De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Persoonlijke en collectieve schuld

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Persoonlijke en collectieve schuld

6 minuten leestijd

Toen in 1945 het eerste 'geslaagde' atoombomexperiment plaats vondjn de woestijn van New Mexico, zei Oppenheimer, de leader van het project, met een Indische versregel: 'Ik ben de dood geworden, de vernieler van werelden.' Later zei hij ook: -'Wij wetenschapsmensen zijn in deze jaren aan de rand der vermetelheid getreden. Wij hebben de zonde leren kennen’.

Men kan zich afvragen wie 'schuld"heeft aan het ontstaan van de kernbewapening. Is het de natuurwetenschap op zich, de totale groep wetenschappers, die op alle terreinen zich inzetten voor de groei van wetenschap, voor. de vordering van wetenschap en techniek, voor telkens weer nieuwe vindingen op allerlei terrein? Of zijn het de leiders der projecten in het geval van die eerste kern-proef dus Oppenheimer? We staan hier voor het moeilijke vraagstuk van de verhouding van de persoonlijke en de collectieve schuld. Oppenheimer sprak over schuld !n de 'ik-vorm: 'Ik ben de dood geworden...' Terwijl wat hij deed een stap was in-een reeks van stappen op een weg, die de wetenschap nu eenmaal bewandelt en die onomkeerbaar lijkt. En tóch dat besef van persoonlijke schuld, ingebed als het ware in een collectieve schuld.

Persoonlijk

Dit alles kwam bij mij boven naar aanleiding van enkele vragen, die ik kreeg naar aanleiding van mijn artikel over de geestelijke achtergrond van Aantjes over persoonlijke en collectieve schuld. Het gaat me nu niet meer om de zaak zelf, maar om wat ik toen schreef over schuld, die schuld is, hoogst persoonlijk en genade, die genade is, ook hoogst persoonlijk en dat je de schuld niet verklaarbaar of aanvaardbaar moet maken. Een mens is - dat wilde ik zeggen - hoogst persoonlijk verantwoordelijk tegenover God. O ja, de hele wereld is voor God verdoemelijk (Rom. 3 : 19), allen zijn zij (wij) afgeweken (Rom. 3 : 12). Zo is ieders schuld verklaarbaar. We zitten allen in een coupé van de trein, waarin de mensheid sinds Adams val onomkeerbaar rijdt. Maar dat neemt de hoogst persoonlijke belijdenis van schuld niet weg. Ik ben in ongerechtigheid geboren, zegt David. Bij dat persoonlijke.'/A: zou men kunnen zeggen, dat daar dan toch maar het. verklaarbare van de geboorte, waar men zélf niets aan heeft gedaan, tegenover staat. Maar intussen zei David al eerder in Psalm 51 : 'tegen U, U alleen heb ik gezondigd’.

Daarom blijft staan: schuld is schuld, hoogst persoonlijk. Hoezeer een mens ook deel uitmaakt van een collectief, in feite van het collectief van de gevallen mensheid, hij staat persoonlijk verantwoordelijk voor zijn daden en zijn hele zijn; schuldig aan al Gods gebodeij. Dat wordt niet opgeheven door te wijzen op omstandigheden, achtergronden, levensverbanden waarin men w, ortelt, gebeurtenissen die van beslissende betekenis waren.

Toch ook collectief

Er is evenwel ook de collectieve kant aan schuld. Bepaalde gedachtenpatronen kunnen in een groep, een land, een kerk, een verband zó algemeen zijn, dat daarin het collectief schuldig staat. Men leze de profeet Jeremia om te zien hoe God profetisch doet spreken over collectiviteiten, over concrete landen en volken, over b.v. 'al At Joden die in Egypteland woonden, die te Migdol woonden, en te Tachpanhes, en te Nof en in het land Pathros..' Een heel volk kan vreemde goden dienen, kan door een algehele verblinding getroffen zijn; een kerk kan als geheel losraken van haar bijbelse wortels, kan besinet worden door vreemde leringen. In dat geval bepaalt de collectiviteit de houding van de individuen, waarbij omgekeerd de individuen samen het collectief bepalen.

