De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Evangelisatie en Zending in België (2)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Evangelisatie en Zending in België (2)

7 minuten leestijd

Er wordt door Rooms-Katholieken nogal eens geklaagd, dat bepaalde Protestanten de kerk afbreken, waarbij men soms te gemakkelijk evangelische christenen met jongeren van de Jesus People over één kam scheert. Vanuit Den Haag is er door de leider van de Jesus People, Ron Munstra, een groep gesticht in Mortsel, een Antwerpse randgemeente, die vele jongeren aantrekt. Er zijn nog enkele kernen elders in Vlaanderen. In die kringen heerst absoluut géén - wat wij plegen te noemen - kerkelijk besef. In zoverre hebben de Rooms-Katholieken gelijk. Maar de leiders van de Belg. Evangelische Zending, die vele evangelisatie campagnes organiseren beogen daarmee juist het stichten van nieuwe gemeenten, waarin zo gauw als dat mogelijk is 'oudsten' worden aangesteld. Het is natuurlijk voor de Rooms-Katholieken niet prettig als er vandaag in vele plaatsen nieuwe evangelische gemeenten ontstaan. De geestelijke nood en ontkerstening van het volk is echter zo groot, dat men net als de engelen in de hemel zich erover zou moeten verheugen als er één zondaar tot bekering komt. De tijd voor intensief evangelisatie werk is vandaag bijzonder gunstig.

Belgisch Bijbelinstituut te Heveriee

Het Belgisch Bijbelinstituut werd gesticht in 1919 als onderdeel van de Belgische Evangelische Zending. De school is in de loop der jaren letterlijk uit het oude gebouw te Brussel gegroeid. Na vele moeizame inspanning kon een leegstaand rooms-katholiek seminarie worden aangekocht te Heveriee, een reusachtig gebouw met bijbehorend park, dat ongekende mogelijkheden biedt voor de toekomst. Het Bijbelinstituut biedt de kans tot één, twee of drie jaar studie. De driejarige cursus is de algemene opleiding tot predikant, evangelist, zendingsarbeider enz. Het Instituut is sinds enkele jaren verbonden met de Greater Europe Mission, een amerikaans zendingsgenootschap, dat een netwerk van bijbelscholen heeft gesticht in Europa. Vandaag studeren er ongeveer 150 studenten, waarvan ruim tweederde deel uit Nederland komt! De afgestudeerden komen het meest in de vrijevangelische gemeenten terecht; in mindere mate in de andere kerken, die vaak een hoger opleidingsniveau verlangen. Het diploma van 3 jaar geeft ook de bevoegdheid om leraar in de protestantse godsdienst te worden aan de rijksscholen. Het is interessant om kennis te nemen van de geloofsbasis van het Bijbelinstituut, waarbij het eerste punt meteen de aandacht trekt: 'Wij geloven, dat de Bijbel het geïnspireerde, onfeilbare en gezaghebbende Woord van God is; ' en punt 4 luidt: 'Wij geloven, dat wedergeboorte door de Heilige Geest volstrekt noodzakelijk is tot redding van verloren, zondige mensen.' Er is onder de studenten en leraars een sterke eenheid ten aanzien van deze twee fundamentele geloofsspunten terwijl men over zaken als de doop en de toekomstverwachting verschillend denkt.

Welke doop?

De meesten zijn voorstanders van de volwassendoop Laten wij niet vergeten, dat deze bijbelschool, zoals vele andere, een interkerkelijk karakter draagt en niet van één kerk af­ hangt! Het aantrekkelijke van een dergelijke school is, dat men ervaart, tot de blijde ontdekking komt, dat er vele bijbelgetrouwe christenen zijn in andere kerkverbanden, die niet tot de Gereformeerde Gezindte behoren. Vandaar dat het laatste punt van de geloofsbasis luidt: 'Wij geloven in de geestelijke eenheid van hen die in Christus geloven.' Daarop kunnen wij als reformatorische christenen voluit Amen zeggen! Zéker op het vlak van de organisatie van allerlei interkerkelijke arbeid, zoals die in Nederland, na de 2e wereldoorlog in toenemende mate is gegroied. Denken wij aan de Evangelische Omroep om slechts één voorbeeld te noemen!

