Innerlijke bewegingen der barmhartigheid
Door de innerlijke bewegingen der barmhartigheid onzes Gods, met welke ons bezocht heeft de Opgang uit de hoogte. Lucas 1 vers 78
Vader Zacharias zingt bij de wieg van zijn zoon. Dit verwondert ons niet. Veel vaders en moeders doen dit. Ik lees het altijd als een lofzang als de geboorte van een zoon of dochter wordt aangekondigd met de verheven woorden: 'Met blijdschap en grote dankbaarheid aan God geven wij kennis van de geboorte van....' Ook in onze moderne tijd blijft het een wonder van Gods gunst, dat nieuwe prille leven. Er zit altijd iets in van de scheppende daad van de Allerhoogste. Daarom is het zo erg als zo'n teer jong leven wordt begroet met een vloek inplaats van een lofzang Godes. Wij horen er dus niet van op dat Zacharias zingt. Het wonder telt voor hem dubbel. Hij heeft er samen met zijn vrouw jaren om gebeden en lang op gewacht. Alleen de inhoud van zijn lied wekt wel verwondering. Daarin horen we dat hij meer is dan vader, hij is profeet. En profeten zijn boodschappers Gods, delen in de verlichting van Gods Geest. Zij zien de vervulling van Gods beloften, ver voor deze vervuld worden. Hier bij de wieg ziet Zacharias wat dit kind, zijn zoon, straks in zijn leven zijn zal.
Wij weten niet wat er van onze kinderen worden zal. Steeds komt de vraag in het hart als we staan bij een wieg: 'Wat zal dit kind geworden? ' Daar komen we pas achter als we zien wat er uit groeit. Dat kan van alles zijn. Ondertussen, lezer, vergeten we dan Gods belofte en geloven we Zijn toezeggingen niet.
Voor Zacharias is dit anders. Hij staat in het geloof bij zijn zoon. En dan ziet hij meer dan de buurvrouwen, die om de wieg staan. De Geest verlicht zijn hart en ogen. En dan zien die oude ogen scherp en helder. Hier ligt niet alleen zijn zoon van vlees en bloed, maar hier ligt zichtbaar en tastbaar de waarborg dat God Zijn eeuwenoude belofte vervult. Dat is de belofte van verlossing en vergeving. God zal Zijn waarheid , nimmer krenken, maar eeuwig Zijn Verbond gedenken. En 2^charias ziet het door de bril van het geloof gebeuren. Achter deze wieg staat een andere. Daarin zal liggen dat Kind, waarvan zijn zoon een voorloper is. Nu deze wieg er is, zal ook de andere komen. Nu dit kind gegeven is, zal God ook het Kind geven, van eeuwen her beloofd. Want God vergeet Zijn Woord niet.
Dit had Israël wel gedaan. Ook wij vergeten Zijn Verbond en Woorden dikwijls. Weet u hoe dat komt? Omdat wij die Woorden en die belofte alleen maar in onze mond en handen nemen, zoals wij ons kerkbijbeltje of de huisbijbel in de hand nemen. Als we thuis komen na de kerkdienst, dan leggen we het weer in de kast. En als we er uit gelezen hebb'en aan tafel leggen we die bijbel weer weg. We leggen dat alles weer uit handen. We leggen Gods Woord weg. En we gaan over tot de orde van de dag. Tenzij, ja, tenzij de Geest het diep in ons hart legt. Zó lag dat Woord, zó lagen die beloften Gods in het hart van Zacharias. Maar, lezer, nog dieper hggen ze bij de Heere. Hij heeft het Woord, Hij heeft de beloften niet in Zijn handen om ze er weer uit te leggen. Hij draagt ze in Zijn hart. Zijn innerlijk. Zijn ingewanden.
Bij de Heere zit de belofte zo diep gehecht. In Hem is deze vast en zeker. Wie door de Geest de Naam des Heeren noemt, noemt tegelijk ook Zijn Verbond en Woorden. Wie de Heere tot Zijn God heeft, heeft ook Zijn Woord als een belofte. Dat zijn geen dode woorden zoals wij vaak menen. Neen, die beloften leven. Het zijn levende beloften, die de Heere in zich draagt. Zacharias noemt deze de 'innerlijke bewegingen’.
