15 Stellingen over Zending
Een appèl
Sinds de Tweede Wereldoorlog hebben zending en evangelisatie in ons land niet zo sterk in het centrum van de belangstelling gestaan als thans het geval is. Enerzijds is er-zowel binnen als buiten de kerken - sprake van een opleven van het oude zendings-élan, anderzijds hebben zich grote verschuivingen binnen het denken over en de uitvoering van onze zendingstaak voltrokken. In het algemeen is echter de verwarring en de verlegenheid toegenomen. Aanleiding tot het publiceren van deze stellingen over Zending in Nederland is het gelijknamige oecumenische projekt, zoals dat vorig jaar begon en dit jaar in kerken en gemeenten, als ook op een gemeenschappelijke synodevergadering van de Gereformeerde Kerken en de Nederlandse Hervormde - Kerk, aan de orde wordt gesteld. 1)
Ii^ het materiaal, dat bij het projekt wordt aangeboden, valt eenzijdig alle nadruk op de noodzaak de maatschappij te analyseren alvorens te komen tot zending in Nederland. Ook de wijze waarop de maatschappij geanalyseerd is en gesuggereerd wordt daarmee bezig te blijven is eenzijdig. 2)
Het zijn met name deze uitgangspunten die ons diep verontrusten en met zorg vervullen. Daarom vragen we alle aandacht voor het werk van de Heilige Geest (Joh. 15 : 18 - 16 : 15).
De Geest overtuigt...
De Geest getuigt en de levende gemeente getuigt (Joh. 15 : 26, 27; 16 : 8-11). Met het oog op de opdracht tot zending en evangelisatie, die de gemeente van Christus in de wereld heeft, is het werk van de Heilige Geest onontbeerlijk. Deze houdt het getuigenis gaande en overtuigt tenslotte Zelf. Slechts de Geest breekt door alle weerstand en verzet heen. Ontmaskerend en overredend brengt Hij mensen in de tegenwoordigheid van de levende God en leert hen van genade leven. Daardoor * is er hoop en toekomst. Dit werk achten wij wezenlijk en beslissend voor mensen en strukturen.
De Geest overtuigt de wereld van zonde
1. Bij onze taak van zending en evangelisatie in Nederland dienen wij ons voortdurend te bezinnen op de visie van de Bijbel op mens en samenleving. Als Christenen kunnen wij hierbij niet volstaan met de visie van economen, sociologen, politicologen of welke deskundigen ook. Telkens wanneer blijkt, dat "hor men en waarden gehanteerd worden, welke niet ontleend worden aan of gecorrigeerd worden door het gezaghebbend Woord van God, mogen wij als christenen daarover niet zwijgen. 2. Met name dient te worden gewezen op de misleiding welke 'schuilt in de mening dat alle kwaad in de huidige samenleving valt te herleiden tot verkeerde strukturen. Strukturen worden immers door zondige mensen opgebouwd. Wanneer wij niet de zonde als diepste nood ontdekken en menen dat wij bij verandering van strukturen vanzelfsprekend een betere samenleving zullen krijgen, miskennen wij de ernst, de draagwijdte en de kracht van de zonde. Geen enkel maatschappelijk systeem staat garant voor een rechtvaardige samenleving. Een samenleving-welke dan ook - die zich niet laat overtuigen van de ernst van haar ongeloof en de daaraan verbonden wijze van denken en leven, draagt Gods goedkeuring niet weg en is vanuit zichzelf niet in staat blijvende vrede en gerechtigheid te brengen. Een samenleving daarentegen die zich laat leiden door het Woord van God mag vertrouwen op Zijn zegen.
Vorig jaar is in ons land op gang gekomen een project 'Zending in Nederland'. De wijze waarop in dat kader over zending en evangelisatie wordt gedacht is voor een werkgroep van zes personen uit verschillende kerken aanleiding geweest een 15-tal stellingen over zending op te stellen. Vandaag wordt ditbezinningsstuk gepubliceerd. Intussen hebben ongeveer 75 personen eveneens uit verschillende kerken en groeperingen hun adhesie betuigd met dit bezinningssluk.
