De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De psychisch gestoorde situatie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De psychisch gestoorde situatie

Vanuit de huisartsenpraktijk

9 minuten leestijd

Als Paulus de weg van de totale onthouding afwijst, doch wel toelaat, dan wijst hij op de risico's en de verzoekingen die dat met zich meebrengt.Toch zouden velen, die zonder meer pil of sterilisatie afwijzen, geen andere mogelijkheid dan totale onthouding overhouden, omdat zuiver medisch gesproken een volgende zwangerschap of geboorte levensgevaarlijk zou kunnen zijn. Toen er nog geen pil of sterilisatie bestond, was er geen keus. De keus hoefde trouwens minder vaak gemaakt te worden, omdat bij gebrek aan medische kennis ook minder voorspellingen gedaan konden worden. Vermeerdering van kennis heeft een geweldige toename van de menselijke verantwoordelijkheid met zich meegebracht.

Als Paulus de weg van de totale onthouding afwijst, doch wel toelaat, dan wijst hij op de risico's en de verzoekingen die dat met zich meebrengt.

Toch zouden velen, die zonder meer pil of sterilisatie afwijzen, geen andere mogelijkheid dan totale onthouding overhouden, omdat zuiver medisch gesproken een volgende zwangerschap of geboorte levensgevaarlijk zou kunnen zijn. Toen er nog geen pil of sterilisatie bestond, was er geen keus. De keus hoefde trouwens minder vaak gemaakt te worden, omdat bij gebrek aan medische kennis ook minder voorspellingen gedaan konden worden. Vermeerdering van kennis heeft een geweldige toename van de menselijke verantwoordelijkheid met zich meegebracht. De mens komt voor beslissingen te staan, die vroeger niet bestonden. Ook de keuze uit de diverse technische mogelijkheden is totaal nieuw. Al lijken alle media al jaren bol te staan van onderwerpen als pil, spiraaltje, sterilisatie en wat dies meer zij, toch moeten we goed bedenken dat de pil pas 15 jaar op beperkte schaal en 10 jaar op grote schaal in Nederland gebruikt wordt, en dat het spiraaltje en de sterilisatie nog maar enkele jaren gemeengoed zijn geworden. Met voorboden in de zestiger jaren, hebben de echt grote veranderingen zich in de zeventiger jaren voorgedaan. En dat stelt mensen, die opgevoed zijn in de dertiger, veertiger en vijftiger jaren voor ongedachte mogelijkheden, maar ook voor onverwachte gewetensconflicten.

Ik kan me best voorstellen, dat de hele materie voor velen zo ingewikkeld wordt (is dat trouwens geen list van de duivel? ) dat ze het voor zichzelf overzichtelijk willen houden en zich op een star standpunt stellen. Voor hen is de pil, of welke nieuwerwetse methode dan ook, immer taboe, en zij hebben er vrede mee, totdat...

Totdat ze zelf medische problemen krijgen. Dokters doorkruisen hun levenspad. Er moet ingegrepen worden, en hun standpunt van weleer lijkt een zeepbel geworden te zijn. De dokters, die het leven van hun vrouw en kind hebben gered, en dus hun hersenen wel op een rijtje zullen hebben, zullen toch ook met hun advies om voorlopig de pil maar te slikken hun beste bedoelingen wel hebben.

En zo is het ook dikwijls. Daar hoeft niemand gewetensproblemen mee te hebben. Herstel van littekens en genezing van allerlei complicaties rondom de geboorte van een kind vergt meestal tijd en rust.

Maar moet de reden daartoe altijd puur medisch zijn? Zuiver lichamelijk, bedoel ik. Waar ligt de grens eigenlijk?

Om eens wat te noemen: de moeder die vlak na de geboorte een zogenaamde kraambedpsychose krijgt ('de kraam in haar hoofd') en soms vele maanden opgenomen moet worden in een psychiatrisch ziekenhuis, of de moeder die weken of maanden na de bevalling zo labiel blijft dat ze haar baby niet kan verzorgen en haar huishouden niet aan kan, of de moeder die dwanggedachten krijgt om haar pasgeborene wat aan te doen, of... vult u zelf maar in, wat u ongetwijfeld wel eens hebt meegemaakt in uw nabije omgeving. Het is dan goed om in zulke gevallen te weten hoe het verder moet. Puur lichamelijk is er vaak niet veel loos, maar psychisch loopt het geheel fout. De mens is immers meer dan een lichaam alleen. Daar komen veel vaders en moeders vaak regelrecht achter. Wat is het doel in hun huwelijk? Wat is de weg die ze verder gaan moeten?

