De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De predikant en zijn plaats (2)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De predikant en zijn plaats (2)

9 minuten leestijd

Juist omdat de wereld vol tegenstrevende meningen is, die vaak talentvolle verdedigers vinden en tegen wie de waarheid Gods gehandhaafd moet worden, kan men niet volstaan met mannen die een hartelijk, gemoedelijk toespraakje houden over het Woord. Neen, onze predikanten mogen niet vreemd staan ten opzichte van de stromingen, die zich in de wereld der geesten doen kennen. Zij hebben nodig, diepe studie van het Woord vooral, wetenschappelijke voorbereiding, omvangrijke kennis van wat er in alle kringen der mensheid omgaat.

Juist omdat de wereld vol tegenstrevende meningen is, die vaak talentvolle verdedigers vinden en tegen wie de waarheid Gods gehandhaafd moet worden, kan men niet volstaan met mannen die een hartelijk, gemoedelijk toespraakje houden over het Woord. Neen, onze predikanten mogen niet vreemd staan ten opzichte van de stromingen, die zich in de wereld der geesten doen kennen. Zij hebben nodig, diepe studie van het Woord vooral, wetenschappelijke voorbereiding, omvangrijke kennis van wat er in alle kringen der mensheid omgaat. De juiste waarneming van het ambt vraagt een grote genade. Maar het is ook een gebiedend vereiste, dat er dan tijd en plaats is voor opnemen van wat in het Woord geschreven staat. Immers, het Woord moet niet alleen, zoals het daar ligt, op de kansel, in de catechisatie, in de huizen worden gebracht, maar het moet om ingang te vinden worden verklaard en naar de behoeften van de tijd worden toegepast. Om het hart en het geweten te treffen mag een predikant geen vreemdeling in eigen tijd zijn. Hij behoeft wereldkennis, mensenkennis en Schriftkennis vooral. Denk daarbij niet weinig ook aan de stille omgang met God. Hij moet met een heilige moed begaafd zijn om bij vele teleurstellingen vol te houden, een teer gebedsleven kan hij niet missen. Wij kunnen onze eisen en voorwaarden nog verder uitbreiden, wanneer wij op dit stuk denken aan een heilige wandel, aan de wenselijkheid van een goed pastor te zijn en een uitnemend leider voor de gemeente. Alles bijeen een veld niet te overzien. Er is geen beroep, waaraan zo hoge eisen worden gesteld en dat met zo venijnige kritiek wordt bejegend.

Omgang met het Woord

Maar zie - het zwaartepunt van zijn arbeid ligt toch in de omgang met Gods Woord en van­ daar in de prediking. De kerk heeft dit al maar dieper begrepen. Vandaar dat de eis gesteld wordt een universitaire opleiding te volgen. In de bloeitijd van de reformatie verrezen overal universiteiten en hogescholen; niet weinig om de theologische studie te bevorderen. Door middel van de studie der klassieke talen en andere wetenschappen trachtte men predikanten op te leiden die aan de hoogste keur beantwoordden. Niet weinig werd ook de nadruk gelegd op de dogmatiek als de wetenschap, die de inhoud van de christelijke belijdenis ontwikkelt, zoals die subjectief tot waarheid en leven is geworden. Gods Woord is geen houten blok in het midden der gemeente gelegd - het wordt gelezen, overdacht en vertolkt in het taaieigen van de tijd. Zo dient de dogmatiek de prediking van alle tijden als de wachtster over het gehalte van de prediking. Geen wonder dus, dat de universiteit die jongelui aantrekt, die zelfstandig kunnen studeren en een eigen oordeel over een bepaalde stof kunnen vellen. En wanneer nu de universiteit de begaafdste jonge mensen de gelegenheid biedt zich te bekwamen in allerlei takken van wetenschap, moet dan de kerk genoegen nemen met mindere kwaliteit? Neen, het Woord Gods mag de best gekwalificeerde krachten vragen!

