Globaal bekeken
Alle protesten van enige tijd geleden ten spijt heeft de Wereldraad van Kerken opnieuw een bedrag van ƒ 70.000,– beschikbaar gesteld voor het Patriottisch Front, de guerilla beweging in Rhodesië. De gift was nu bestemd voor het verblijf tijdens de in Londen te voeren onderhandelingen. Intussen is echter wél duidelijk, dat de twaalf man tellende delegatie uit Rhodesië daar op kosten van de Engelse regering verblijft. Waar dit extra bedrag van de Wereldraad dan nog voor nodig is, is een klemmende vraag. Intussen bewijst de Wereldraad met deze nieuwe gift aan het marxistisch gekleurde Patriottisch Front hoe vastberaden de Wereldraad haar nu eenmaal gekozen koers blijft volgen, een koers die op punten als deze niet anders is dan een vereenzelviging van de kerk met een bepaalde politiek.
Een hoopgevend initiatief. Zo zou ik de verschijning van vier 'cahiers voor christelijke literatuur' willen aankondigen. Onder redactie van de heer E. Hofman verschenen bij de uitgever Kok te Kampen vier deeltjes waarin het werk van bepaalde christelijke auteurs wordt behandeld, te weten: J. K. van Eerbeek (door C. Bregman), Geerten Gossaert (door drs. J. de Gier, medewerker aan ons blad), C. Rijnsdorp (door B. Trouwborst), B. Nijenhuis (door Hans Werkman).
Uit de begeleidende brief bij deze deeltjes het volgende:
'Voor het onderwijs in de algemene literatuur zijn er op school verschillende series tekstuitgaven van goede kwaliteit beschikbaar. Een groot aantal auteurs van zeer verschillende signatuur wordt hierdoor binnen het bereik van de schoolgaande jeugd gebracht. Een vluchtig onderzoek van het beschikbare materiaal brengt echter aan het licht, dat de christelijke dichters/schrijvers daarbij ver ten achter blijven. Het betreft hier een manco dat al jaren bestaat. Wie op de christelijke school iets aan christelijke literatuur wil doen, krijgt al gauw met een schrijnend gebrek aan materiaal te kampen.
Het onbevredigende van deze situatie wordt de laatste tijd meer en meer ingezien. In de discussie rondom de identiteit van de christelijke school duikt ook telkens de vraag op, hoe het leerstofpakket voor deze school moet worden samengesteld. Naast het zoeken naar nieuwe programma's zal er op de christelijke scholen zeker ook weer meer aandacht aan de christelijke literatuur geschonken moeten worden. Voor een zinvol kultureel funktioneren in deze tijd is kennis van de eigen kulturele achtergrond onmisbaar. Leerlingen van christelijke scholen moeten althans de mogelijkheid hebben om zich te verdiepen in wat de eigen kultuur in het verleden heeft voortgebracht. Om hiervoor meer gelegenheid te bieden is deze reeks opgezet. (…)
Elk deeltje bevat als kern één of enkele novellen, een korte roman of (in sommige gevallen) een deel daarvan, een bloemlezing uit de poëzie van een dichter enz. Dit eigen werk van een auteur wordt voorafgegaan door een korte bespreking, een overzicht van het leven van de schrijver en een bibliografie voor die leerlingen die zich verder in het werk van een schrijver willen verdiepen. De deeltjes zijn verlucht met fotomateriaal, dat voor een deel nog niet eerder gepubliceerd werd.
De serie is bestemd, voor alle scholen voor voortgezet onderwijs, hoger beroepsonderwijs enz.'
We kunnen niet anders dan deze poging om goede literatuur onder onze jonge mensen op de scholen te brengen van harte toejuichen. Wat is er vandaag niet veel vuilschrijverij, dat voor literatuur moet doorgaan. Deze deeltjes zullen intussen ook voor belangstellende ouderen de moeite van het lezen waard zijn. De prijs kan geen bezwaar zijn: ƒ 8,90 per deeltje, het laatstgenoemde ƒ 6,90.
