Ik geloof in de Heilige Geest
'Opdat Hij mij door een waar geloof Christus en al Zijn weldaden deelachtig make, mij trooste en bij mij eeuwig blijve.' (Zondag 20 Heid. Cat.)
Kernachtig is de belijdenis in onze catechismus aangaande de Heilige Geest. Net zo kernachtig als het werk van de Geest zelf. Menigeen maakt daar helaas een schimmige aangelegenheid van en meer dan ééns wordt voor Geesteswerk versleten, wat opwelt uit de diepten van ons hart. En blijft dat van onszelf uit niet altijd een verdorven hart? Hoe vaak regeert het eigen ik, aangekleed in vroom gewaad?
De Geest doet nooit anders dan dat eigen ik de doodsteek geven. Hoe zou ik leven op mijn eigen naam kunnen overhouden, waar de Geest niet liever doet dan een verloren zondaar overzetten op de naam van Jezus Christus? Wordt de Heilige Geest ons gegeven - let overigens op dat vaste in de Heidelberger: 'dat Hij ook mij gegeven is' - dan blijft Hij niet werkeloos. Hij doet Zijn werk aan ons en in ons.
Hij maakt ons Christus en al Zijn weldaden deelachtig. Niet automatisch. Maar door een waar geloof. Het geloof, zoals dat beschreven wordt in Zondag 7 en Zondag 23. Altijd gaat het de Heilige Geest om Christus. Opdat wij door het geloof deel hebben aan en ervan verzekerd worden dat Zijn werk van verlossing en verzoening vóór ons is, ons ten goede komt. Daartoe neemt Hij het uit Christus en verkondigt Hij het ons. Het! Dat is het heil. Al het heil, niets uitgezonderd. Vlecht u er maar een krans van, een lichtende stralenkrans: vergeving, bekering, wedergeboorte, vernieuwing en reiniging. Samenvattend: de weldaden van Christus. Zij zijn vele en velerlei. Maar Hém hebben zij tot middelpunt. Dat heil schenkt de Geest ons, dat werkt Hij in ons uit. Door het geloof. Het geloof in wat in het Evangelie beloofd wordt. Steeds grijpen geloof en belofte in elkaar. In de belofte van heil en verzoening grijpt het geloof Christus aan. Dat geloof zinkt neer op het volbrachte werk van Jezus.
Zulks wordt gewerkt door de Heilige Geest. Vlak dat werk van de Geest in ons niet uit. Verslijt het niet voor overbodig. Wij zijn hier op een terrein met vele theologische voetangels en klemmen. Geest, geloof en belofte mogen niet tegen elkaar worden uitgespeeld, evenmin van elkaar losgemaakt. Pinksteren was immers ook geen overbodig feest! Integendeel, 't werk van God in Jezus Christus werd gekroond en in de wereld gepredikt. In zekere zin was het werk der zaligheid met kruis en opstanding van Christus niet af. Het moet gepredikt en geloofd. En: zonder de Heilige Geest kan niemand zeggen dat Jezus de Heere is.
Wie zegt: 'Christus heeft alles aan het kruis volbracht en daarom behoeft er niets meer te gebeuren, heeft eensdeels gelijk. De Heilige Geest voegt aan het werk van Christus niets toe. Maar er is ook de vraag: wat baat het u, dat ge dit alles gelooft? Een uiterst praktische vraag! Het gaat immers om de persoonlijke kennis van het heil in Christus. Een kennis overigens die haar fundament vindt in de heilsdaden van God, uitgeschreven in Zijn Woord.
Hebt u honger en dorst naar de gerechtigheid van Christus? Dat is een vrucht van de Heilige Geest. Maar honger roept om verzadiging en dorst moet gelest worden. Dat doet de Heilige Geest. Door middels het Woord Christus aan u voor te stellen in Zijn schoonheid en Zijn algenoegzaamheid. Maar ook, door het werk van Christus in te dragen in uw hart. Door u in dat werk te laten rusten met al uw zonden. Hij doet u uzelf overgeven aan Jezus. Dat is een waar geloof!
