De maagdelijke geboorte
’Maar m’ n voornaamste grond om aan dit artikel vast te lèouden ligt toch nog in een aantal andere overwegingen. Misschien kunnen we wat dieper in dit mysterie kijken en iets van de zin, de redelijkheid en in die zin de noodzakelijkheid ervan ontdekken. In dit verband kan men vooral op vier overwegingen opmerkzaam worden.
Waarom wordt in de geboorte van Jezus de man uitgeschakeld? Daarop kan men antwoorden met een grondgedachte van het christelijke geloof. Namelijk, dat in de geboorte van Jezus niet een persoon, die reeds bestaat of verwekt is, wordt aangenomen tot Zoon van God. Dat ware slechts adoptie. Maar de menselijke natuur wordt aangenomen uit Maria. Deze aanneming is meer dan adoptie. Zij is assumptie, dat wil zeggen: toevoeging. In de persoon van Jezus wordt de menselijke natuur toegevoegd aan de goddelijke. Of moderner geformuleerd: in de geboorte van Jezus voegt God de Zoon aan zijn God-zijn ook het mens-zijn toe. Jezus heeft dan ook een geheel unieke positie. Dat is de tweede overweging. Hij heeft de positie van de messias, de middelaar. Doordat aan zijn geboorte de man niet te pas komt, wordt hij uitgenomen uit de samenhang, welke als een oordeel van God tussen de geslachten bestaat en is hij niet krachtens zijn geboorte beladen met de erfschuld, maar kan hij daar vrijwillig onder gaan staan, om haar te dragen in onze plaats.
De voornaamste overweging is nog een andere. Wie is Jezus? Dat is de grondvraag. Het christelijke antwoord luidt: hij is God de Zoon in het menselijke vlees. Hij bestond, als God de Zoon, reeds voor zijn geboorte. Door zijn geboorte ontstond hij als God de Zoon in het menselijke vlees. Wanneer we dat tot op de grond toe vasthouden, lijkt het erop, dat de uitschakeling van de man en dus de maagdelijkheid van de ontvangenis volmaakt vanzelfsprekend is. Zij is gewoon een moment in de geboorte van God de Zoon. Zij is zo vanzelfsprekend, dat zij helemaal niet zoveel bijzonders zegt. Zij voegt er eigenlijk niets nieuws aan toe. Dat leidt dan in de vierde plaats tot een andere belangrijke overweging. Als de zaken inderdaad op de aangegeven wijze staan, staan we ook in het klare en heldere inzicht, dat de geboorte van Jezus in het geheel geen lot was, dat hem overkwam, maar totaal zijn eigen, vrije daad. Dat nu is een zo stralende waarheid in het christelijke geloof, dat ik haar voor geen goud zou willen missen. Daar is een mens, die geheel vrijwillig heeft geboren willen worden! Het is God de Zoon zelf! Als dat waar is, kan ik tot op de grond toe verzoend raken met mijn geboorte, mijzelf volledig aanvaarden en mijn verjaardag in radicale dankbaarheid en schaduwloze vreugde vieren.’
(A. A. van Ruler in: Ik geloof, Callenbach, Nijkerk).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 1978
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 1978
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's