De 'knipselkrant' van de Europacommissie nam een stuk over uit 'In de Waagschaal' over een Roemeense predikant in Zalau, Kalman Adorjan (45 jaar). Tégen de zin van de bisschop aldaar werd hij in 1972 tot predikant van de 6000 leden tellende gemeente beroepen. 'Als de Heere het zo wil dan buig ik voor Zijn wil', zei toen de bisschop. Maar sindsdien voert de bisschop een campagne tegen deze predikant, beginnende met een klacht vanwege het gewoon aanschaffen van een verwarmingsinstallatie. Het liep uit op een schorsing in februari 1976, een schorsing die in maart, dankzij petities van de gemeente bij het departement, weer werd opgeheven. Vervolgens startte men een lastercampagne tegen de predikant en in juni 1977 vond overplaatsing plaats naar een kleinere gemeente; in feite een tuchtprocedure.
De kerkeraad van Zalau werd ontbonden. Vervolgens werd op 29 december 1977 zijn arbeidsvergunning ingetrokken. De politie van Zalau – in aanwezigheid van de kerkelijke decaan – kwam het bureau van de gemeente in bezit nemen. Maar mevrouw Adorjan weigerde de sleutels af te geven. De gemeente richtte zich toen met een protestbrief tot premier Ceausescu (3000 handtekeningen). Geen commentaar!
Dan gaan bisschop en departement samenwerken: alle acties zullen worden gestaakt als hij de toezegging doet predikant te worden in het district Cluj. Zo geschiedde. Maar de gemeente aanvaardt de plaatsvervanger niet en luistert zondag aan zondag naar bandopnamen van haar vertrokken predikant. Intussen laat de bisschop, na vertrek van Adorjan, het proces tegen hem opnieuw beginnen.
Adorjan wordt veroordeeld tot een som van 6000 gulden, omdat hij als dorpspredikant – zo heette het – meer inkomsten genoot dan hij nodig had voor zich en zijn gezin. Kennelijk geschiedde dit door druk van bovenaf.
Terecht merkt 'In de Waagschaal' op: zeer scherp komt in deze zaak tot uiting hoe de vork van de verhouding kerk en staat faktisch in de steel zit. Kerkleiding en staat spelen hier grimmig handjeklap.
(…) Zo werkt de staat mee aan het torpederen van, een grondrecht van de gemeente: het recht van beroep en behoud van de predikant van haar keuze.
De strijd in Zalau is de strijd om 'een rechte kerk' en 'om het recht van de kerk'.
Dit alles was te vinden in 'In de Waagschaal' van 17 maart van dit jaar. Een lezer van ons blad berichtte intussen, dat hem bij een reis in Roemenië gebleken was, dat het procesnu voor de predikant een gunstige wending had genomen. Hij stuurde tegelijkertijd het volgende uittreksel uit een brief die hij van Adorjan Kalman in 1978 had ontvangen:
Een uittreksel uit een brief van ds. Adorjan Kalman dd. 28 februari 1978, welke in mijn bezit is.
'Zalig zijn die treuren, want zij zullen vertroost worden.'
Met deze tekst heb ik afscheid genomen van de gemeente te Zalau op 29 januari 1977. Omdat dit de dagtekst was, moest ik daarover spreken. En daarom heb ik dat er boven geschreven.
Het was heel moeilijk omdat 2000 vrouwen en mannen in de kerk huilden. Door het huilen van de gemeente voelde ik de smart van het lijden.
Toen ik van de preekstoel kwam stond de gehele schare rondom mij te huilen. Het koor zong 'De liefde blijft eeuwig'.
Zelf kon ik mij niet meer goed houden en huilde samen met de gehele gemeente. Ik huilde uit mijn hart, in diepe smart en dankbaarheid welke ik voelde. Het was donker in mijn harten toch voelde ik licht. Mijn hele familie stond bij mij evenals 5 jaar geleden, toen ik mijn intrede in Zalau deed. Mijn zoon fluisterde zacht de dagtekst in mijn oor, waarna ik weer kracht kreeg om niet meer te huilen.
