Naar een ander beheer
Op het artikel van dr. I. Boot in de Waarheidsvriend van 20 september jl. over alternatieve landbouwmethoden, een artikel dat op verzoek van de redactie was geschreven, ontvingen wij een reactie van de heer C. van der Louw te Assen, zelf leraar aan een landbouwschool. Graag geven we ruimte in ons blad voor deze bijdrage, waarin op een bepaald punt de schrijver van mening blijkt te verschillen met dr. Boot. Het is goed dat we ons op deze zaken ook bezinnen. Daartoe wil de publikatie van beide stukken een aanzet zijn.De redactie
In het artikel 'Alternatieve landbouwmethoden', geschreven door dr. I. Boot wordt ingegaan op een aantal ontwikkelingen op het gebied van de alternatieve landbouw. Dit mede naar aanleiding van het door minister Ginjaar subsidiabel stellen van een biologisch landbouwexperiment van 'De Kleine Aarde' op haar bedrijf te Boxtel. Het is als positief te waarderen dat ook binnen de kerken de vragen over ons rentmeesterschap aan de orde komen en getoetst worden aan de Heilige Schrift. Welvaart en welzijn zijn steeds onderwerp van gesprek en mede als gevolg van die welvaart wordt de vraag naar gezond voedsel steeds groter.
Als kerkmensen zouden we ons steeds opnieuw moeten realiseren dat we met het goed van een Ander omgaan. Het omgaan met het van God gegevene mag niet ontaarden in een schending van de schepping, maar moet zijn een verantwoord beheer.
De indruk bestaat, dat met name als gevolg van economische motieven de grenzen van het toelaatbare nogal eens worden overschreden. Met het gevolg dat er roofbouw wordt gepleegd op de bodem. Daardoor kan de grond steeds minder voedingsstoffen (bouwstenen) leveren, maar ook steeds minder voedingsstoffen vasthouden, waardoor problemen inzake erosie, droogtegevoeligheid, structuurbederf enz. zich aanmelden.
In genoemd artikel worden een aantal zaken systematisch behandeld, anderzijds komen er mijns inziens een aantal tegenstrijdigheden in voor, waarop ik in het navolgende zou willen ingaan.
Tuinieren
Schrijver haalt aan het boekje getiteld 'Tien manieren van tuinieren'. Hij merkt daarbij op, dat we ons niet schamper vrolijk moeten maken, omdat er ook een boekje bestaat, getiteld 'Tien keer gereformeerd'. Achter het op tien verschillende manieren van tuinieren gaat echter vaak een levensbeschouwelijke visie schuil die haaks staat op het Christendom. Voor Tien keer gereformeerd geldt als gezamenlijke basis de Bijbel als Gods Woord. Het vertrekpunt is gelijk, ook al wordt er verschillend uitgelegd. Dat kan van de verschillende manieren van tuinieren niet gezegd worden. Zo worden zaken vergeleken, die niet van gelijke importantie zijn.
Overigens moet gesteld worden dat tuinieren wel wat anders is dan alternatief landbouwen. Bij tuinieren gaat het veelal om de 'voedselvoorziening' van één hoogstens enkele huishoudingen. Daarvoor is de opbrengst van de gewassen al gauw groot genoeg, vaak zelfs te veel. De problematiek op het gebied van de landbouw ligt wel even anders. En wat te denken van het wereldvoedselprobleem?
Verscheidenheid
Genoemd wordt de grote verscheidenheid van de gevolgde c.q. aanbevolen alternatieve landbouwmethoden. Het valt echter op dat, ondanks deze verscheidenheid er maar één methode is die uitvoerig wordt belicht, namelijk de biologisch-dynamische (in het vervolg te noemen b.d.-methode).
Gesteld wordt dat we met het badwater het kind niet weg moeten gooien. Daaruit lees ik, dat er een aantal goede aspecten in deze methode zitten. Eigenlijk breekt dr. Boot hier een lans voor het verder navorsen. Even verder wordt evenwel opgemerkt: 'Het fundamentele verschil tussen de gangbare en de b.d.-methode is gelegen, in het dynamisch aspect.'
