Het ‘heilige’ land
Telkens weer als men Israël bezoekt doet men vele onuitwisbare indrukken op. De geweldige gevarieerdheid in het landschap, binnen zo'n betrekkelijk klein oppervlak; de elke dag - althans in deze tijd van het jaar - terugkerende verzengende hitte, zonder dat er één druppel water valt, waardoor derhalve het land in enkele maanden tijds weer uitdroogt en verdort; maar bovenal de herinnering aan de vele bijbelse plaatsen, van oude tijden, de tijden van patriarchen, profeten en apostelen. Dat alles spreekt aan!
Telkens weer als men Israël bezoekt doet men vele onuitwisbare indrukken op. De geweldige gevarieerdheid in het landschap, binnen zo'n betrekkelijk klein oppervlak; de elke dag - althans in deze tijd van het jaar - terugkerende verzengende hitte, zonder dat er één druppel water valt, waardoor derhalve het land in enkele maanden tijds weer uitdroogt en verdort; maar bovenal de herinnering aan de vele bijbelse plaatsen, van oude tijden, de tijden van patriarchen, profeten en apostelen. Dat alles spreekt aan!
Men kan, wanneer men de tenten der Bedoeïenen ziet, zich er enige voorstelling van maken hoe de aartsvaders in tenten hebben gewoond en op doorreis waren, met nooit de pinnen te vast in de aarde.
Is men bij het meer van Galilea, dan realiseert men zich, dat zich daar al die dingen hebben afgespeeld, die het Nieuwe Testament ons doet weten, zoals de wonderbare spijziging, het stillen van de storm, het uitspreken van de Zaligsprekingen door Jezus, de verheerlijking op de berg, de roeping van de discipelen.
En Jeruzalem, de stad van David, imponeert altijd weer.
'Rondom Jeruzalem zijn bergen. Alzo is de Heere rondom degenen die Hem vrezen.' Zulke psalmen spreken te meer wanneer men de bergen rondom Jeruzalem ziet. Daar, in Jeruzalem, was de tempel. Daar werd óók de tempel verwoest. Maar vooral, daar, in Jeruzalem, heeft het kruis gestaan en daar ligt een open graf. En daar ligt de Olijfberg, waar Jezus zijn gang maakte naar Gethsémané en vervolgens naar het Kruis, maar waar Hij ook terug kwam en vanwaar Hij werd weggenomen van de ogen van Zijn jongeren.
Zo zou veel meer te noemen zijn: de Jordaan, het Hermongebergte - oord van inspiratie voor de Psalmdichters - maar ook Askelon en Asod, in het land van de Filistijnen.
En toch, bij alles wat de reiziger, die Israël bezoekt, daar ziet, één ding is vooral waar: Hij is hier niet. Hij is opgestaan. Jezus was daar wel. Dat geeft aan het land bijzondere herinneringen. Maar Hij is er niet (meer). De Levende is, om zo te zeggen, niet te zoeken bij de doden. Hij is in Israël van nu niet dichter bij dan daar waar de Nieuw Testamentische gemeente thans samenkomt.
Niet heilig
Het lijkt me dan ook goed eraan te herinneren, dat Israël als zodanig ten onrechte het heilige land wordt genoemd. Vele malen spreekt de Schrift over het heilige, maar dan altijd in verband met God en de wijze waarop Hij zich openbaart. Daar waar God wóónt, daar is het heilig. Eén keer, in Zacharia 2 vers 12, wordt uitdrukkelijk over het heilige land gesproken. 'Dan zal de Heere Juda erven voor Zijn deel, in het heilige land, en Hij zal Jeruzalem nog verkiezen.' Het staat dan in de context van het (nog) verkiezen van Jeruzalem door de Heere. Het land op zich is niet heilig.
Bij de brandende braamstruik, daar was heilig land (Ex. 3:5). Daar moest Mozes de schoenen van de voeten doen. Want daar openbaarde God zich, als de God van Abraham, Izaken Jacob. En daar was het heilig, waar de dikke duisternis van drie uur kwam toen de God en Vader van Jezus Christus zijn toorn deed neerkomen op de Zoon; en daar was het heilig toen het graf open ging en de Opgestane de vrouwen en de discipelen verscheen.
Het was daar heilig, voorzover en wanneer de Heere Zich op bijzondere wijze openbaarde. Maar dat bijzondere hebben we in Israël van nu niet meer te zoeken.
Hoezeer men ook onder de indruk komt van wat de Heere, als de God van het Verbond, daar in het verleden heeft gedaan; hoezeer men daar met bijbelse hoop zijn mag om wat God ten aanzien van Israël nog heeft beloofd voor de toekomst, voor het heden geldt voor Israël geen bepaalde heiligheid.
Men komt het er wel overal tegen: the holy land, het heilige land. Het wordt door de commercie uitgebuit tot in het absurde toe. Men kan er heilige-land-vijgen kopen. Men kan flesjes grond kopen, aarde van het heilige land, of Jordaanwater. Het komt warempel ook voor, dat zulk water mee naar andere landen wordt genomen om daarmee kinderen te dopen. Het meest 'originele' - in commercieel opzicht tenminste - is de verkoop van afgesloten lege sardineblikjes, slechts gevuld dus met lucht uit het heilige land. Het lijkt alles te absurd om waar te zijn. Maar achter dit alles zit kennelijk het onomstootbare feit, dat voor duizenden Israël als heilig land iets magisch heeft.
