De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Gods Woord houdt stand in eeuwigheid

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gods Woord houdt stand in eeuwigheid

6 minuten leestijd

31 oktober 1517

Die datum staat ons vanaf de schoolbanken al in het geheugen gegrift. Lutherdag. Hervormingsdag. En wij noemen dan de vijfennegentig stellingen, die Maarten Luther aan de deur van de slotkapel te Wittenberg aansloeg. Zo is het begonnen. Het is het gedenken waard. Het Woord van God, het Evangelie van genade brak los uit de kluisters van mensenmeningen, die het eeuwenlang overwoekerd hadden. Het ging daar tegen optornen. Het ging 'rumoeren' om met Kohlbrugge te spreken. Het wierp de mens tegen de vlakte, zelfs de paus. Zou de paus, als hij straks in Duitsland een bezoek gaat brengen, dan zijn excuses maar niet aanbieden, over wat zijn kerk in het verleden Maarten Luther heeft aangedaan? Zo is het onlangs gevraagd. Tenslotte kwam Luther indertijd toch met het Woord alleen. Daar kan geen sterveling en zeker een christelijke kerk geen kwaad woord van zeggen.

Wanneer in deze dagen in kerkelijk Nederland op vele plaatsen de Reformatie wordt herdacht in interkerkelijke samenkomsten, zal vaak de naam van Maarten Luther klinken. Er zal verteld worden dat hij als monnik onberispelijk leefde en dat hij zich toch een zondaar voor God voelde, dat hij (naar zijn eigen woord) de rechtvaardige God, met Wie hij een levenslang conflict had, niet liefhad en dat hem toen het grote licht opging van een gerechtigheid, in het Evangelie geopenbaard; een gerechtigheid, die verworven was door Christus en toegedeeld in de weg van het geloof. Luther is daardoor geheel herboren en (zoals hij het zelf zegt) door open poorten binnengegaan in het paradijs zelf. Wonderbaarlijke vrijspraak. Luther was doktor in de heilige godgeleerdheid, maar die heilige godgeleerdheid was voor hem een zaak van 'verdoemd worden, sterven en leven...'

Maarten Luther. En Johannes Calvijn. Ook zijn naam zal in deze dagen veelvuldig klinken. Hoe ontroerend diep schreef hij het aan kardinaal Sadolet, in de vorm van een gebed; 'Heere, ik heb niets anders begeerd dan voor de eer en heerlijkheid van Uw Christus op te komen. Ik heb geen kerksplitsing gewild, maar toen ik Uw Banier omhooghief, stootte ik op heftige tegenstand. Oordeel Gij waar de schuld ligt. Ik ben zelf uit de duisternis bekeerd tot het licht van Uw Woord. Ik heb niets om mijzelf tegenover U te handhaven. Ik bid slechts: reken mij mijn vroegere afvalligheid van Uw Woord niet aan, waaruit Gij mij door Uw wondere goedheid hebt gered.' Dat alles schreef een man, die Schriftgeleerde is genoemd. Hij is, heel letterlijk, door nagenoeg alle Bijbelboeken heengekropen.

Luther en Calvijn. Onze mannen. Helden van de Reformatie. Maar bedenken wij wel, dat een protestants geloof geen heiligen-en ook geen heldenverering kent. Op een bescheiden plekje ergens op een begraafplaats in Geneve staat een grafsteen met twee letters: J C (Johannes Calvijn). Meer niet. Die man wilde slechts schuilgaan achter zijn boodschap, de boodschap van een andere J. C: Jezus Christus.

Hoe goed het daarom ook is om op de kansel op Reformatiedag een stuk kerkgeschiedenis te verhalen, nodiger is het om de boodschap van de Reformatie nog weer eens helder en onverkort te laten klinken. Dat kan in onze dagen geen kwaad. De boodschap van het Woord, dat onfeilbaar en betrouwbaar is, dat vrijspreekt en gezag wil uitoefenen in harten van mensen en in het leven van alledag. Om met Calvijn te spreken: 'Onze poolster temidden van de stormen des levens en de school des Geestes, waarin niets is overgeslagen, wat nodig en nuttig is om te weten.' Niets er af en niets daar bij. De verzoening door voldoening niet er af. Ook niet de onvoorwaardelijke beloften van God (door met Christus niet voor het forum van het volk te willen komen zonder dat er eerst voorwaarden van onze kant zijn volbracht). Niets er af. Ook niet de heilige en goede wet van God. Want het gaat er tenslotte toch om dat die wet van God weer overeind komt in het mensenleven. Het gaat erom dat we een geloof hebben, dat door de liefde werkt. Het gaat er tenslotte om dat de wereld niet langer zeggen kan: ik kan niet in de Verlosser geloven, omdat de verlosten er zo onverlost uitzien. Laat het Woord rumoeren. Laat het het cement zijn van een huwelijks-en gezinsleven. Er gaat hier zoveel stuk, in onze dagen. Laat het een macht zijn in het hart van een onderwijzer(es) voor de klas. Laat het ons moedig maken in een gemeenteraad en in het bedrijf, zodat we niet constant leven bij de politiek van het haalbare. Helaas, er is ook in de kerken der Reformatie zo eindeloos veel afgetrokken van het Woord. Het is beroofd van zijn historische betrouwbaarheid. Het is beroofd van historische heilsfeiten (maagdelijke geboorte, opstanding van Christus). Het is beroofd (ook onder ons) van zijn eisen (be­ keert u) in een prediking, die valse lijdelijkheid voedde. Het is beroofd van zijn beloften in een prediking, die verwettelijkt was.

Laat de paus in Duitsland uit naam van zijn kerk maar eens zeggen, dat hij er spijt van heeft, dat Luther behandeld is , zoals hij behandeld is. En laat hij het eens publiek herroepen, wat in Trente is vastgesteld, nl. dat vervloekt is, wie gelooft, dat hij alleen door het geloof rechtvaardig is voor God. Maar... zijn wij zulke trouwe zonen der Reformatie? Dat is in deze dagen van Reformatieherdenking wel een onderzoek waard. Het Woord, dat zult gij laten staan. Niets er af. En niets daar bij.

Iemand zegt misschien: 'Maar de Heilige Geest moet erbij'. Calvijn zei: 'Het is even verkeerd om met de Heilige Geest te pronken zonder het Woord, als het Woord te willen toepassen zonder de Geest'. Het Geestdoorademd Woord, zwaard des Geestes, is niet los van de Geest. En in Zijn wederbarend werk komt de Geest nooit alleen. Hij komt met het Woord. Die twee. Woord en Geest heeft God samengevoegd. En de mens scheide die niet.

Wat we wel mogen doen, is: Vragen, bidden, smeken, of de Geest van God ons geestelijk en zedelijk ontwortelde volk weer terug wil brengen onder het gezag van het Woord des Heeren. 'Zult G' uit de dood ons niet herleven doen? ' En wat wij ook vragen, bidden, smeken: 'Maak in Uw Woord mijn gang en treden vast, opdat ik mij niet van Uw paan moog' keren.'

31 oktober 1980. De paus heeft het concilie van Trente herroepen. Zou dat waar zijn? Of/en een doorgaande reformatie in de kerken der hervorming, zodat ons verarmde Nederlandse volk zou merken: Er is een God, Die leeft. Zou dat ook kunnen?

Vraag maar. 'Een vaste burcht is onze God, een Toevlucht voor de Zijnen.'

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 oktober 1980

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Gods Woord houdt stand in eeuwigheid

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 oktober 1980

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's