De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Brief aan de diakonieën van het Hervormd Werelddiakonaat

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Brief aan de diakonieën van het Hervormd Werelddiakonaat

GIFT AAN PATRIOTTISCH FRONT

8 minuten leestijd

Enige weken geleden hebben we ons in deze kolommen kritisch uitgelaten over de beslissing van de werelddiakonaten om een bedrag van totaal ƒ 55.000, - beschikbaar te stellen voor het Patriottisch Front terwille van de conferentie over Zimbabwe-Rhodesië in Londen. Het Hervormd Werelddiakonaat besloot tot het geven van een bedrag van ƒ 25.000, - op een vergadering waar de drie leden van de Gereformeerde Bond niet aanwezig waren. Sindsdien zijn in het Hervormde Werelddiakonaat een aantal diepgaande en goede gesprekken gevoerd. Hangende deze gesprekken hadden de drie leden behorende tot de Gereformeerde Bond hun lidmaatschap opgeschort. Het resultaat van de gesprekken is nu geweest, dat een brief is opgesteld naar de diakonieën, waarin alle leden van de Commissie voor het Hervormde Werelddiakonaat zich konden vinden. Genoemde leden hebben hun opschorting van het lidmaatschap intussen ook beëindigd. Uit de brief aan de diakonieën geven we de belangrijkste passages hier weer.

Enige weken geleden hebben we ons in deze kolommen kritisch uitgelaten over de beslissing van de werelddiakonaten om een bedrag van totaal ƒ 55.000, - beschikbaar te stellen voor het Patriottisch Front terwille van de conferentie over Zimbabwe-Rhodesië in Londen. Het Hervormd Werelddiakonaat besloot tot het geven van een bedrag van ƒ 25.000, - op een vergadering waar de drie leden van de Gereformeerde Bond niet aanwezig waren. Sindsdien zijn in het Hervormde Werelddiakonaat een aantal diepgaande en goede gesprekken gevoerd. Hangende deze gesprekken hadden de drie leden behorende tot de Gereformeerde Bond hun lidmaatschap opgeschort. Het resultaat van de gesprekken is nu geweest, dat een brief is opgesteld naar de diakonieën, waarin alle leden van de Commissie voor het Hervormde Werelddiakonaat zich konden vinden. Genoemde leden hebben hun opschorting van het lidmaatschap intussen ook beëindigd. Uit de brief aan de diakonieën geven we de belangrijkste passages hier weer.

'(...) Niet lang na het begin van de besprekingen bleek dat het Patriottisch Front in ernstige moeilijkheden kwam, omdat de vergoeding niet toereikend was voor de totale delegatie. Dit in tegenstelling tot de regeringsdelegatie van Muzorewa, die de vergoeding kon aanvullen met regeringsgelden uit Zimbabwe/Rhodesië.' Het Patriottisch Front deed in deze omstandigheden een beroep op een groot aantal hulpverlenende organisaties in Europa, onder andere op de werelddiakonaten van de Nederlandse Protestantse kerken. Deze waren in voorgaande jaren enkele malen behulpzaam geweest met financiële middelen voor voedselhulp en hulp aan vluchtelingen in Rhodesië en de omliggende landen.

Het verzoek werd ernstig overwogen. Daarbij speelde een grote rol dat de kerken van Zimbabwe bij voortduring hebben gezegd: 'aan het moorden moet hoe dan ook een eind komen. Ons land wordt er door vernietigd, onze mensen sterven of worden paupers.' De voorzitter van de Commissie Werelddiakonaat ging persoonlijk naar Londen om zich van de omstandigheden, waaronder het Patriottisch Front aan de conferentie moest deelnemen, op de hoogte te stellen. Op grond van de overwegingen en de gegevens meende de Com­missie dat iedere kans op een verzoening van de partijen en een beëindiging van de oorlog moest worden aangegrepen. Naar het zich laat aanzien, zo stelde men in de Commissie, is de mogelijkheid om aan de oplossing van het conflict bij te dragen thans groter dan ooit tevoren. In het verleden probeerden wij hulp te bieden aan de slachtoffers van de oorlogsomstandigheden, maar die hulp bracht, hoe waardevol zij op zichzelf was, de vrede maar amper of in het geheel niet dichterbij.

In de genoemde vergadering van de Commissie Werelddiakonaat werd door de aanwezige leden met algemene stemmen besloten positief te reageren op het verzoek met een bedrag van ƒ 25.000, - . Dit geschiedde onder de nadrukkelijke mededeling dat wij ons met deze bijdrage niet vereenzelvigen met de politieke doelstellingen van het Patriottisch Front. (...)

En daarna de discussie:

Allereerst ontstond achteraf in de Commissie Werelddiakonaat een diepgaande discussie. De drie leden van de Commissie, die lid zijn van de Gereformeerde Bond in de Nederlandse Hervormde Kerk, maar niet de Gereformeerde Bond als zodanig vertegenwoordigen, tekenden tegen de genomen beslissing bezwaar aan. Naar hun oordeel had de Commissie Werelddiakonaat zich in de vergadering van oktober (waar twee van hen door ziekte en één door een buitenlandse reis niet aanwezig konden zijn) met deze bijdrage aan Londen op het vlak van het politiek diakonaat begeven en daarbij de grenzen van het diakonale handelen overschreden. De heer Mugabe van het Patriottisch Front heeft, zo stelden zij, duidelijk uitgesproken dat hij streeft naar een onafhankelijk Zimbabwe/Rhodesië waarin het bewind rust in handen van één partij en waarin de samenlevingsstruktuur van marxistische aard zal zijn. Van een dergelijk uitgangspunt is weinig heil te verwachten en het is daarom voor de kerk onmogelijk om met deze man aan één tafel te gaan zitten of hem steun te verlenen.

