Uit de pers
Rondom de vredesweek
De vredesweek heeft, voor zover ik het peilen kan in allerlei kringen meer aandacht gekregen dan andere jaren. Dat zal m.i. mede veroorzaakt zijn doordat voor de eerste maal naast het materiaal dat de IKV op tafel legt er ook een alternatieve vredeskrant is uitgegeven, onder de titel Shalom, die in brede kringen aandacht getrokken heeft. In de verantwoording van deze krant schrijft de redactie dat men met deze vredeskrant gekomen is omdat naar veler mening de bijbelse bezinning op de vrede, de verkondiging van Hem Die onze vrede is, in het materiaal wat in vorige jaren aangeboden werd te weinig doorklonk. Om die eenzijdigheid te doorbreken wil men nu een eigen vredeskrant aanbieden.
Men kan erover twisten of een vredesweek als afzonderlijke week, met een vredeszondag, nodig is. Persoonlijk ben ik niet zo geporteerd voor al die, afzonderlijke zondagen. Ik meen dat een zich voegen in de gang van het kerkelijk jaar, alsmede de regelmatige leerdiensten en de catechese voldoende mogelijkheden bieden om de thematiek ter sprake te brengen. Een feit blijft dat geen christen zich kan onttrekken aan de bezinning op dit ethisch en politiek zo ingrijpende vraagstuk. Terecht merkt dr. C. Bezemer in het Hervormd Weekblad van 20 september hierover het volgende op:
De laatste week van september is de laatste jaren bekend als de vredesweek. Dat wil dus dit zeggen: de week van 23 tot 30 september. Men kan ook spreken van de vredeszondag en dan kan men kiezen tussen 23 en 30 september of eventueel beide zondagen als vredeszondagen zien. Men zou zich kunnen afvragen of men het hier en daar niet moe wordt steeds weer bij het intreden van de herfst bij het thema 'vrede' bepaald te worden. Maar dat geloof ik niet. Hetzelfde zou trouwens ook kunnen gelden van allerlei andere zondagen, die een speciaal stempel opgedrukt gekregen hebben, waaraan men zich al dan niet houden kan. Met de vredeszondag resp. -week ligt het toch iets anders. Misschien moet ik wel zeggen: aanzienlijk anders, aangezien vrede onder de mensen, vrede onder de volken (maar dan moeten we ook nadrukkelijk wijzen op de vrede met God) een zo bijbels, en wat de vrede onder de mensen betreft een zo humanitair begrip is, dat iedereen er zich op een of andere wijze toch wel bij betrokken moet voelen. We kunnen dan ook wel voorop stellen, dat iedereen – vreemde uitzonderingen daargelaten – verlangt naar vrede en als het moet wil ijveren voor de vrede en dat niemand er op uit is om andere volken, andere mensen, eventueel de wereldbevolking uit te roeien met welke verschrikkelijke wapens ook. Tenzij men mogelijk door een bepaalde ideologie zo van zijn stuk gebracht en zo redeloos wordt, dat de waarde van het mens-zijn geheel en al in de waagschaal geworpen wordt en men alleen nog wil denken en handelen vanuit het standpunt: erop of eronder. Men kan zich afvragen waarom er zowel aan NAVO-kant als aan Warschaupact-kant sprake is van zo'n geweldige bewapening, eventueel van een bewapeningswedloop, en dan zou men daarop kunnen antwoorden: omdat er sprake is van tweeërlei ideologie, gepaard gaande met wantrouwen aan belde kanten. De vraag, die we kunnen stellen, is: wat doen we eraan? En dan kunnen we heel zakelijk gezien daarop antwoorden: ontwapenen aan beide zijden. En hiermee zijn we aangeland bij het omstreden punt, waarom het in de vredesweek 1979 in het bijzonder gaat.
Bezemer schrijft, dat de vredeskrant van het IKV dit jaar reëler van inhoud is dan in voorgaande jaren, omdat men ook aandacht schenkt aan de situatie met betrekking tot het Oostblok. IJveren voor vrede betekent z.i. primair bidden om vrede. Uit de daad van het bidden vloeien, als het goed is, andere daden voort. Alleen in de weg van radicale bekering is vrede mogelijk.