Op het vlak van de kerk ligt het anders. Natuurlijk geloven wij in de geestelijke eenheid van de gelovigen onderling; tegelijk moeten wij zeggen, dat die eenheid hier op aarde gestalte moet krijgen in de plaatselijke kerk, die aan de kenmerken moet beantwoorden welke art. 29 van onze Nederlandse Geloofsbelijdenis opsomt, waarin ook sprake is van de zuivere bediening der Sacramenten. En art. 34, van dezelfde belijdenis spreekt uitdrukkelijk over de kinderdoop en verwerpt de dwaling van de Wederdopers.

Hoewel het Bijbelinstituut officieel is losgemaakt van de Belgisch Evangelische Zending, zijn er tussen beide nog nauwe banden. Op een enkele uitzondering na hangen de vrijevangelische gemeenten, die uit deze zending zijn voortkomen, de volwassendoop door onderdompeling aan.

Zij tonen daarmee hun verwantschap met de baptisten. Artikel 9 van de B.E.Z. belijdenis spreekt als volgt over de doop: 'Ik geloof dat Jezus Christus de doop heeft ingesteld als symbool van der gelovigen eenheid met Christus in Zijn dood en opstanding, ' waarbij art. 10 aansluit met: 'Ik geloof dat de gemeente van Christus enig en alleen gevormd wordt door degenen, die gekocht zijn door en gewassen in Zijn bloed, wedergeboren en verzegeld door de Heilige Geest...' De kleine kinderen worden niet tot de gemeente gerekend, alleen degenen, die waarlijk wedergeboren zijn. Men ziet niet in, dat Christus zijn bloed waarlijk niet minder heeft vergoten om de kleine kinderen der gelovigen te wassen, dan Hij dat Hij dit gedaan heeft voor de volwassenen, zoals art. 34 van onze Geloofsbelijdenis zegt. Prof. dr. H. Ridderbos geeft in zijn commentaar op de Romeinenbrief een prachtige uiteenzetting over de doop, pg. 132 en volgende. Wij citeren hieruit het volgende:

Paulus

’Ons inziens mist heel de gedachte als zou de doop voor Paulus symbolisch representatief het ondergaan in en weer opstaan uit de dood verbeelden, iedere genoegzame grond. Voor Paulus bestaat de doopssymboliek evenals voor heel het oerchristendom in de reiniging, 1 Corinthe 6:11, Efeze 5 : 26. Dat hij de doop in verband brengt met Christus' dood en begrafenis zegt geenszins, dat dit verband op symboliek berust. De eigenlijke vraag die overblijft is dan ook niet die van de aard van het verband, dat de doop legt tussen de gelovigen en de dood en begrafenis van Christus, maar van het verband, waarin de doop de gelovigen met Christus zelf brengt. Het gaat hier om een bepaalde wijze van één-worden met en begrepen worden in Christus, welke door de doop tot stand komt.' Prof. Ridderbos vindt de mening onaanvaardbaar, dat de gemeenschap met Christus uitsluitend in de doop gefundeerd is. 'Paulus vergelijkt Christus met Adam; hij ziet de doop als de sacramentele voltooiing van het heilshistorische in Christus begrepen en gerekend zijn van de zijnen. Toen Christus stierf, stierven de gelovigen met Hem.' Nog enkele citaten: De doop lijft in voorzover hij het in Christus begrepen zijn toepast, tot uitdrukking brengt, bevestigt. Niet het geloof lijft de gelovige in Christus in, maar Christus. De gelovigen worden in Christus gedoopt. Het subject van de in de doop plaatsvindende verbinding met Christus en zijn dood zijn niet zijzelf, noch hun geloof, maar Christus. De doop ontleent zijn kracht aan hetgeen eenmaal in Christus met de zijnen is geschied, zij kan aan hun zijn-in-Christus als tweede Adam niets toevoegen. De doop is als waterbad dus niets in zich, geen secundaire oorzaak van zaligheid, maar 'middel' waarmee Christus zich de zijnen toeeigent en 'bewijs' van hun toebehoren tot Christus, waardoor zij tevens aanspreekbaar zijn als in Christus begrepen en als met Hem gestorven én opgewekt.' Wij hebben met opzet prof Ridderbos uitvoerig geciteerd, omdat deze zaak vandaag nogal de aandacht trekt. Er is een duidelijk verschil tussen de Gereformeerde gezindte en de Baptisten, met name in hun verschillende beschouwing van de gemeente. Voor de eersten horen de kleine kinderen er wezenlijk bij krachtens Gods Verbond met de zijnen, voor de laatsten telt alleen het persoonlijk geloof in het offer van Christus, het moment waarop zij zich door Hem gered weten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 september 1978

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Evangelisatie en Zending in België (2)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 september 1978

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's