Pastoraal geschrift zonder pastoraat
‘Beleidsnota van de Raad voor de Herderlijke Zorg’
De Raad voor de Herderlijke Zorg van de Nederlandse Hervormde Kerk komt 'voor het eerst sinds 25 jaar' in de Generale Synode, meldt paragraaf 17 van een in gouden omslag gehulde beleidsnota van deze raad, die dezer dagen bij Boekencentrum in Den Haag is verschenen. Wél zijn er - zo wordt eraan toegevoegd - verschillende rapporten van de raad in de synode behandeld, maar de raad op zich is sinds 1956 niet meer in bespreking geweest.
De Raad voor de Herderlijke Zorg van de Nederlandse Hervormde Kerk komt 'voor het eerst sinds 25 jaar' in de Generale Synode, meldt paragraaf 17 van een in gouden omslag gehulde beleidsnota van deze raad, die dezer dagen bij Boekencentrum in Den Haag is verschenen. Wél zijn er - zo wordt eraan toegevoegd - verschillende rapporten van de raad in de synode behandeld, maar de raad op zich is sinds 1956 niet meer in bespreking geweest.
De Raad voor de Herderlijke Zorg heeft al bij voorbaat, vóór de synodevergadering uit, zijn beleidsnota in een fleurig jasje gestoken en deze niet alleen aan de synodeleden maar ook 'aan anderen van wie wij hopen dat zij interesse hebben voor de functie van het pastoraat in de gemeente' aangeboden. Met andere woorden, de Raad voor de Herderlijke Zorg, heeft ongeacht de beoordeling van de beleidsnota in de synode, gemeend zijn stuk al aan een breder publiek te kunnen voorleggen. Dat is wel een nieuwe ontwikkeling in onze kerk. Enkele jaren geleden lag op de synodetafel een stuk van de hand van dr. F.O. van Gennep over het huwelijk en andersoortige relaties. Dat stuk haalde het in de synode niet. Wél werd toen toestemming gegeven het, na afwijzing in de synode, in de publiciteit te geven. Het stuk van de Raad voor de Herderlijke Zorg wordt nu kennelijk echter al uitgegeven nog voordat de synode er iets over gezegd heeft. Op deze wijze krijgt de autonomie van de raden binnen onze kerk wel héél duidelijk gestalte.
Dat de Raad voor de Herderlijke Zorg meent, zónder overleg met de synode, reeds een stuk publiek te kunnen maken, is opeisen van kerkelijke rechten, die met de orde der kerk niet overeenkomt.
Onpastoraal
Van een 'Raad voor de Herderlijke Zorg' mag intussen pastorale zorg worden verwacht. Het tegendeel is in dit geschrift echter het geval. De Bijbel ben ik in dit stuk niet tegengekomen. Wel worden op een rij gezet alle verschijnselen, die zich in kerk en samenleving voordoen. Deze verschijnselen worden beschreven en daarmee in feite gesanctioneerd. Een bijbels-kritische benadering ontbreekt ten enenmale. Alles kan en alles mag, lijkt deze nota te suggereren. Heeft de generale synode van de Gereformeerde Kerken zich nog gebogen over een stuk terzake van de homosexualiteit, dit in verband met de toelating van homofielen tot het avondmaal en de ambten, de nota van de 'Raad voor de Herderlijke Zorg' brengt het niet eens ter discussie in de synode. Hij volstaat met op te merken, dat er nog steeds weerstand is 'in verschillende gemeenten om homofielen als volwaardig gemeentelid te erkennen en ook tot de ambten toe te laten'. In dezelfde zin wordt gesproken over de 'kerkelijke inzegening' van homofielen, zoals in Groningen heeft plaats gevonden. Door alles in de beschrijvende zin aan de orde te stellen gaat de Raad voor de Herderlijke Zorg verder dan de synode van de Gereformeerde Kerken, die in feite haar fiat gaf aan homofiele relaties. In het stuk van de 'Raad voor de Herderlijke Zorg' is welhaast de vanzelfsprekendheid van het verschijnsel welhaast tot principe geworden.
Van beleid in deze is geen sprake.
