De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De stap van ds. Hegger

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De stap van ds. Hegger

6 minuten leestijd

Voor de tweede maal in zijn leven heeft ds. H. J. Hegger een ingrijpende stap gedaan. Ooit brak hij met de Rooms Katholieke Kerk, waar hij priester was en deed hij met zijn veelgelezen boek 'Moeder ik klaag u aan' van zich spreken. Bij zijn toetreding tot de Gereformeerde Kerken kon men zich afvragen of hij – gewezen Jezuïet, die zo krachtdadig was omgezet en zo van harte de beginselen der Reformatie was toegedaan – zich daar ooit helemaal thuis zou voelen.
Thans heeft hij gebroken met de Gereformeerde Kerken en deed hij van deze stap verantwoording in een brochure 'De nacht is ver gevorderd, de dag is nabij', inhakend op Romeinen 13 : 12.

Niet onverwacht
Men kon het eigenlijk zien aankomen. Van meet af had ds. Hegger een vrij geïsoleerde positie in de Gereformeerde Kerken. Met de ontwikkeling in de laatste tientallen jaren werd die positie geïsoleerder. Het liep uit op een leidinggevende plaats binnen de kring van de verontrusten in de Gereformeerde Kerken met hun blad 'Waarheid en Eenheid'. Het ging van protestbrief naar protestbrief aan het adres van de Generale Synode van de Gereformeerde Kerken in verband met de theologie van Kuitert, Wiersinga en recent nog weer van drs. Boelens, protesten, die op niets uitliepen wat betreft het effect binnen de Gereformeerde Kerken. De nóódgemeenten kwamen, enkele in den lande, met ook ds. Hegger als voorganger. En uiteindelijk kwam Heggers pleidooi – opnieuw voorgelegd aan de Gereformeerde Synode – voor het goed recht van de (erkende) huisgemeente. Ook dit pleidooi vond geen weerklank, overigens ook niet bij hen, die met ds. Hegger de beginselen van de Reformatie onverkort zijn toegedaan.
De laatste stap moest welhaast worden de uittreding, die dan nu een feit werd, een stap die hij zette na een aantal geestverwanten in de kring van de verontrusten: Arntzen, van Mechelen, Van Ginkel, Schelhaas, Bos, Pontier, Poelman.

Licht en donker
Wie zal hier intussen oordelen, beoordelen, veroordelen? In alles blijkt de geweldige worsteling in 'n mensenleven, die hier achter zit, een worsteling om het reine Woord. Van kerk verander je niet zómaar. Van de Rooms Katholieke word je (N.B.) niet zó maar gereformeerd. En dan nu weer een stap uit de kerk, waarvan ooit gedacht werd, dat dáár het goud van de Reformatie bewaard werd. Het moet een bittere teleurstelling zijn wanneer men uit de authentieke stukken de leer der Reformatie heeft opgedolven, wanneer men teruggeworpen is op het naakte Woord en daardoor leerde verstaan wat genade is, en men dan het fijne goud der reformatie binnen de kerk(en) – ik schrijf bewust óók in meervoud – verdonkerd vindt en in toenemende mate zíét verdonkeren.

Het is opmerkelijk hoe 'licht en donker' bij Heggers verantwoordingen afwisselen. Zijn stap uit de Rooms Katholieke Kerk ging gepaard met een boek 'Mijn weg naar het licht', een boek gekenmerkt door een aha-erlebnis van de ontdekking van de souvereine genade. Nu heet het 'De nacht is ver gevorderd'. Ik denk dat we er goed aan doen een dergelijke hartekreet niet af te doen met een schouderophalen alsof het hier om een potentiële zwartkijker gaat. Iemand, die zo van licht heeft getuigd en nu de nacht constateert dient voluit enstig te worden genomen. De situatie in de kerken der Reformatie, waarvan de Gereformeerde Kerken toch een exponent mogen zijn, is verre van rooskleurig. Het is daarbij ook een bittere teleurstelling, dat de Gereformeerde Kerken het eigen spoor van de gereformeerde belijdenis grosso modo verlieten en zich mede begaven op het spoor van de oecumenische theologie. En het moet voor iemand, die de weg zocht naar een kerk, waar de gereformeerde leer en het leven uit de religie daarvan algemeen zou zijn, een ontgoocheling betekenen, wanneer de roep om trouw aan het belijden ook daar lijkt te verklinken in de weidse ruimten van het onbegrensde theologische experiment. Ik denk, dat het goed zou zijn als diep besef werd hoe diep ingrijpend Heggers stap weg van kome was en wat de ingrijpende achtergrond is van de stap, die hij nu heeft gezet.

En nu?
Niemand zal ds. Hegger nu de weg kunnen of mogen wijzen. Het zou hovaardig zijn om iemand, die zo gedesillusioneerd werd in zijn gang door een kerk, die zich tot de gereformeerde belijdenis bekent, hu te lonken tot een eigen kerk of kerkelijke groep. Wie, welke kerk heeft reden te veronderstellen dat hij het beter zal vinden dan hij het gehad heeft?

Eén ding is echter wel te hopen, namelijk dat ds. Hegger het zicht blijft houden op de kerk als instituut. Bij alle begrip, die er onzerzijds bestaat voor de strijd, die ook binnen de Gereformeerde Kerken gevoerd wordt – overigens door meerderen dan hen, die zich officieel 'verontrusten' noemden – hebben we onze zorg gehad toen we ds. Hegger de weg van de huisgemeenten zagen opgaan. Het is alleszins te begrijpen dat, wanneer iemand breekt met een kerk, die door de eeuwen heen als een 'machtig' instituut wereldwijd present was en is en die gekenmerkt was en is door een ijzersterke hiërarchie, en men dan nog eens weer geconfronteerd wordt met een synodaal systeem, waar het gezag van het Woord óók schipbreuk lijdt, men dan zou kunnen gaan neigen naar het niet-gebondene, met een beroep op de onzichtbare kerk. Zouden we echter de kerk als instituut – met de ambten en dan ook de ambtelijke vergaderingen – opgeven, we zullen constateren, dat we ook dan in de kortste keren bij allerlei wind van leer terecht komen, voortspruitend uit onbeteugeld individualisme.


Ds. Hegger zal binnenkort met een nieuwe brochure bekend maken hoe zijn weg verder zal zijn. Hopelijk vindt hij, bij alle duisternis van kerkelijke gescheidenheid en kerkelijke ontrouw het licht toch binnen de gemeente van Christus, die zich ook in haar ambtelijke gestalte openbaart, en waarbinnen ook door de eeuwen heen de strijd tussen licht en duisternis is gevoerd, omdat de gemeente van louter wedergeborenen en louter heiligen nu eenmaal nooit bestaan heeft.

Intussen staat Romeinen 13 : 12 in de spanning van de wederkomst. Daarvan zegt Calvijn: 'Hij (dat is Paulus) zegt daarom, dat de nacht ver gevorderd is, omdat wij niet onder een zo dikke duisternis bedolven worden als de ongelovigen, voor wie geen enkel vonkje van het leven gloort, maar de verwachting der wederopstanding door het Evangelie ons voor ogen gesteld is.'

v. d. G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 februari 1979

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De stap van ds. Hegger

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 februari 1979

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's