De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Globaal bekeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Globaal bekeken

7 minuten leestijd

In een kerkblad stond te lezen de vraag waar liefde, vredelievendheid en verdraagzaamheid te koop waren. Geantwoord werd: 'het wordt als zaad geleverd, niet als vrucht'.

Het zijn vruchten, die opbloeien waar het zaad van het evangelie in de harten valt. Een woord ter overdenking!

***

De Gereformeerde Zendings Bond te Zeist (Utrechtseweg 111) heeft een folder uitgegeven, getiteld 'Zijn Naam Belijden'. Daarin wordt de aandacht van hen, die dezer dagen belijdenis doen of deden gevraagd voor de zending. We citeren:

'Openbare belijdenis doen betekent dan ook: De zending in! Niet datje nu direct zendeling of evangelist moet worden (mogelijk wel!). Zeker zul je betrokken raken in het wereldwijde zendingswerk. Immers: Kun je deel hebben aan Christus, zonder Hem te willen delen met anderen? Jezus is de Zaligmaker der wereld (Joh. 4 : 42). Zijn Naam moet gepredikt worden tot het uiterste der aarde. Aan heel de gemeente is deze zendingsroeping toevertrouwd.'

Best een goede folder om aan de belijdeniscatechisanten uit te reiken!

***

Het Hervormd Weekblad, orgaan van de confessionelen in de Hervormde Kerk, gaf een belijdenisnummer uit. Uit dit nummer nemen we het volgende gedichtje over, - dat ds. J. P. van Roon aanhaalt:

Hoe vaak gebruikt u het woordje 'mijn'?
Dat zal wel heel wat keren zijn!
Want onze welvaart is zo groot:
'Mijn huis, mijn caravan, mijn boot'.
Toch ben ik bewogen met uw lot
als u niet zeggen kan: 'Mijn God.'

***

De Vereniging Tot Heil des Volks, een vereniging voor christelijke hulpverlening te Amsterdam, bestaat 125 jaar. Deze vereniging is ontstaan door de arbeid van ds. Jan de Liefde. Het begon - zegt een herdenkingsboekje van de vereniging - op een septemberavond in 1849:

'Eigenlijk is het allemaal begonnen op een warme septemberavond in 1849. Op de brug van de Goudsbloemgracht in de Amsterdamse Jordaan stond een man. Hij keek naar het gore water van het open riool, naar de armoedige huizen waarbinnen de hitte van de dag nog broeide, naar de kinderen die in de modder speelden en naar de dronken kerels die waggelend de weg naar huis zochten. In die dagen was het niet zonder gevaar je na het invallen van de duisternis in dat deel van Amsterdam te begeven. Als het even kon hield zelfs de politie zich op een afstand.

Maar de man op de brug was een verlost mens en de liefde van Christus drong hem om uit te gaan naar de verlorenen en de uitnodiging te geven om te komen naar het feest van de Koning.

Wat zal er in het hart van de man zijn omgegaan toen hij daar stond en overwoog wat hij kon doen voor de grote nood waarin de armsten van de armen verkeerden?

De maatschappelijke en sociale toestanden van die dagenzijn onvoorstelbaar voor het geslacht dat nu leeft en opgroeit in grote welvaart. De lonen waren uiterst laag, de werkdagen lang, zes dagen per week. Bij ziekte was er geen uitkering, bij werkeloosheid net zo min. Voor velen was de situatie uitzichtloos. Radeloze mensen zochten hun toevlucht tot de roes van de alcohol. Gezinnen verpauperden. De kindersterfte was hoog.

Uit één van de huisjes kwam een vrouw, haar naam is bewaard gebleven, vrouw Schouten. De man sprak haar aan en vroeg vriendelijk of hij in haar huisje een Bijbellezing zou mogen houden. Ze stemde toe en in haar woning hield ds. Jan de Liefde zijn eerste 'Volkssamenkomst'. Aanwezig waren de eerste keer vijf vrouwen en een blinde orgeldraaier. Buitengewoon boeiend en bezield spreker als hij was, wist hij tot het hart van de Jordaners te spreken en God deed de mensen toestromen. Al spoedig had hij enige honderden onder zijn gehoor. Hij bracht het evangelie en trachtte zoveel mogelijk ook de materiële nood te lenigen. Jan de Liefde was een man die er niet van hield zijn stem te moeten verheffen boven het knorren van hongerende magen en hij zocht wegen om de hongerigen brood te geven en de naakten te kleden. Verschillende predikanten stonden afwijzend tegenover zijn werk onder de 'mindere klasse', maar daar trok Jan de Liefde zich weinig van aan. Hij mocht volgens velen dan gebrek aan kerkelijk besef hebben, des te beter besefte hij de opdracht van de Heiland om uit te gaan en het verlorene te zoeken. Een omstreden figuur, deze 'buitenkerkelijke' dominee, maar zijn werken spreken een duidelijke taal. De dichter en letterkundige Albert Verwey (1865-1937) schreef eens van hem: 'Wij aarzelen niet De Liefde één der merkwaardigste Amsterdammers te noemen, én door zijn persoon én door zijn... liefde.' Een goed getuigenis!'

