De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Promotie van ds. A. van Brummelen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Promotie van ds. A. van Brummelen

8 minuten leestijd

Precies, op de dag waarop u De Waarheidsvriend, waarin dit artikel staat afgedrukt, in huis krijgt, promoveert D.V. ds. A. van Brummelen te Huizen, te Utrecht aan de Universiteit aldaar op het onderwerp: Het praktisch-theologisch onderwijs van J. J. van Oosterzee (uitgave van J. Bout, Huizen).

Precies, op de dag waarop u De Waarheidsvriend, waarin dit artikel staat afgedrukt, in huis krijgt, promoveert D.V. ds. A. van Brummelen te Huizen, te Utrecht aan de Universiteit aldaar op het onderwerp: Het praktisch-theologisch onderwijs van J. J. van Oosterzee (uitgave van J. Bout, Huizen).

Reeds vele jaren was het drs. Van Brummelen, nu valt de s weg en zullen wij mogen spreken van dr. Van Brummelen, waarlijk een felicitatie waard.

Mijn bedoeling met dit artikel is niet vooruit te lopen op de promotie zelf, die zal wel in het volgende nummer van ons blad worden verslagen.

Mijn bedoeling is ook niet een eigenlijke bespreking te bieden van het proefschrift. Ik wil volstaan met een persoonlijke impressie weer te geven, die de lezing van het proefschrift op mij maakte.

Wie ds. Van Brummelen kent, weet dat hij een man met stijl is, en zelfs met een eigen stijl. Kenners van deze collega zal het dan ook niet verwonderen dat hij zich in een jarenlange studie, waarvan de vruchten nu te zien zijn, heeft beziggehouden met een man die ook zelf een stijlvolle man was en thuishoorde in een eeuw waarin althans in ons eigen land elk plebeïsch gejoel nog verre was. Een eeuw, en dat weet Van Brummelen ook heel goed, en dat laat hij ook wel merken, die bepaald niet vrij was van zelfingenomenheid en middelmatigheid, maar die in elk geval van de Franse Revolutie geleerd had dat het zó niet moest.

Van Oosterzee

De lezers zullen uit de titel van het proefschrift reeds begrepen hebben, dat het boek gaat over Van Oosterzee. Deze man leefde van 1817 tot 1882. Hij was van 1843 tot 1863 predikant, en de laatste jaren van zijn leven hoogleraar in de theologie te Utrecht. En nu wij het toch over hem hebben, hij was een gematigd orthodox man; vroom, evangelisch gezind, in de ruimere zin van het woord gereformeerd, verwant met het Réveil, afkerig van de 'moderne tijd', een verdediger van het christelijk geloof; een hartelijk man, wiens levensdoel als hoogleraar het was goede en bekwame predikanten op te leiden, en die in dat opzicht velen tot zegen is geweest.

Van Brummelen benadert Van Oosterzee met respect en positief, ook al deelt hij in lang niet alle opzichten zijn visie. Meer dan eens neemt hij Van Oosterzee in bescherming tegen aanvallen die men gedaan heeft op zijn persoon en denkwijze.

Behalve in voornaamheid en stijl zie ik nóg een punt van overeenkomst tussen Van Oosterzee en Van Brummelen: hun zoeken naar levenswijsheid.

Dit proefschrift getuigt ervan. Allerlei levenswijze opmerkingen van Van Oosterzee komen wij er in tegen. Misschien dat daarin vooral zijn betekenis heeft gelegen, dat hij , deze opmerkingen maakte en doorgaf aan zijn studenten, die er vooral in hun prediking maar ook andere kerkelijke arbeid gebruik van konden maken. En Van Brummelen verhaalt ze met een uitgesproken gretigheid. Ik heb zelfs de indruk dat hij, overigens zonder aan de objectiviteit van zijn werk tekort te doen, ze wat gechargeerd naar voren brengt. Hiertoe behoort ook bij Van Oosterzee én bij Van Brummelen een lezen en zich verdiepen in de werken van Goethe en Schiller en andere dergelijke schrijvers. Voorwaar een zeldzaamheid onder predikanten, die eerder naar elk ander boek grijpen dan naar deze oude Duitse dichtwerken.

Beeldrijke taal

Ik reken hiertoe verder ook het gebruik van een beeldrijke taal. Ik kan niet nalaten daar een paar voorbeelden van te geven: Met halfheid sticht men geen gebouwen, ten hoogste een hut (45). Onbeperkte leervrijheid maakt Zion tot Babel (58). Menig prediker is van harte vóór het evangelie, zonder er nog in alle opzichten achter te zijn (63). In Laodicea behoeft men niet tegen overdreven godsdienstijver te velde te trekken (64). Bepaald ludiek is ook wat Van Brummelen zelf schrijft over Van Oosterzee, en dan met name diens visie op de verhouding van de kerk tot de wereld stelt tegenover de moderne visie daarop; ik citeer: 'Van Oosterzee waagt zich uit de kerkdeur voorzichtig op het kerkplein, in de tweede conceptie (die van moderne theologen, K.E.) steekt men het kerkplein over en stelt men zich op het marktplein. Het behoeft geen betoog dat het marktrumoer aanpassing gebiedt en de aandacht van het marktpubliek dikwijls op amusante wijze moet worden getrokken', en dan even verder: 'Het komt ons vóór, dat het de verdienste van Van Oosterzee is geweest behoedzaam het kerkplein op té wandelen' (129).

