De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

10 minuten leestijd

Jürgen Moltmann, Kerk in het krachtenveld van de Geest, Bouwstenen voor een messiaanse ekklesiologie, 456 blz. Uitg. Ambo Baarn. Prijs ƒ 42, 50.

Jürgen Moltmann is ongetwijfeld een van de belangrijkste woordvoerders van het hedendaagse theologische denken, dat onder meer de achtergrond vormt van de revolutietheologie, de bevrijdingstheologie, kortom de politiek en maatschappijkritisch geëngageerde theologie.

In 1964 publiceerde hij zijn grote werk over de hoop, waarin hij de opstanding van de Gekruisigde centraal stelde. Enkele jaren later volgde 'De gekruisigde God' waarin hij de problematiek van het lijden doordacht en verbindingslijnen trok tussen hoop en lijden vanuit de centrale betekenis van het kruis waarin God zelf, in het lijden met ons is. Dit derde grote boek stelt de zending van de Geest centraal, om van daaruit na te denken over wezen, opdracht en functie van de kerk.

Wie dit boek bestudeert komt terecht in alle vragen waar het kerk-zijn in deze jaren ons voor stelt, b.v. de verhouding tussen ambt en genadegave, de kritiek op de kinderdoop, de vragen rondom open en oecumenisch Avondmaal, de verhouding tussen volkskerk en basisgroepen, de politieke verantwoordelijkheid van de kerk, haar relatie tot Israël, en de aanhangers van andere godsdiensten, de vragen rondom de nieuwe levensstijl en de vernieuwing van de samenleving. Als zodanig is het een uitdagend boek dat allen die de gereformeerde belijdenis inzake de kerk trouw willen blijven dwingt om eigen positie te doordenken en kritisch op deze uitdaging in te gaan. De actuele inzet van Moltmann's boek maakt de lezing ervan tot een spannende zaak. Men moet zich overigens wel wat inspanning getroosten, want de schrijver stelt in nogal compacte vorm veel aan de orde.

Wat kenmerkt nu deze pneumatologische visie op de kerk? Vooreerst beziet Moltmann de kerk in relatie tot de wereld. Zijn dynamische visie op de kerk vloeit voort uit het feit dat Moltmann de kerk als opgenomen ziet in datgene wat God in Christus door de Geest bezig is met de wereld te doen. De Geest stuwt de kerk de wereld in, op weg naar de grote toekomst van het Rijk van God. De lezer, die de na-oorlogse discussie over kerk en Koninkrijk in ons land wat gevolgd heeft, herkent hier allerlei beschouwingen van Van Ruler en Hoekendijk.

De kerk is als kerk van het Koninkrijk kerk voor de wereld. Het is de kerk van Jezus Christus die als de Opgestane Gekruisigde de representant is van de komende God en Zijn toekomst. Allerlei beschouwingen, die ons nogal aan Hegel herinneren, uit Moltmann's vorige boeken keren hier terug. Delend in Jezus' zending door de Geest, de eerstelingsgave van de voleinding, is de kerk op die toekomst gericht en anticipeert zij op die Toekomst. Tegelijk verbindt Moltmann daarmee de gedachte dat de kerk daar behoort te staan waar Jezus staat, nl. in solidariteit met de armen en de ontrechten.

De gerichtheid op de Toekomst van het Koninkrijk heeft consequenties voor de verhouding waarin de kerk staat in deze wereld ten opzichte van Israël, tot de wereldgodsdiensten en tot de maatschappij. Voorts betekent het perspectief van het Koninkrijk en het accent op de Geest die mensen meeneemt in die messiaanse beweging op weg naar de toekomst, een sterk dynamisch kerkbegrip. Waar mensen in die beweging worden opgenomen gebeurt? kerk. Deze kerk is dan geen verzorgingsinstituut, geen starre volkskerk, maar een broederschap, een actieve gemeenschap, een gemeenschap waar de vriendschap bloeit-Moltmann gaat uitvoerig in op de betekenis van het begrip 'vriend' in de Schrift - in de viering, in het feest, in de levensstijl, in de opdrachten die er in de kerk zijn. Kerk-zijn als gebeuren betekent een verkondiging die bevrijdend werkt in de wereld, een dooppraxis waarin de roeping van de gelovige tot zijn recht komt, een viering van de Maaltijd verbonden met het liefdemaal, een hervorming van de kerkelijke praxis, waarin een starre ambtenleer doorbroken wordt en basisgroepen een nieuwe kans krijgen. In een slothoofdstuk behandelt Moltmann de vier klassieke kenmerken van de kerk, de eenheid, de katholiciteit, de heiligheid en de apostoliciteit, als gave en opgave. Maar ook hier is het gezichtspunt van de kerk in relatie tot de wereld allesbeheersend. Dan komt het aan op eenheid in vrijheid, katholiciteit en partijdigheid, heiligheid in armoede, apostolaat in het lijden.