Het evangelie spreekt ervan om uit te gaan in de heggen en de steggen. Door de tijden heen zijn er mensen uit allerlei schuilhoeken gehaald door de arbeid van 'merkwaardige' dominees en evangelisten. Ze hebben en hadden zo hun eigen plaats in het Koninkrijk Gods.

***

Enige weken geleden meldden we in deze rubriek dat uit bepaalde kerkelijke kringen, waar bezwaren leven tegen vaccinatie het bij Bolland te Amsterdam uitgegeven boekje 'Polio, afwachten of afweren? ', van de hand van de hoogleraren W. H. Velema (Chr. Geref.) en J. Douma (Vrijg. Geref.) naar de 'uitgever teruggezonden werden omdat het niet nodig of gewenst werd geacht dit boekje, dat overigens op last van de staatssecretaris van volksgezondheid is uitgegeven, te bespreken.

We citeerden toen ook het Nederlands Dagblad, dat drs. A. Vergunst, predikant van de Gereformeerde Gemeenten te Veen, liet zeggen, dat hij deze discussie niet nodig vond, omdat tegenstanders van vaccinatie zich, door een boekje als het onderhavige toch niet lieten overtuigen en de genuanceerden al wisten welke argumenten de voorstanders gebruikten. We stelden toen dat zó niet over een zo gewichtige zaak als deze mocht worden gesproken.

In het Ref. Dagblad van vrijdag 7 maart ll. stond nu evenwel een evenwichtige en duidelijke bespreking van drs. A. Vergunst, waarvan we het slot hier graag weergeven.

'Ik meen dat ook als men de bezwaren tegen de vaccinatie onderschrijft men deze op waardige wijze behoort naar voren te brengen. In dit boekje doet de toon en ernst weldadig aan. Daarvan zal ook degene, die met de opvattingen van de schrijvers toch niet meegaan kan en durft, overtuigd zijn. In een laatste hoofdstuk worden nog de adviezen aan de orde gesteld, die o.a: door prof. Roscam Abbing, de Hervormde ethicus, aan de overheid waren uitgebracht. Deze beval de verplichting om in te enten aan; de manier, waarop ditadvies in 'De Volkskrant' verwoord was, gaf blijk van een totaal onbegrip over wat hier eigenlijk in het geding was. De professoren Douma en Velema wijzen elke vorm van overheidsingrijpen in deze zaakzeer beslist af, ook tegen over mr. Doek.

Al met al een boekje, dat uitgegeven als een handreiking in de bezinning op de hier besproken vragen, ongetwijfeld daartoe zal kunnen dienen. De persoonlijke gevoelens ten aanzien van dit vraagstuk van de schrijver van deze boekbespreking werden door de schrijvers van het nu besproken boek serieus genomen; ze zijn er diep op ingegaan. Al deelt men elkanders gevoelens niet, dan moge een discussie op hoog niveau over wat een 'middelmatige' zaak genoemd moet worden, gezien worden als een dringende oproep om zich ernstig te bezinnen. Onze gevoelens, die we naar de Schrift menen aan te hangen, zullen toch bezinning kunnen verdragen?

En een middelmatige zaak is het zeker. In geen der kerken, waar men veelal tegen vaccinatie is, wordt immers kerkelijke tucht toegepast op hen, die de bezwaren niet delen.

Ook al mag best een vraagteken gezet worden bij de opmerking, dat het hier gaat om een 'middelmatige zaak' - ik zou dat inderdaad alléén zo willen stellen met betrekking tot de vraag of het hier gaat om de zaak van het heil - dan tóch is duidelijk dat met een conclusie als deze drs. Vergunst deze kwestie in het geheel van de Gereformeerde Gezindte open en eerlijk bespreekbaar wil maken. Dat is winst en daarom is een bespreking als deze toe te juichen.

V. d. G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 maart 1980

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Globaal bekeken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 maart 1980

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's