De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Bladerend in oude jaargangen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Bladerend in oude jaargangen

Eigen weg?

8 minuten leestijd

Bladeren in oude familiealbums heeft z'n eigen aparte bekoring. Datzelfde geldt voor het bladeren in oude jaargangen van kerkelijke bladen uit eigen kring. Schrijver dezes heeft dat ondervonden toen hij bezig was met het op schrift stellen van een kroniek van de Gereformeerde Bond.
De jaargangen van het Gereformeerd Weekblad en van de Waarheidsvriend van respectievelijk 1906 en 1909 af tot 1951 toepasseerden de revue. Men maakt dan kennis met de uitgebreide bonds-familie van toen en nu, met de meegaande en lastige kinderen, met de buren en de vrienden. Dat alles is een boeiende zaak.


Er zit ook iets weemoedigs in. Met dat weemoedige bedoel ik, dat men al bladerend de geslachten ziet komen en gaan. Ik ga daarover niet sentimenteel doen want zo is het leven. Het opgaan, blinken en verzinken overkomt iedere generatie. Maar al bladerend ziet men het naar zich toekomen. Eerst maak je kennis met een generatie, die je slechts van horen zeggen kent. De grootvaders spraken er om zo te zeggen over. Wie zijn grootvader hoorde vertellen over diens eigen grootvader maakte wellicht kennis met het begin van de negentiende eeuw, zeg de tijd van de Franse revolutie. Wie over de generatie van het begin van deze eeuw leest komt bekenden zeg van vaders zijde nog tegen.
Verder bladerend begin je diegenen te ontmoeten die – ik beperk me tot de domineesstand – je zélf nog gekend hebt, onder wier prediking je als kind, jongere of jong volwassene verkeerde, maar die intussen goeddeels zijn weggevallen. Dat noem je dan de oudere generatie maar voor wie nog in leven zijn is dat de generatie van de eigen tijdgenoten. Wéér verder bladerend ontmoet je de generatie die – zeg – vijf en twintig jaar geleden aantrad. En nog weer verder bladerend komt de volstrekt eigen generatie. Maar ook hiervan geldt dat die straks tot de voorbije, de oude of de ouder wordende generatie wordt gerekend.

Interessant
Een interessante rubriek door de jaren heen is die van het beroepingsnieuws. Daarin ziet men vooral ook het komen en gaan van de generaties. Beroepen te… Bedankt voor… en Aangenomen naar… vormt belangrijk kerknieuws voor velen. Daarbij hebben afscheids- en intredeverslagen bij velen ook niet over gebrek aan belangstelling te klagen. Ooit schreef iemand mij, dat dit het nu juist is 'wat een christenmens graag leest'. Door de jaren heen geven deze rubrieken boeiende stof tot overdenking. Allereerst – als ik wat speels mag beginnen – valt op de stereotype, telkens terugkerende opmerking bij de bevestiging en intrede, dat 'was de kerk 's morgens geheel gevuld' deze ''s middags overvol' of ook 'zo mogelijk nog voller' was. (Een keer las ik zelfs: stamp en stamp vol). Het moe(s)t kennelijk vol zijn. Dan denk je soms: wat moeten toch diegenen gedacht hebben of denken bij wie het niet zó vol was, die gewoon naar een minder meelevende en daardoor problematischer gemeente gingen? De volte van de dienst doet er toch (niet altijd) toe?


Wat óók opvalt is, dat door de jaren heen ook de natuur een woordje heeft meegespeeld bij intredediensten. Graag liet men de dag beginnen met een stralende zonsopgang. Het was bij voorkeur een zonovergoten dag. Wat dan te denken van hen, die intrede deden bij sneeuwstormen of hagelbuien? Hun dienst behoefde er immers niet minder om te zijn? Bovendien bleek bij het afscheid van velen het niet meer zo nodig de natuur erbij te halen, laat staan dat vermeld werd dat het zonnetje van ons ging scheiden. Ik kan mij intussen voorstellen, dat menig predikant door de jaren heen bij het lezen van het verslag van zijn intrede of afscheid wel eens een vertwijfelde zucht heeft geslaakt.


Er is echter – en daar gaat het me nu vooral om – een andere interessante factor, die men ontwaart bij het lezen van de rubriek beroepingsnieuws. Dat is de factor verschuiving. Een hervormde gemeente staat aan allerlei verschuivingen bloot. Van links naar rechts en van rechts naar links. Dat constateert men uit de beroepingsrubriek door de jaren heen, al moet men hier wel oppassen, want ook de voorgangers zélf kunnen schuiven. In ieder geval ziet men b.v. in de veertiger of vijftiger jaren gemeenten predikanten beroepen, waarvan men zich afvraagt of ze die nu nog zouden beroepen. En dan denk ik echt niet alleen aan gemeenten die 'om' gingen, van confessioneel naar de Gereformeerde Bond of omgekeerd. Maar ik denk gewoon ook aan Hervormd Gereformeerde gemeenten. Men mag naar believen invullen, want tot vandaag gaat dit verschuivingsproces door. De Gereformeerde Bondsgemeente is er óók niet, ook vandaag niet.

