Werk buitenshuis
Het Vrouwenberaad in Zeeland trekt onze aandacht naar de beoordeling van de arbeid van de vrouw in gezin en samenleving. Hier worden goede dingen gezegd: 'Wanneer er gesproken wordt over arbeid van de vrouw dan wordt doorgaans gedacht aan de arbeid die buitenshuis, buiten het gezin wordt verricht, en waar tegenover salaris althans beloning staat. Aan de arbeid van de huisvrouw, die thuisvrouw is, wordt doorgaans minder aandacht besteed. Waarom? Is die huishoudelijke arbeid soms géén werk? Geen zinnige man of vrouw zal dit waar kunnen maken... Of is die huishoudelijke arbeid minder in tel omdat er geen salaris althans geen directe beloning tegenover staat? Wie dit zou beweren, begaat de misvatting dat arbeid alleen maar arbeid is, wanneer zij met geld beloond wordt. En hiermee wordt het begrip arbeid al te zeer verengd en al te zeer beperkt.
Het Vrouwenberaad in Zeeland trekt onze aandacht naar de beoordeling van de arbeid van de vrouw in gezin en samenleving. Hier worden goede dingen gezegd: 'Wanneer er gesproken wordt over arbeid van de vrouw dan wordt doorgaans gedacht aan de arbeid die buitenshuis, buiten het gezin wordt verricht, en waar tegenover salaris althans beloning staat. Aan de arbeid van de huisvrouw, die thuisvrouw is, wordt doorgaans minder aandacht besteed. Waarom? Is die huishoudelijke arbeid soms géén werk? Geen zinnige man of vrouw zal dit waar kunnen maken... Of is die huishoudelijke arbeid minder in tel omdat er geen salaris althans geen directe beloning tegenover staat? Wie dit zou beweren, begaat de misvatting dat arbeid alleen maar arbeid is, wanneer zij met geld beloond wordt. En hiermee wordt het begrip arbeid al te zeer verengd en al te zeer beperkt.
Nu, dat moeten we ons allemaal maar voor gezegd houden! Al te vaak beschouwen mensen het huishoudelijke werk als tweede-of derderangs werk. Terecht mogen we verwijzen naar de lof van de huisvrouw aan het slot van het Spreukenboek. In Bijbelse tijden kwam het vaak voor, als bij agrariërs en middenstanders, dat huishouding en bedrijf geen twee aparte leefwerelden inhielden, maar door elkaar heenliepen. Wie denkt hier niet aan de vrouw op het boerenbedrijf? Aan de vrouw achter de toonbank of in de winkel? Ook in dat opzicht is de tijd veranderd. Hoeveel spanning is er vaak niet in een gezin, waar een winkel of een heel winkelbedrijf de volle aandacht vraagt in de concurrentiepositie van onze dagen? In het pastoraat komen we het tegen, dat het gezin eronder lijdt als de vrouw volledig moet meedraaien in winkel of op het bedrijf. Ook dat kan ontsporen. Juist in zo'n situatie, waar huishouden en bedrijf dicht bijeen zijn, soms onder één dak, is bijzondere aandacht gewenst voor de gezinsopbouw in een geregeld gezinsleven. Ik herinner me die man, wiens vrouw voor honderd procent mee deed in de zaak - vandaar dat de zaak zo groeide... - , maar de kinderen werden steeds naar het verste adres gestuurd om een ijsje. De meester op school vroeg of vader en moeder wel wisten dat het kind altijd na wilde blijven omdat er thuis niks aan was. Geen aandacht. Geen tijd. Vlug. Jagen naar dit en jagen naar dat.
