‘Contact Christelijke Studiegemeenschap’ in oprichting
Doel: karakter van VU als christelijke studiegemeenschap concretiseren
‘In het najaar van 1977 is uit een min of meer toevallige ontmoeting van enkele hoogleraren en lectoren aan de VU het initiatief ontstaan tot het oprichten van een 'Contact Christelijke Studiegemeenschap VU' (CCS-VU). Het kernmotief is daarbij geweest de door alle deelnemers aan dat voorlopige contact besefte noodzaak om elkaar als christenen binnen de VU te stimuleren tot het leggen van en het intensiveren van het contact tussen leden van de wetenschappelijke en niet-wetenschappelijke staf en studenten, alsmede tot gemeenschappeUjke bezinning op het karakter van christelijke wetenschapsbeoefening, onderwijs (en patiëntenzorg).
In het voorjaar heeft de bewuste groep docenten gezocht naar mogelijkheden om tot overleg met sudenten en studentenorganisaties te komen. Het initiatief bleek in de gevoerde verkennende gesprekken goed te vallen. Iedereen zag de wenselijkheid van verdere uitbouw in.
Wat ons precies voor ogen staat willen wij in het volgende stuk uit de doeken doen.
Een van de opvallendste kenmerken van de huidige universitaire wereld is de massaliteit. Met name in de laatste tien jaren is er een explosieve groei van de studentenbevolking opgetreden. Gevolg: overvolle collegezalen. Docenten die er geen weet van hebben wie er allemaal'onder hun gehoor zitten. Studenten die weinig of niets te weten komen over wat hun leermeesters bezielt. Die ook elkaar in wezen nauwelijks in het vizier krijgen. Collega's die innerlijk vreemden voor elkaar blijven. In de massaliteit krijgt er, kortom, van alles kans om dood te gaan, en wel juist die dingen die tot het essentiële van de mens behoren: respect voor de ander, vriendschap, openheid, idealisme, geloof.
Maar er komt nog iets bij. Of men nu nieuweling is of niet, student of staflid, bijna dagelijks wordt men overspoeld door uitspraken, leuzen, theorieën, oproepen enzovoort. Als christen kan men makkelijk het gevoel krijgen, terecht te zijn gekomen in een maalstroom van ideeën, die van het christelijk geloof niets heel laat. Wie niet radicaliseert, wordt allicht scepticus.
Dit zou zo niet moeten. En juist binnen de VU komt het erop aan, dat we werken als een gemeenschap van mensen die elkaar herkennen in datgene wat ons eigenlijk bezielt. Zeker nu dit 'bedrijf' zulke massale proporties heeft gekregen is het hard nodig, dat christenen elkaar over en weer helpen en steunen teneinde de kern van de zaak niet uit het oog te verliezen en die opnieuw te doordenken: wetenschapsbeoefening in het licht van de Bijbel. De enorme macht van de wetenschap in de samenleving maakt het des te noodzakelijker, dat christenen zich gezamenlijk bezinnen op de aard en de plaats van de wetenschap. Ook op het functioneren ervan binnen de studiegemeenschap van de Vrije Universiteit.
Ons doel kan nu als volgt geformuleerd worden:
het leggen van en het bevorderen van het contact tussen de leden van de staf en de studenten van de VU, teneinde het karakter van christelijke studiegemeenschap, dat de VU krachtens haar oorsprong en intentie eigen moet zijn, te concretiseren en vorm te geven.’
Uitgangspunt
’De CCS-VU wil werken vanuit dezelfde grondgedachte die de VU-mensen vanouds heeft bewogen. Men kan daar lang en breed over praten, maar het wil wat ons betreft dit zeggen, dat we er met ons hele hart van overtuigd zijn, dat de Heilige Schrift als het Woord van de levende God ten volle geldt, ook bij alle bezigzijn met vragen van kennisverwerving en wetenschapsbeoefening. Christus' zeggenschap betreft het hele leven, inclusief de wetenschap. Om met een bekende VU-man te spreken: 'er is geen stukje grond, of Christus zegt ervan: het is van mij'. Hierbij is de bijbelse boodschap als een geheel aan de orde, en wel als norm. Wij achten die boodschap nagesproken (bijvoorbeeld) in de belijdenisgeschriften van de kerken van de reformatie. Een ding willen wij bij dit alles met nadruk zeggen: alle zelfverzekerdheid werpen we verre van ons. Wij hebben, zomin als wie ook, reden tot zelfverheffing. In het eigenlijke, dat de VU zou moeten kenmerken hebben we veelszins gefaald. Evenwel, omdat we, bij onze onmacht, in de kracht van Christus geloven, verruilen we de overmoed van voorheen niet voor wanhoop of moedeloosheid.
Met de formulering van ons uitganspunt wensen we de herkenbaarheid te dienen. Niet uit enghartigheid, maar in de overtuiging dat duidelijkheid t.a.v. het uitgangspunt absolute noodzaak is voor het bereiken van ons doel, zeker nu dit het onderwijs en de beoefening van de wetenschap betreft. Welnu, wij geloven van harte, dat de erkenning van Christus' zeggenschap in de universiteit de beoefening van de wetenschap alleen maar kan stimuleren.
Dit betekent niet dat wij ons illusies maken. We beseffen maar al te goed, dat het christelijk geloof geen sleutel is waarmee alle problemen kunnen worden opgelost. De werkelijkheid blijft ook voor een christen vol raadsels. De erkenning van onze verlegenheid houdt overigens juist in, dat we elkaar als christenen in het onderwijs en het wetenschappelijk bedrijf de helpende hand dienen te bieden. Hier loopt dan ook precies de verbindingslijn van ons uitgangspunt naar ons doel. In het onderlinge contact kunnen we althans proberen als VU-mensen, staf en studenten, 'geheel anders' te zijn.’
De manier waarop
‘Het doel dat wij beogen kan met allerlei middelen worden nagestreefd. Zonder compleet te willen zijn zouden wij kunnen denken aan de volgende activiteiten: * het stimuleren van ihformele ontmoetingen tussen studenten en docenten;
* het organiseren van ontmoetingen tussen leden van de staf (wetenschappelijke en nietwetenschappelijke, afzonderlijk en gezamenlijk);
* het contacten hebben met studenten, voor zover zij zich door het doel weten aangesproken, met name in de eerste fase van hun studie;
* het beleggen van lezingen en studiedagen, waarbij het gaat om vragen van wetenschap en geloof.’
Organisatie
‘De organisatorische structuur, nodig om de genoemde activiteiten op touw te/zetten, zal liefst los en flexibel zijn. Voorlopig werken we met een 'stuurgroep', die enigszins coördinerend optreedt met daarnaast in de toekomst werkgroepen die zich kunnen concentreren op een bepaalde activiteit op facultair of sub-facultair niveau, waar mogelijk (en nodig) ook inter-facultair. De activiteiten zullen zich naar onze bedoeling in het bijzonder daar afspelen, waar mensen elkaar in de werksituatie reeds ontmoeten. Alle werkgroepen zullen, evenals de stuurgroep, mensen uit diverse geledingen omvatten.’
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 september 1978
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 september 1978
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's