De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Gekomen om te dienen (1)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gekomen om te dienen (1)

7 minuten leestijd

'Want ook de Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen en Zijn ziel te geven tot een rantsoen voor velen.'Markus 10 : 45

Christus spreekt hier een verrassend woord. Het slaat als een bliksemstraal in tussen de discipelen, die zich druk maken over de vraag wie van hen toch de meeste is. Ze verdringen elkaar in de strijd om de eerste plaats. Daarin zijn ze een voorbeeld van wat leeft in ons hart. Dat staat centraal in het leven: macht. De Heere zegt: 'degenen die geacht worden oversten der volken te zijn voeren heerschappij over hen en hun groten gebruiken macht over hen.' De éne machtsgreep volgt de andere op in onze wereld. Het doel is altijd weer om ten koste van een ander vooruit te komen. We strijden mee, ieder op de plaats waar we staan. We zijn niet graag de laatste, daar voelen we ons veel te goed voor. Het zit ons in het bloed om op alle terreinen van het leven hogerop te willen.
Maar de Heere keert de dingen om. 'Wie van u de eerste zal willen worden, die zal aller dienstknecht zijn.' Dat is de eerste plaats in het koninkrijk van God: aller dienstknecht. Slaaf van allen zijn, niemand onder ons hebben, dat gaat tegen alle begeerten van ons hart in. De oude Grieken zeiden: hoe kan iemand gelukkig zijn die een ander dient? We willen vrij zijn en niemand boven pns hebben. Dat is het kenmerk van de zonde. Adam wilde geen knecht zijn, maar zelf heersen. Daarom is deze oproep van de Heere ook de doodssteek voor de hoogmoed van ons hart. Hier wordt alle valse nederigheid beschaamd, en schieten alle goede voornemens tekort. De Heere raakt hier de zenuw van ons leven zoals het is in zichzelf. Dit wordt alleen geleerd door het geloof. Daarom begint de tekst ook met: want. Alsof Christus zeggen wil: zo alleen kan het. Hier ligt de grond van het nieuwe leven. Dat ervaren we waar Hij werkt door Zijn Woord en Geest. Daar ontdekt Hij onze nood. Hij roept ons weg uit de dood en werkt het nieuwe leven in ons hart. Dan wordt het waar: zo wie achter Mij wil komen, die verloochene zichzelf en neme zijn kruis op en volge Mij. Wie door genade achter Hem aan leert komen zal Hem ontmoeten als de nederige Koning. Zo gaat Hij Zijn weg naar het kruis. Dat komt ook uit in de tekst. De Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden. Dat is een wonderlijke uitspraak. Want alle woorden in de tekst tekenen Hem in Zijn glorie. Hij is de Zoon des mensen, van Wie Daniël heeft geprofeteerd. Hem werd gegeven heerschappij en eer en het Koninkrijk. Alle volken en natiën en tongen zullen Hem eren. Deze naam duidt op Zijn hoogheid als de Zaligmaker die de Heere gegeven heeft. Hij is op weg om die glorie te verwerven, als de Gevolmachtigde van de Vader. Hij is van hoge afkomst. Zijn uitgangen zijn van eeuwigheid. Van Hem hebben de vaderen gezongen in het Oude Testament. Eénmaal zal alle knie voor Hem gebogen worden.
