofwaardig wordt door het andere, dan moet er toch wat van gezegd worden.

De heer Scholten was als journalist voor Trouw aanwezig op onze predikantenvergadering, bij de lezing van drs. K. Exalto over de roeping. Toen drs. Exalto, na een uitvoerige verhandeling over wat de Schrift, de belijdenis en de Reformatoren over de roeping hebben gezegd, tenslotte een kleine passage wijdde aan de visie van dr. C. Steenblok - zoals bekend de grote eerste man van Scholtens kerkformatie-rustte de schrijfstift van de journalist. Dat bleek de volgende dag ook in het Trouw-verslag. De naam van dr. Steenblok en de fundamentele kritiek van drs. Exalto op hem ontbraken. Ook dat is nog het recht van een journalist. Tenslotte kan hij ook niet alles in zijn verslag vermelden, al viel het wel op, dat de schrijfstift weer in beweging kwam toen drs. Exalto ook naar de kant van dr. J. G. Woelderink kritische opmerkingen maakte.

Wie schetst echter onze verbazing toen we in De Wachter Sions óók een verhaal van Scholten over de concio lazen. De titel was: 'Een zwarte dag voor de Gereformeerde Bond'. De inhoud was er ook naar. Drs. Exalto krijgt exclamaties te horen als 'dwaze redeneringen', 'drogrede' van 'een bestudeerd theoloog'. Och, denk je dan, misschien was het aanhoren van het fundamentele betoog van drs. Exalto wel een zwarte dag voor de heer Scholten c.s. Maar - en daar gaat het me nu om - men kan z'n ogen toch niet geloven als men dan leest dat Scholten schrijft, dat de rede van drs. Exalto 'in feite voor negentig procent (cursivering van mij, v.d. G.) één grote aanval (was) op dr. C. Steenblok'.

Ik weet niet of de heer Scholten ook zijn verhalen uit De Wachter Sions op de Trouw-redactie laat lezen. Maar dan zouden zijn bazen toch, dunkt me, wel moeten zeggen: Wat heb je ons nu geleverd? Voor negentig procent één grote aanval op dr. Steenblok en geen woord erover in onze kolomttien? Dat is slecht be­stede tijd geweest.

Of moeten we denken - en daar neig ik toch wel toe - dat hier spake is van een dualisme, een tweeledigheid, die gewoon twee kanalen heeft gevonden: Trouw en De Wachter Sions? Meestal laten we de bittere aantijgingen in De Wachter Sions maar terzijde liggen. Maar dit moest toch maar eens gezegd.

Nieuwe bezinning?

Prof. dr. P. Smits, geëmeriteerd hoogleraar in de godsdienstsociologie te Leiden, heeft nooit een geheim gemaakt van zijn vrijzinnige overtuiging. Druk besproken is geweest zijn verwerping van de 'bloed-theologie' in 1959, waaraan hij uitdrukking gaf in zijn geruchtmakende uitspraak, dat het zijn eer te na was, dat een ander voor zijn schuld betalen zou: 'geef mijn portie maar aan fikkie'. De rechten van emeritus predikant van de Hervormde Kerk werden hem toen ontnomen, niet om de uitspraken zelf maar om de weigering om bij de organen der kerk ervoor 'op het matje" te komen. Na de Algemene Kerkvergadering in 1970 kwam de communicatie weer tot stand en verkreeg de hoogleraar zijn ontnomen rechten.

In geschrifte heeft prof. Smits daarna ook overigens telkens weer blijk gegeven van zijn visie. In het orgaan Kerk en Wereld van de Vereniging van vrijzinnige hervormden schreef prof. Smits over het onderwerp 'Jezus verandert'. De rubriek 'Geestelijk Leven' van het Leids Dagblad citeert daaruit één en ander. 'Wij christenen moeten bescheidener worden en bij alle dankbaarheid voor het geschenk van Jezus al die andere geloofswegen tot God in hun eigen waarde laten. Het geboortefeest van Jezus is er waarlijk niet minder om.' De mens Jezus - zo betoogt hij - is eeuwenlang schuilgegaan achter de Godszoon, Die door God naar de aarde gezonden was en daar in een soort menselijke vermomming optrad. Maar thans wordt herontdekt, dat Jezus een gewoon mens is geweest, zij het met ongewone kwaliteiten van hart en geest. Hoe ziet prof. Smits dan het unieke van Jezus?

Ik citeer: ,,Wel, tijdens zijn opgroeien van kind tot volwassene was de godsdienst van zijn volk (Israël) de bron waaruit hij putte voor zijn eigen geloofsvorming. Maar dank zij de meer dan gemiddelde lengte van zijn geestelijke antenne, groeide hij geestelijk in allerlei opzicht uit boven het overgeleverde geloof van zijn volk, waardoor er bij wijze van spreken zoiets als een nieuwe Godsopenbaring ontstond.

Elke godsdienst op aarde echter berust zo gezien op een eigen bijzondere openbaring, dat wil zeggen op een zelf ontdekte geloofsweg. En in elk geval staat vast, dat Jezus als mens op precies dezelfde wijze als ieder ander mens zijn persoonlijke weg tot God heeft moeten gaan."

Prof. Smits rekent dan ook af met de overtuiging, dat er zonder het geloof in Jezus voor de mens geen heil en toekomst is. Die miljoenen mensen dan die in Boeddha of Mohammed geloven, zegt hij: 'Wij christenen moeten bescheidener worden."

Het is als gezegd het aambeeld, waarop prof. Smits al jaren hamert. Maar wat hij de laatste jaren ook herhaaldelijk zegt is, dat momenteel in de kerken een herontdekking aan de gang is van datgene wat prof. Smits ten aanzien van Jezus zegt, met name als het gaat om het 'gewoon mens' zijn en als het daarin gaat om de 'openbaring'. Dat geeft te denken. Het betekent, dat een vrijzinnigheid, die officieel in de kerk al lang op retour is, kennelijk 'in de verschillende stromingen binnen de kerken' (de woorden zijn van prof. Smits) weer in opmars is. Ik denk dan ook, dat het des te gevaarlijker is wanneer de oude vrijzinnigheid zich presenteert onder niet-vrijzinnige naam, misschien zelfs wel in een gereformeerd jasje.

Dit soort herontdekkingen binnen de kerken zullen overigens slechts de kracht der gemeente aantasten. We houden het volgaarne op de ontroerende belijdenis van Hebr. 5: ''Hoewel Hij de Zoon was, nochtans gehoorzaamheid geleerd heeft uit hetgeen Hij heeft geleden en geheiligd zijnde is Hij allen die Hem gehoorzaam zijn een oorzaak der eeuwigezaligheid geworden.' Zo is de Zoon. Dat is goddank niet een 'symbolische term'. Het is geopenbaarde realiteit: 'Deze is Mijn geliefde Zoon . . . ' En de Heilige Geest getuigt in onze harten, zegt de belijdenis, dat de Heilige Schriften van God zijn. Wat een Openbaring!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 januari 1978

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Korte commentaren

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 januari 1978

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's