Schreeuw van de kerk of politieke stellingname?
De hervormde synode over kernwapens
Veel deining is de laatste week ontstaan door de uitspraak van de hervormde synode over de kernwapens. In 1962 sprak de synode een 'nee-zonder-ja's' uit tegen het gebruik van kernwapens, zonder een dergelijke uitspraak te doen over het bezit. Nu keerde de synode zich zowel tegen het gebruik als tegen het bezit. Daarbij werd gepleit voor voorzichtige stappen in de richting van eenzijdige ontwapening.
Veel deining is de laatste week ontstaan door de uitspraak van de hervormde synode over de kernwapens. In 1962 sprak de synode een 'nee-zonder-ja's' uit tegen het gebruik van kernwapens, zonder een dergelijke uitspraak te doen over het bezit. Nu keerde de synode zich zowel tegen het gebruik als tegen het bezit. Daarbij werd gepleit voor voorzichtige stappen in de richting van eenzijdige ontwapening.
We geven hier geen verslag van de synodezitting. We hebben bij de eerste behandeling vorig jaar van de schets, die toen in de synode aan de orde was, een gedetailleerd overzicht gegeven van de visies, die in de synode over dit vraagstuk werden verwoord. Er was sprake van algemene zorg over de voortschrijdende bewapening. Algemeen was de overtuiging, dat de bewapeningswedloop, zoals we die kennen, op een totale vernietiging van de mensheid, van de schepping moest uidopen. Prof. dr. H. Jonker stelde toen, dat het in deze tijd moest komen tot 'een schreeuw van de kerk', omdat gebruik van het kenrwapen zou betekenen vernietiging van de mensheid en daarmee het eind van de geschiedenis.
Om zo objectief mogelijk de lezers te informeren geven we in het hiervolgende de teksten weer van een aantal stukken. Allereerst geven we de tekst van de toespraak, die ouderling Haeck op de synode hield, alsook die van ds. M. van Campen (Poederoyen), één van de tegenstemmers van de hervormd-gereformeerde synodeleden. Tenslotte geven we een brief door van dr. G. J. van der Heide te Kampen, legerpredikant behorend tot de Gereformeerde Bond.
Toespraak oud. J. Haeck
'Voor een aantal van ons is het kennelijk erg moeilijk neen te zeggen tegen gebruik en bezit van kernwapens, met de consequenties van dien.
Voor sommigen is het zelfs onoverkomenlijk. Omdat we voor dilemma's staan, inderdaad: ethische, politieke en theologische.
Dilemma's, omdat we wellicht bang zijn tot de orde geroepen te worden. En het zou niet de eerste keer zijn in de geschiedenis van de kerk, dat ze tot de orde geroepen moest worden, door anderen, soms zelfs van buiten de kerk. (Denk aan de strijd tegen het sociale onrecht en de slavenhandel).
En hoe zullen over 40 jaar, als die ons nog gegeven zijn, christenen dan over ons oordelen? Zijn we 'bij de tijd' en op 'tijd' wakker, of slapen we ten aanzien van de wereldvragen, de nood en de dreiging van vandaag de dag? En door de kritiek op de kaders waarin we de vragen horen, kunnen we ons niet afmaken van de vragen zelf. En in het ongelijk van anderen kan nooit de basis van ons eigen gelijk gelegen zijn. In ieder geval kan en mag dat geen alibifunctie hebben om ons de consequenties van het lijf te houden.
Het is roeping van Godswege, dat de kerk, bezield door de Heilige Geest, waardoor ze met fijngevoeligheid leert onderscheiden waar het op aan komt, het juiste en verlossende woord op tijd weet te spreken. Niet in een enerzijds anderzijds, maar in een duidelijk neen.
Jona kon niet volstaan met het aanwijzen van de dwalingen van de scheepslieden. Het kon wel eens zijn dat zij die 'waken' - de scheepslieden in het verhaal van Jona - ernstiger met de wereldnood bezig zijn, dan de slapende kerk, die veelal niet waakt en niet bidt.
De kerk dient in haar neen - ondubbelzinnig, - tevens schuld te belijden van haar laksheid, van haar indifferentisme en wereldgelijkvormigheid in een denken dat aangepast is aan de schema's van de wereld. Schuld belijden, in een verootmoediging voor God en voor elkaar, ook ten aanzien van de andere zonden in onze samenleving (b.v. abortus provocatus).
Niet een ieder die zegt Here, Here, en u kent denk ik allen het vervolg van deze tekst.
Wanneer een kerk die slaapt, zich laat wekken door anderen, soms zelfs door een wakende wereld, dan zal verstaan worden hoezeer en hoeveel een wakende kerk kan bidden en werken in lijdzaamheid, verwachting en werkzaamheid. Dan zal opnieuw blijken hoeveel de levende God in elke levensnood van kerk en wereld, betekent (denk aan de schipbreuk van Paulus).
Verkuyl heeft gezegd: 'Soms slaapt de kerk in de onderste kajuit terwijl de storm van Gods oordelen over de wereld raast, omdat ze meent dat de storm niet op haar gericht is'.
We kunnen niet vasthouden aan de geloofwaardigheid van het Evangelie en ons tevens impliciet of expliciet bereid verklaren kernwapens te gebruiken of te bezitten. Of - als we neen zeggen tegen gebruik en bezit - weigeren daaruit de consequenties te trekken.
