De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Langs oude Nederlandse Kerken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Langs oude Nederlandse Kerken

8 minuten leestijd

Overgenomen uit: 'Langs de oued Zuid Hollandse kerken', uitgegeven door Bosch en Keuning N.V., Baarn.

Onder het vele dat Gouda befaamd maakt, neemt de St. Jan een grote plaats in, vooral vanwege de unieke serie gebrandschilderde vensters. Toch verdient ook het montuur van deze glazen een nadere beschouwing. Uitwendig maakt het spel van daken en gevels (de laatste grotendeels met lichtkleurige natuursteen bekleed), dit gebouw tot een der boeiendste van de late Hollandse gotiek. De toepassing van dwarsdaken loodrecht op de lengterichting der kerk, zelfs op de kooromgang, maakt het gebouw tot één der meest uitgegroeide voorbeelden van een type dat naar het oudst bekende voorbeeld, de St. Jacobskerk te 's Gravenhage, als het Haagse type bekend staat (zie: Langs de oude Zuidhollandse Kerken, Kuststrook en Rijnland). Deze bouwwijze maakt inwendig grote ruimten mogelijk met naar verhouding een gering aantal pilaren. Bij de Sint Jan levert dit vanuit elke willekeurige plaats gezien vergezichten, die telkens als eindpunt de weelde van kleurige glazen hebben.
Het gebouw kwam niet volgens één plan tot stand: reeds van verre valt de merkwaardige verhouding op tussen het zeer lange schip (met 115 meter lengte inwendig Nederlands langste kerk!), en de kleine fijn geprofileerde toren.
De afmetingen van de toren duiden op een ontstaan bij een kleinere, oudere kerk, doch hiervan zijn nauwelijks aanwijzingen bewaard gebleven. Het benedendeel der toren dateert waarschijnlijk uit het midden der veertiende eeuw, de met natuursteen beklede top stamt echter uit latere tijd, vermoedelijk uit het midden der zestiende eeuw, óf werd toen van een zandstenen manteling voorzien. In het begin der vijftiende eeuw werden de tegenwoordige drie westelijke schiptraveeën verbreed tot de huidige afmeting.
Waarschijnlijk waren het oorspronkelijk zes traveeën, die naderhand twee aan twee werden samengevoegd om samen één brede kapel te vormen. Dit zou eertijds op te maken zijn geweest uit gegevens in de muren van het westelijke schipgedeelte: ten gevolge van een ingrijpende restauratie in het begin van deze eeuw, is dit niet meer, althans moeilijk, uit het geheel vernieuwde muurwerk op te maken.
Het koor dateert uit de jaren 1485-1510. Bij een opgraving bleek dat de koorsluiting van een oudere driebeukige kerk, zich bevond ter plaatse van de tegenwoordige viering. Deze had de hoogst merkwaardige vorm die thans alleen nog voorkomt bij de Westerkerk te Enkhuizen: de drie beuken werden gesloten door één gemeenschappelijke, driezijdige sluiting; op de twee oostelijke hoeken ervan bevonden zich uitgemetselde traptorens. Het tegenwoordige koor werd in het verlengde van het vorige opgetrokken; de afstand tussen toren en koor werd nu wel erg groot, doch door de uitbouw met zijkapellen, waardoor het schip vijfbeukig werd, kwam de breedte weer in goede proportie tot de lengte.
Deze uitbreiding was reeds voltooid toen het gebouw in 1552 door brand werd verwoest. Een gedenkbord in het koor memoreert het ten onder gaan van de 'overschone' kerk ten gevolge van blikseminslag op 12 januari van dit jaar. Blijkens kerkrekeningen was de kerk ook toen voorzien van gebrandschilderde vensters. Reeds na een week werd de herbouw ter hand genomen: uit huis-aan-huis collectes, hypotheken op kerkelijk bezit, giften, boetes en loterijen stroomde het geld binnen. De bouwmeester Cornelis Frederikszoon werd ijlings ontboden uit Rotterdam, waar hij werkte aan de toren van de St. Laurens, om leiding te geven bij de wederopbouw. Meester Cornelis was niet de eerste de beste: hij werkte in 1550-'55 te Rotterdam, aan de kerk te Vianen en in Hoornaar, waar hij volgens een voor die tijd zeer modern ontwerp de toren bouwde. In 1564 had hij de leiding van de bouw van de St. Maartenskerk in Tiel; misschien was hij ook de bouwmeester van de toren van de Oldehove te Leeuwarden totdat daar het werk in 1553 ten gevolge van verzakkingen werd gestaakt.
Ook bij de herbouw van de Goudse St. Janskerk gaf hij blijk te beschikken over een modern vormgevoel: hier werd voor de eerste keer in de Nederlanden radikaal afgerekend met het gotieke streven naar omhoog in de kerkelijke bouwkunst. Door toepassing van ronde bogen in plaats van spitse, kreeg het schip alle kenmerken van een volkomen ontwikkeld renaissancistisch ruimtegevoel en getuigt het van een christelijk-humanistische denkwijze, die echter nog geheel op het misoffer was gericht. Doordat het schip oorspronkelijk geen lantarenverdieping had werd vanuit de betrekkelijk schemerige middenruimte sterk de aandacht getrokken naar het hoge, lichte koor; naar het hoogaltaar met het Allerheiligst Sacrament. Pas in 1590 kreeg ook de middenbeuk van het schip een lantarenverdieping, zodat het contrast tussen koor en schip enigszins werd afgezwakt: de gemeente had zich van de mis afgewend en zich gericht op de Dienst des Woords.
