De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Koekoek één zang?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Koekoek één zang?

Het christelijk organiseren

7 minuten leestijd

Het verschijnsel christelijke organisatie ten onzent is gegeven met het gewijzigde gezicht, dat onze samenleving in de vorige eeuw méér en méér kreeg. In onze vanouds christelijke samenleving was apart christelijk organiseren overbodig, omdat alle georganiseerde activiteit toch al een christelijk stempel droeg. Maar in de vorige eeuw werd het christelijk gelaat van onze samenleving méér en meer aangetast. De Bijbel kreeg bv. steeds minder een gezaghebbende plaats op de overheidsschool. De school moest in dienst staan van een christendom boven geloofsverdeeldheid, dat zelfs ook voor de Joden aanvaardbaar moest zijn. Zo ontstond de christelijke, de bijzondere school, op initiatief der ouders, als een eerste aparte vorm van christelijke organisatie. En in de strijd om de erkenning en gelijkstelling van de bijzondere school met de openbare school, ontstond de christelijke politieke partij, als een tweede aparte organisatievorm. Sindsdien is het aantal christelijke organisaties, met name door de activiteiten van Abraham Kuyper en diens nazaten, driftig toegenomen. Het brede terrein van het christelijk onderwijs en van de christelijke politiek (in de A.R.P. en later de C.H.U.) gaf voor het christelijk volksdeel de mogelijkheid zich op te stellen op een wijze, die voordien voor de hele samenlevingsstructuur bepalend was.

Intussen vergeten wij niet, dat het met name Groen van Prinsterer, de kampioen voor het bijzonder onderwijs, bijzonder veel moeite heeft gekost de openbare school, zijnde de school voor het volkskind, los te laten. De invloedssfeer van het christelijk getuigenis was tot het loslaten van de openbare school enger begrensd geworden, al begreep Groen dat idealen niet blind mogen maken voor de werkelijkheid. Het ging immers óók om de opvoeding der kinderen uit de christelijke gezinnen op school in de lijn van de opvoeding thuis. Maar de christelijke school, en in breder verband de christelijke organisatie mocht niet zulk een isolement van het christelijk volksdeel betekenen, dat daarmee het hele volk uit het oog verloren werd. Het is met name ook dr. Ph. J. Hoedemaker geweest, die in dit opzicht een noodzakelijk correctief gaf op Kuypers organisatiestreven. Het ging immers om heel de kerk en heel het volk.

Versmalling

We beleven thans - naar ik meen - een tijdperk, dat enige parallellen vertoont met dat in de vorige eeuw, zij het in verder versmalde zin. Was in de vorige eeuw het christelijk karakter van onze (hele) samenleving in het geding, thans gaat het om het (positief) christelijk karakter van de christelijke organisatie. Het christelijk volksdeel (met de uit de vorige eeuw stammende christelijke organisaties) is in onze samenleving een minderheid geworden en binnen christelijk christelijke volksdeel is de zogeheten Gereformeerde Gezindte weer een minderheid. En thans is deze Gereformeerde Gezindte bezig te reorganiseren binnen het geheel van het protestants christelijk organisatiewezen. Daaraan doen zelfs vleugels van die Gereformeerde Gezindte mee, die voorheen van geen christelijke organisatie weten wilden en bv. voor de openbare school bleven opteren, zijnde 'liever Turks dan paaps'.

Maar thans dreigt dan óók het gevaar dat de reorganisatie te vanzelfsprekend wordt, zoals in vorige dagen de christelijke organisatie te vanzelfsprekend werd.

Kuypers organisatiedrift zou thans wel eens kunnen overslaan op de Gereformeerde Gezindte (in de meest brede zin), zich uitend in reorganisatiedrift, maar met het onherroepelijke gevolg, dat we de beïnvloedingssfeer van het Nederlandse volk met het evangelie opnieuw verkleinen, beperken gaan tot dat deel van het christelijk volksdeel, dat zich Gereformeerd acht in de zin van de confessie. Met het gevaar overigens, dat de nu ontstane nieuwe organisaties het lot beschoren zal zijn van de oorspronkelijke christelijke organisaties. Het valt immers kennelijk niet mee om in het aanvankelijk uitgezette spoor te blijven. Dat is de waarschuwing voor reformatorische scholen, die ontstonden als gevolg van de vervlakking van het christelijk onderwijs, van nieuwe christelijke partijen, die ontstonden vanwege verdunning van de christelijke politiek, van een E.O., die (hoewel niet een organisatie vanuit de Gereformeerde Gezindte) ontstond als een correctief op de N.C.R.V., van een Reformatorisch Dagblad, dat Trouw-Kwartet moest vervangen. Niemand zal mij horen zeggen dat deze organen er niet hadden moeten komen. Maar het is goed ons de les van de geschiedenis ten aanzien van de christelijke organisaties goed te blijven herinneren. Instituties als de christelijke organisaties zijn niet eeuwigdurend, ze zijn ook maar steigerwerk. Dat betekent dat ze op een bepaald tijdstip door betere te vervangen zijn. Dat betekent echter ook, dat ze nooit doel in zichzelf kunnen zijn, en ook dat de keuze voor een bepaalde christelijke organisatie of een bepaald orgaan een zaak van christelijke vrijheid, niet van plicht is.

