De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

2 minuten leestijd

J. C. Gilhuis, '... Ik zag een kerk'. De missionaire gemeente onder het gehoor van Petrus, 176 blz. ƒ 19, 90. Kok, Kampen 1979.

De lezing van dit boekje herinnerde me aan een ervaring, opgedaan in een HGJB-kamp in Berlijn in het begin van de zestiger jaren. In de Bijbelstudie bespraken we toen de eerste Petrusbrief. Levendig herinner ik me nog, hoe in de geladen situatie van een gedeeld Berlijn, een geseculariseerde stad en een stadsdeel onder totalitair regiem, de oude Bijbeltekst een geweldige actualiteit bleek te bezitten.

Het is daarom te verstaan dat de schrijver van dit vlotgeschreven boekje aan de hand van een aantal pericopen uit deze brief taak en roeping van de missionaire gemeente omschrijft.

De door Gilhuis gevolgde werkwijze is, dat hij na een beknopte, in de goede zin des woords populaire weergave van het gedeelte uit 1 Petrus lijnen trekt naar de huidige praktijk van gemeente-en zendingswerk, terwijl hij zijn betoog illustreert met voorbeelden uit de soms zeer recente zendingsgeschiedenis, berichten van hét zendingsveld of missionaire bezinning.

De auteur is duidelijk onder de indruk van het projekt Zending in Nederland, maar laat toch niet na een kritische noot te laten horen. Bezinning op het missionaire karakter van de gemeente moet inzetten bij de vraag naar de geloofsverbondenheid met Christus. Of Gilhuis het verslagboek toch niet te veel naar zich toe interpreteert? Voor die vraag is m.i. reden.

Schone dingen worden gezegd over de ethiek van de missionaire gemeente. Hij bepleit een kritischpositieve instelling t.o.v. de overheid inplaats van ide vaak laatdunkende kritiek die nu wordt uitgebracht. Evenzo voert hij een pleidooi voor overleg tussen werknemers en werkgevers.

Grote nadruk legt hij op het diakonaat van de gemeente ten opzichte van de samenleving. Maar dan niet los van het getuigenis dat mensen roept tot geloof en bekering, zou ik er bij willen zeggen. Nog een opmerking t.a.v. de literatuurvermelding, De schrijver citeert veelvuldig uit Vandaar, Allerwegen, Wereld en zending. Dat is uiteraard zijn goed recht. En we danken er menig pakkend voorbeeld aan. Maar het is tekenend dat de bladen die in de rechterzijde van de geref. gezindte verschijnen kennelijk aan zijn aandacht ontgaan zijn. Tekenend wellicht niet voor de auteur, als wel voor de verhoudingen in kerkelijk Nederland. Niettemin: Gaarne ter lezing aanbevolen. Een stimulerend boekje!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 april 1980

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 april 1980

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's