We plaatsen het stuk volledig in ons blad omdat het in deze actuele zaak een klaar, bijbels geluid weergeeft. Van de personen die adhesie betuigden noemen we:
Dr. W. Aalders, Den Haag
Dr. H. G. Abma, Putten; prof. dr. ir. J. H. van Bemmel, Maarssen; Nel Benschop, Arnhem; prof. dr. G. A. Blaauw, Enschede; ds. C. den Boer, Woudenberg; ds. P. Boomsma, Leersum; ds. H. P. Brandsma, Drachten; dr. J. Broekhuis, Rijssen; drs. M. Burggraaf, Rotterdam; ds. M. P. van Dijk, Nunspeet; prof. dr. J. B. Dengerink, Driebergen; ir. J. v. d. Graaf, Huizen; prof. dr. C. Graafland, Gouda; ds. J. Kievit, Ermelo; ds. L. Kievit, Gouda; J. Kits, Doom; ds. C. J. P. Lam, Putten; ds. B. v. d. Lelie, Hoogeveen; drs. A. Noordegraaf, Ede; dr. B. v. Oeveren, Rijnsburg; drs. B. Oosterom, Maarssen; ds. J. P. V. Roon, Katwijk; prof. dr. E. Schuurman, Breukelen; ds. J. M. G. Sijtsma, Dieren; dr. C. A. Tukker, Noordhom; ds.. C. V. d. Velde, Haarlem; prof. dr. W. H. Velema, Apeldoorn; drs. B. J. Wiegeraad, Amersfoort; ds. I. J. Wisse, Zeist; prof. dr. J. P. Versteeg, Apeldoorn.
Het bezinningsstuk is verkrijgbaar op Postbus' 73, Oudewater, onder benaming, 'Zendingsappèl, ; de kosten bedragen ƒ 1, - per ex.
3. De Geest overtuigt van zonde, omdat de wereld niet gelooft dat Jezus de Christus is. Blijkens Joh. 16 : 8-11 staat het zendings-en evangelisatiewerk in het kader van het rechtsgeding van God met onze wereld. De wereld bevindt zich in de greep van de boze. Daarvan heeft ile wereld geen weet of zij ontkent dat. Als gevolg daarvan leven velen in volslagen duisternis en valse hoop. Het is duidehjk dat in het voortgaande proces van secularisatie 3) het ongeloof zich meer en meer manifesteert. Wanneer wij als christenen hierover geen getuigenis geven, staan wij schuldig tegenover God en onze medemensen. Wij belemmeren dan immers anderen de weg naar het ware leven te vinden. Slechts de Geest is bij machte dit ongeloof te doorbreken en te overwinnen. De Geest doet dat door middel van het Woord en maakt daarbij vooral gebruik van de gemeente, die van en naar dit Woord leeft. Als deze gemeente geen getuigenis meer over deze zaken geeft, wie zal het dan wel doen? 4. De Heilige Geest verricht een fundamen-
tele analyse van de. werkelijkheid, waarbij vergeleken analyses van welke zijde dan ook oppervlakkig zijn. Een wereld zonder God is in een ernstiger situatie dan die waarin politieke, sociale of andere nood ons brengen kan. Een wereld zonder God is een wereld onder het oordeel. Een wereld zonder God mist het uitzicht op het ware leven. Zij leeft onder de bedreiging van eeuwige duisternis, zonder toekomst.