Wat mij in deze citaten vooral zo ludiek aandoet zijn de woorden 'voorzichtig' en 'behoedzaam'. Men ziet dan in de geest Van Brummelen zélf het kerkplein op wandelen, dit keer samen met Van Oosterzee.

Ordelijk

Er is nog iets wat mij opviel in dit proefschrift: de correctheid, de ordelijkheid. Ook dat moet Van Brummelen van Van Oosterzee hebben, óf hij heeft het van zichzelf en vond het toen bij Van Oosterzee terug.

Was Van Oosterzee niet de man die preekte met een tekst met welgekozen punten? Beknopt, duidelijk, overzichtelijk.

In dit proefschrift is het net zo. In de inhoudsopgave staan alleen maar woorden, geen zinnen. Er is een Inleidend deel, een Beschrijvend deel en een Kritisch deel. Uit het laatste deel geef ik een voorbeeld. Onder de rubriek Perspectief staan de volgende hoofdstukken: Relatie, Oriëntatie, Dimensie, Invasie. De lezer ziet hoe beknopt het alles is. Dat maakt dit proefschrift tot iets aparts. Wat ik alleen maar waarderen kan.

Ziehier de punten waarin ik duidelijk een overeenkomst en misschien zelfs wel verwantschap bespeur tussen Van Oosterzee en Van Brummelen. Ik zou er nog één ding aan kunnen toevoegen: hun beider liefde voor de Praktische Theologie. Waar Van Oosterzee het meest naam mee gemaakt heeft is niet zijn Dogmatiek maar zijn Praktische Theologie. Hij was een bij uitstek praktisch theoloog. Die steeds de' gemeente voor ogen had, of, zoals hijzelf zei: het koninkrijk Gods. Ik meen te mogen zeggen dat dat bij Van Brummelen ook zo is. Hij zal uit innerlijke aandrift voor zijn proefschrift een praktisch onderwerp, of wil men: een onderwerp uit de Praktische Theologie, hebbeh gekozen. De prediking zit hem hoog, het pastoraat zit hem hoog, de gemeente zit hem hoog.

Humor

Vervolgens, of Van Oosterzee humor heeft gehad weet ik niet. Van Brummelen heeft haar in elk geval wel. Wie hem kent, kan zijn proefschrift niet lezen zonder soms te glimlachen. Om een voorbeeld te noemen: als hij van Kuyper zegt, dat hij de kleur droeg van Stahl en Hengstenberg, dan verdenk ik hem er van dat hij met opzet deze namen gekozen heeft, want er waren natuurlijk ook wel enkele andere te noemen geweest.

Hier en daar in dit proefschrift kwam ik ook iets, niet alleen van de theologie, maar ook van de aanpak van prof. Jonker tegen. Als Van Brummelen ergens (133) een mooi verhaaltje biedt van de invasie van de Geallieerden op het strand van Normandië op 6 juni 1944, dan moet iemand die van prof. Jonker weleens wat las onwillekeurig denken aan Verdun en de loopgravenoorlog die daar gevoerd is in de Eerste Wereldoorlog. Het kan haast niet anders, de promotor moet zich in deze passage (en trouwens in heel het boek) goed kunnen vinden.

Uit het bovenstaande make intussen niemand op, dat wij hier een proefschrift voor ons hebben dat ergens in de categorie van het amusement thuishoort. Het is een serieus stuk werk, waar veel tijd in gestoken is, waar men veel van leren kan, via Van Oosterzee, maar ook dank zij de auteur zelf. Het dient zich heel bescheiden aan. Geen etaleren van dure woorden, maar wel zakelijk, en als zodanig veel biedend.

Ook dat behoort bij de persoon van de auteur, een pretentieloos optreden. En dat siert hem.

Gereformeerde theologie

Tot slot, ieder lezer van dit proefschrift zal het duidelijk worden, dat er niet alleen wat de tijd en wat het geestelijke klimaat betreft, maar ook wat theologie en kerkelijke visie betreft, bij alle verwantschap die wij constateerden in het persoonlijke vlak toch een grote afstand ligt tussen Van Oosterzee en de man die met dit proefschrift op hem promoveert.

Van Brummelen wil ook met dit stuk werk de gemeente dienen, maar dan door een bijdrage te leveren aan de Gereformeerde theologie. Hij schreef dit boek voor zichzelf en voor zijn collega's, om hen te helpen in het moeilijke maar tegelijk ook boeiende en verantwoordelijke werk dat zij elke week en elke dag hebben te verrichten in de gemeente.

Het is onze hartelijke wens dat het dr. Van Brummelen gegeven worde nog vele jaren in deze lijn voort te gaan en collega's en gemeenten te mogen dienen met regels voor het praktische werk, regels die niet ontleend zijn aan de Wet, maar aan het Evangelie, want het Evangelie bevrijdt en biedt een zacht juk en een lichte last.

Wij gunnen onze vriend en collega nog geen rust, en die zal hij ook niet begeren, maar dat zijn titel, waar hij met recht trots op mag zijn, voor hem een hogere springplank zal mogen zijn, om verder te komen, zelf en tegelijk voor anderen die hetzelfde werk doen. En dat alles: Ten behoeve van de Gemeente!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 juni 1980

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Promotie van ds. A. van Brummelen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 juni 1980

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's