Jezus Christus is een volmaakte Verlosser
2
Maar uit Hem zijt gij in Christus Jezus, Die ons geworden is wijsheid van God, en rechtvaardigheid, en heiligmaking, en verlossing. . _ 1 (1 Kor. 1 : 30)
3. Heiligmaking
In en door Jezus Christus kunnen wij ook de heiligmaking hebben. Dat betekent in de eerste plaats de verlossing van de zondemacht en verder ook de heiliging des Geestes. (1 Petr. 1:2).
Wij zijn van nature zo verdorven, zo zondig, dat wij niet in staat zijn onszelf van de zondemacht te redden.
Ook de wet kan ons niet van de macht der zonde bevrijden.
Bij de wet gaat het niet alleen om de uiterlijke vervulling van de geboden, maar ook om de juiste gezindheid. Die juiste gezindheid kunnen wij onszelf nooit geven. Die juiste gezindheid kan ook de wet ons niet geven.
Maar wat wij niet kunnen doen en waartoe de wet ons niet kon helpen, dat doet God in Jezus Christus. 'Want hetgeen der wet onmogelijk was, dewijl zij door het vlees krachteloos was, heeft God, Zijn Zoon zendende in gelijkheid des zondigen vleses, en dat voor de zonde, de zonde veroordeeld in het vlees, opdat het recht der wet vervuld zou worden in ons, die niet naar het vlees wandelen, maar naar den ; Geest'. (Rom. 8 : 3, 4). tn Romeinen 6 : 14 zegt Gods Woord: Want de zonde zal over u niet heersen; want gij zijt niet onder de wet, maar onder de genade'.
Volgens de Bijbel is de liefde de vervulling der wet. (Romeinen 13 : 10; Matth. 22 : -37-40). Maar terwijl de wet deze heilige liefde tot God en tot de naaste eist, schenkt de wet deze liefde niet. God echter schenkt deze liefde aan diegenen, die Zijn genade niet uit de wet, maar terwille van Jezus verwachten. Er staat geschreven: Omdat de liefde Gods in onze harten uitgestort is door den Heiligen Geest, Die ons is gegeven'. (Rom. 5:5). Luther had gelijk toen hij zei: Goede vrome werken maken niet een goede vrome man, maar een goede vrome man doet goede vrome werken'.
Eerst moet men in Christus zijn en dan kan men door Christus doen wat Gode behaagt. De Heere Jezus zei: Blijft in Mij, en Ik in u. Gelijkerwijs de rank geen vrucht kan dragen van zichzelve, zo zij niet in den wijnstok blijft; alzo ook gij niet, zo gij in Mij niet blijft. Ik ben de Wijnstok, en gij de ranken; die in Mij blijft, en Ik in hem, die draagt veel vrucht; want zonder Mij kunt gij niets doen'. (Joh. 15 : 4, 5).
Waar het om gaat is, dat wij nooit uit onszelf ~dat kunnen doen, wat voor God een echte waarde heeft.. Wij kunnen pas dan naar Gods welbehagen werken en leven als wij door het geloof met Christus verbonden zijn.
Wat niet uit het geloof is, is zonde (Rom. 14 : 23). In de gelovigen werkt God door Jezus Christus het willen en het volbrengen. Alleen dat wat God doet is goed.
Gods Zoon bevrijdt van de macht der zonde. Hij zei: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Een iegelijk, die de zonde doet, is een dienstknecht der zonde. En de dienstknecht blijft niet eeuwiglijk in het huis, de zoon blijft er eeuwiglijk. Indien dan de Zoon u zal vrijgemaakt hebben, zo zult gij waarlijk vrij zijn'. (Joh. 8 : 34-36).
De Heere Jezus maakt alles nieuw. 'Zo dan indien iemand in Christus is, die is een nieuw schepsel; het oude is voorbijgegaan, ziet, het is alles nieuw geworden'. (2 Kor. 5 : 17).
Door de kruisdood en de opstanding van de Heere Jezus werden het nieuwe leven in Christus en ook de bevrijding van de macht der zonde en van de boze machten mogelijk.
Dat is de voornaamste reden tot dankbaarheid aan God. De apostel Petrus schreef: Geloofd zij de God en Vader van onzen Heere Jezus Christus, Die naar Zijn grote barmhartigheid ons heeft wedergeboren, tot een levende hoop, door de opstanding van Jezus Christus uit de doden'. (1 Petrus 1 : 3). In de brief van apostel Paulus aan de Kolossenzen staat: Dankende.den Vader, Die ons bekwaam gemaakt heeft, om deel te hebben in de erve der heiligen in het licht' (Kol. 1 : 12).
Bij de wedergeborenen gaat het ook om de geestelijke groei. Gods Woord zegt: Gelijk gij dan Christus Jezus, den Heere, hebt aangenomen, wandelt alzo in Hem; geworteld en opgebouwd in Hem, en bevestigd in het geloof, gelijkerwijs gij geleerd zijt, overvloedig zijnde in hetzelve, met dankzegging' (Kol. 2 : 6, 7).
4. Verlossing
Het woord 'verlossing' op deze plaats en in deze volgorde heeft een toekomstige betekenis en betreft de verlossing van de lichamen van ons, die de eerstelingen des Geestes hebben (Rom. 8 : " 23). Wat betekent de verlossing van het lichaam? - Daarover laat ons de Bijbel niet in het onzekere. Degenen, die in Christus ontsliepen, zullen onvergankelijk opgewekt worden en de lichamen van de levende gelovigen, zullen bij de komst van de Heere Jezus om de gemeente tot Zich te nemen, in een punt des tijds veranderd en onsterfelijk gemaakt worden (1 Kor. 15 : 52, 53) - gelijkvormig aan Zijn verheerlijkt lichaam - naar de werking, ' waardoor Hij ook alle dingen Zichzelven kan onderwerpen (Filipp. 3 : 21).
De apostel Paulus schreef over dit toekomstig gebeuren ook nog het volgende: Doch, broeders, ik wil niet, dat gij onwetende zijt van degenen, die ontslapen zijn, opdat gij niet bedroefd zijt, gelijk als de anderen, die geen hoop hebben. Want indien wij geloven, dat Jezus gestorven is en opgestaan, alzo zal ook God degenen, die ontslapen zijn in Jezus, wederbrengen met Hem. Want dat zeggen wij u door het Woord des Heeren, dat wij, die levend overblijven zullen tot de toekomst des Heeren, niet zullen voorkomen degenen, die ontslapen zijn. Want de Heere Zelf zal met een geroep, met de stem des archangels, en met de bazuin Gods nederdalen van den hemel; en die in Christus gestorven zijn, zullen eerst opstaan; daarna wij, die levend overgebleven zijn, zullen tesamen met hen opgenomen worden in de wolken, den Heere tegemoet, in de lucht; en alzo zullen wij altijd met den Heere wezen. Zo dan, vertroost elkander met deze woorden'. (1 Thess. 4 : 13-18).
Zalig is, wie de komst van de Verlosser verwacht!
De apostel Johannes schreef daarover: Ziet, hoe grote liefde ons de Vader gegeven heeft, namelijk dat wij kinderen Gods zouden genaamd worden. Daarom kent ons de wereld niet, omdat zij Hem niet kent. Geliefden, nu zijn wij kinderen Gods, en het is nog niet geopenbaard, wat wij zijn zullen. Maar wij weten, dat als Hij zal geopenbaard zijn, wij Hem zullen gelijk wezen; want wij zullen Hem zien, gelijk Hij is'. (1 Joh. 3 : 1-3).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 februari 1978
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 februari 1978
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's