Het IKV
Er is gesteld dat de verschijning van Shalom polariserend en verdeeldheidzaaiend werkt. Ik ga hier niet in op de verdiensten van deze krant. Dat is in een vorig nummer van ons blad gebeurd. Ik meen wel te mogen zeggen dat het verwijt dat Shalom polariserend bedoelt te werken onterecht is. Zeker, het blad geeft een duidelijke mening, maar laat ook ruimte voor hen die over kernbewapening en NAVO genuanceerd denken. Eerder heb ik de indruk dat de wijze waarop in IKV-kringen op de verschijning van deze vredeskrant gereageerd is polariserend genoemd moet worden. Zo schrijft Niek Schaman in Hervormd Nederland van 22 september dat Shalom een berustende interpretatie van de tekst: 'Ook zult ge horen van oorlogen en geruchten van oorlogen. Ziet toe, weest niet verontrust, want dat moet geschieden, maar nog is het einde niet', stimuleert. Schuman neemt het Shalom kwalijk dat deze een alternatief wil bieden tegen de eenzijdigheid van het IKV. Zeker, de politieke vertaling die het IKV geeft 'Help de kernwapens de wereld uit, te beginnen uit Nederland' kan ter discussie blijven, hoewel daar voor Schuman zelf nauwelijks een andere uitleg mogelijk is. Maar we mogen de bijbelse profetische eenzijdigheid, zoals het IKV die vertolkt, niet wegnemen met te suggereren dat het in de Bijbel zelf genuanceerder zou toegaan dan een eenzijdige uitleg wil doen geloven. Gevolg: de verwarring in allerlei kampen neemt toe, want er moeten in de ene gemeente twee vredeskranten verspreid worden. Moeten we, zo vraagt Schuman in die verwarring toch niet proberen tot een minimale overeenstemming te komen inzake de bijbelse eenzijdigheid en de politieke veelzijdigheid.
Naar mijn mening lopen hier twee zaken door elkaar. Ik meen met Schuman dat we inderdaad uit de Bijbel niet alles kunnen halen, en dat we geduldig luisterend zullen moeten vragen: Wat zegt de Schrift? Wat vraagt God van ons? Maar tegelijk moeten we oppassen om elke toepassing van de geboden te dekken met profetisch gezag. Blijft er in deze gebroken wereld waarin we leven en in de complexiteit van de situatie een andere mogelijkheid over dan elkaar te aanvaarden, ook waar de toepassing verschillend kan uitvallen? Mag ik mijn politieke toepassing van Gods gebod vereenzelvigen met het 'Zo zegt de Heere'?
Bovendien ontneemt men zich bij voorbaat niet de gespreksmogelijkheid als het IKV de ander direct plaatst in de hoek van de geruststellers en, berustenden? Is men dan zelf niet bezig te polariseren? Is het niet een winstpunt dat in allerlei gemeenten zowel het materiaal van het IKV als van Shalom ter beschikking wordt gesteld? Er zijn ook genoeg voorbeelden te noemen waar onder de druk van bepaalde groepen het geluid van Shalom doodgezwegen wordt.
Verpolitisering
Mijn beduchtheid voor het IKV begint daar waar deze beweging die toch namens kerken wil spreken, zich in gaat zetten voor politieke actie en een politiek eenzijdige keus gaat dekken met het gezag van evangelie en kerk. Mij trof nl. een verslag in het Centraal Weekblad van 29 september over de IKV-kernendag in Utrecht onder de titel: IKV gaat zich met nadruk richten op de politiek. Om te beginnen moet al dadelijk de vredeskrant van de Stichting Bijbel en vredesvraagstukken het ontgelden. De IKV-secretaris Mient Jan Faber kreeg een daverend applaus na zijn mededeling dat hij de aanwezigen had willen begroeten met Shalom. Hij had daar maar van afgezien omdat zoiets misverstanden zou geven. Over polarisatie gesproken! Verderop in dit verslag lezen we:
De IKV-secretaris vervolgde 'In de campagne „Help de kernwapens de wereld uit" wordt erg veel van ons gevraagd. Het wordt bovendien tijd dat Nederland een minister krijgt die zich met deze zaken gaat bezig houden (langdurig applaus). Of we zetten een actieve vredespolitiek in of we verslingeren ons aan de bewapening.' Hoewel die minister er nog niet is, had hij wel veel waardering voor de defensiespecialisten van het CDA in de Tweede Kamer, de heren De Boer en Frinking. Hoewel hij hen eerst tot de PvdA rekende, zei hij 'zij knokken in hun eigen partij en we moeten hen steunen om dit vol te houden.' Zoals te verwachten was had hij geen goed woord over voor de alternatieve vredeskrant 'Shalom'. 'Deze krant staat bol van de vrome woorden, maar intussen zweren zij bij de status quo. In die zin had Marx volkomen gelijk, dat religie opium is voor het volk. Van u zal een geweldige inzet gevraagd worden om de kernwapens weg te werken. We houden vast aan ons motto: 'Help de kernwapens de wereld uit, het eerst uit Nederland' (langdurig applaus).