5. De Heilige Geest overtuigt de wereld van zonde. Hij doet dat door het Woord, waarin de levende Christus, die als Redder en Rechter de Here der wereld is, centraal staat. De Geest stelt Christus, Wie Hij is, wat Hij deed en wat Hij doen zal, present. Voor Hem zal alle knie zich buigen. Confrontatie met Hem is beslissend, zowel ten aanzien van behoud als van oordeel. In dit kader past het huidige spreken over universele verzoening en een universele werking van de Heilige Geest niet; dat spreken vindt de Schrift niet aan zijn zijde.
6. Ook de gemeente dient zich voortdurend onder de tucht van het Woord en het ontdekkende werk van de Heilige Geest te stellen. Hoewel de gemeente niet van de wereld is, verkeert zij wel midden in haar en ondergaat als gevolg daarvan tal van buitenbijbelse invloeden. Als de gemeente zichzelf niet aan deze hoogste norm onderwerpt, verwereldlijkt zij en wordt daardoor ongeschikt voor haar taak.
De Geest overtuigt de wereld van gerechtigheid
7. De Geest overtuigt de wereld van gerechtigheid. Dat is de gerechtigheid van Christus. God rechtvaardigt Zijn Zoon voor het aangezicht van de wereld. Hoewel de wereld Hem verwerpt en veroordeelt, spreekt de Vader Hem vrij. In die weg, welke voert langs kruis en opstanding, komt de ware gerechtigheid aan het licht. Aan deze gerechtigheid krijgen wij slechts deel door geloof en bekering. De Schrift zegt: Indien dan de Zoon u zal vrijgemaakt hebben, zo zult gij waarlijk vrij zijn' (Joh. 8 : 36). Christus is onze gerechtigheid. Slechts deze gerechtigheid en bevrijding brengen ons in gemeenschap met en in de juiste verhouding tot God. Op grond daarvan kunnen we het juiste zicht op schepping en samenleving herkrijgen. Deze persoonlijke vernieuwing is in de eerste plaats nodig. Zij komt voort uit de verkondiging van het Evangelie in en door de gemeente van Christus. Zij wil haar uitwerking hebben in alle levensverbanden. Door zijn gemeente, die zijn lichaam is, richt Cliristus zich tot de gehele wereld in al haar strukturen. Als we deze vernieuwing niet kennen, verzandt ons bezig zijn in een aktivisme, dat tot hopeloosheid is gedoemd. Het bouwen van een nieuwe gemeenschap, waarin recht en gerechtigheid heersen, is volgens de Schrift geen proces van verwerkelijking door mensen, maar het werk van Christus, die door zijn Geest mensen inschakelt en gebruikt als zijn medearbeiders. Jezus heeft duidelijk gezegd, temidden van de noden en zorgen van de samenleving van zijn tijd: Maar zoekt eerst het Koninkrijk Gods én zijn gerechtigheid en al deze dingen zullen u toegeworpen worden' (Mat. 6 : 33).
8. Op grond van het bovengestelde is het niet juist om bij zending in Nederland alleen aandacht te vragen voor maatschappelijke vragen en deze in tegenstelling te zien tot persoonlijke troost en verlossing. In belangrijke mate heeft de vervreemding van het Evangelie geleid tot doelloosheid, eenzaamheid, angst, gebrokenheid en tal van andere vormen van maatschap
pelijke ellende. Mede daarom dienen wij de mensen van onze tijd voor alles het Evangelie te verkondigen, opdat zij zullen kunnen ontkomen aan en zich te weer stellen tegen de vele anti-christelijke en onmenselijke machten van deze tijd.
