Vrouwen in de kerk
Onder bovenstaande titel verscheen enige tijd geleiden een boekwerkje van de hand van drs. C. van Sliedregt (Wapenveld), opgedragen aan de Bond van Ned. Herv. Vrouwenverenigingen op g.g. Het is een nadere uitwerking van een lezing, gehouden voor presidentes van de vrouwenverenigingen over 'de plaats van de vrouw in de kerk’.
Een aantal teksten uit het Oude Testament en het Nieuwe Testament (vooral ook die teksten uit het Nieuwe Testament, die steeds een rol hebben gespeeld in de discussies rondom 'de vrouw in het ambt' en die dr. Goedhart indertijd in zijn boekje ook heeft besproken) wordt kort uitgelegd en telkens besloten met enkele suggesties en vragen voor de discussie. Vervolgens een onderdeel, dat getiteld is: 'Woord en wederwoord, een weergave van vragen en opmerkingen van gemeenteleden naar aanleiding van de lezing over de plaats van de vrouw ( in de kerk.' Enkele vragen, die hier besproken worden, zijn: 'En vrouwen, die theologie studeren? In een kerk, waar de vrouw tot het ambt is toegelaten, komt het voor, dat tegenstanders vrouwelijke ambtsdragers ontmoeten. Hoe gaan we met hen om? En als een vrouw een predikant, die tegen de vrouw in het ambt is, opbrengt naar de kansel? Als er geen mannelijke ambtsdragers te vinden zijn… wat dan? Wat te denken van het vrouwenkiesrecht? Wordt de Bijbel niet wettisch en formalistisch gelezen ten aanzien van de argumentatie tegen de vrouw in het ambt? Vrouwelijke ambtsdragers deden vaak goed werk. Het ambtswerk droeg vrucht. Moeten we daaruit niet concluderen, dat de Heilige Geest er Zijn goedkeuring aan heeft gegeven? Het boekje van drs. Van Sliedregt sluit met: 'Een antwoord aan de feministische theologie, een bespreking van de bundel 'Als vrouwen aan het Woord komen'. Helemaal aan het slot een uitvoerige litteratuuropgave. In zijn woord vooraf schrijft drs. Van Sliedregt: 'Dit boekje is op verzoek van vrouwen in de kerk ontstaan. Drie bedoelingen willen we noemen. In de eerste plaats ons bewust te zijn van de van God gegeven plaats, die vrouwen in de kerk kunnen en mogen innemen. In de tweede plaats aan te geven, waarom we – tegen de huidige emancipatiebeweging in – op bijbelse gronden menen, dat vrouwen geen zitting hebben in de kerkeraad en geen kansel opgaan. In een nieuwe generatie is het nodig, dat de gronden, waarop de ambtsvervulling door vrouwen o.a. door de Ger. Bond in de N.H. kerk werd afgewezen, bekend blijven. In de derde plaats een hernieuwd gesprek in de gemeente en in de kerk bevorderen over dit zo belangrijke onderwerp tot opbouw van de christelijke gemeente.’
Mijn gedachte is, dat het boekje van drs. Van Sliedregt aan de door hem genoemde bedoelingen voldoet. De opzet is van dien aard, dat het binnen het bereik ligt van onze ambtsdragers en van de belangstellende gemeenteleden. Het taalgebruik is niet altijd zo doorzichtig. Maar dat komt, denk ik, vooral, omdat hij soms even dieper liggende theologische vragen aanroert zonder daar uitvoerig op in te gaan. Bijvoorbeeld op blz. 22, waar hij zegt: 'De diepste vraag komt op uit de vraag naar de verhouding van tijdsdenken en openbaringsdenken. Het Schriftgezag is in het geding.' Op het laatstgenoemde gaat het boekje weinig of niet in. Ook in veel mindere mate op de vraag, wat het ambt is, zoals dr. Goedhart dat indertijd deed in het begin van zijn geschrift. Overigens wordt het boekje van dr. Goedhart vele malen geciteerd.
Verschillende keren is vooral door ambtsdragers uit zg. 'gemengde gemeenten' gevraagd om een heruitgave van de brochure van dr. Goedhart, geschreven ter gelegenheid van de aanvaarding van de 'vrouw in het ambt' in de Hervormde Kerk. Die vraag is begrijpelijk, vooral wanneer wij vasthouden, dat het bekende zg. slijtageproces ons er toe zou kunnen brengen om de zaak van de vrouw in het ambt voortaan maar in de doofpot te doen.
Het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond is van mening, dat ambtsdragers, die telkens weer met vragen 'rondom de vrouw in het ambt' zitten, in het geschriftje van drs. Van Sliedregt een goede hanteerbare samenvatting zullen vinden van de Bijbelse argumenten tegen de vrouw in het ambt, ook nu, zoveel jaren na de aanvaarding daarvan in onze kerk. De publikatie wordt gaarne in de belangstelling aanbevolen van ieder, die deel wil nemen, om met drs. Van Sliedregt te spreken, aan een 'hernieuwd gesprek in de gemeente en in de kerk’.
C. den Boer (Woudenberg)
Drs. C. v. Sliedregt: Vrouwen in de Kerk; uitgave Bout, Huizen (N.H), ƒ 7,95.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 september 1979
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 september 1979
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's