Mient Jan Faber schonk ook aandacht aan de gehouden peilingen. Brunssum – waar een NAVO-hoofdkwartier is gevestigd – had een score opgeleverd van 80% instemming met de IKV-leuze. 'Ze weten beter wat daar voor schandelijks gebeurt'. I.v.m. de goede voortgang van de enquête deed hij een beroep op de aanwezigen om het nog een tijdje vol te houden, 'want dan gaan de kernwapens eruit' . Zijn toespraak werd gevolgd door het staande zingen van het verzetslied, geschreven door Herman Verbeek.
De laatste spreker op deze dag was de IKV-voorzitter Ben ter Veer, die de IKV'ers een hart onder de riem wilde steken. 'Vandaag willen we elkaar zien, spreken en moed geven. Als we hier zijn Voelen we orts niet als een ploeterend volkje. We kennen elkaar, we weten precies wat we willen, we hebben een strategie en we oefenen invloed uit.' Na o.a. een uitvoerig betoog over de ontwikkelingen op het gebied van kernenergie deed hij een beroep op de aanwezigen om in hun stad of dorp de plaatselijke instellingen voortdurend onder druk te zetten. 'Elke organisatie zal haar distantie moeten laten schieten onder jullie aandrang'.
Tijdens de bijeenkomst kwam er een telegram binnen van de Oecumenische Gemeente in de DDR, waarin men z'n solidariteit uitsprak met de Wereldraad van Kerken in de strijd tegen racisme en militarisme. Tussen de bedrijven door trad het Nationaal Hekel Kabaret op met een speciaal programma voor deze dag, waarin politici van het CDA, Luns en de NAVO scherp op de korrel werden genomen tot groot genoegen van de IKV'ers. Buiten de kerk konden de deelnemers literatuur verkrijgen van aanverwante organisaties, zoals Pax Christi, Kerk en Vrede, Vredesopbouw, Christenen voor het Socialisme, enz.
U merkt het: mensen moeten onder druk gezet worden. Het CDA wordt gehekeld. Men zou van christenen – en ik mag de IKV daar toch op aanspreken – verwachten dat zij hun medechristenen niet over de hekel halen, ook al verschilt men van mening. Het is makkelijk om met kwinkslagen de lachers op de hand te krijgen, maar van mensen die profetisch willen getuigen verwacht ik toch wat anders. En natuurlijk, het is het goed recht om tegengestelde meningen te bediscussiëren. Ik kan me begrijpen dat men – zeker vanuit de IKV gedacht – lang niet gelukkig is met alles wat in Shalom staat. Ook prof. Diepenhorst, stellig geen fervente IKV'er, heeft zich in bepaalde opzichten kritisch uitgelaten. Maar de generaliserende veroordeling, waarbij Marx nog weer eens voor het voetlicht gehaald wordt, raakt kant noch wal. Zo blokkeer je zelf elk gesprek.
Men kan respect hebben, voor wie vanuit een bijbelse eenzijdigheid zich gedrongen weet daar voor zichzelf consequenties uit te trekken. Ook al deelt men die eenzijdige visie niet. Maar wanneer mensen opgeruid worden om hun medeburgers onder druk te gaan zetten, vind ik dit verdacht veel gaan lijken op onzindelijk handelen, dat dan bovendien nog gedekt wordt door de suggestie de juiste uitleg te geven van Wet en Profeten.
De taak van de kerk
Over de taak van de kerk in deze schrijft de assessor van de synode, ds. S. Kooistra in het Hervormd Weekblad van 27 september:
Tegen beide kranten heb ik nogal bezwaren naast waardering voor het goede, wat beide bieden. In Shalom trof mij het goede interview met minister Scholten, waar hij erkent: 'Ik onderken dat er t.a.v. de kernwapens een bijzondere dimensie aan dit ethisch probleem zit'. M.i. is dit de reden, waarom de kerken over dit ethisch probleem wel moeten spreken, omdat wij te doen hebben met wapens die in onderscheid van de conventionele wapens niets verdedigen maar de gehele wereld kunnen vernietigen. Mij trof ook bijzonder de opmerking van Kamerlid De Boer in het gesprek over Christelijk geloof en kernbewapening: 'Het dilemma waar we nu in zitten: kernwapens zijn onmisbaar maar tegelijk ook onbruikbaar, dat geeft een geweldige spanning'. Mijn bezwaar tegen de krant Shalom is, dat de Bijbelse argumentatie wat zwak is, omdat men het Bijbelse kernwoord shaloom nog te veel losmaakt van de vragen, waarvoor de kernbewapening ons stelt.