Als dat waar is, en dat is waar, dan dienen wij ons verre te houden van een dergelijke methodiek. Hier komt een oud stuk heidendom in het jasje van 'alternatief' de kerken binnensluipen! Wat moeten wij met astrale krachten en krachten van buiten-planeten? Terecht wordt dit aspect op grond van het antroposofisch karakter afgewezen. Waarom dan vervolgens toch de deur weer op een kier gezet?
Buiten-aardse invloeden
Dr. Boot merkt immers op: 'Als aangetoond kan worden dat sterren en planeten invloed hebben op de groei van de gewassen, dit niet in strijd behoeft te zijn met de leer van de Heilige Schrift.' Hierbij wordt aangehaald Genesis 1 : 16. Maar wat dan te zeggen van bijvoorbeeld Deut. 4 vers 19 waar staat: 'Dat gij ook uw ogen niet opheft naar de hemel en aanziet de zon, de maan en de sterren, het ganse heer des hemels; en wordt aangedreven, dat gij u voor die buigt en hen dient, die de HEERE, uw God aan alle volken onder de ganse hemel heeft uitgedeeld.' Zo zijn er veel Schriftplaatsen aan te geven waar gewaarschuwd wordt tegen de aanbidding van hemellichamen. Trouwens waarom zouden we dan nog belijden dat God de wasdom geeft? En waar moeten we dan heen met onze bid- en dankdagen voor gewas en arbeid?
Erkent de kerk daarin niet haar afhankelijkheid van de Schepper en Onderhouder? Is dat dan niet in tegenspraak met de door de schrijver gegeven ruimte ten aanzien van de invloed van sterren en planeten?
Levensbeschouwelijke achtergronden
Enerzijds wordt de b.d.-methode afgewezen, anderzijds wordt positief gereageerd op de uitspraak van de minister, die dankbaar is voor de initiatieven op het gebied van de b.d.-landbouwmethode. Dat de minister niet mede heeft bedoeld de levensbeschouwelijke achtergronden wordt door dr. Boot verondersteld.
Dat is overigens zeer discutabel, want eerder is terecht opgemerkt dat fundamenteel bij deze methode is: het dynamisch aspect. En dat aspect heeft een levensbeschouwelijke achtergrond. Dat is niet van elkaar los te koppelen. Daar staat of valt de hele b.d.-theorie mee. Steiner leerde toch, dat de landbouw wordt aangetast door de moderne geestesgesteldheid. Daarom ontwikkelde hij zijn geesteswetenschappelijke studies, die dat geestelijk vacuüm opvulden. Zo gelooft men nu in etherkrachten, astrale krachten en geestelijke krachten die te zamen een gezond gewas voortbrengen.
Verhoging humusgehalte
Geciteerd wordt dr. C. J. Briejèr, die met name over het humusgehalte van de grond spreekt. Dit citaat is juist, omdat humus in de grond de leverancier is van de voedingsstoffen, de bouwstenen van de gewassen en de waterbinder bij uitstek. Verhoging van het stabiele humusgehalte is echter zeer moeilijk.
Het is tot op heden geenszins bewezen, dat dit door toepassing van de b.d.-methode wordt vereenvoudigd. Jaarlijks wordt bij de huidige landbouwmethoden circa 2% van de in de bouwvoor aanwezige humus afgebroken. Om een evenwichtige toestand te bereiken moet jaarlijks 1/20-1/25 deel van de totaal in de bouwvoor aanwezige hoeveelheid organische stof aan de grond worden toegevoegd om het humusgehalte van de grond op peil te houden. Het verband tussen verhoging van het humusgehalte en de dynamiek van de b.d.-methode is niet duidelijk. Het voert echter te ver om daar nu verder technisch op in te gaan.
Hoe dan verder?
Als christenen zijn we geroepen tot rentmeesterschap. Het is onze plicht deze teak zo evenwichtig mogelijk te vervullen. Het is onmiskenbaar, dat in de huidige landbouwpraktijk de grenzen van het toelaatbare meermalen worden overschreden. Dat daar iets aan gedaan dient te worden is ook duidelijk. Het meer biologisch benaderen van de landbouw en veetelt, zonder daarbij ons oor te lenen aan methodieken die gegrond zijn op een vorm van bijgeloof, biedt wellicht grote toekomstperspectieven.
C. v.d. Louw, Assen
ANTWOORD AAN DE HEER VAN DER LOUW
1.