Universitaire keur

Zo is er dus in de loop der eeuwen een bepaald type van predikant gekomen, aan wie de universitaire keur altijd merkbaar is gebleven. Hij draagt het merk van beschaving, geleerdheid, welsprekendheid en van wellevende omgangsvorm. Wij weten wel dat het niet overal en bij ieder zo is. Maar het is wel het ideaal. Om het met één woord te zeggen: huisbakkenheid moet hem vreemd zijn. Wij bedoelen geen mondaine persoonlijkheid, maar wel een geestelijk mens. Die iets meer weet dan de kerkbodelektuur en het provincienieuws. Daarmee zij geen kwaad gezegd van dit gebied. Maar toen Paulus sprak met de Atheense wijsgeren kon hij daarmee niet toe. Een type van predikant bedoelen wij die geheel berekend is voor zijn taak, door iets te weten van de literatuur, van de wijsbegeerte der eeuw, die bovenal het Woord grondig kent en de studie bijhoudt door van tijd tot tijd gelegenheid te vinden een werk van meer dan middelmatig gehalte te lezen.

Verschillende kleuren

Uiteraard is niemand in staat een volmaakt predikant te zijn. Met inachtneming van de beroepseisen voor iedere predikant valt het prisma toch weer uitéén in een aantal kleuren. Geheel overeenkomstig de speciale vereisten van ieder persoonlijk kunnen wij toch een drietal hoofdtypen in het predikantschap onderscheiden. Er is vooreerst de intellectuele predikant. Doorgaans een studiehoofd, die veel werk maakt van zijn preken. De prediking is telkens verzorgd. Stelt vaak meer dan gewone eisen aan de hoorders. Graven in het Woord doet dit type. De besten in de gemeente leven door zo'n prediking op. Deze predikant is in zijn kring een baanbreker door iets voort te brengen dat voor zijn hoorders ten minste iets nieuws is. Zo één maakt de mensen uit hun rust wakker. Hij dwingt ze om het gehoorde te overdenken en te toetsen aan het Woord. Daartoe zijn lang niet allefi geneigd of bekwaam. Daarom is zulk een prediker bij de grote menigte niet gewild. Enkele gemeenteleden mogen zich gevleid voelen door de gedachte, dat de prediker hoge dunk van hen schijnt te hebben, omdat hij hun zo vaste kost toedient. Maar het blijft ook bij deze gemeenteleden doorgaans bij prijzen. Weinigen willen mee naar boven om te leren nadenken over het Woord. De grote massa blijft liever bij de eerste beginselen, aan de voet van de berg. De doorsneegemeente begeert liever in de kinderlijke staat te blijven. Gemoedelijke genietingen , kenmerken van waarachtige bekering te horen, gevoelige gestalten - ja, die wenst men. Maar nadenken over wat het Woord .voorzegt - in het berglandschap te worden geleid en onvermoede vergezichten te ontwaren, dat is de meesten te zwaar. Neen, de intellectuele predikant zal nooit populair worden, maar de oprechte christenen, die uit het Woord leven, zullen hem niet vergeten om des Woords wil dat hij bracht. Zij werden door zijn prediking meer in het Woord geleid. Zulk een prediker is niet gauw vergeten. Maar de schare wil meest gemakkelijker verteerbaar voedsel.