Maar mijn bezwaren tegen de vredeskrant van het IKV zijn nog groter. Ik waardeer in deze krant, dat men zich ook richt tegen de bewapening van het Oosten en niet enkel zich keert tegen het Westen. Er worden pogingen gedaan om contact te krijgen met vredesacties in West-Duitsland en in de DDR. Maar politiek kan ik niet meegaan met de eenzijdige stappen, die het IKV voorstelt: beginnen met eenzijdige stappen van nationale ontwapening om van daaruit te komen tot tweezijdige ontwapening. Men meent, dat deze eenzijdige stappen geen risico betekenen voor de veiligheid van het Westen. Maar ik weet dat nog niet. In ieder geval kunnen de kerken dit niet uitmaken. De politici dragen in deze de verantwoordelijkheid. En dan ben ik het eerder eens met minister Scholten, die in het genoemde interview zegt: 'We moeten met grote kracht streven naar internationaal aanvaarde en controleerbare overeenkomsten'. Beide kranten zijn het erover eens, dat er een nieuwe ethische bezinning van de kerken en van de christenen nodig is op het probleem van de bewapening. Wij kunnen niet volstaan met de oude geijkte antwoorden, die aansloten bij wat een 'rechtvaardige oorlog' werd genoemd. Het beroep op Romeinen 13 helpt ons er niet voldoende uit. We kunnen eigenlijk ook vanuit de kerk alleen maar zeggen: We moeten van de kernwapens af! Maar de vraag is: Hoe? In deze oordelen christenen verschillend. Het IKV wil eenzijdig beginnen, de redactie van Shalom wijst deze oplossing af. Maar het voornaamste acht ik, dat de kerk haar profetische opdracht vervult om de ogen van allen te openen voor de apocalyptische situatie, waarin wij leven.
Ik moet in deze denken aan de goede lezing van dr. C. P. van Andel op onze vergadering van het Friesch Godgeleerd Gezelschap 7 september jl. over 'Blindheid voor apocalypse' n.a.v. een Duits boek van Günter Anders, een Duitse jood, geboren in 1902 en na 1933 nog tijdig naar Amerika gevlucht. Deze ontleedt op scherpe wijze de dodelijke impasse, waarin de mensheid is geraakt, dat zij haar eigen ondergang kan bewerken. Ook al is een totale catastrofe voor ons onvoorstelbaar, toch is zij gezien de voorraad kernwapens wel realiseerbaar. Het vreselijke is, dat de mens opgesloten zit in zijn eigen technologisch systeem en daarbij zijn verantwoordelijkheid verliest. Hij kan niet zoals hij wil. Het gevaar dreigt, dat de mens zich nu maar bij deze situatie neerlegt. De problematiek van de kernwapens verstoort de verhouding van doel en middelen. Wapens kunnen slechts dienen voor het doel van gerechtigheid en vrede. Maar als de middelen zodanig worden, dat zij tot een zinloze vernietiging leiden, dan dienen zij geen enkel doel. Misschien zal men zeggen: Ja, maar de kernwapens hebben een voorkomende functie door hun afschrikking. Dit antwoord gaat slechts ten dele op. Als ze gebruikt worden, dienen ze geen enkel doel meer. Voor deze apocalyptische situatie, dat de mensheid zelf haar eigen ondergang kan bewerken, mag de Gemeente van Christus niet blind zijn.
Ik meen dat dat volkomen juist is. Meer dan ooit zal de kerk hebben te getuigen van de verwachting van het geloof in een apocalyptische situatie. Mattheüs 24 en 25 mogen ons inderdaad in die bezinning wel leiden. En inderdaad: Jezus wekt niet op tot berusting, wel tot waakzaamheid. Maar dan primair: om Hem te blijven verwachten! En vanuit die verwachting te leven.
A. N., Ede
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 oktober 1979
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 oktober 1979
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's