Werk buiten huis
Voor het overgrote deel van de mensen ligt het dagelijks werk buiten de woning. De industriële revolutie heeft dat proces vaart gegeven en de maatschappelijke veranderingen van vooral na de Tweede Wereldoorlog hebben dat proces versneld. Het centrum van de economische belangen en het centrum van de gezinsbelangen gingen langzamerhand uiteen. Beroeps-en gezinscontacten zijn in veel gevallen uiteengevallen. 'Voor de thuisblijvende vrouw bleef een positie over die relatief magerder was dan haar vroegere rol. Andere oorzaken voor het afnemen van de betekenis van de thuisblijvende vrouw zou men kunnen vinden in: De geringe gezinsgrootte: waar minder mensen zijn, is minder te doen, is de betekenis van de doenster gering. Vervolgens: Het vroeger uit huis gaan van de kinderen, ofzo men wil - de jongvolwassenen. Studenten uitgezonderd, bleef men vroeger veelal thuis tot men trouwde. Tegenwoordig gaan er veel meer doorstuderen en degenen die aan het werk gaan zoeken veelal een onderkomen buiten het ouderlijk huis. Zo is door tal van oorzaken de vroegere rol, de vroegere betekenis van de huisvrouw afgenomen.' Voordat we volgen wat als weg wordt aangewezen en aangeprezen, staan we een ogenblik stil bij wat gezegd is. Hier worden belangrijke dingen gezegd, die ook tal van onze gezinnen raken. In het uiteengaan van economische-en gezinsbelangen. In het uiteengaan van beroeps-en gezinscontacten. Overtrekken moeten we dit niet, maar als grondlijn gaat dit in veel situaties op. Op dit punt treedt vaak een stuk vervreemding op tussen man en vrouw.
Klein gezin
Andere oorzaken werden genoemd. Vooral de geringe gezinsgrootte geeft voor de huisvrouw aanleiding elders werk te zoeken. Die geringe gezinsgrootte moet misschien nog eens apart het onderwerp van gesprek zijn. Zo mogelijk komen we daarop terug. Nu willen we vast iets ervan zeggen. Is het niet waar, dat ook in onze gemeenten veel minder kinderen geboren worden en dat velen een paar kinderen - twee - meer dan 'genoeg' vinden? De zelfbepaling in de geboorteregeling heeft ons veel meer in wereldse schema's gebracht dan velen onder ogen willen zien. Wij hebben een heleboel redenen bij de hand om ons egoïsme te camoufleren en onze bijbelse opdracht niet te vervullen om kinderen voort te brengen gericht op Gods Koninkrijk. Begrijp me niet verkeerd. Het gaat niet aan onverantwoordelijke wegen als man en vrouw te bewandelen, met oogkleppen voor. Echter de andere kant is even onverantwoordelijk. Die geringe gezinsgrootte kon wel eens maken, dat niet alleen vader en moeder daardoor veranderen, maar dat ook de kinderen er de diepe invloed van ondergaan. We voeren hier geen pleidooi voor overtrokken grote gezinnen, maar kinderen binnen een flink gezin hebben vaak veel voor op kinderen binnen een klein gezin. 'Kinderen uit kleine gezinnen zijn soms zo onhandelbaar en egoïstisch', verzuchtte laatst een onderwijskracht. Uiteraard is dit generaliserend gesproken en zijn er allerlei aanvullingen en beperkingen in zo'n uitspraak nodig. Het gaat er nu alleen maar om dat we hier op een probleem stuiten, dat uitgediept moet worden: de geringe gezinsgrootte. Als we het daar nog eens uitvoeriger over hebben, dan kunnen we over de 'pil' niet zwijgen, want zwijgend doet de 'pil' zijn werk en we moeten ons toch eens afvragen wat voor werk dat wel is...
Jong huis uit
Ja, ook is daar het op jeugdige leeftijd het huis verlaten. Is dat wel altijd winst? Kan daar ook niet achter zitten, dat de gezinsband niet al te hecht is geweest? Uiteraard brengt het studeren en werken jonge mensen in omstandigheden dat het soms niet anders kan. Waar het nog wel anders kan is het aan te bevelen niet te jong van huis te gaan. Zeker waar thuis de basis wordt gelegd vanuit Gods Woord. We moeten wel weten wat we doen, als we onnodig vroegtijdig het ouderlijk huis verlaten. En ouders zullen er toch niet op uit zijn - als ze de ouderopdracht bijbels verstaan - om de kinderen zo gauw mogelijk de deur uit te hebben en ze 'kwijt' te zijn. Het kon wel eens betekenen een kwijt-zijn in veel verdergaande lijn, dan zij bedoelden. Inderdaad is het zo, dat de vrouw in een heel klein gezin tijd overhoudt. Ook die vrouw, waar al vroeg de kinderen de deur uit zijn. Toch moeten we dat ook weer niet overdrijven, want hoeveel vrouwen hebben ook dan nog genoeg te doen en weten dat in-en rond hun huis te verwerken. Toch wordt de vraag wel gesteld: 'Waarom nog langer thuisvrouw blijven? ' De gevaren zijn er. Vrouwen raken meer van huis. Zij zijn weinig meer thuis. Schakeringen en nuanceringen zijn hier op zijn plaats. Toch mag deze beweging 'vrouwen van huis' niet doorzetten. Daar moeten we zelf in onze gezinnen paal en perk aan stellen. Het breekt uiteindelijk meer af dan dat het opbouwt. Geld maakt lang niet alles goed. Ook het kleine gezin vereist de nodige aandacht. In de versnelling van de tijd is een haven van rust meer dan ooit geboden.