Dan kan men zeggen: in zulke'gevallen zijn het de leiders, die schuldig*zijn, die aangesproken moeten worden op hun verantwoordelijkheid. En inderdaad: een grote verantwoordelijkheid rust op hen die leiding geven. Terwijl het anderzijds weer zo is, dat het bijbel­

woord 'zo het volk, zo de priester' (in die volgorde) breder betekenis heeft dan vorig de kerk alleen. De leiders komen uit het volk zélf op. Desalniettemin zullen zij persoonlijk verantwoordelijk zijn voor de wijze waarop zij leiding geven, en zal het hun schuld zijn, hoogst persoonlijk, wanneer zij niet uitkomen boven het denken van hun groep, hun collectief, als dit denken fout, onbijbels is, als dit denken tot verkeerde consequenties leidt in levenshouding.

Eigen vlees

Me dunkt dat hier intussen een uiterst gevoelig punt ligt. Ik beperk me nu verder maar tot het kerkelijke leven. Het element van persoonlijke schuld staat, om me dan maar tot de orthodoxie te beperken, hóóg genoteerd. Niet dat een mens, wanneer het komt tot verkeerde daden in zijn leven, zo spoedig geneigd is om schuld te erkennen. Ontkenning, verdringing of het aanvaardbaar maken van de verkeerde daden is een niet zelden voorkomend verschijnsel. Maar we belijden wel zondaar te zijn, aan al Gods geboden schuldig te staan en belijden ook het overtuigende werk van de Heilige Geest, die leidt tot de erkenning 'tegen U, U alleen heb ik gezondigd'.

Maar hoe komt het nu eigenlijk, dat mensen zo vaak geneigd zijn de verbanden, waartoe ze behoren koste wat het kost te verdedigen en dan opeens te doen alsof die verbanden onaantastbaar zijn, alsof collectieve schuld is uitgesloten. Het zal duidelijk zijn dat ik dit hier neerschrijf tegen de achtergrond van de gebeurtenissen, die ons de laatste tijd zo bezig hielden. Toen ik ds. H; G. Abma bij de kamerdebatten in de zaak Aantjes hoorde zeggen, dat men dankbaar mag zijn als men voor dingen bewaard is terwijl we er niet te goed voor waren, dacht ik: zó zullen we moeten spreken.

De kerkelijke kringen, waarin we ons ophouden waren niet te goed voor dingen die nu weer aan het licht kwamen. Laat anderen dan maar doen alsof het 'daar' - zeg in de kring van de Gereformeerde Bond - nu eemaal 'zo' is, zoals men denkt dat het is, ook al vloekt dit met de feiten, waarom zou niet eerlijk schuld beleden mogen worden voor onjuiste lijnen, voor verkeerde leiding en houding in de kring waartoe men behoort? Wat zal de volgende generatie van onze generatie moeten zeggen, van ons die leiding geven, die wekelijks schrijven? Liever wat zal de Heere God van onze kringen moeten zeggen? Waarom zou het dan plotseling het vlees vallen als de eigen groep, de eigen kring, de eigen kerk in gebreke wordt gesteld over wat zij deed of niet deed?

Als groepsbelangen schuldbesef en schuldbelijdenis verdringen dan kan men zich afvragen of al wat over schuld gezegd wordt nog wel de toets van de bijbelse echtheid kan doorstaan. In de kwestie Aantjes kwam het erop aan! Kerkelijke Gereformeerden en Gereformeerde Bonders, Staatkundig Gereformee; 'den en Anti Revolutionairen liepen zo hun eigen risico's. Ieder kon zich gaan verdedigen, schoonpraten of anderen de zwarte Piet toespelen.

Allen

Het 'allen zijn wij afgeweken, samen zijn wij onnut geworden' uit Rom. 3 mag diep doen beseffen, dat schuld, die hoogst persoonlijk is ('wij dus persoonlijk), ook collectieve contou-

ren heeft: 'sanjen'. En daarom is geen kerR of kerkelijke groepering te goed om te kunnen falen of ook reëel te falen. En als bij terugblikken in de geschiedenis dit van eigen kerk of kring gezegd moet worden dan is belijden beter dan verdringen. Want in hovaardij kunnen we ook de naam des Heeren verspelen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 november 1978

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Persoonlijke en collectieve schuld

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 november 1978

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's