'De Heere bewaart onze tranen.' We zoeken samen een weinig licht, waarom moest dit gebeuren? Hoe komt het dat dit gebeuren moest? Ik weet heel veel daarvan, doch het is nu nog niet de tijd om daarover te praten.
Wat de Staat over mij zegt is niet de waarheid. Wat zij schrijven en wat de advocaten zeggen is niet juist. Maar allen die Jezus Christus liefhebben en de Heere dienen, die verstaan de Waarheid.
Jezus zegt: 'Zalig zijt gij, als u de mensen smaden en vervolgen, en liegende alle kwaad tegen u spreken, om Mijnentwil.'
'Verblijdt u en verheugt u, want uw loon is groot in de hemelen, want alzo hebben zij vervolgd de profeten, die voor u geweest zijn.' (Matth. 5 : 11 en 12)
Verder nog dit: vier-en-een-half jaar ben ik vervolgd, om mij uit deze lieve gemeente weg te krijgen. Eens hebben ze gezegd dat ik niet meer zoveel uit de Bijbel moest spreken.
In Boekarest bonden ze mij een touw om mijn nek en in het bijzijn van twee bisschoppen, dwongen ze mij te zeggen: 'Ik wil uit Zalau weg.' Daarna ging het heel snel, hoewel de gemeente het niet wilde, ik moest toch weg. Na het afscheid voelde ik mij wat opgelucht. Hoewel verjaagd als pastor van mijn goede gemeente, kan ik hen toch aan de Grote Herder, de Heere, achterlaten. Hij zorgt voor hen. Hoe ze weer bij elkaar zullen komen, zoals het geweest is, zal de Heere mij eens laten zien. Ik voel achter mij Egypte, de broeder moordenaar, die ook mij met de zweep wilde slaan. Toch voelden wij dat de, Heere ons nabij is gebleven. De Heere heeft ons doen lijden om ons geloof te verdiepen.'
Dezer dagen werd mr. Abel J. Herzberg, vooraanstaand leider van de Joodse gemeenschap in ons land, geïnterviewd. Hij vertelde, dat hij in de Tweede Wereldoorlog in Barneveld ondergedoken zat bij een Barneveldse boerenfamilie. Diepe indruk had kennelijk gemaakt, dat de 'eenvoudige boer' – hij werd getypeerd als van gereformeerde signatuur – op gewijde toon Jesaja 40 las: 'Troost, troost Mijn volk, zal ulieder God zeggen.' Herzberg sprak in dit verband van diep in de religie gefundeerde nederlandse 'cultuur'. Men mag daar best een ander woord voor gebruiken, maar feit is, dat ons volksleven sinds de Reforatie door deze gereformeerde vroomheid gestemdpeld is geweest. Prof. dr. K. H. Miskotte schreef eens over Bernhardus Smytegeldt:
'Hoe jammer dat onze middelbare school al meer dan een eeuw een geslacht gekweekt heeft van mensen, diezelfs aan de buitenkant nooit hebben getast wat de diepgang en de vroomheid van die eenvoudigen (de bevindelijken, v. d. G.) is, laat staan wat deze historisch, in sociale verbanden heeft uitgewerkt aan gevoeligheid, tederheid, ontvankelijkheid, ook aan meer of min ontbloeide gaven van taal en zeggingskracht, waarbij dan nog komt een trouwhartig besef van de sociale misstanden en een zorg voor het gemenebest'.
Tot schade van ons volksbestaan zal deze 'cultuur', liever deze vroomheid, die geworteld is in de verborgen omgang met God in de Schriften, verdwijnen. En wie zal kunnen ontkennen dat dit spaarzamelijker wordt?
v. d. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 oktober 1979
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 oktober 1979
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's