Aansluiten bij de Vrouwenraad of niet?
Voor
Vanuit een gemeente ontvingen we een schrijven, waaruit het positieve vanuit een plaatselijke Vrouwenraad werd benadrukt. We gaan daar niet aan voorbij en noemen dat voluit. Er wordt het een en ander meegedeeld over een vrijwillige hulpdienst, die in iedere woonkern als een zelfstandige dienst een goede functie in het dorp vervult. Verder is er een warmemaaltijddienst voor bejaarden en zieken ('Tafeltje-dek-je') vanuit een ziekenhuis, aan huis bezorgd door vrijwilligsters. Ieder najaar worden er kursussen georganiseerd in opvoedende zin: engels, dieet-keuken, voetverzorging, spinnen-macramé, handvaardigheid, naaien, electriciteit, bloemschikken, fotografie, sieraden van metaal en houtbewerking, spaans en duitse konversatie, enz. Deze opvoedende kursussen staan los van de zogenaamde V.O.S.-kursussen. Verder is er begonnen met een open school. Het is geen proefproject, dat gesubsidieerd wordt door het Rijk, maar een spontaan open school project. Andere bronnen - de burgerlijke gemeente met name - worden aangeboord voor financiering. Een voorbereidingsgroep werd gevormd door een vrouw die de V.O.S.-cursus heeft gedaan (mijns inziensaiit een gevaarlijke hoek!), een vrouw van de N.C.V.B. (geen verontruste wellicht!), een vrouw en een man van een ander cultureel cursusproject, een man van 't Nut (wat is dat precies? ), twee vrouwen uit de Vrouwenraad, de vormingswerkster die de open schoolgroep gaat begeleiden (van welke sociale academie komt zij? ) en een begeleider van de culturele raad in de stad. De voorbereidingsgroep beoogde een spontane groep te starten - van vrouwen en ook mannen - die niet meer dan twee a drie jaar vervolg onderwijs had genoten. Verder wordt een rampenplan voorbereid. De plaatselijke gemeenten, worden opgeroepen plannen op te stellen voor optreden in rampsituaties. Van een kerkelijke vereniging kreeg ik tegen deze achtergrond het bericht: 'Wij zagen een aantal jaren geleden geen duidelijke redenen om ons niet aan te sluiten bij de plaatselijke Vrouwenraad. Wij waren geïnteresseerd in de vrijwillige hulpdienst. Als kleine groep krijg je zoiets nooit van de grond.' We zegden hulp toe aan een veertiendaagse verstel-en naaiplan voor een blind echtpaar met twee kleine kinderen. Wij rijden bejaarden, brengen eten rond, passen zonodig op in bijzondere gevallen enz. In de eerste tijd bezocht één afgevaardigde van ons de bestuursvergaderingen van de Vrouwenraad. Door de aard van onze vereniging vonden wij de hulpverlening belangrijk. Toen die goed liep, hoefden wij niet steeds aanwezig te zijn. Wel krijgen we steeds een verslag van de bestuursvergadering toegestuurd. Wat het rampenplan betreft, hebben wij hulp toegezegd als: opvang van kinderen e.d., koffieschenken, ziekenvervoer en wat er verder op dit terrein nodig mocht zijn. We hielpen mee aan landelijke kollektes, zoals de aktie vluchtelingenhulp. Wat deed de Vrouwenraad verder? Vragen om een busdienst, zich verdiepen in de behuizing van bejaarden, vragen om verkeersdrempels op gevaarlijke punten, vragen om honden-speelplaatsen i. v. m. de bevuilde straten, vragen om meer bankjes en prullenbakken in de straten e.d. Allemaal nuttige onschuldige bezigheden, vonden wij. Nu blijkt uit verschillende verhalen de provinciale of landelijke Vrouwenraad andere aktiviteiten te ontwikkelen, waar wij als christenvrouwen niet achter kunnen staan. Wij zagen of kregen nooit een blad of propagandastuk van hen. Misschien ons dagelijks bestuur wel? Door aangesloten te zijn, stel je je toch eigenlijk wel achter hun streven.'
Tot zover het weergeven van een ontvangen bericht. Vanuit de informatie, die de vorige keer gegeven werd, zal het duidelijk zijn dat de vrijwillige hulpverlening slechts een onderdeel is - na de fusie van 1975 - van de werkzaamheden van de Vrouwenraad. Zo op het eerste gezicht inderdaad het meest onschuldige onderdeel. Toch moeten we wijzen op een noodzakelijke kritische doorlichting van de werkgroep van de open school. Bovendien moeten we blijven wijzen op het onlosmakelijke verband van landelijke, provinciale en plaatselijke Vrouwenraad. Het is bij deelname nodig dat altijd een afgevaardigde van een aangesloten vereniging de bestuursvergaderingen van de Vrouwenraad bijwoont. Wij mogen niet onkundig blijven van de publicaties vanuit de Vrouwenraad.