We zullen daartoe het formulier, waarmee ze in het huwelijk zijn bevestigd, nog eens citeren; 'om te weten de oorzaken, waarom God de huwelijken staat heeft ingezet': 'De eerste oorzaak is, opdat de één de ander trouw zou helpen en bijstaan in alle dingen, die tot het tijdelijk en eeuwig leven behoren. De andere, opdat zij hun kinderen (die zij krijgen zullen), in de waarachtige kennis en vreze Gods, Hem tot eer, en tot hun zaligheid opvoeden.'

Er staat dus niet: 'opdat zij kinderen zullen krijgen en die zus en zo opvoeden.' Nee, de roeping van het christelijk opvoeden van de ontvangen kinderen weegt duidelijk zwaarder dan het krijgen van kinderen, zeker in de situatie waar zelfs van opvoeding nauwelijks sprake kan zijn, laat staan christelijke opvoeding. Bij vele psychische stoornissen, zoals bijvoorbeeld ernstige overspannenheid, kan men het leven zoals dat zich op dat moment voordoet, niet aan, voor eigen persoon al niet, laat staan voor een ander, een man, een kind. Het huwelijksleven tussen man en vrouw, het gezinsleven met de opvoeding van dë kinderen staat dan onder zware druk. Dat moet eerst weer in orde komen en dat kost weer tijd en rust. Er moet in ieder geval niets bijkomen, zoals een nieuwe zwangerschap. En dan zijn genoeg psychiatrische ziektebeelden, waarbij totale onthouding vanzelfsprekend is en zelfs niet eens een opoffering, soms zelfs onontkoombaar door bijvoorbeeld opname in een ziekenhuis. Anderzijds komt het maar al te vaak voor, dat psychische ziekten gepaard gaan met ontremming en impulsiviteit, ook op sexueel gebied. Als de patiënt dan verder niet voorrede vatbaar is, komt de huwelijkspartner soms voor onoplosbare problemen te staan. Problemen die dan alleen op kunstmatige wijze te ondervangen zijn.

Als het huwelijk op deze of andere wijze onder grote spanning komt te staan, dan is het steeds opnieuw goed het huwelijksformulier in herinnering te roepen, wat het eerste doel is, waarom God de huwelijken staat heeft ingezet: dat de één de ander trouw zou helpen en bijstaan in alle dingen, die tot het tijdelijk en eeuwig leven behoren. En dan volgt het tweede doel: de christelijke opvoeding.

In het huwelijk weegt de man-vrouw relatie het zwaarst, zwaarder nog dan de ouder-kind relatie. Dat komt - in andere zin - ook tot uitdrukking in de woorden van God bij de instelling van het huwelijk: 'Daarom zal de man zijn vader en moeder verlaten (de verbreking van de kind-ouder relatie en zijn vrouw aanhangen en zij zullen tot één vlees zijn (de totstandkoming van de man-vrouw relatie).'

Als dus bij medische en psychische stoornissen de man-vrouw relatie en de ouder-kind relatie (in dit geval nog niet verwekt kind) om voorrang strijden, dan hebben we op de weg der genezing zonder meer voor de eerste te kiezen.

Al is de Scheppingsrelatie tussen sexualiteit en vruchtbaarheid bij vele psychische ziektebeelden ongestoord, toch blijkt er dan een andere relatie ernstig verstoord te raken. En een huwelijk moet van een bijzonder kaliber zijn, wil het dergelijke stoornis op de lange duur kunnen verdragen.