Pastoraal

Daar is vervolgens de pastorale predikant. Dit is de man met het warme hart en zijn gemakkelijke omgang. Ieders levenslot volgt hij nauwgezet. Gewoonlijk beschikt dit type over grote populariteit en ongemene aanhang. Hij heeft een aangeboren behoefte mensen te leren kennen en ze te begeleiden. Feilloos voelt de gemeente dit aan en beantwoordt het ook meestal met een grote trouw. Vooral de jeugd reageert ook op de .prediking, die nogal eens vlot getoonzet is in de spreektrant van deze tijd. Natuurlijk is onze typering alleen maar een vluchtige schets. Meer wil ze ook niet zijn. Wij registreren slechts de hoofdtendenzerf. De pastorale predikant is veelal een bekwaam spreker. Hij weet met gloed en verve zijn boodschap te brengen, boeiend met beelden en verhalen. Een vorser in het Woord is hij niet. Oorspronkelijke preken en verrassende teksten hoort men niet. Hij vergenoegt zich met te zeggen wat elk lidmaat, wiens kennis niet beneden de gewone maat is, al wel weet. Meer dan het nieuwe vraagt men naar het schone. De doorsneegemeente is dan al reeds tevreden! Predikers als de hier getekende zijn allerminst verwerpelijk. Integendeel, zij kunnen zeer nuttig en gezegend arbeiden. Zij zijn als het cement, dat de stenen van het gebouw bijeenhoudt. Zij bewaren de gemeente in de goede orde. Zij weiden de schare. Maar optrekken doen zij niet. Toch gebruikt de Heere der kerk hun aanleg om zijn gemeente te houden in het rechte spoor.

Administratief

Een derde type is de administratieve predikant. Het is bij uitstek de man van het bestuur en het beheer. Hij is gelukkig wanneer er een vergadering is, wanneer er een nieuwe vereniging wordt opgericht. Hij weet alles van de financiën, van de kerkorde; heeft verstand van geldleningen en van bouwen. Hij is doorkneed in politieke zaken, weet van gevoel voor verhoudingen, verstaat uitnemend de geest van de gemeente en kent gevoel voor het haalbare. Het zijn de geboren voorzitters van een kerkvergadering of een ministerie. Religieus zijn het nu niet bepaald de diepste geesten, hun preken gaan in het gewone spoor, verraden weinig denkkracht en soms bespeurt een fijnzinnige ziel dat alles wat metalig rondom hen klinkt. Maar wanneer het hoognodig is dat er een bejaardencentrum komt of een nieuwe school is het een zegen wanneer er zulk een voorganger is. Het gaat immers in een gemeente vaak wat traag toe en dan is het juist zulk een talent dat zich kan ten nutte maken. Zakelijk, ad rem en kundig van inzicht.

Te grote gemeenten

Natuurlijk tekenden wij hier geen personen. Wij bedoelden alleen typen want in de realiteit is er onder de predikanten altijd ook iets van het andere type voorhanden. Een ieder wekke de gave op, die hem eigen is, maar probere ook zijn schaduwzijden te vermijden. Intussen is het niet te ontkennen dat het voor een gemeente goed is van tijd tot tijd diverse typen te hebben. Ja, wij gaan zelfs zo ver, dat het goed is zo spoedig mogelijk naar een tweede predikantsplaats te streven, wanneer een gemeente de 1500 zielen te boven gaat. Liever nog wanneer het aantal van duizend zielen wordt overschreden. Want dan gaat het pastoraat een aanslag plegen op de studie voor de prediking. Wij menen dat in onze overgrote gemeenten een dodelijk gevaar schuilt. De catechisaties en de bezoeken, en de vele vergaderingen slokken de tijd op. Het preekprogramma geraakt gauw in de verdrukking. Wij moeten nuchter zijn - de vele klachten over het gehalte van de prediking hebben een oorzaak. De gemeente is te groot. Er is eenvoudig geen tijd om zich rustig te bezinnen op het Woord van God. Wij weten maar al te zeer van vele collega's hoe de preek op het allerlaatst nog moet worden voorbereid nadat men de gehele week hier en daar is heengevlogen. Ik spreek niet over het verkeerd gebruik van de tijd. Maar het feit ligt er en de vraag is ter zake: doet dit hollen en draven geen schade aan de inhoud van de preek? Wat zoudt u denken van een dokter, die zijn medische handboeken niet meer raadpleegde en op de vuist ging leven?

Het Woord vraagt overdenking. Overdenking vraagt tijd. Ik geloof, dat wij een geheel andere waardenordening behoeven. Vele bezigheden maar ongedaan te laten om het Ene nodige met al de kracht van onze ziel te beoefenen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 oktober 1980

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

De predikant en zijn plaats (2)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 oktober 1980

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's