Er staan ongetwijfeld vele behartigenswaardige passages in dit boek. In zoverre Moltmann allerlei misstanden en vergroeiingen in de kerkelijke praxis signaleert verdient hij onze aandacht. Boeiend is ook het hoofdstuk over kerk en Israël. En menigmaal treffen ons fraaie opmerkingen. Ik denk aan wat Moltmann schrijft over levensvernieuwing, over de charismata, over het lijden en de vriendschap.

Toch heb ik het gevoel dat het beslissende punt Moltmann andere wegen gaat dan de klassiek reformatorische ekklesiologie. En met name komt dit m.i. naar voren in de visie op de relatie tussen kerk en Koninkrijk Gods. Terwijl de Reformatoren zonder de beide grootheden te vereenzelvigen, ze niettemin nauw op elkaar betrokken, in zoverre de kerk de gemeenschap is van hen die door het geloof ingaan in het Rijk, is er bij Moltmann veel meer de afstand. De kerk is opgenomen in de beweging die evolueert naar het Rijk. En dit Rijk wordt dan in universalistische kleuren getekend als de broederschap van alle mensen onder Christus' heerschappij. Vanuit deze universalistische visie valt veel uit dit boek te verklaren. B.v. de sterke maatschappijkritische en politieke functie van de kerk, die m.i. dreigt te leiden tot een politisering van het kerkzijn. Ik denk voorts aan Moltmann's pleidooi voor de dialoog met de godsdiensten gericht op de ene wereldsamenleving. Het mag daarin, zegt Moltmann, niet gaan om verkerkelijking of verchristelijking, maar de dialoog moet resulteren in de messiaanse gerichtheid op het Rijk! Wat blijft hier nog voor ruimte over voor de noodzaak van geloof en bekering tot de ene, waarachtige God? De solidariteit met de wereld en het opkomen voor de rechten van de mens, de inzet voor bevrijding worden gezien als voorteken van het Koninkrijk. Dat dit Koninkrijk komt door het oordeel heen, en niet via humanisering en socialisering komt nauwelijks ter sprake.

Geen wonder dat de auteur, als het gaat over het Avondmaal dit zo open mogelijk houdt en eventueel zelfs doop en belijdenis als voorwaarden voor toelating wil laten vervallen. Met als argument dat Christus allen nodigt. Ook hier wreekt zich m.i. de universalistische inzet en dreigt het Avondmaal te verworden tot een liefdemaal.

Ik noemde in het begin de naam van Van Ruler. Moltmann noemt hem nogal eens. Het is jammer, dat hij de kritiek van Van Ruler, met name in diens laatste levensjaren, op de moderne ontwikkeling inzake de relatie van kerk en wereld niet verdisconteerd heeft. Het is bekend hoe Van Ruler zeer kritisch stond tegen een visie op de kerk waarbij de eigen gestalte van de kerk als vrucht van Gods genadewerk verloren ging in een wereldomspannend humaniseringsproces dat wel sprak van 'dienst aan de wereld' en soHdariteit, maar nauwelijks meer wist dat de kerk er primair is voor God. Moltmann's boek over de kerk is m.i. eenduidelijk symptoom van een theologie die als eigentijdse theologie aansluit bij de moderne slagwoorden 'bevrijding, solidariteit, dialoog, maatschappijvernieuwing'. Een theologie die we o.a. gepraktizeerd vinden in allerlei activiteiten van de Wereldraad van Kerken.

Hoezeer de schrijver ook zoekt naar verbindingslijnen met het gereformeerd belijden - en Moltmann is op dit gebied uitstekend thuis - het spoor dat hij ons wijst is ten diepste toch een ander dan het klassiek gereformeerde spoor. Op het beslissende punt is de wissel omgetrokken ten gunste van een heilsuniversalisme dat geen raad weet met de bijbelse accenten op de noodzakelijkheid van het geloof om te delen in het heil des Heeren. Met deze constatering zijn we niet klaar. Wij zullen de confrontatie met deze theologie niet mogen ontwijken en in de afwijzing van deze conceptie moeten laten zien, dat de gereformeerde theologie een ander, bijbelser antwoord heeft op de uitdagingen van onze tijd.