Overigens is dit kerkgebouw, dat uitwendig zo royaal en uit onbekrompen middelen is gebouwd, gezien de kostbare natuurstenen bekleding, inwendig zeer sober gehouden.
Slechts de rijkbekranste bladkapitelen, de gesneden maskers op balksleutelstukken en de aanzetten van de gewelfribben verraden de fantasie van hun maker. Lieve van Maellen uit Gent (of van Meester Cornelis?). Het lijkt wel alsof bij de herbouw na 1552 alles achterwege is gelaten wat de aandacht van de glazen zou kunnen afleiden; zo kregen zelfs de vensters slechts de allereenvoudigste vormen van traceringen, de montants van het merendeel der vensters lopen zonder meer tegen de bogen teniet,
Reeds vanouds hadden zich in Gouds bekende glazeniers gevestigd, zo ook de vader van Dirck en Wouter Crabeth, die na de brand verschillende vensters vervaardigden. Ook hij was een glazenier van meer dan plaatselijke betekenis: in 1521 leverde hij zelfs glazen aan de stad Mechelen, de residentie der Landvoogdes.
Evenals Meester Cornelis Frederiksz, hebben de gebroeders Crabeth de geest van hun tijd goed verstaan. Geven middeleeuwse vensters (helaas alleen nog in het buitenland vertegenwoordigd) voorstellingen van legenden en heiligenlevens, hier vormen Bijbelverhalen de onderwerpen en ze worden vertolkt door mensen als wij.
De oudste vensters in de St. Jan, helaas ongedateerd en van een onbekende maker, vormen hierop nog een uitzondering. Ze bevinden zich hoog in de koorlantaren, waar voorstellingen van Christus en de Twaalf Apostelen, ieder één der dertien vensters vullen. Op nog in wezen middeleeuwse wijze staan de figuren in door pilaren gedragen bogen, waarvan de detaillering reeds renaissancistisch is. Onder de figuren staat in Latijn een der Twaalf Geloofsartikelen. Uit de datering der overige vensters blijkt de volgorde van de herbouw van de verschillende gedeelten van de kerk.
In 1555 reeds werd het middelste koorvensters beglaasd, de drie ten zuiden hiervan in 1556, de overige koorvensters in 1559-'64. Hierop volgen in ouderdom de vensters van het transept en de meest oostelijke schipkapellen. De overige kapellen van het schip kregen pas geschilderde ramen van 1596-1603.
Mogen vele buitenlandse kerken en kathedralen pralen met heerlijk glas in lood uit de gotische tijd, de Goudse glazen vertegenwoordigen een periode in de glasschilderkunst die loopt vanaf de gotiek tot het laatste stadium van de renaissance, een tijdvak waarvan zeer weinig voorbeelden van glazenierskunst zijn overgebleven.
Het bezichtigen der meer dan 30 vensters kan plaats vinden met behulp van een uitstekende, in de kerk verkrijgbare gids. Aan de zuidzijde van het koor bevindt zich een moderne kapel waarin sterk gerestaureerde vensters zijn aangebracht, afkomstig uit het afgebroken Augustijner Klooster.
Hoewel de kerk ondenkbaar is zonder de kleurenpracht der vensters, bevat ze voldoende meubilair om het gebouw bezienswaardig te doen zijn, onder andere het prachtige, rijke koorhek van marmer en koper en de graftombes. Het bankenplan, daterend uit 1840, voegt zich harmonisch om het doophek en de bizarre kansel.
Het met een exotische bamboe-pruik bekroonde klankbord is wel zeer opvallend; de achttiende- en negentiende-eeuwse elementen tonen een grote saamhorigheid; het maken van koorhek en orgel en het aanbrengen van gewelfsbeschieting, vormde trouwens één project, waarvoor in 1775 een prijsvraag werd uitgeschreven.
Het pompeuze orgelbalcon ter diepte van twee traveeën, beheerst het schip door zijn omvang in sterke mate; het naturalistische gipsplafond dateert uit het begin der negentiende eeuw, doch het voortreffelijke orgel in de rijkbesneden kas werd gebouwd van 1773-'76 door Jean Moreau te Rotterdam.
Onder de vele grafzerken moeten worden vermeld die voor de geleerde filosoof Coornhert, liggend in het dwarsschip: het draagt het bekende gedicht van Hendrik Laurensz. Spiegel, zijn vriend en geestgenoot:
Hier rust
Wiens lust
En vreugd
Was deugd
En 't waar
Hoe swaar
't Ook viel

Noch sticht
Zijn dicht
Geschrijf
Maar 't lijf
Hier bleeft
God heeft
De ziel.

De verdraagzame Coornhert, een fel bestrijder van consciëntiedwang, koos de stad Gouda vanwege de gematigde instelling aldaar, als woonplaats; hij overleed hier in 1590. Danken wij aan deze gematigdheid het bewaard blijven van de vensters? Of was het de eerbied voor het werk van de hoogbegaafde stadsgenoten?

[Tekst foto: Gouda, St. Janskerk. Interieur gezien naar het noordoosten vanuit de zuider zijkapellen; in de rechtersluitgevel het venster van de Tempelreiniging.]

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 juni 1979

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Langs oude Nederlandse Kerken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 juni 1979

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's