De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

‘Sta een ogenblik stil’

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

‘Sta een ogenblik stil’

10 minuten leestijd

1940-1945

'Sta een ogenblik stil'

'Wie durft hier zijn stem te verheffen? 

Vertrekpunt van een heel volk:
met bekende bestemming vertrokken naar Auschwitz,
Sobibor, Teresienstadt, Bergen-Belsen, Kosel...

En niemand heeft hen gered.
Wel werd er vaak gezwaaid als zij langs kwamen

een gebaar dat de gedeporteerden ontroerde steeds diep
maar niemand heeft een wissel omgelegd naar het leven,
of de rails verbogen.

Tientallen treinen zijn van hier vertrokken,
volgens dienstregeling
vaak dinsdags,
precies op tijd,
want niemand mocht te laat sterven.

Sta een ogenblik stil...
nu vertrek en eindpunt elkaar bijna hebben ingehaald.

Hier vertrok een heel volk:
meer dan honderdtweeduizend
Joodse land­genoten,
kinderen, moeders, vaders,
vaders, moeders, kinderen
en ook baby's en ouden van dagen
werden vergast, doodgeschoten, levend verbrand,
doodgeknuppeld, opgehangen
terwijl wij zwaaiden.

Eindelijk zijn de rails verbogen,
van verdriet kromgetrokken,
en op de plaats waar zij reisvaardig werden gemaakt
staan telescopen
om hun zachte gefluister in het heelal te versterken
en weer te zwaaien
als zij zwaaien.'

Wat hierboven staat is overgeschreven uit een boek, dat 22 april 11. ('bij wijze van uitzondering') als ingekomen stuk op de agenda van de Tweede Kamer, stond. Sta een ogenblik stil...'; een monumentenboek 1940-1945. De tekst staat afgedrukt bij het, naar mijn besef meest natuurlijke en daarom meest indrukwekkende monument van alle monumenten, herinnerend aan de tweede wereldoorlog, die in dit boek zijn samengebracht. Het is het monument van Westerbork, waar het kamp Schattenberg was, gesticht in 1938 als vluch­telingenkamp voor Duitse en Oostenrijkse Joodse emigranten, maar dat in de oorlogsjaren als 'Durchgangslager' tragische bekendheid kreeg:

'Wanneer de Duitsers in '42 haast beginnen te maken met de zogenaamde 'Entjudung' van Nederland (dat hield in dat de honderveertigduizend Joden in Nederland vernietigd zouden moeten worden), gebruiken ze het al bestaande kamp Westerbork als 'Durchgangslager'. Westerbork ligt dan nog niet aan een spoorlijn; voor deportatie vertrekken de Joden van het station van het nabij gelegen Hooghalen. Op 2 november wordt Westerbork op het spoorwegnet aangesloten. Jarenlang vinden bijna wekelijks treintransporten naar de vernietigingskampen in Duitsland plaats, soms in personenrijtuigen, meestal in goederenwagons. Etty Hillesum beschrijft in 'Twee brieven uit Westerbork' o.a. het transport van 24 augustus 1943: '(...) Mijn hemel, gaan die deuren werkelijk allemaal dicht? Ja, dat gaan ze. De deuren worden gesloten over de opeengeperste, - achteruitgedrongen mensenmassa's in de goederenwagons. Door de smalle opening aan de bovenkant ziet men hoofden en handen, die later wuiven, wanneer de trein vertrekt. De commandant rijdt nog een keer op een fiets de hele trein langs. Dan maakt hij een kort gebaar met de hand, als een vorst uit een operette. Een klein ordonnansje komt aangevlogen om hem eerbiedig de fiets af te nemen. De fluit slaakt een doordringende kreet, een trein met duizend twintig Joden verlaat Holland. De eis was dit keer niet eens groot: duizend Joden maar, die twintig zijn reserve voor onderweg, want het is toch altijd mogelijk, dat er een paar sterven of doodgedrukt worden en zeker wel dit keer, nu er zoveel zieken meegaan zonder een enkele verpleegster. ..

De helpers aan de trein hebben langzamerhand af, ze gaan hun slaapsteden opzoeken. Men ziet vele uitgeputte, bleke en lijdende gezichten. Er is weer een stuk van ons kamp geamputeerd. De volgende week gaat een volgend stuk eraf. Dit beleven we hier nu langer dan een jaar, week aan week. We zijn hier met enige duizenden achtergebleven. Reeds honderdduizend van onze rasgenoten uit Holland zwoegen onder een onbekende hemel of liggen te rotten in een onbekende aarde. Wij weten niets van hun lot. Misschien zullen we het binnenkort weten, ieder op zijn tijd, het is toch immers ook ons toekomstig lot, daar twijfel ik geen ogenblik aan (...).'