Worsteling
Ik kom tot mijn eigenlijke bedoeling. In heel die opeenvolging van de geslachten, met de verschuivingen die zich voordeden, met de kleinzieligheden en de kleinburgelijkheden ook, zit intussen één grote worsteling om het Hervormd én het Gereformeerd zijn. Die worsteling is overgegaan van vader op zoon, of het nu de dominee, de ouderling (in de kerkeraad) of het gewone gemeentelid is.
Al bladerend is de spanning van die strijd van jaar tot jaar voelbaar. Toen de Hervormde Kerk voor de tweede wereldoorlog en direct daarna de strijd voerde om kerkherstel had de Gereformeerde Bond daarin zijn eigen plaats, met een toespitsing op kerkherstel in de zin van de belijdenis. En sinds de Hervormde Kerk met de nieuwe kerkorde Christusbelijdende volkskerk is blééf de strijd om dé belijdenis. Daarin werd en wordt telkens getoetst wat het hervormd kerkelijk leven te zien geeft.


Strijd is er ook door de jaren heen geweest tegen altijd weer opduikende tendensen van separatisme, tegen vereenzelviging van de eigen groep met de kerk, tegen uitwassen ook die zich telkens voordeden, bijvoorbeeld van eigengemaakte voorgangers, die altijd wel volgelingen vonden en zich intussen keerden tegen allen en een ieder, bij voorkeur werkend met beschuldigingen van remonstrantisme aan het adres van hen, die onomwonden de klare reformatorische leer (met name ten aanzien van het verbond) tot gelding brachten. Al bladerend kom je tegen hoe het catechisatieboekje 'Licht over uw pad' van ds. J. van Sliedregt ooit onder dit odium viel in een geschrift van de toen nog hervormde g.o. G. J. Edelman, getiteld 'Vrijmoedig critisch commentaar', waarop ds. van Sliedregt reageerde met de opmerking, dat het beter zou zijn voor de schrijver om wat meer te studeren in reformatorische theologie, hetgeen ds. I. Kievit in een naschrift bevestigde. Het valt intussen wél op hoe allerlei onkerkelijke toestanden in eigen kring veelvuldig met naam en toenaam werden genoemd.Enerzijds was er de strijd om de belijdenis naar buiten, anderzijds de strijd tegen woekeringen naar binnen. Zo is het gegaan van geslacht op geslacht. Zó is het tot vandaag. In feite gaat het om het gereformeerd zijn in de Hervormde Kerk.

Geen weg?
Al bladerend kwam ik óók tegen, dat prof. dr. H. Berkhof in 1955 op een jaarvergadering van de Confessionele Vereniging over de Gereformeerde Bond zei: 'men wijst de wegen van Hoedemaker en Kuyper af maar men heeft geen eigen weg.' Prof. dr. J. Severijn zei toen in een uitvoerige behandeling van dit referaat in de Waarheidsvriend dat de Gereformeerde Bond niet slechts in de eerste drie jaren van zijn bestaan maar tot vandaag toe heeft bewezen, dat hij een oplossing door Doleantie, schuwt en steeds de Hervormde Kerk als gehéél voor ogen houdt.
Hier ligt tóch bij alle spanning en strijd, bij alle verschuivingen ook de consistente factor van de Gereformeerde Bond in de Hervormde Kerk. Dat is wat men bladerend in oude jaargangen als het belangrijkste tegenkomt. Kerkherstel in de zin van de belijdenis met zicht op de hele Hervormde Kerk krachtens het verbond; en dus afwijzing van alle vormen van separatisme.
Desalniettemin zou het interessant zijn als de opmerking van Berkhof in 1955 eens een onderwerp van serieuze studie zou worden, als de theologische positie van de Gereformeerde Bond in driekwart eeuw hervormd kerkelijk leven eens uitvoerig zou worden bezien. Want ongetwijfeld zijn er in de uitwerking van het hervormd én gereformeerd zijn ook markante verschillen aan de dag getreden. Hoe kan het anders als worstelend gezocht wordt naar een plaats, waarbij men én de hele Hervormde Kerk op het oog heeft én men tegelijkertijd onverkort aan het gereformeerd belijden wenst vast te houden? Bij nadruk op het eerste, het zicht op de hele Hervormde Kerk, vindt men diegenen, die Reformatie door separatie voorstaan, tegenover zich. Bij nadruk op het laatste, het gereformeerd zijn in de zin van de belijdenis, vindt men de andere delen van de Hervormde Kerk tegenover zich, voor wie de belijdenis slapend, vergeten of bestreden bezit is, en die het opkomen voor het alléénrecht van de belijdenis in de kerk vertalen met onverdraagzaamheid en machtsstreven.

Wat haalde het uit?
Na zoveel jaren van altijd maar weer dezelfde vragen en strijdpunten kan men zich afvragen wat het eigenlijk allemaal uitgehaald heeft. Men kan het echter ook anders zeggen, namelijk dat het een wonder is, dat de Heere God in de trouw, waarin Hij aan Zijn verbond gedenkt de kerk bewaarde tot deze dag en daarin het Woord en de belijdenis der kerk toch tot op vandaag bewaarde. Bladerend in oude jaargangen komt men daarvan ook telkens weer onder de indruk. De fakkel mocht steeds worden overgedragen. De jonge generatie van nu mag dan ook hoop hebben, vanwege de trouw van de God des Verbonds.

v. d. G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 februari 1979

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Bladerend in oude jaargangen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 februari 1979

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's