Een kruis in huis (2)
Pastorale overwegingen
Niet wijzer dan God
Het is veelzeggend, dat we in de Heidelberger er op gewezen worden, dat we niet wijzer moeten zijn dan God, Die ons niet door stomme beelden maar door de levende verkondiging van Zijn Woord onderwijzen wil in de weg der zaligheid. Leest u er Zondag 35 maar eens op na. En overdenkt u dat eens. Rome heeft er op willen attenderen, dat de beelden zelf niet worden vereerd, maar de personen achter de afbeelding in ere worden gehouden, en ook, dat de beelden en voorstellingen als boeken der leken aanschouwelijk onderwijs geven. Dat lijkt dus ook een onschuldige zaak, met de beste bedoelingen bepleit en verricht. Maar de vaderen zagen bij het licht van de Schrift beter en scherper. Zo gauw zoeken we wat bij de eenvoudige en bijbelse bediening van het Woord. En op dat spoor komen we van het een in het ander. Nu is het kruis geen afbeelding van God of 'van een heilige', en nogmaals, het kan allemaal goed bedoeld zijn, maar goede bedoelingen brachten kwade praktijken. Ik vrees ook, dat een natuurlijk, onvemieuwd mens graag naar iets zichtbaars en tastbaars grijpt buiten het Woord. Aanbidden we de wondere wijsheid van God die in de weg van het Woord en door de Heilige Geest wil brengen tot de kennis der zaligheid in Christus Jezus! En laten we niet wensen, ook niet in de kerkgebouwen, daarvan afgeleid te worden.
De levende verkondiging
Intussen, niet zonder oorzaak staat hier zo met nadruk: de levende verkondiging van Zijn Woord. Ik lees in een preek van wijlen ds. Van Holland hierover: 'de catechismus legt de dienaren des Woords ernstig op het hart de ware verkondiging des Woords te doen. Niet alleen rnet een levende stem, maar ook met een hart, dat leeft in de dingen des Heeren. De prediking moet onderwijzend zijn. Ten eerste zonde-ontdekkend, afdalend in de verborgen diepten van de boze gedichtsels van het hart. En ten anderen bekend makend de verborgen raad Gods tot onze zaligheid, in Christus volkomen geopenbaard.’
Wij moeten als dienaren van het Woord, als ambtsdragers en gemeenteleden deze woorden maar ten zeerste ons aantrekken. Het is zulk een verantwoordelijk werk. Het is ook zulk een heerlijk werk. Gouden ogenblikken kunnen worden ervaren op de kansel, als het Woord openvalt bij de prediking. Onvergetelijke momenten zijn er pnder de kansel, als de Heilige Geest het Woord doet ingaan in het hart. Het grote verval in steden en dorpen in het kerkelijk leven is niet allereerst toe te schrijven aan en af te wentelen op de gemeente, het kerkvolk. Maar welk een verantwoording, welk een aanklacht in menig opzicht, voor en tegen hen, die niet gezorgd hebben voor de levende verkondiging van het Woord.
Het door hout
Nog even keer ik terug tot ons onderwerp. Luther sprak er eens van, dat elke Woord, bediening iets heeft van de dorheid van het kruis. Dat wil zeggen dus, zonder opsmuk, opsiering, uiterlijke aantrekkelijkheid. Maar anderzijds mag ook tegen elk pleidooi voor de kruizen wel bedacht worden - ik citeer nog een keer wijlen ds. Van Holland 'denk u eens in: God onder het beeld van een dor kruishout? Dat dorre kruis, weerspiegelt dat de Springader des Levens? Dat lijkt dus met elkaar in strijd. En toch, het zijn twee kanten van dezelfde zaak.
Kerken van hout...
U kent het gezegde 'vroeger waren de kerken van houti de priesters (predikers) van goud. Nu is het veelzins omgekeerd.' Er waren in die
tijd werkelijk niet meer dan schuren, waar een hongerend volk voedsel kreeg. Waar de Heere was in het midden. Waar de gemeente leefde en bloeide. Wat kan zulk een tijd in geestelijk opzicht een bloeitijd zijn. Nu zijn er heel wat meer mogelijkheden schone, ruime kerkgebouwen te hebben. En laat een kerk er ook maar als kerk uitzien. Maar het gaat er ook nu om dat we zien, dat het gaat om de prediking van het Evangelie. Daarvoor moet alles wijken . De kerk valt of staat met de inhoud van de boodschap, die gebracht wordt. En die sober-, heid in het echt reformatorisch kerkgebouw mag ook weerspiegeld worden in het leven van de gelovige. Het geestelijk kennen en doorleven van de verborgenheden van het Koninkrijk der hemelen is zo nodig. En het komt voor, dat mensen met kruizen zich zo af kunnen zetten tegen de eenvoudigen, die de Heere vrezen, en die gaan in de weg van de Schrift. Meer dan een kruis in huis, of om uw hals of op een kerk wens ik u toe, dat u door genade met de apostel belijden mag ' maar het zij verre van mij dat ik zou roemen anders dan in het kruis van onze Heere Jezus Christus...’
Op mijn bureau ligt tenslotte nog een brief met vragen over het geestelijk leven. Zullen we zo de Heere wil daar eens naar kijken een volgende keer?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 oktober 1978
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 oktober 1978
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's