Etty Hillesum wordt twee weken later naar Auschwitz gedeporteerd, ook zij overleeft het niet, geheel volgens de bedoeling en de opzet van de Duitsers. Zij is een van de ruim honderdtweeduizend Joodse landgenoten die in deze periode, zoals Gerrit Achterberg het zegt, worden 'opgeheven' en 'zoekgemaakt'.

Het meest beangstigende is misschien wel dat deze bestiale moordpartijen georganiseerd worden alsof het een moderne, goed lopende industrie betreft, de grootste vernietigingsindustrie die de wereld ooit gekend heeft. Beangstigend is ook dat relatief zeer weinig mensen in Nederland getracht hebben Joden te redden. Dr. L. de Jong signaleert in het 8e deel van 'Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog' dat geen enkele illegale groep ooit getracht heeft de spoorlijn Hooghalen-Nieuweschans (en vanaf 2 november '42 Westerbork-Nieuweschans) te saboteren. 'Wèl stonden op dat traject vooral in het eerste halfjaar van de deportaties menigmaal veel mensen (Joden die nog niet "opgehaald" waren, en niet-Joden) bij de spoorwegovergangen te wuiven - een gebaar dat de gedeporteerden steeds diep ontroerde. Uit de personenrijtuigen konden zij het steeds allen zien, in de goederenwagons kon het slechts waargenomen worden door diegenen die voor de luchtopeningen stonden. Menigmaal werden dan ook afscheidsbriefjes uit de trein geworpen en deze hebben vaak hun bestemming bereikt (...).'

Het monument in Westerbork spreekt zijn eigen taal. Talloos vele zijn de opgerichte tekenen echter, die herinneren aan de demonie, die de Europese volkeren en daarin ook ons land in de greep hield, maar ook aan hen, die weigerden voor de moderne afgoden te knielen en hun leven gaven in de strijd.

Opschriften in gevels of gedenkstenen, soms met maar twee woorden: 'wij gedenken'; soms herinnerend aan een enkel persoon: 'een volk dat voor tirannen zwicht, zal meer dan lijf en goed verliezen, dan dooft het licht'

(voor H. M. van Randwijk, 1906-1966).

Een beeld van een kind, een man, een groepje mannen, een vrouw, elk voor zich leed uitbeeldend, dat over mensen kwam. Een beeld in Amsterdam b.v., dat herinnert aan het vrouwenkamp Ravensbrück, waar 90.000 vrouwen hun einde vonden. Een beeld in Putten, dat herinnert aan de wegvoering van al die mannen, die niet meer terug zouden komen. Maar Van Randwijk, hierboven genoemd, zat er ondergedoken en ondervond wat het betekende, dat zómaar op een boerderijtje een vrouw maar stilletjes haar weg ging maar intussen vluchtelingen herbergde en daarin mede de zin van haar bestaan vond, een bestaan dat eindigde in de korte belijdenis 'eindelijk thuis'.

We kunnen er niet aan denken de talloze varianten, in de gedenktekenen tot uitdrukking gebracht hier te noemen. Wat we nog wel noemen:

* Standbeelden voor bepaalde personen, Anne Frank; Koningin Wilhelmina. Thijs Booy zegt van haar in 'De levensavond van Koningin Wilhelmina' :

'Zij was nooit in een gevangenis of in een concentratiekamp, zij heeft nooit de gruwelijkheid van de honger ervaren, zij had geen deel aan de ontberingen van een front, maar misschien heeft zij toch van alle Nederlanders in de jaren 1940-1945 wel het meest geleden. Zij voelde zich, bekleed met de soevereiniteit, meer en anders aansprakelijk voor het lot van de volken van het koninkrijk dan ieder ander en het was een aansprakelijkheid die zij met niemand echt delen kon. Zij leefde zich zozeer in in het leed van haar volken, dat het eigen leed werd. Zij voelde zich een moeder wier kinderen de een na de ander afgeranseld werden door een troep misdadigers.

Zij voelde zich Job, maar zij was geen lijdzame Job, Koningin Wilhelmina. (...) Zij spoorde haar volk aan tot verzet. Zij inspireerde haar soldaten, haar marinemensen, haar koopvaardijbemanningen om zich tot het uiterste te geven. Zij smeet met de scherven van haar Jobshoop.