Een tweede ernstig bezwaar aan hun kant was dat deze bijdrage is betaald uit de financiële middelen, die vanuit de gemeenten zijn gegeven voor werelddiakonale doeleinden. Dit is een oneigenlijk gebruik van deze middelen, omdat dit geld voor een ander doel wordt gebruikt dan waarvoor het door de gevers is gegeven.

Een derde bezwaar was dat er in de Commissie Werelddiakonaat de laatste maanden al enkele malen over dit soort problemen was gesproken zonder dat een duidelijk beleid was uitgestippeld. Het ging daarbij bijvoorbeeld over de vraag of de Commissie Werelddiakonaat langs politieke lijnen aan de Shell zou moeten vragen het olie-embargo van de Verenigde Naties te eerbiedigen en na te leven, en of er druk kon worden uitgeoefend op de CDA-kamerleden om voor de stopzetting van de olieleverantie aan Zuid-Afrika te stemmen. In die gevallen kwam de Commissie nog niet tot een duidelijke standpuntbepaling. Men meende het beleid ten aanzien van dit soort onderwerpen eerst nader te moeten omschrijven en daarmee te voorkomen dat er besluiten worden genomen vanuit een steeds opkomend spanningsveld tussen de leden van de Commissie.

De genoemde bezwaren waren voor de drie leden zo zwaarwegend, dat zij hun lidmaatschap in de Commissie opschortten tot op het moment dat de Commissie zich opnieuw over deze aangelegenheid zou hebben gebogen en zou hebben nagegaan of tot een andere beslissing moest worden gekomen. In een uitvoerig gesprek tussen de drie leden en het Dagelijks Bestuur van de Commissie Werelddiakonaat alsmede in de november-vergadering van de Commissie Werelddiakonaat kwamen de punten opnieuw aan de orde.

Gekonstateerd werd dat niemand zal ontkennen dat binnen het Patriottisch Front marxistische sympathieën een rol spelen. Ook niemand zal ontkennen dat er Afrikaanse landen zijn waar de vrijheidsstrijd is geëindigd in slechte maatschappelijke verhoudingen. Deze punten waren eind oktober echter niet onze eerste zorg. Waar het in Londen om ging was dat wij op de achtergrond van de besprekingen een voortgaande ellende zagen opdoemen en dat wij het tot onze diakonale opdracht rekenden om de besprekingen, die veel kunnen betekenen voor het welzijn van mensen, in ieder geval niet te laten mislukken door gebrek aan geld. Wij onderkennen daarbij dat het verzet in Rhodesië is ontstaan door de ongelijke rechten en kansen van blank en zwart in sociaal, economisch en politiek opzicht. De mogelijkheid dat die rechten en kansen anders verdeeld gaan worden lijkt nu aanwezig en men kan zich slecht voorstellen wat er gaat gebeuren als die kans niet wordt benut. Vanuit dat gezichtspunt wordt ook het gesprek over de financiële middelen een ander gesprek. De werelddiakonaten wilden zich niet beperken tot het lenigen van nood, maar ook trachten de hoofdoorzaak van het probleem aan te pakken. Op soortgelijke wijze werd in het verleden steun verleend voor het vredesoverleg in het Noord-Zuid conflict in de Soedan en wordt nog steeds een bijdrage gegeven voor verzoeningspogingen in Noord-Ierland. Wij zouden ons op een verkeerde weg bevinden indien wij het lenigen van direkte nood zouden uitspelen tegen steun, waarmee de oorzaken van de nood worden weggenomen en een opening wordt gemaakt naar een nieuwe toekomst.

Door deze uitvoerige gesprekken zijn een aantal misverstanden weggenomen, alsmede de standpunten verduidelijkt en dichter bij elkaar gekomen. Opnieuw hebben wij ons gerealiseerd dat wij met het werelddiakonale werk een voortrekkersfunktie vervullen en dat wij daarbij het eerder genoemde spanningsveld onderkennen. In het diakonale handelen komen, óf wij het prettig vinden of niet, momenten voor waarop er niet alleen moet worden gehandeld, maar ook risiko's moeten worden genomen.

Met vreugde hebben wij gekonstateerd dat wij verschillen van inzicht niet uit de weg behoeven te gaan om vanuit één werelddiakonaal orgaan te blijven handelen. Het is duidelijk geworden dat wij in de Commissie Werelddiakonaat nog zeker een duielijker beleid zullen moeten formuleren, ook al vleien wij ons niet met de gedachte dat wij voor alle nog komende gevallen, waarin onze 'bij'-stand wordt gevraagd, een pasklaar antwoord zullen hebben. ledere keer zal het gaan om een nieuwe beslissing, die in de grootst mogelijke eendracht vanuit het Evangelie moet worden genomen. Daarbij dient zeker ook nauwkeuriger te worden bekeken wanneer wij met bepaalde berichten in de pers verschijnen en wanneer niet. In het onderhavige geval was het misschien net niet goed dat er extra aandacht voor werd gevraagd. Het totale pakket van werelddiakonale verantwoordelijkheden dreigde uit het gezichtsveld te verdwijnen door een onevenredig grote aandacht voor één onderdeel.

Al deze overwegingen waren voor de drie genoemde leden aanleiding om de opschorting van hun lidmaatschap te beëibdigen en hun werkzaamheden in de Commissie te hervatten.

Ter afsluiting van dit stuk van onze brief berichten wij u dat het bovenstaande door alle leden van onze Commissie wordt onderschreven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 januari 1980

De Waarheidsvriend | 14 Pagina's

Brief aan de diakonieën van het Hervormd Werelddiakonaat

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 januari 1980

De Waarheidsvriend | 14 Pagina's