De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

6 minuten leestijd

Hij is er, en Hij spreekt; dr. Fr. A. Schaeffer, Telos-uitgave, Buijten & Schipperheijn, Amsterdam, 1979.

Het boek van dr. Fr. A. Schaeffer onder bovenstaande titel is een vervolg op zijn 'De God die leeft'. Hij gaat hier vooral in op wat hij noemt de epistemologie-leer van de kennis. Het boek bevat vier hoofdstukken:1 de metafysische noodzaak, 2. de morele noodzaak, 3. de epistemologische noodzaak - het probleem, 4. de epistemologische noodzaak - het antwoord. Aan het slot twee aanhangsels over 1) Is propositionele openbaring onzin? en 2) 'Geloof' tegen geloof. Ongetwijfeld is de schrijver een meester in het analyspren van de vragen, waarmee velen in de moderne tijd worstelen. Hij probeert de oorzaken op te sporen van het faillissement van een van God losgerukte wereld, die de zin van het bestaan ontgaat. In het Zwitserse Huémoz (l'Abri Fellowship) worden vele wanhopig geworden intellektuelen opgevangen (ook in Nederland is er een afdeling van l'Abri in Eek en Wiel).

Om het bovenstaande kan ik ook dit boek van Schaeffer erg waarderen. Maar mijn bezwaar tegen net boek 'De God Die leeft', indertijd geuit in een boekbespreking in ons blad, herhaal ik met klem met betrekking tot dit boek. Schaeffers methode is fout. Intellektuele twijfel wordt al te zeer met redelijke, filosofische argumenten ontzenuwd. Genoemd boek is te filosofisch van inslag en methode en te weinig exclusief theologisch. En is een bijbelse filosofie bijbels, dan moge zij theologie heten, maar is ze filosofie, dan zit er altijd wel een addertje onder het gras, b.v. dat een logische redeneertrant althans hulpmiddel kan zijn voor het leren geloven in de levende God. En dat lijkt mij een (ioodlopende weg. Dat opent vrij gemakkelijk de deur voor een natuurlijke theologie, waarin Socrates met zijn gedachte, dat de waarheid diep op de bodem van 's mensen hart sluimert, vrij spoedig al te veel eer krijgt. Daarom kan ik de methode van Schaeffer niet aanprijzen als evangelisatiemethode. Zijn methode is mij te 'logisch'. Ik weet met zijn 'filosofisch te erkennen noodzaak van het feit, dat God bestaat' bijbels gezien (ik denk aan Rom. 1 en 2 vooral) geen raad.

C. den Boer

Dr. C. A. Tukker: Vast vertrouwen en onberispelijk leven; B.V. Uitg. De Banier, Utrecht, 1979, 82 pag., prijs ƒ 14, 75.

Ter gelegenheid van de Kerkhervormingsdag 1979 stelde dr. Tukker dit boekje samen over Zwingli. Het bevat de 67 stellingen van Huldrych Zwingli en zijn kommentaar daarop. Voordat deze stellingen worden afgedrukt geeft dr. Tukker een korte inleiding op persoon, werk en betekenis van Zwingli. Bij de Kerkhervorming wordt altijd alleen maar naar Luther gekeken. Calvijn. komt daarbij wat achterop en Zwingli komt helemaal nauwelijks in het gedenken voor. Toch is de invloed van Zwingli op verschillende punten in nationaal-gereformeerde kringen in Nederland duidelijk aanwijsbaar. Vandaar dat ook hij onze aandacht verdient. Kort en bondig geeft dr. Tukker dan een heldere levensbeschrijving van de hervormer van Zurich. In een hoofdstukje getiteld 'Zwingli in de schaduw van anderen? ' zet dr. Tukker de verschilpunten tussen de drie Reformatoren uiteen, maar niet zonder veel nadruk te leggen op hun één-zijn in de Waarheid. Dan volgen de ons onbekende 67 stellingen. Deze heeft Zwingli ontworpen voor het godsdienstgesprek in Zurich dat op 29 januari 1523 plaats had tussen hem en Johann Faber die aan het hoofd stond van een bisschoppelijke afvaardiging. Deze disputatie had tot gevolg dat Zwingli in het gelijk werd gesteld en vanaf toen alle geestelijken het Evangelie moesten preken in Zurich. Maanden later verschijnt dan Zwingli's eigen commentaar op deze stellingen onder de titel 'Uszlegen und gründ'. Dr. Tukker geeft daarvan een samenvatting in dit boek per stelling. Voor wie belang stelt in de Reformatie is dit boekje een zeer interessant geschrift. De aandacht die dr. Tukker via dit geschrift-voor Zwingli vraagt, verdient onze instemming. We zijn hem dankbaar voor dit boek­