Concreet

Ik weet dat ik concreter moet worden. Welnu bij al het positieve dat gezegd moet worden en mag worden over nieuwe organen en organisaties mogen we niet vergeten, dat het gereformeerd geluid ook nodig blijft in die verbanden, waarin het beleid wat de confessionele achtergrond betreft, méér en meer een aangevochten zaak is geworden. De bestaande instituten kunnen ook al te gemakkelijk worden prijs gegeven. Al te gemakkelijk ontstaan soms reformatorische scholen, met het gevolg dat de bestaande school ter plaatse, waar men met alle mogelijke middelen en naar de geschonken mogelijkheden, probeert goede koers te houden, het moeilijker krijgt, zowel wat betreft het aantrekken van leerlingen als wat betreft het aantrekken van positief personeel. Datzelfde geldt op andere maatschappelijke terreinen.

'Wij Hervormden'

Wij Hervormden, om dat maar eens als variant op 'Wij Gereformeerden' te zeggen, hebben in dit opzicht (en ik bedoel dan de Hervormd Gereformeerden) een aparte positie. Ons Hervormd zijn als zodanig brengt mee dat we altijd staan in een positie waarin de gereformeerde inbreng een aangevochtene is. Onze keuze voor de de Hervormde Kerk ten deze is evenwel een principiële. De separatie, gemakkelijk leidend tot separatisme, wijzen we ten principale af. Daarom kunnen we ons nooit zo maar schikken in separatietendenzen op andere terreinen. Het Hervormd Gereformeerde volk is niet zelden een dankbaar object waarop men afstormt bij nieuw ontstane verbanden, ook al heeft men de zaak al in kannen en kruiken voor men nog aan Hervormd Gereformeerden een beleidsmeebepalende stem heeft gegeven. Of we dan als Hervormd Gereformeerden maar willen kiezen. Welnu, de praktijk leert dan intussen dat 'onder ons' de keuze toch altijd weer verschillend wordt gemaakt. Dat is vanaf het ontstaan van de Bond in politiek opzicht zo geweest. Dat zal ook vandaag zo zijn ten aanzien van onderwijsorganen en organisaties, de communicatieorganen en organisaties. In dat is immers ook een zaak van christelijke vrijheid. Niet het orgaan waarin we participeren is bepalend, maar de wijze waarop we onze bijdrage geven. Is die gereformeerd in de zin van de belijdenis en naar de religie daarvan?

Er zijn voor ons immers altijd weer twee kanten aan de zaak. Enerzijds het principiële verzet tegen de veralgemenisering, het losraken van Schrift en belijdenis en de noodlottige vervlakking en vermolming die daarvan het gevolg zijn. Anderzijds het gevaar van separatisme, met ook alle geestelijke consequenties vandien. Daarom kan het onder ons nooit koekoek één zang zijn door als Gereformeerde Bond (wat ons nogal eens wordt gevraagd) onvoorwaardelijk te kiezen voor nieuwe verbanden die zich presenteren. Want ook hier bedoelen we: héél de Kerk en héél het volk; al is de situatie wel heel wat moeilijker wat dit betreft dan toen eind vorige eeuw dit zo voor het eerst werd gezegd. Overigens werd deze these van dr. Ph. J. Hoedemaker ooit door een voorman van de Bond uitgelegd in. de zin van genezen, d.w.z.: Genees de Kerk en genees het volk. Welnu ook dat zij dan het wachtwoord. Daaraan biddend te arbeiden vanuit het beginsel ons van de Vaderen overgeleverd zij ons aller oogmerk, waar we dan ook gesteld zijn en ons geroepen weten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 februari 1978

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Koekoek één zang?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 februari 1978

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's