In het bericht van deze kerkelijke vereniging kwamen we een aantal positieve dingen tegen. Dienst aan de naaste is een bijbelse opdracht. Wie denkt niet aan de barmhartige Samaritaan? En aan de beker koud water?
En toch... is de 'onschuldige' vrijwillige hulpverlening soms een geschikt middel om op geraffineerde wijze alle vrouwen te betrekken in onverantwoorde neven-aktiviteiten? Betreffende het vrijwilligerswerk kwamen we het volgende tegen: 'Aan de traditionele vrouwenverenigingen dient ruime gelegenheid te worden geschapen om kader te trainen voor het op gang brengen van emancipatorische veranderingsprocessen bij hun leden.
De positie van vrijwilligsters hierbij moet opnieuw bekeken worden. Voor al het verrichte werk dienen ruime subsidiemogelijkheden aanwezig te zijn.
Hulp wordt georganiseerd. Her en der worden Hulpdiensten van Vrijwilligers opgericht.'
Ook gaf ons te denken wat een presidente van een vrouwenvereniging mij schreef: 'De Vrouwenraad gaat hoe langer hoe meer regulerend ingrijpen in de verenigingen. Men wil bijvoorbeeld hebben dat de notulen van de Vrouwenraadvergadering zullen worden voorgelezen in de eigen vereniging. Allerlei conflictstof - geheel afwijkend van doel en grondslag van de vereniging - wordt de vereniging binnengebracht. Het gevaar dreigt - ook door de cursussen - dat men aan eigen werk onvoldoende toekomt'. Zij vervolgde: 'Zelfs onchristelijke doeleinden worden nagestreefd. En je bent pas christen... als je overal aan meedoet. Echter meedoen is ook medeplichtig zijn.'
Deze presidente geeft dan de voorkeur aan kerkelijk vrijwilligerswerk. Zij pleit voor een spontane vorm van hulpverlening, op persoonlijk initiatief. Uit een draaiboek - opgezet om organisaties een kleine handreiking te geven bij hun plan om tot oprichting van een plaatselijke Vrouwenraad te komen - geven we weer wat daarin over een provinciale en een plaatselijke Vrouwenraad geschreven staat. Dit met het doel zelf te ontdekken hoe nauw een en ander samenhangfmet de Nederlandse Vrouwen Raad.
Provinciale Vrouwen Raad: 'De doelstelling is dezelfde als van de Nederlandse Vrouwen Raad. Haar taak is enerzijds om als doorgeefluik te fungeren tussen de Nederlandse Vrouwen Raad en de plaatselijke vrouwen raden.' Anderzijds kan zij via afgevaardigden in de provinciale (overheids) organisaties en via directe contacten met de provinciale statenleden de doelstelling van de vrouwen raad onderstrepen. Zij zal ten alle tijde coördinerend en stimulerend optreden en heeft een duidelij ke brugfunctie.
Plaatselijke Vrouwen Raad: Een plaatselijke vrouwenraad wil een platform, een samenwerkingsverband zijn met dezelfde doelstelling als de Nederlandse Vrouwen Raad. De aangesloten organisaties zijn geheel zelfstandig en gaan gewoon door met hun activiteiten. Een plaatselijke vrouwen raad is in principe slechts 'doe-orgaan' bij gemeenschappelijk aan te gane werkzaamheden na overleg en op initiatief van de bij haar aangesloten verenigingen/organisaties.
Tegen
Naast de Nederlandse Christelijke Radio Vereniging kwam de Evangelische Omroep. Er dreigde naast de Nederlandse Christen Vrouwen Bond in 1980 een Evangelische Vrouwenbond te komen. En dat vanwege het feit dat de N.C.V.B. zich o.a. in het vaarwater van een ongeoorloofd emancipatiestreven begeven heeft. Verontruste vrouwen vinden dat de NCVB ten koste van de bijbelse boodschap bij de wereld in het gevlij probeert te komen. De N.C.V.B. bestaat ruim 60 jaar en telt zo'n 79.000 leden. Het doel van deze interkerkelijke organisatie is voorlichting geven aan christenvrouwen op politiek, maatschappelijk en cultureel terrein.
De emancipatiegedachte verbreidt zich ook daar meer en meer, gevoed vanuit een onbijbels feminisme.