Maar Zijn weg naar de glorie is een weg van vernedering. Hij is gekomen om te dienen. Hij is op weg naar het kruis, om als een misdadiger buiten de legerplaats Zijn bloed te storten. Onbegrijpelijk groot is dat wonder. De apostel kan er niet over uit: 'Hij heeft Zichzelf vernietigd, de gestalte van een dienstknecht aangenomen hebbende en is de mensen gelijk geworden. Zijn heerlijkheid ligt niet in aardse pracht en praal. Geen machtige legers trekken voor Hem uit. Hij gaat Zijn weg in eenzaamheid en vernedering. Hij treedt de pers alleen. Hij is niet gekomen om gediend te worden. Dat is een ontnuchterend woord. Wij menen dat het van ons werk afhangt, we willen iets toebrengen om Hem van dienst te zijn. We denken met ons eigen werk bij Hem verdienstelijk te zijn. Maar Hij zegt tot u die met volle handen tot Hem komen wil: daartoe ben Ik niet gekomen. Dat is niet het allereerste. Ik ben gekomen om te dienen. De discipelen verstonden dat niet. De Heere moet soms veel werk doen om het ons te leren. Ook in het geloofsleven moet Hij ons dat telkens opnieuw zeggen. Want door Hem gediend worden is: leven van genade. Als een arme verloren zondaar alleen kunnen leven van wat Hij schenkt. Dat maakt klein voor God, het brengt u op de laatste plaats. Maar juist daar komt Zijn heerlijkheid uit. Zo leren we Zijn gevende liefde al meer kennen.
Ik ben gekomen om te dienen. Dat tekent Zijn leven. Daarom werd Hij geboren in de stal van Bethlehem. Hij kwam in ons vlees. Hij werd ons in alles gelijk uitgenomen de zonde. Daarin diende Hij. Hij diende de Vader als de Knecht des Heeren. Als de grote dienaar vindt Hij zijn spijze in het doen van de wil des Vaders. Tot in de diepste aanvechting en strijd bidt Hij; Niet Mijn wil, maar Uw wil geschiede. Hij vervult de Raad van bod. Hij is de tweede Adam, Die in alles de Heere de eer geeft. Hij ziet niet op het Zijne, Hij legt alles in de waagschaal, Hij geeft Zichzelf volkomen.
Zo dient Hij zondaren. Hij komt u tegemoet, die een middel zoekt om de welverdiende straf te ontgaan en weer tot genade aangenomen te worden en zegt: Kan Ik u dienen? Hij ontdekt uw nood en spreekt u aan in uw onophoudelijke strijd om uzelf te handhaven. Hij zoekt u op in het leven van het geloof en zegt: vergeet het niet, dat het leven bij Mij begint, u moet van Mij gediend worden. Hij gaat rond in Zijn Woord als de grote Diaken om armen te dienen. Hebt u Zijn liefde al ontdekt? Hebt u Hem nodig gekregen? We zijn liefst niet van Hem gediend. We zoeken onze eigen weg naar het leven. Totdat u alleen armoede overhoudt en u niets hebt om de schuld te betalen. Wat een wonder dan, als Hij het woord tot u richt, en u in uw nood opzoekt en uithelpt.
Gekomen om te dienen, zo gaat Hij nederig voort op Zijn weg naar het kruis. Hij spreekt mensen aan. Blinden worden ziende, kreupelen wandelen, een oppertollenaar vindt bij Hem nieuw leven. Hij dient mensen zonder hoop en maakt gebondenen vrij. Hij neemt hun nood, hun schuld en verdriet op Zich. Hij dient als de Minste onder de mensen. Bij Hem vinden armen een uitweg. Leerde u Hem zo kennen? Dat gaat door de dood heen. Want wie wil van Zijn bedeling leven? Wij hebben niet graag een ander nodig. Daarom tobben we voort in onze strijd om de eerste plaats, totdat we uitgewerkt raken en we leren: alleen Zijn genade redt, want Hij kwam om te dienen. Dan leren we daarin Zijn grootheid aanbidden en we volgen Hem op Zijn weg met de liefde van het hart. Om tot onze verwondering steeds meer te leren leven van Zijn dienende liefde.
Is Hij uw Koning ook geworden? Zoekt u uitkomst? Hij wil Zichzelf geven. Daartoe is Hij gekomen. Dat is het werk, waartoe de Vader Hem zond. En ieder die tot Hem vlucht met de nood van het hart zal het ervaren: Zijn bloed reinigt van alle zonden.

A. W. van der Plas, Rijssen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 februari 1979

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Gekomen om te dienen (1)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 februari 1979

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's