De Heere is geen onbeweeglijke God, maar de God die bewogen is. Hij is ergens mée bezig. Ja, zegt u, dat weet ik. Hij is bezig met mijn zonden, die Hem gedurig voor ogen staan. Als Hij aan mij denkt, dan ziet Hij mijn ongerechtigheid. Dan wordt Zijn toom ontstoken. Dan spreekt Zijn recht en schittert Zijn heiligheid. Mijn zonden wonden Hem en wekken Hem tot toom. Maar nu het wonder, lezer. De innerlijke bewegingen der barmhartigheid gaan de overhand krijgen. De genade roemt tegen het oordeel. Hij komt Zacharias en' Elisabeth, Hij komt Israël, Hij komt Zijn volk niet bezoeken met de roede Zijner verbolgenheid. Dat zouden wij doen. Zo ben ik en bent u. Maar God, onze' God is gans anders. Zijn ingewanden rommelen van barmhartigheid. Zijn beloften leven en gaan uitbotten, worden zwanger, dragen vrucht. Dit wonder aanschouwt Zacharias. De Heere, zo juicht hij, zal ons gedenken en geven de Verlosser. Dat is Zijn Zoon, komende uit de schoot van Zijn Vader. Zacharias ziet de belofte, de beloofde Messias komen. Bij God vandaan. Van God uit. Hier is Hij, die uit God is voortgekomen, de Eniggeboren Zoon des Vaders. En hij zingt het uit: 'met welke ons bezocht heeft de Opgang uit de hoogte.' Hij is er. Neergedaald uit de hemel in de diepte van ons mensenleven.
Hoe heerlijk is dit in de komst van de Heere Jezus vervuld. Daar Hgt in de kribbe de beloofde Verlosser, Die uit God is voortgekomen, De innerlijke bewegingen Zijner barmhartigheid hebben Hem gegeven. Maar Hij is niet alleen de Beloofde, Hij brengt de beloften mee. Hij is er de vervuiler van. In Hem zijn al Gods beloften Ja en Amen. Ieder, die Hem ziet door de bril van het geloof, leest door de Geest van Hem af dat de Heere innerlijk bewogen is over Zijn volk, keer op keer. Hier ligt Gods gedachte, die Hij denkt over een volk verloren in zonde en schuld. Gedachte des Vredes. Hij bezoekt verloren zondaars met de innerlijke bewegingen van Gods barmhartigheid. Waar u en ik niet bij kunnen, lezer, wat u en ik niet verdiend hebben, dat brengt Hij mee. Hij is vol van genade en waarheid. Hij is God, geopenbaard in het vlees.
Was u het die zei: 'Als de Heere aan mij denkt ontsteekt Zijn ingewand in toom over mijn zonde? '.Ga dan eens tot Hem. Komt toch en zie en aanschouw dit wonder van genade. De Heere nodigt u tot Hem te gaan. Die van u zonder zonde is moet maar weggaan. Die zoeke een andere verlosser van moeite en zorg. Maar die in duisternis zit en in de schaduw des doods, die niet heen of weer kan vanwege een aanklagend geweten, ga maar tot Hem met alles wat u bedrukt en benauwt. Hij kwam. Hij daalde neer om in al uW benauwdheid bij u te zijn. Hier is er
Eén, die medelijden heeft met u tot in Zijn ziel. Ja maar mijn zonde dan? Juist daarvoor is Hij hier om die van u weg te nemen, op zich te nemen. Ja maar ik heb geen voeten om te gaan. Ik lig machteloos gebonden. Wat zong Zacharias eigenlijk? Lees het eens goed. Ziet u het niet? Bid dan om het licht van Gods Geest. Want het staat er waarlijk: 'met welke ons bezocht heeft de Opgang uit de hoogte'. De Heere wacht niet tot u tot Hem komt. Hij is u voor. Hij komt tot u. Hij bezoekt en zal bezoeken hulpeloze zondaars. Hij deed het toen. Hij doet het nu. Let er dan op of u Zijn voetstappen hoort. Het zijn de voetstappen van degenen die vrede verkondigen, die het goede boodschappen. Zij melden u de komst, het bezoek, van de Opgang uit de hoogte, van de Zon der gerechtigheid. Nu gaat het volkin duisternis een licht op. Het ziet de weg tot Hem, zoals eens de Herders uit Efratha's veld. Het vindt Hem, Die nooit in schoner glans verscheen, dan nu door Gods barmhartigheên, Die met ons lot bewogen ons bezocht om ons van zond'en ongeval t'ontslaan. Dat volk dat vindt Hem nu voor eeuwig.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 december 1978
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 december 1978
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's