A. N.

A. Rinzema, Over liefde gesproken - vragen rond de huwelijks-en gezinsmoraal, uitgave J. N. Voorhoeve, Den Haag 1977 (serie Pastorale handreiking), 128 blz., ƒ 12, 50.

Rinzema is gereformeerd predikant te Soest - al eerder schreef hij over vragen rond huwelijk en seksualiteit (De sexuele revolutie, 1972). In dit boek wil hij in gesprek zijn met mensen, gezinnen, ouders en opgroeiende kinderen. Het trof mij dat wanneer de auteur zo zijn boek adresseert in zijn 'woord vooraf', hij geen enkele verbindingslijn legt met de gemeente. Of daar een principiële beslissing achter schuil gaat? In de praktische uitwerking is het in elk geval zo dat de schrijver mensen voor ogen heeft die midden in de branding van de secularisatie staan. De gemeente van Christus leeft niet in een luchtledige, maar geldt het ook nu niet meer van haar: maar gij geheel anders?

Wat moet deze gemeente dan beginnen met de volgende ethische beslissingen: wanneer er een duidelijk huwelijksperspectief bestaat is seksuele gemeenschap tussen verloofden geoorloofd, het is op zichzelf niet verkeerd dat er in veel huwelijken momenteel de eerste jaren geen kinderen geboren worden omdat man en vrouw er beiden nog wat bijverdienen, men mag ongehuwd samenleven wanneer door een huwelijk belangrijke pensioenrechten verloren zouden gaan, een pleidooi is te voeren voor de vaste homofiele vriendschap . . .

Achtergrond van deze beslissingen is wel dat Rinzema slechts op een wat indirecte wijze het gezaghebbende Woord ter sprake brengt. Ook iSvanneer hij heel goede opmerkingen maakt ten aanzien van het proefhuwelijk of het open huwelijk, redeneert hij meer vanuit wat nuttig en dienstig is, dan nu eens voluit het Woord voorop te stellen. Het is goed de ethische beslissingen inzichtelijk te willen maken - maar dan is tegelijkertijd een appel nodig op de horigheid van de christen, die de onmisbare voorwaarde is voor de rechte mondigheid. Intussen weet de auteur pakkend te schrijven en geeft blijk van grote kennis van zaken. Hij is bepaald geen radicaal vernieuwingstheoloog. Over de voorbereiding op het huwelijk en over de gevaren wanneer er 'een derde in het spel' komt, worden zeer behartenswaardige dingen gezegd, en zo is er wél meer. Bevredigen doet het geheel mij echter niet - als pastorale handreiking had het fermer en steviger moeten zijn.

J. Hoek

Ds. K. D. van Kampen, Samen leven tot op de grens - omgaan met stervenden (serie Pastorale handreiking). J. N. Voorhoeve - Den Haag 1977, 104 blz., ƒ 10, 75.

Er is een overvloed aan literatuur over het onderwerp 'omgaan met stervenden'. Ds. Van Kampen wil niet een origineel geluid laten horen, maar het een en ander doorvertalen naar ambtsdragers en gemeenteleden. Hij doet dat op een prettige toon. Zelf zegt hij: 'Heel de tendens van dit boekje is immers te wijzen op het belang van menselijke gevoelens' (blz. 91). In het contact met de zieke, de stervende, de rouwdragende is attentie van zo hoog belang, niet medelijden hebben-maar medelijdend zijn. De grondhouding van de pastor en van elke bezoeker zal die van de kenosis, de ontlediging, moeten zijn. Er staan heel wat praktische aanwijzingen in dit boekje, waar ieder zijn winst mee kan doen. Verhelderend werkt het gebruik van enkele gespreksfragmenten (verbatims) als illustratiemateriaal bij het betoog. Bij alle waardering rijzen er toch nogal wat fundamenteel kritische vragen.

Zo her en der is al eens opgemerkt dat in recentere literatuur over het pastoraat meer het accent wordt

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 maart 1978

De Waarheidsvriend | 22 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 maart 1978

De Waarheidsvriend | 22 Pagina's