Ik heb eens gehoord, van een (inmiddels overleden) dominee uit de Gereformeerde Gemeenten (niet erg bestudeerd, zeker niet in de psychologie of psychiatrie, maar blijkbaar in de praktijk erg levenswijs geworden), die placht te zeggen: 'als een huwelijk spaak loopt, ligt de oorzaak voor 90% in bed'. De beste man kon wel eens gelijk hebben. Of hij dit bed-probleem ook heeft kunnen oplossen vermeldt de historie niet. Mijns inziens was deze uitdrukking ook niet helemaal juist, want de sexualiteit is nooit de basis van het huwelijk, maar de liefde. En toch kunnen we zeggen, dat waar er binnen een huwelijk, door allerlei lichamelijke en geestelijke stoornissen, geen plaats meer is voor de sexuele beleving, de liefde kan doven. De liefde kan ondervoed raken op de lange duur. Liefde is geen gegeven, maar een levende zaak, geen passieve, maar een aktieve zaak. Liefde moet je leren, ook in moeilijke tijden, maar liefde kun je ook afleren, in onmogelijke omstandigheden.

Te trouwen en tóch te moeten branden, die last is echt te zwaar. En dat hoeft ook niet.

In zulke omstandigheden kunnen taboes die er over bijvoorbeeld de pil bestaan funest werken. Niemand zal toch in zo'n ernstig verstoorde situatie durven zeggen dat de pil als genotmiddel wordt aangewend. De pil is hier duidelijk een geneesmiddel.

En toch kom ik mensen tegen die zeggen, dat de man in zo'n geval z'n verstand maar moet gebruiken, waarmee ze dan bedoelen: hij moet zich maar onthouden. Deze mensen zijn blijkbaar van mening dat sexualiteit er alleen is voor de man. Dat onthouding een probleem is voor én man én vrouw komt in hun hoofd niet op. Ik vraag me wel eens af: Wat hebben deze mensen zelf voor een huwelijk?

Als we tot de slotsom komen dat ook in psychische nood de pil als geneesmiddel aanvaardbaar is, begeven we ons dan niet op het hellende vlak, dat we ook uit de abortus-discussie kennen, namelijk het hellende vlak: medische indicatie - psychische indicatie - psychosociale indicatie enz.? Met andere woorden zet je zo de deur niet wagenwijd open? Die conclusie zou getrokken kunnen worden. In de eerste plaats moeten we daartegenover stellen, dat de gezinsvormingsproblematiek van een ander ethisch niveau is dan de abortusproblematiek. Het is geen zaak van leven of dood, en dat zou het eigenlijk ook nooit mogen worden. Het moet een zaak van middelmatigheid blijven.

In de tweede plaats moeten we hen, die menen dat de deur nu open staat, antwoorden dat alles gesteld moet worden binnen het kader van de christelijke vrijheid, die Paulus in de Romeinenbrief met woord en weerwoord aan de orde stelt: 'Wat dan? Zullen wij zondigen, omdat wij niet onder de wet zijn, maar onder de genade? Dat zij verre' (Rom. 6 : 15).

De kwaadwilligen en de gemakzuchtigen misbruiken de christelijke vrijheid door te zondigen, opdat de genade te meerder worde. Een probleem dat zo oud is als de Romeinenbrief.

De ware christen geniet de christelijke vrijheid, tussen twee polen: De éne pool is: 'Alle dingen zijn mij geoorloofd, maar alle dingen zijn mij niet nuttig; alle dingen zijn mij geoorloofd, maar ik zal mij onder de macht van geen ding laten brengen' (1 Kor. 6 : 12). En de andere pool is: 'Dat dan de zonde niet heerse in uw sterfelijk lichaam, om haar te gehoorzamen in de begeerlijkheden van dat lichaam' (Rom. 6 : 12).

De begeerlijkheden van het lichaam in zondi­ge zin, dat kan van alles zijn, maar daaronder valt in ieder geval niet het sexuele leven binnen het huwelijk.

Het huwelijk is eerbaar onder allen, en het bed onbevlekt (Hebr. 13 : 4). Geen zonde, maar gave. En deze heilige relatie tussen man en vrouw dient in al zijn aspecten, ook de lichamelijke aspecten, in stand gehouden te worden.

Juist waar déze relatie stuk breekt, waar de weg geblokkeerd raakt, daar krijgen de zondige begeerlijkheden vrij spel, daar gaat de satan verzoeken, daar raakt het bed bevlekt.

En dat zal die Gereformeerde Gemeente-dominee wel bedoeld hebben. Hij zal geen middelen tot herstel ter beschikking hebben gehad. Wij wel. God zij gedankt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 oktober 1980

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

De psychisch gestoorde situatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 oktober 1980

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's