9. De gemeente verwacht naar Gods belofte nieuwe hemelen en een nieuwe aarde waar gerechtigheid woont (2 Petr. 3 : 13). Van deze hoop en verwachting legt zij met woord en daad getuigenis af. Zij is de woonplaats van God in de Geest (Ef. 2 : 22) en voorlopige gestalte van het Koninkrijk Gods. In haar midden mag een nieuwe levensstijl verwacht worden, welke tot uitdrukking komt in verantwoord rentmeesterschap met betrekking tot samenleving en natuur. Niet anders dan met grote ootmoed kunnen wij de wereld hierop wijzen, want de verdeeldheid en geestelijke armoede onder christenen is groot. Desondanks: e lofzeggende, getuigende, belijdende en dienende gemeente is er. Door haar heen wil de Here nog steeds werken. Wanneer we voorbijgaan aan deze gemeente, zoals zij leeft rond Woord en Sacramenten, miskennen wij het werk van Christus en de Geest. Christus is er immers niet zonder zijn lichaam. De Geest werkt door in dit lichaam. Hij geeft aan de gemeente bewogenheid met de wereld in nood. Hij rust haar toe tot getuigenis en dienstbetoon en dringt tot een bijbels profetisch getuigenis tegen onrecht. Aan de krachtige doorwerking van de Geest in de gemeente en haar vernieuwing, die daarvan een gevolg is, is het al dan niet welslagen van zending in Nederland verbonden. Tot het gebed om deze Geest en zijn werk roepen wij kerken, gemeenten, groepen, bewegingen en individuele gelovigen op.
De Geest overtuigt van oordeel
10. Hoewel het Koninkrijk van God gestalte aanneemt in de wereld en hoewel christenen geroepen worden in navolging van hun Meester overal waar mogelijk recht en gerechtigheid te doen, zegt Jezus toch nadrukkelijk: Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld' (Joh. 18 : 36). Het Koninkrijk van God is van een andere aard en herkomst en heeft een andere toekomst dan onze menselijke koninkrijken. Daarom is het een heilloze zaak om het Koninkrijk van God in het verlengde te zien van onze gebroken en zondige wereld. Daarbij maken we van het Rijk van God een ideologie zonder bijbelse fundering.
11. Het Rijk van God komt door het oordeel heen. Maar het komt, want de overste dezer wereld, de vorst van de duisternis, de vader van de leugen is geoordeeld. In deze krisis, in dit oordeel blijkt het te gaan om de allesbeslissende tegenstelling tussen het vóór of tegen Christus zijn, hetgeen een scheiding der geest met zich meebrengt op alle terreinen van het leven. Aan de verkondiging van dat Rijk, welke oproept tot bekering en geloof, mogen we ons niet onttrekken. Die is ons geboden. Slechts langs die weg gaan mensen in het Godsrijk ontkomen zij aan hét oordeel, wordt hun toekomst ontsloten en vinden zij eeuwig leven.
12. Het Evangelie van het Koninkrijk laat ons duidelijk onze verantwoordelijkheid met betrekking tot de nood der werld zien. De zendingsopdracht stelt weliswaar allereerst het hart van de zaak, de verkondiging van Christus' kruis en opstanding, zonder welke er geen behoud is, aan de orde, maar doet ons tevens door de gerechtigheid en liefde van Christus ons inzetten voor het welzijn van individu en gemeenschap. Langs deze weg richt God we
liswaar tekenen op van Zijn Koninkrijk, maar deze vormen het volle Rijk niét. Dat ligt in de toekomst en de tekenen verwijzen daarheen. Op deze wijze laat God zien wat aanstaande is. Op grond daarvan moeten wij voor ogen houden dat verzoening tussen mensen niet samenvalt met verzoening van de mens met God.j Ook is sociale aktie niet gelijk te stellen met evangelisatie. Evenmin staat politieke bevrijding gelijk aan het heil waarover de Bijbel spreekt. Niet door kracht en niet door geweld, maar door Mijn Geest zal het geschieden, leert ons de Schrift (Zach. 4:6). Zonder bij het hart van de zaak te beginnen, kan er geen wezenlijke doorwerking van de kracht van het Evangelie in gemeente en samenleving plaats vinden.