Huishoudkunde
Bovendien kon het wel eens waar zijn dat de huishoudkunde meer aandacht moet krijgen, waar enerzijds zo'n ontwikkeling op huishoudkundig gebied in huishoudelijke apparaten, huishoudelijke voorzieningen is gekomen en anderzijds zoveel produkten op de markt worden gebracht, door een overvloed van reclame aangeprezen. In dit verband geven we door, wat we lazen: 'De hedendaagse huisvrouw zal veel meer een vakvrouw zijn dan haar vroegere collega. Zij kan veel minder steunen op traditie, zij zal steeds opnieuw zelf moeten kiezen en zelf moeten beslissen. Om maar enkele dingen te noemen: Zij zal als manager (liever: leidinggevende) van haar huishoudelijk bedrijf haar werkzaamheden op een verantwoorde wijze moeten indelen. In de min of meer kant en klaar produkten die te koop zijn, zitten het loon en de aanzienlijke sociale lasten berekend van hen die de produkten maken. Wie zelf wat kan, bespaart zich al snel die loon-en lastenfactor (zelf groenten en vlees invriezen-zelf kleding maken). In onze welvaartsstaat is kennis van een goede voeding een zeer belangrijke zaak. Deskundigheid bij de keuze van de juiste voeding is van niet te verwaarlozen belang. Goed onderwijs op huishoudkundig gebied is een zaak, die naar onze mening te weinig aandacht krijgt binnen het voortgezet onderwijs. Ieder kind, jongen of meisje, zou een stuk huishoudkunde binnen zijn pakket moeten hebben. En als een vrouw dan jarenlang aan het hoofd van een gezin heeft gestaan, met opgroeiende kinderen, en daarbij ervaring heeft opgedaan met kinderverzorging, ouderparticipatie, huishoudelijke planning enz., dan is ze voor de arbeidsmarkt ongeschoold. Ervaringen opgedaan in vrijwilligerswerk, zoals schoolbesturen, vrouwenverenigingen, kindercentra, kerkelijk werk, leidt bijna nooit tot verminderde toelatingseisen bij intrede in de arbeidsmarkt. In het buitenland heeft men gunstige ervaringen opgedaan met zgn. rijpheidstesten. De maatschappij zou op tal van punten veel meer gebruik kunnen maken van de ervaring van geroutineerde huisvrouwen, temeer daar zij dan de tijd heeft, als de kinderen groot zijn en minder haar aandacht en zorg nodig hebben'. Deze dingen moeten door ons allen maar eens overdacht worden. Het gezin blijft bij alles één van de pijlers, waarop de maatschappij rust. Man en vrouw zijn samen verantwoordelijk voor het goed functioneren van dat gezin. Man en vrouw zorgen in feite samen voor een inkomen. De vrouw maakt het voor de man mogelijk om buitenshuis te gaan werken en voor een inkomen te zorgen. Het inkomen in Nederland is gebaseerd op een gezinsinkomen, ervan uitgaande dat arbeid buitenshuis alleen goed mogelijk is als arbeid binnen het gezin hiermee gepaard gaat. Overleg over het financiële beleid tussen man en vrouw is dan ook bijzonder aan te bevelen. En laten we elkaar bekritiseren in de oude vergissing dat macht, invloed, betekenis, waarde van iets of iemand, afgemeten zouden moeten of mogen worden aan de hoeveelheid geld die men heeft. Moeten wij als mannen en vrouwen niet leren van Jezus, dat de mens niet alleen van brood leeft, maar van alle Woord dat uit de mond Gods uitgaat?