Deze ontwikkeling is al jaren aan de gang, waar over homofilie, samenwonen en dergelijke zeer ruim wordt gedacht. Er zou sprake zijn van een verlinksing. Als één van de sluwe methoden geldt wel - aldus verontruste leden - de door het hoofdbestuur georganiseerde trainings-en vormingscursussen in Barchem. Via een rollenspel moet je vrij worden, maar over de vrijheid van Christus hoor je niets... Het landelijk actiecomité bracht het zo onder woorden: 'Geen bijbelse referenties, maar gedachten en ideeën zoals die in de wereld opgeld doen, worden ons voorgehouden. Ons wordt geleerd hoezeer de vrouw in het verleden, mede door onjuist bijbelgebruik, ten achter is gesteld en dat nu, door een juister bijbelgebruik, vrouwen meer tot hun recht zouden gaan komen'. In een gesprek met het hoofdbestuur van de N.C.V.B. bereikten de leden van het landelijke actiecomité alleen dat het hoofdbestuur toezegde aan zelfonderzoek te doen. Daarmee nam het hoofdbestuur de kritiek serieus, maar de beschuldigingen werden van de hand gewezen en men bleek niet van plan te.zijn de 'dynamische' bijbeluitleg te herzien. Het hoofdbestuur verwijt de vrouwen een 'statische' bijbeluitleg. De verontruste vrouwen willen nog proberen te blijven. Dit werd op 22 maart 1980 in Amersfoort tijdens een bezinningsdag besloten. Ook in andere landen bestaat verontrusting, bijvoorbeeld in Duitsland, waar de vergadering van verontruste (belijdende) Evangelische vrouwen zich ernstig zorgen maakt over de positie van de vrouw, het gezin en de jeugd. Men hield daar in 1979 een massale conferentie over de thema's: 'Redt het gezin' en 'Redt het leven'. Duitse Evangelische vrouwen hebben hun verontrusting uitgesproken over het huwelijksleven dat steeds meer wordt aangetast, het grote aantal echtscheidingen, het ongehuwd samenwonen, homosexualiteit en abortus provocatus. In april 1980 hielden de Duitse vrouwen, die een aanslag ondergaan op de vrouwelijke waardigheid en op de opvoeding van hun kinderen, een conferentie over 'Redt de jeugd! De bijbelse boodschap voor de ouders van nu'.
Verontruste vrouwen van het landelijke actiecomité tegen de koers van de N.C.V.B. menen zich niet te kunnen aansluiten bij de Vrouwenraad. Landelijk, provinciaal en plaatselijk wijzen zij de Vrouwenraden af.
Aansluiten of niet?
Wij hebben geprobeerd u zo objectief mogelijk voor te lichten over de ontwikkelingen, die doordringen tot in het plaatselijke en gemeentelijke leven. Tot in het huwelijks-en gezinsleven. Het zal u duidelijk zijn dat aansluiten bij de Vrouwenraad grote gevaren met zich meebrengt. Ik hoef daar niet over uit te wijden. Niet aansluiten heeft tegelijk het gevaar in zich van afsluiten. Het mag er niet toe leiden dat we onkundig zijn van datgene wat in kerk en samenleving doorwerkt. We mogen evenwel ook niet meedoen in een medeplichtig zijn aan een verkeerde koers. Het komt aan op een persoonlijke beslissing van een ieder van ons. Daarbij hebben we voor alles de leiding van Woord en Geest nodig. Dan is het zelfs geboden om de Vrouwenraden te beproeven. Moeten we er dan toch aan meedoen? Zonder een persoonlijk advies te willen ontlopen, wijs ik erop hoe nodig het is dat mannen, vrouwen en kinderen zich leren wapenen in de strijd met het Woord van God over de ootmoed. We denken aan Filippenzen 2. De dienende Christus heeft gezegd: 'Gij zijt het zout van de aarde'. Heeft isoleren ook niet zijn gevaren? Het zout moet toch gestrooid worden? ! Zelfs in dienst van de naaste, die in de strikken van de tijdgeest gevangen zit. Als we aanvankelijk aarzelden een advies te geven is dat omdat sommigen een ander laten denken en een ander laten beslissen. Toch mogen we niet onduidelijk zijn in wat we er zelf over denken. Wel hopen we dat degenen, die dit lezen, zelf een mening proberen te vormen over dit onderwerp. Een ieder heeft zelf, in het licht van Gods Woord, te beslissen.
Ons inziens is elke plaatselijke Vrouwenraad onlosmakelijk verbonden aan de provinciale en landelijke Vrouwenraad en staat zo zelfs in verbinding met de internationale Vrouwenbeweging. De Vrouwenraadbeweging is een humanistische beweging. Is het ook een socialistische beweging? Soms dacht ik: een antichristelijke beweging! Als men het mij vraagt met oog op de toekomst of de Vrouwenraden zich niet dichter bij Openbaring 17 dan bij Openbaring 21 bevinden, dan kan ik daar niet veel tegen inbrengen.
Het thema voor regionale vrouwendagen (in 1980) van de Bond van Vrouwenverenigingen op G.G. luidt: 'Midden in de wereld, en toch...' Zelf zou ik dit zo willen afmaken: 'Midden in de wereld, en toch de bruid van het Lam'. Ik vrees, dat de Vrouwenraden geen sieraden zijn, waarmee de Bruid zich tooit.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 september 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 september 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's