13. Het uitvoeren van de opdracht tot zending en evangelisatie zal uit een in het Woord gefundeerde en met de Geest vervulde gemeente als vanzelf voortkomen. Wanneer de gemeente geen zendingsgemeente is, weerspreekt zjj haar eigen bestaan en dooft zij de Geest. Ondanks alle zorg over de gemeente van Christus, blijven Gods beloften gelden. Hij zal Zijn werk volvoeren. De Geest getuigt en overtuigt. Hij houdt het getuigenis gaande. Hij, wil het ook opnieuw doen ontstaan. Wij roepen daarom alle christenen op zich ter verootmoedigen en onder het bewind van Christus zich aaneen te sluiten en het alleen van de onstuitbare vernieuwende kracht van Zijn Geest te verwachten bij de verdere aanpak en uitvoering van het zendingswerk in Nederland.
14. Wij hebben het recht niet zending en evangelisatie voortijdig af te breken. Het Evangelie van het Rijk zal, naar Gods belofte, alom in de wereld verkondigd worden en dan zal het einde komen (Matt. 24 : 14). Wanneer wij letten op de miljoenen in ons land en daarbuiten, die Christus niet kennen, weten we ons door Zijn liefde gedrongen om mensen tp winnen voor Hem (1 Cor. 9 : 15-27). We worden geroepen in deze, ons aangewezen weg te volharden.
15. Vervuld met levende hoop, welke gefundeerd is in de opstanding van Jezus Christus uit de doden en de belofte van Zijn wederkomst, willen wij op deze wijze rekenschap afleggen van ons geloof in de zendende God en in wat Hij wil doen door Zijn gemeente. God is ook nu aan het werk en daarom is de arbeid waartoe wij geroepen worden niet onmogelijk. Immers, Hij heeft beloofd: ... gij zult ontvangen de kracht van de Heihge Geest, die over u komen zal; en gij zult mijn getuigen zijn, zo te Jeruzalem als in geheel Judea en Samaria en tot aan het uiterste der aarde' (Hand. 1 : 8). In het uitvoeren van deze opdracht weten wij ons als mensen van diverse kerken, bewegingen en achtergronden, verbonden. Door middel van dit appèl roepen v^ij anderen en elkaar op tot dit getuige zijn.
De Geest overtuigt...
De Vader zond Zijn Zoon en Zijn Geest tot een getuigenis van Hem. Zonder Zijn getuigenis is ons getuigenis tevergeefs. Hij overtuigt van zonde, gerechtigheid én van oordeel. In dat spoor wordt Zijn gemeente geroepen ook nu verder te gaan, totdat Hij komt
drs. J. van Barneveld
ds. W. J. Bouw
dhr. T. Eikelboom
ds. A. J. Krol
ds. W. van Laar
ds. C. Snoei
dhr. T. J. V. d. Weele
Noten:
1. Eind vorig jaar bezocht een negental buitenlandse christenen ons land teneinde de nederlandse kerken te toetsen op hun missionaire kwaliteit. Dit bezoek van buitenlanders is op zichzelf een goed initiatief, maar daarmee is niet alles gezegd, noch ten aanzien van de samenstelling van het team, noch ten aanzien van de gevolgde werkwijze.
2. Het materiaal is neergelegd in het tijdschrift Wereld en Zending. Het werkboek vindt u inde 6e jaargang, nr. 3. Het verslagboek van de visitatie in de 7e jaargang, nr. l. Besteladres: N.Z.R., Prins Hendriklaan 37, Amsterdam. Zie voor een uitvoerig antwoord op dit rapport: 'Een kritische analyse van het rapport Zending in Nederland', in Schakels Extra, aug. 1978. Besteladres: Joh. v. Oldenbarneveltlaan 10, Amersfoort. Hoewel analyse van de maatschappij waarin zendingsarbeid wordt verricht van bijzonder groot belang is, blijft toch de visie vanuil welke deze geschiedt, bepalend.
3. Onder secularisatie verstaan we het onttrekken van het leven in al zijn facetten aan het gezaghebbend Woord van God.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 november 1978
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 november 1978
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's