J. Maasland

W. Aalders: Het huwelijk; grootheid en verval, uitgave Echo Amersfoort, 40 pag., ƒ 4, 95.

Een kort en kernachtig geschrift van de onder ons bekende en gewaardeerde auteur. 'Huwelijk en gezin bevinden zich in de maalstroon van deze tijd.' Met die openingszin zijn we meteen ter zake. Aalders is er de man niet naar om niet man en paard te noemen. 'Want de aanvallen komen van alle kanten! Van de IKON, van de hoogtezon-dominee van de NCRV, van de Arjos. Wie herinnert zich niet de Geloof-Hoop-en Liefdeshow van de IKON? Hier werd niet slechts een mentaliteitsverandering ten aanzien van het huwelijk gesignaleerd, maar opzettelijk bevorder.' (p. 5) Dit soort profetische waarschuwingen blijven nodig. Positief is de grondgedachte van deze brochure: het huwelijk kan niet gegrond zijn op de natuurlijke liefde, ook al ontspringt het uit de neiging der geslachten en de hartstocht. De ongebreidelde passie van de mens is een ontbindende en ontwrichtende kracht. Het huwelijk echter is een geestelijke zaak, een dam tegen de gevaren van het vlees. De enige, ware basis van het huwelijk is trouw. 'En trouw is iets van wezenlijk andere orde dan liefde. Met het woord trouw komen wij in de nabijheid van het bijbelse begrip liefde. Trouw is niet een natuurlijke zaak, maar een genadegave.' Deze trouw richt zich op het voor Gods aangezicht gegeven woord. Het christelijk huwelijk kenmerkt zich door een extra dimensie - God is immers betrokken in het verbond.

Vandaag de dag beleven we de cultus van het authentieke, spontane, direkte en ongebreidelde. Aalders stelt terecht de kritische vraag of we hiermee uiteindelijk niet terecht komen bij het animale - de mens is toch anders dan een dier dat leeft vanuit de onmiddellijke instinctieve drang? Van betekenis is de verbindingslijn tussen huwelijk en heiligmaking. Het huwelijk staat in verband met de zaligheid. Dat betekent dan ook ten aanzien van echtscheiding: 'Wie de ander verlaat, vertwijfelt aan Gods genade. Hij verwerpt het kruis, dat zijn heiligmaking betekent'.

Enkele kritische opmerkingen. De schrijver doet er mijns inziens geen goed aan het huvvelijk een sacrament te noemen. Die term is in dit verband theologisch erfelijk belast. Ook vind ik het toch wel jammer dat hij het begrip 'liefde' loslaat waar het gaat om de basis van het huwelijk. In zijn boek 'Man en vrouw in een revolutionaire tijd' doet hij dat nog niet (1974). Daar stelt hij 'liefde in evangelische zin' als wortel van het huwelijk tegenover een romantisch ideaal. Aalders' nieuwste brochure is licht van gewicht, maar zwaar van gedachten - van luttele prijs, maar van rijke inhoud.

J. H.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 oktober 1980

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 oktober 1980

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's