De tendens van het artikel van de heer Van der Louw geeft ook grotendeels mijn opvattingen weer. Met zijn conclusie ben ik het geheel eens. Voor 't overige zijn er verschillen op detailpunten.
2.
Dat ik vooral over de biologisch-dynamische methode heb geschreven hangt samen met het tot mij gerichte verzoek om juist daar in het bijzonder informatie over te verstrekken, als zijnde een betwist punt.
3.
De producten van de biologisch-dynamische land- en tuinbouw zijn zeer goed. Men vergelijke bijvoorbeeld het brood volgens deze methode bereid met het doorsnee-brood, dat bij de gemiddelde Nederlander op tafel komt. Waarom zou men niet mogen onderzoeken, welke natuurlijke factoren tot deze goede kwaliteit hebben bijgedragen, zonder ook maar enigszins tot het bijgeloof van de producenten te vervallen?
4.
Sterrenverering, evenals aanbidding van zon en maan zijn vormen van afgoderij, die de Schrift veroordeelt. Maar, om de hand in eigen boezem te steken: Hoeveel afgoderij met productie, geld, concurrentiepositie en welvaart steekt er achter onze gangbare landbouw- en veeteeltmethoden? In de biologisch-dynamische methode worden de hemellichamen verabsoluteerd, hetgeen ik ook afgekeurd heb. In de Schrift (Gen. 1 : 16, Deut. 4 : 19) worden de zon, maan en sterren in één adem genoemd. Die mogen we niet aanbidden of verzelfstandigen, maar dit betekent niet, dat God ze niet met krachten heeft toegerust om op aarde te heersen. Bij de zon en de maan is dit zeer duidelijk. Hoewel dit volgens mij bij de sterren nog bewezen moet worden, is het echter principieel niet uitgesloten. Dit schept ruimte voor nader natuurwetenschappelijk onderzoek, zonder bijgelovige noties. De mogelijke invloed van hemellichamen op de oogst is niet in strijd met het geloof, dat God wasdom geeft, en maakt bid- en dankdagen niet overbodig. Want de Heere regeert en werkt middellijk.
5.
In principe doen dezelfde vragen zich op bij de landbouw als ook bij de tuinbouw, en op kleinere schaal bij het tuinieren. Natuurlijk weet ik ook wel, dat er verschillen zijn, maar ik heb het globaal bekenen.
6.
De spits van mijn artikel was erop gericht, de verscheidenheid van de alternatieve landbouwmethoden te laten zien, opdat men niet zou denken: als men alternatieve landbouw wil bedrijven, is men automatisch aangewezen op de biologisch-dynamische methode. De heer Van der Louw legt krachtig nadruk op het verschil tussen de biologisch-dynamische landbouw en andere methoden. Welnu, dit onderstreept slechts mijn betoog, en leert ons, dat er keuze genoeg is. Wij kunnen zeer wel alternatieve landbouw bedrijven, zonder ons op de biologisch-dynamische methode te laten vastprikken.
7.
Wat de titel van de boekjes betreft: Als men slechts dan een vergelijking zou willen gebruiken, wanneer deze over de hele linie opgaat, kan men nooit een vergelijking gebruiken. Men moet letten op het punt van vergelijking. Dit was in dit geval: de grote verscheidenheid.
8.
Het wereldvoedselprobleem wordt niet opgelost door een grotere productie van landbouw en veeteelt op de wijze zoals thans geschiedt. Veeleer zal er een verandering aangebracht moeten worden in de wanverhouding van landbouw en veeteelt. Veel plantaardige producten worden via de omweg van veevoeder omgezet in vlees. Bij deze conversie (omzetting) gaan vele voedingsmiddelen verloren. Maar hierover discussiëren de geleerden al lange tijd. 't Kost ons in de Westerse wereld schijnbaar veel moeite ons consumptiepatroon te veranderen. En ook ons productiepatroon. Daarom onderschrijf ik geheel het pleit van de heer Van der Louw voor het meer biologisch benaderen van de landbouw en veeteelt. En daarvoor behoeven we niet aan bijgeloof te doen. Daarover zijn we het eens.
I. Boot, Boven-Hardinxveld
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 oktober 1979
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 oktober 1979
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's