Ook de kerken
Ook de kerken hebben het er naar gemaakt. Wat is er door de kerken in de wereld niet een stormloop, de eeuwen door, op de zogeheten heilige plaatsen geweest. Op die plaats tuimelen de kerken als het ware over elkaar heen. Op zich overigens al een symbool van de onheilige verdeeldheid van de christenheid. Rooms Katholieken, Grieks Orthodoxen, Kopten e.a. hebben er hun heiligdommen gebouwd. Hoe meer heiligdommen er intussen staan en hoe imposanter de gebouwen als zodanig zijn, hoe verder voelt men zich af van het heilige, waarvan de Schrift spreekt. 'Het Heilige, dat uit u geboren zal worden zegt de Engel tot Maria - zal Gods Zoon genaamd worden.' Maar dat heilige werd geboren in een onooglijke kribbe. Intussen heeft men later op de plaatsen van aankondiging en geboorte zulke met goud belegde kerken gezet. dat alleen daardoor al Christus opnieuw gekruisigd wordt; een gedachte die zich ook onweerstaanbaar opdringt wanneer men mensen met een kruis de via dolorosa ziet bestijgen. Het doet ons als protestanten, met name als gereformeerde protestanten, onwezenlijk aan wanneer we al dat gedoe óp en om de heilige plaatsen zien. Maar te meer is het ook een waarschuwing voor ons om aan het land als zodanig geen bijzondere waarde te hechten. Al te gemakkelijk komt men tot een verering van bloed en bodem. Met des te meer klem zullen we ons dan moeten realiseren: Hij is hier niet! Bovendien heeft Jezus Zijn volksgenoten al verweten, dat ze het huis Zijns Vaders tot een huis van koophandel maakten. Daarover heeft Hij om zo te zeggen de zweep gelegd.
Daar is heilige grond, waar het Woord opengaat, waar thans, onder inwachting van de Heilige Geest Christus wordt verkondigd en waar Zijn dood bij brood en beker wordt herdacht. Daar is de grond heiliger dan waar nu het land als zodanig wordt benoemd.
Tegenstellingen
Een bezoek aan Israël leert ook in ander opzicht, dat men met geen heilig land te maken heeft. Niet alleen de kerken tuimelen er over elkaar. Ook de godsdiensten van de wereld worden daar met elkaar geconfronteerd. De christenen bezoeken de 'heilige' plaatsen. De Moslems hebben hun eigen plaatsen, b.v. op het tempelplein, in de Omar Moskee, vanwaar - naar hun overtuiging - Mohammed met zijn paard ten hemel voer. En de Joden klagen aan de klaagmuur om de Messias, die nog komen moet. En gedrieën botsen deze religies. De christenen belijden Christus als de gekomen Messias. De Joden wachten nog op Zijn komst, en de mohammedanen houden het bij Mohammed als dè profeet, waarbij Jezus als een profeet wordt erkend.
Ook in politiek opzicht is er geen sprake van dat het land heilig zou zijn. Overal in het land staan militairen met hun vuurwapens ter bewaking, bewijs ervan dat Israël in feite een land in oorlog is. Israël is als staat gewoon een staat als andere, grotendeeld ook, wat de Joodse religie betreft, geseculariseerd en in politiek opzicht met een socialistisch stempel. In politiek opzicht moet de regeringspolitiek van Begin niet anders worden benaderd dan bij andere staten. Ook Begins politiek is niet heilig. Niets politieks is ook aan Israëlsregeringen vreemd.
Kortom, in de over elkaar tuimelende kerken, in de botsende wereldreligies, in de concrete politieke verhoudingen blijkt in het huidige Israël dat het Holy land niet samenvalt met het huidige Israël, al blijkt uit de veelheid van confrontaties daar wellicht wèl de aparte positie van dit land en dat volk.
Grenzen doorbroken
Met Pinksteren schreven we een artikel onder de titel 'De Geest doorbreekt grenzen'. Sinds Pinksteren geldt van geen enkel land meer, dat het heilig is in die zin, dat God Zich speciaal daar openbaart. Gods openbaring kwam tot ons via Israël. Dat geeft aan Israël ook vandaag een bijzondere dimensie. Het is het land waar het Woord ontstond. Het is het land waar Jezus rondwandelde, stierf en opstond en waar de Geest werd uitgestort. Maar sinds die uitstorting van de Geest is daar heilig land, waar de bediening van Woord en sacrament plaats vindt. En niet daar, waar nog steeds om de komst van de Messias wordt geklaagd.
En toch ligt tussen het voor de ganse christenheid bijzondere verleden van Israël - Israël de wortel en wij zijn de takken - en de verwachtingsvolle toekomst voor dit volk ('alzo zal gans Israël zalig worden') het heden. En al is dan het land niet heilig, van het volk geldt onverminderd, ook vandaag, dat het beminden zijn om der vaderen wil. Zo was de ontmoeting met Israël ook nu weer, in vakantietijd, voor ons een levende en vruchtbare zaak. Israël: land en volk van de Bijbel; in het verleden en voor de toekomst. Daarbij kan het heden niet ontbreken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 augustus 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 augustus 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's