Pluriform
Het beginsel van de 'Raad voor de Herderlijke Zorg' is, zo zou ik willen zeggen, een beginsel van: verscheidenheid in inzicht is geboden en in alle opzichten toelaatbaar. Als gesproken wordt over de kerk in Nederland wordt gesproken over een 'verzwakte kerk', een kerk die 'naar de rand van de maatschappij is geschoven'. Die verzwakte kerk is 'een uiterst pluriforme kerk' geworden. De raad juicht dat echter kennelijk toe, zonder een bijbels uitgangspunt te nemen.
Gezegd wordt ten aanzien van die pluriformiteit, van die verscheidenheid in denken en beginsel: 'dat is op zichzelf een groot goed'. Bedoeld wordt dan die pluriformiteit, omdat mensen nu eenmaal 'verschillend in de werkelijkheid van het hedendaagse leven staan'. Maar vérder gaat het nog als in het stuk van de raad de secularisatie, de verwereldlijking, die in grote mate om zich heen grijpt, positief wordt gewaardeerd. Gezegd wordt, dat de secularisatie steeds verder om zich heen grijpt en ook steeds dieper inwerkt, en ook dat deze de geestelijke gestalte van deze aarde verandert en 'een geheel eigen uitdaging voor de kerk, voor het geloof', vormt. En dan wordt vervolgd:
De raad staat niet afwijzend tegenover de secularisatie. Er wordt een fase van de ontwikkeling van onze cultuur mee aangeduid die óók grote beloften in zich draagt en als zodanig zeker óók vrucht is van het doorwerken van het evangelie. De risico's, in het persoonlijke en het maatschappelijk-culturele vlak zijn uiteraard even groot als de mogelijkheden. Dat geldt dus ook voor het geloof: verdiept het zich in de ontmoeting met de mogelijkheden en de uitdagingen, of gaat het er op de een of andere manier aan onder? Zolang de kerk, de theologie, niet werkelijke antwoorden op dit hele complex heeft gevonden, niet werkelijk een verhouding ermee heeft verkregen, bedreigt dit alle kerkelijke handelen, ook het pastoraat, tot in de kern.'
Ik zou willen zeggen dat op deze wijze zelfs de wereld mede in de pluriformiteit van de kerk wordt betrokken. In beschouwingen als deze wordt de pluriformiteit van opvatting, tót en mét de visies, die in de wereld leven en toonaangevend zijn in onze tijd, tot beginsel verheven. Met het gevolg echter, dat de kerk zélf verwereldlijkt.
Polarisatie
Toch signaleert de 'Raad voor de Herderlijke Zorg' ook nog polarisatie. Het gaat dan om de verhouding van de modaliteiten in onze kerk. Hoewel het bestaan van de modaliteiten door de Raad wordt toegejuicht - dat kan ook niet anders gezien het uitgangspunt in de pluriformiteit - wordt gezegd dat 'er een toenemende polarisatie plaats vindt tussen de Gereformeerde Bond en in feite alle andere modaliteiten'.
Hierbij gaat het kennelijk ook om 'niet-theologische factoren', een zaak, waaraan de raad een stuk gaat wijden. Hier staat het dan duidelijk zwart op wit: polarisatie tussen de de Gereformeerde Bond en alle andere modaliteiten.
Als dit stuk nu in de synode behandeld gaat worden is deze polarisatie van één modaliteit met kennelijk alle andere modaliteiten het minst belangrijk. Belangrijker is welke plaats de Schrift in dit alles heeft. De Kerk heeft zich immers te houden aan het Sola Scriptura, de Schrift alleen? Wat zegt de Schrift over homofiele praktijken, over 'samenwonen zonder huwelijk', over groepstrainingen, in dit geschrift keurig verpakt onder de term in-service-training.
Het is te hopen dat de synode van onze kerk dezer dagen een duidelijk 'nee' uitspreekt over dit onpastorale geschrift, dat de Schrift zelf niet aan het woord laat.
Het is ook te hopen dat de synode haar afkeuring laat horen over de voorbarige publiciteit, die de Raad van de Herderlijke-Zorg heeft gezocht. Op deze wijze worden immers behandelingen in de synode zinloos? Op deze wijze wordt overigens ook de polarisatie tussen de modaliteiten bevorderd!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 maart 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 maart 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's