Betaalde arbeid
Emancipatie houdt in een proces van verandering in de onderlinge relaties van mensen, waarvoor zij ongeacht godsdienst, aanleg, huidskleur of sexe, - volkomen gelijkwaardig aan elkaar worden. Gelijke kansen. Vandaar de vraag: Recht op betaalde arbeid voor iedereen? Gelukkig heeft de staatssecretaris mevr. Kraaijeveld nog wel oog voor het feit dat een maatschappij, waar economische groei de al lesoverheersende doelstelling is, de ondergang in zich draagt van verzorging en opvoeding van de kinderen. Vandaar dat de regering volledige individualisering van het inkomstenbeleid afwijst, gericht op een maatschappij met volledige deelname van man en vrouw aan de betaalde arbeid. Hopend dat de regering daar niet van afwijkt, waar tendensen doorbreken om wel degelijk de verzorging en opvoeding van de kinderen voor een groot deel aan anderen over te laten (denk aan de crèches...). Een beleid wordt gevoerd om ook in een periode van werkloosheid toch met name de gehuwde vrouwen niet te vergeten in 'deeltijdbanen'. Problemen genoeg, levend en werkend in de stroomversnelling van deze tijd waarin economische achteruitgang en werkloosheid voorkomen. Niet ver van onze grenzen vinden we een goede weergave van de beide kanten van de medaille. In Oost-Duitsland moeten man en vrouw betaalde banen buitenshuis zoeken om zo aan de elementaire levensbehoeften te voldoen. Zij zijn aangewezen op opvang van kinderen door derden welke door de staat georganiseerd wordt. In West-Duitsland zijn de eisen van de welvaart zo hoog, dat een groot deel van de vrouwen een betaalde baan buitenshuis heeft om aan de zeer hoge eisen en verlangens te kunnen voldoen. Zijn wij mannen en vrouwen niet op weg ónze eisen en verlangens te hoog te stellen? Of worden we de fuik van de Oostduitse situatie ingedreven? Kinderopvang is dan gewenst. 'Simpeler': kinderen zijn ongewenst. Wij kunnen dan wel eens als man en vrouw het 'kind van de rekening’ worden.
De ongehuwde vrouw
In een tijd, waarin zo'n grote aanval wordt gedaan op het gezin, heeft de nadruk in het stuk van het Vrouwenberaad in Zeeland gelegen op de gehuwde vrouw en haar werk. Wij realiseren ons, dat - als we het hebben over 'het arbeidsterrein van de vrouw' - een veelomvattender gebied bestreken zou moeten worden. Onze gedachten gaan dan uit naar de vele werkterreinen in de verzorgende sector, in ziekenhuizen en verpleeginrichtingen, in de onderwijswereld - om er met name enkelen te noemen-, niet te vergeten in de zending, waar duizenden vrouwen werkzaam zijn. Ook denken we aan tal van beroepen, die door vrouwen vervuld worden. Wij vragen ons evenwel bewust af of alle beroepen, die door mannen vervuld worden, ook door vrouwen vervuld moeten worden. Wij dachten dat ook in de beroepen gezocht moet en mag worden naar het mannelijke en vrouwelijke in verbinding met het uit te oefenen beroep. Als een soldatencompagnie door een vrouw geïnspecteerd wordt, dan heb ik daar op z'n zachtst gezegd moeite mee en ik denk de soldaten ook. Een vrouwelijke politie of marechaussee... hoe staat u er tegenover? Bij alle goede en gezegende vrouwenarbeid, die verricht werd en wordt, blijven we onderstrepen dat de gehuwde vrouw binnen het gezin bijzondere aandacht behoeft. Juist in onze tijd. Wij menen, dat de Bijbel daar levend voedsel aan geeft. Niet, omdat de vrouw tijdgebonden voornamelijk in verbinding met man en kinderen wordt geplaatst, maar omdat het oergegeven van Genesis 2 : 24 wordt uitgewerkt tot diep in het Nieuwe Testament.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 april 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 april 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's