* Naambordjes • van straten of pleinen: 'A.B.N. Davidsplein, opperrabbijn te Rotterdam van - 1930-1943, Bergen Belsen 22-2-1945.'

* Een steen, waarop staat geschreven, dat daaronder de aarde ligt, bijeengebracht uit vijftig verenigde staten van Amerika...

* De oorlogsgraven met de onafzienbare rijen van kruistekens, herinnerend aan gevallen soldaten, naamlozen vaak.

* De 'erelijst' in het gebouw van de Tweede Kamer, met de namen van 17.500 gevallenen, waarvan sinds 4 mei 1960 elke dag één bladzijde wordt omgeslagen, zodat elke twee jaar de namen van alle genoemden één keer zichtbaar zijn.

* En zómaar oorlogsrestanten; tanks en kanonnen als opgerichte tekenen.

Op vele plaatsen bevatten de monumenten opschriften uit de Schrift geput om het leed uit te klagen of om de blijdschap bij de bevrijding uit te zeggen. In Goedereede:

'Wee, verwoester, die zelf niet verwoest zijt; verrader, die zelf niet verraden zijt; als gij voleindigd hebt te verwoesten, zult gij verwoest worden; als gij gereed zijt met verraden, zal men u verraden'.

In Zutphen: Gideon op een zuil, herinnerend aan de kleine uitgelezen schare, uittrekkend tegen een overmacht. In Zoetermeer: 'opdat alle volken der aarde de hand des Heren kennen zouden dat zij sterk is.'

35 jaar vrij

We leven snel. De bevrijding van het tyranniek geweld van Hitler en zijn trawanten ligt al weer zover achter ons, dat er een generatie opgroeit, die er niet van heeft geweten en die het daarom goeddeels niets zegt. Maar op de erebegraafplaats in Bloemendaal staat van H. M. van Randwijk, naar aanleiding van de gevallenen, ' die daar liggen:

'Zij zijn de vruchten van geestelijke zuiverheid, eerlijk denken, naastenliefde en geloof. Bedenk, dat hetgeen gisteren bedreigd werd, heden en morgen opnieuw in gevaar kan verkeren. Bescherm het en wees waakzaam. Tot zolang moge het pad, dat tot deze stille plek leidt, begaanbaar blijven voor de voeten van allen, die zich hier bezinnen op de waardij van vrijheid en gerechtigheid'.

Wat 'gisteren bedreigd werd' kan 'heden en morgen opnieuw in gevaar verkeren'. We mogen dankbaar gedenken, dat in 1945 de strik werd gebroken en dat we vrij kwamen. Achter dit alles mogen we de hand des Heeren zien, die na jaren van diepe duisternis weer deed treden in de ruimte van de vrijheid. De 'vrolijke gezangen van bevrijding' (Psalm 32 : 7) zijn in de godshuizen gezongen. Maar het is de vraag of we de vrijheid aankonden. Ook ónze samenleving is in de greep van de secularisatie gekomen.

Ook ónze staat is meer en meer ontrukt aan de geestelijke wortel, die haar dragen moet. We kwamen in de greep van het kapitalisme, dat ons bracht in de sfeer van de consumptiemaatschappij , waarbij we vergaten de God des levens.

We werden bevrijd van het fascisme en het nationaal-socialisme, maar andere ideologieën doken op en trachtten ons te brengen onder hun invloedssfeer. En het verweer ertegen wordt zwakker.

Daarom is het goed te blijven gedenken, om vooral de daden Gods te blijven gedenken, die ook in de recente geschiedenis onder ons waren. En de kerk mag daarin ook vandaag hoedster zijn van een geheimenis, dat.de wereld niet kent. Het zicht namelijk op die vrijheid, die ontspringt aan Kruis en Opstanding. Christus heeft de machten overwonnen, ze onttroond, ze onschadelijk gemaakt. Daarom kon ook na 1945, nadat de machten zich breed gemaakt hadden die, hoewel ze aan de ketting lagen toch nog speelruimte hadden, de geschiedenis ook van ons land en volk verder geschreven worden.

Maar 'wat gisteren werd bedreigd', kan 'heden en morgen opnieuw in gevaar verkeren'. Een gewaarschuwd volk telt voor twee. Maar een volk, dat z'n geschiedenis vergeet, kan wel eens gedwongen worden de diepten ervan opnieuw te beleven.

N.a.v. W. Ramaker: 'Sta een ogenblik stil'; uitgave J. H. Kok, Kampen, 240 pag. ƒ 55, - (na 1 Juni ƒ 75, - ).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 mei 1980

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

‘Sta een ogenblik stil’

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 mei 1980

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's