Opdat Hij mij Christus en al Zijn weldaden deelachtig make... Let u op de volgorde? Christus én... Niet: de weldaden en dan nog eens, pas veel later... Christus. Er kon juist wel eens veel geestelijke diefstal gepleegd worden, daar waar men het zijn hoogste plicht acht te 'waarschuwen voor een gestolen Jezus'. Hoevelen worden de handen opgelegd, in geval van wat indrukken en ondervindingen, in geval van vele gestalten, die verhandeld worden... Daar hangt men de rijke arme zondaar uit, zonder dat de naam van Jezus ook maar genoemd wordt, zonder dat ooit Christus omhelsd werd. Wat hebben we aan weldaden zonder Jezus? Hier wordt orde op zaken gesteld: Christus én... Hij de Eerste en de Laatste, Hij alleen! Heb erg in de duivelse listen, waarmee u in vrome woorden wordt wijs gemaakt dat u geloven kunt en rust kunt hebben, zonder Christus door het geloof te kennen. Wij kunnen ons voor God niet beroepen op vergeving, bekering of wedergeboorte, veel minder nog op onze ervaringen maar slechts op het bloed van Jezus Christus. Wie Hem heeft, heeft ook alle weldaden. Wie Hem niet heeft, heeft niets!
En mij trooste... Is dat nog nodig, vraagt u zich af. Als de Heilige Geest is gegeven, als Christus en al Zijn weldaden is deelachtig gemaakt. .. wat dan nog? Dan kan een mens toch altijd blij zijn? Je bent immers verlost! Je hebt immers de Heere Jezus! Wéér herinneren we ons: door het gelóóf! Geloof is nu eenmaal geen geldlaadje, dat je uit kunt schuiven om er naar believen een greep in te doen.
Onze erfenis is boven, in de hemelen bewaard. Wij dragen haar niet op zak. En wij worden voor de erfenis bewaard. In de kracht van het geloof. Wordt ons geloof geoefend, dan komt menigmaal juist de hoop op het eeuwige leven, de geloofsverbinding met Jezus, onder zware druk te staan. Daarbij vormen de zonde, de wereld en ons eigen boze hart een kwalijk driemanschap. De erfenis mag dan klaar liggen, er is soms ook zoveel angst en vrees, die ons hart bespringt. Wij moeten het met schade en schande leren, dat wij in hope zalig zijn. Dankzij Gods genade is de hoop een duurzaam artikel. Een machtige gave van God. Maar het goud wordt gelouterd. Spreekt Petrus ook niet over de beproeving van het geloof (en daarin van de hoop!), die veel kostelijker is dan van het goud en bevonden wordt te zijn tot lof en eer en heerlijkheid in de openbaring van Jezus Christus? (1 Petr. 1:7).
Zolang wij leven, zijn wij in ons zondige vlees. Al brak in de gezegende ontmoeting met Jezus Christus onze ruggegraat, de stuiptrekkingen kunnen zo fel zijn. Wij moeten ons daarbij ervan beschuldigen zo vèr onder de maat te leven. De vogel van het geloof en de hoop kan soms zo angstig fladderen in de stormen van allerlei aard, die over ons heentrekken. Niettemin, zij mag schuilen in de stilte van de gemeenschap met Christus, waar de Heilige Geest ons troost. Niet met het onze maar met dat wat van en in Christus is: genade, die genoeg is en eeuwige liefde Gods, die met bloed is bezegeld. En mij trooste... als vlees en hart dreigen te bezwijken. Hij is nabij. De Trooster, die ons hart opnieuw verzekert van de genade van Christus en de liefde van de Vader. En in en na alle afdwalingen is Hij het, Die uit onze ziel de belijdenis losmaakt: 'Ai, zoek Uw knecht, schoon hij Uw wetten schond, want hij volhardt naar Uw geboón te horen'.
En tenslotte: bij mij eeuwig blijve'. Dat is nu troost bij uitstek. God laat het werk van Zijn hand niet varen. Kwam u onder de leiding van de Heilige Geest (vgl. Rom. 8 : 14), u raakt deze Meester nooit meer kwijt. U blijft onder Zijn bewind, onder Zijn zorg. En Zijn zorg is een zegen. Wat kwam er anders van u en mij terecht? Nu houdt Hij koers inet ons leven.
Door alle omzwervingen en zonden heen, stuurt Hij aan op het Vaderhuis. Intussen worden onze tranen in Gods fles bewaard en op Zijn rol geschreven. Zo voedt de Geest de hoop en bewaart Hij ons bij het geloof. Totdat de laatste tranen worden afgewist en de laatste nevels optrekken. Totdat de Bruiloft des Lams begint. Dan trekt de Geest, hoewel Hij eeuwig blijft, zich toch als de vriend van de Bruidegom bescheiden terug. Dan geeft Hij opnieuw, zoals Hij altijd deed, de ruimte en gunt Hij de lof aan Christus. Maar het kan niet anders of in het eeuwige loflied wordt ook de Heilige Geest hogelijk geprezen! Als de stille Weldoener, Die ons schonk een zaligheid, nooit af te meten en een vreugd', die alle leed verbant.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 september 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 september 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's