Prediking en geestelijk leven (9)
Pastorale overwegingen
Nog eens de wijn en de zakken
Wanneer de gezegende Zaligmaker in Zijn onderwijs met het beeld van de nieuwe wijn in de oude zakken leert, hoe Zijn komst en werk, dat het echt nieuwe brengt, niet in de vormen van de Oude Bedeling is in te voegen, dan wordt het oude daarmede niet veroordeeld. We mogen zelf geen eigen gemaakte en daarmee valse tegenstelling scheppen tussen, het oude en het nieuwe! De Nieuwe Bedeling, de komst van de hemelse Bruidegom tot verloren mensenkinderen brengt in de, weg van het waarachtig geloof en de doorleving van de smart over de zonde een heilige vreugde in het hart. Zovelen zagen uit naar de vervulling van het profetisch Godswoord. En als het komt, is er voor vasten, teken van rouw, geen plaats. Zo is het ook in de persoonlijke openbaring en toepassing van de Zaligmaker. Maar… dat betekent niet, dat het nieuwe van de Heere Jezus vrij en ongebonden is. Integendeel, de ceremoniële vormen vallen weg, de schaduwdienst wordt vervuld, maar vanuit Zijn werk en door Zijn bediening leren de gelovigen te leven naar de regel voor geloof en leven, de wet Gods. We moeten hier wel onderscheiden tussen vorm en wezen. Maar het is er ver vandaan, dat met een beroep op dit beeld, de wet nu kan worden verwijderd uit kerk en samenleving en we nu onder het vrolijke evangelie frank en vrij kunnen leven. Zo wordt de leerder godzaligheid verdraaid tot eigen verderf en ondergang.
Oude termen
Van een andere vriend kreeg ik een schrijven, waarin hij ingaat op wat ik schreef over gebezigde termen. Ik heb er op gewezen, dat helaas het gebruik van termen nogal eens als degelijk en gereformeerd wordt gezien, terwijl de kracht van het Woord Gods kan ontbreken en zelfs onbijbelse gedachten kunnen worden geleerd. Nu schrijft onze vriend over een dominee, die ik ook zelf heel goed gekend heb, en meermalen heb horen prediken. Van harte val ik hem er in bij, dat het gebruik van bepaalde termen bij deze heengegane voorganger niet hinderlijk was, integendeel. Maar daar functioneerde dat in het geheel van de prediking en het geestelijk leven. Wat is er meer nodig, bij de aanvang van het geestelijk leven alsook bij de voortgang dan ware ontdekking? Ik denk in dit verband nog aan een ouderling, uit mijn eerste gemeente, inmiddels ook al heengegaan met een levende hoop op de Heere, die menigmaal bad om 'ontdekkende, ontledigende en ontgrondende genade, opdat Christus alles zou zijn'. Laten we niets afdoen van de noodzaak om wedergeboren te worden, want anders verzaken we de zo ernstige vermaning van de Zaligmaker aan Nicodemus. Ik ben het er ook mee eens, dat we verheugd kunnen zijn over 'waarlijk missende mensen'. Niet om de grond in 'wat het niet is' te stellen, maar daarbij is er een uitgang naar de Heere, een hunkering naar ware zekerheid met zoveel vrees voor bedrog. Ons hart is zo arglistig. We denken zo gauw het goede van onszelf. En het waarachtige leven der genade staat er naar om eerlijk behandeld te worden. En als deze vriend een citaat van wijlen prof. Wisse aanhaalt, dan schrijf ik dat hier nu maar even over 'de kennis van de kwaal is nog niet de toepassing van het medicijn'. Er is een groot gevaar dat de christen gepredikt wordt in plaats van Christus. Maar de rechte prediking is – denk aan het onderwijs ook van wijlen ds. I. Kievit – voorwerpelijk-onderwerpelijk. Het gaat om de levende Christus, en… hoe Hij Zich openbaart door Zijn Woord en Geest. Wel heeft ook dan dacht ik, prof. Wisse gelijk, als hij ergens schrijft 'hoe onderwerpelijker de Heere Zijn volk leidt, hoe voorwerpelijker dat volk leert leven'. Onze vriend krijgt wel van mij nog persoonlijk een briefje, maar de in zijn brief aangeroerde zaken waren te echt en te teer dan om er in ons orgaan van te zwijgen.
Melkvoeding
Dan voor deze keer nog de vraag of de apostelen het wel met elkaar eens waren over het voedsel in de prediking. Petrus schrijft in zijn eerste zendbrief over 'nieuwgeboren kinderkens, die zeer begerig zijn naar de redelijke onvervalste melk'. En nu leest onze briefschrijver in de Hebreeën-brief, dat het verwijt klinkt 'dat ge zijt geworden als die melk van node hebben, en niet vaste spijs'. Bovendien heeft hij een voorganger ontmoet, die op het verwijt veel te oppervlakkig te preken, dat bezwaar afdeed met 'ze hebben hier nog melk nodig en kunnen geen vaste spijs verdragen'. Dat is dan het omgekeerde, van wat de Schrift zegt in de Hebreen-brief. Het is duijkt me geen aanbeveling als 'melkvoeding' gezien wordt als een verontschuldiging voor een oppervlakkige leer en prediking. Eenvoudige Woordbediening is bepaald nog iets anders dan oppervlakkige prediking. Maar ik moet ter zake komen. Overigens u vergeeft het me wel, als ik dit maal 'van achteren naar voren werk'. Zo kan ook wel eens over en vanuit.een tekst gepreekt worden, en… nog bijbels en verantwoord ook. Ik laat u op de beantwoording van de gestelde vragen nog één keer wachten.
W. Chr. Hovius, K. a. Z.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 april 1979
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 april 1979
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's