Ook ik ben bang om vuile handen te maken. En als ik ze al gekregen heb of nog meer krijgen zal t.a.v. deze vragen, moge de Here God mij dat vergeven. Ik ben er diep van overtuigd dat het Rijk van vrede en gerechtigheid niet komt dank zij uw of mijn inspanningen. Dat komt alleen door de genadige vervulling van de Goddelijke belofte: Zie Ik maak alle dingen nieuw.
Deze verwachting maakt lijdzaam en werkzaam. Niet passief. Die verwachting ontslaat ons niet van onze verantwoordelijkheid, om na een periode van 35 jaar toenemende bewapening, nu een andere weg in te slaan met alle risico's van dien.
Riskant, zegt ds. Kooistra, inderdaad!
Het was ook riskant voor de vrienden van Daniël om neen te zeggen tegen Nebukadnezer en zijn beeld.
Niettemin zeiden ze: 'Onze God is machtig ons te verlossen uit de oven van het brandende vuur'. En de oven was tot verzenghitte hoog gestookt. 'En Hij zal ons uit uw hand o koning, verlossen. Maar zo niet, het zij u bekend o koning, dat wij uw beelden niet zullen eren, noch het gouden beeld dat gij opgericht hebt zullen aanbidden.'
Zusters en broeders, dit is mijn diepste motief waarom ik neen zeg tegen bezit en u, coram Deo, oproep dit ook uit te spreken. Dat mag en kan voor mij tevens inhouden een voorzichtige, eenzijdige eerste stap. En ik bid onze God, dat het tevens moge zijn een stap tot een radikale totale bekering, persoonlijk, kerkelijk, tot in de strukturen van onze samenleving toe.'
Toespraak ds. M. van Campen
'Temidden van alle dreiging en verwarring is het 'das Gebot der Stunde' dat de kerk thans een profetisch neen laat horen tegen de kernwapens. Neen tegen de escalerende bewapeningswedloop; neen tegen het gebruik; neen tegen het bezit.
Bij alle erkenning van de eigen taak en plaats van de overheid moet de kerk de gedachte afwijzen dat de overheid deze allesvernietigende wapens zou mogen dragen als zijnde het zwaard van Gods dienares. Romeinen 13 leert ons dat de overheid het zwaard draagt om het kwaad in te dammen tot welzijn van de onderdanen. Maar de catastrofale uitwerking van kernwapens is van dien aard dat kwaden en goeden tot in geslachten toe getroffen worden. Daarmee is noch veiligheid noch vrede gediend. Integendeel, hier staat Gods schepping op het spel.
Wie de totale verdorvenheid van het mensenhart belijdt, zal zich geen enkele illusie maken over de vraag of wij, die kernwapens bezitten, in bepaalde omstandigheden ook bereid zullen zijn die te gebruiken.
Voor mijzelf trek ik daaruit de consequentie niet alleen neen te zeggen tegen het gebruik, maar eveneens tegen het bezit.
Op alle mogelijke manieren zal getracht moeten worden de kernwapens de wereld uit te krijgen. Toch heb ik geen vrijmoedigheid de brief zoals hij er nu ligt te aanvaarden.
a. De brief beantwoordt niet aan de intentie van de opdracht van de synode. Ik citeer uit de notulen van de vorige vergadering: 'de generale synode heeft besloten een pastoraal schrijven te doen voorbereiden waarin het uitzicht van het Evangelie, ook in uiterste gevaren, wordt gesteld...' Dit uitzicht van het Evangelie ontbreekt w.i.w. niet, maar bepaalt m.i. toch niet de toon van de brief. Het hoofdaccent ligt in deze brief op de politieke concretisering. Maar het uitzicht van het Evangelie is toch meer dan het wijzen van een politieke weg om uit de bewapeningswedloop te komen? Gaat het niet allereerst en allermeest om de vaste en zekere hoop op de komst van het Koninkrijk Gods. Die zekerheid mag de gemeente van Christus ook vandaag bemoedigen. Haar bevrijden van krampachtigheid en doemdenken.
Die hoop zal ondertussen geen berusting kweken. Het is wezenlijk voor de bijbelse hoop op Gods toekomst dat ze aanzet tot handelen, tot een leven uit de hoop, tot volharding, tot bidden en werken als rentmeesters op Gods goede aarde.
b. Op pagina 2 van de brief wordt terecht gewezen op de zonde die zich openbaart in de huidige ontwikkelingen. De kernbewapening wordt gezien als uiting van een cultuurcrisis. Maar waarom de zonde niet aangewezen in haar samenhang? Waarom de cultuurcrisis niet ontmaskerd in haar ware gedaante nl. als uiting van nihilisme? Als de wrange vrucht van een hardnekkige los-van-God-beweging? Zo gezien komt de kernbewapening niet op zichzelf te staan. Zij is dan een symptoom van onze cultuurcrisis, maar niet het enige. Abortus is er een ander symptoom van. Een kerk die het één met het ander zou signaleren zou geloofwaardiger spreken. Moet bovendien op het aanwijzen van de zonde niet volgen een oproep tot gemeenschappelijke verootmoediging voor God en tot belijdenis van onze schuld. Ik wil daartoe een voorstel tot wijziging van de tekst indienen.
c. Terecht wordt gesteld in de discussies dat een ideologie met kernwapens niet te bestrijden is. Geen enkele ideologie. Maar realiseren we ons ondertussen voldoende dat allerlei ideologieën zich reeds sterk konden maken onder ons. De gemeente van Christus wordt van veel kanten bedreigd en omsingeld. Hoe is het met haar waakzaamheid en met haar weerbaarheid gesteld? Deze brief heeft een kans laten liggen op te roepen tot het aandoen van de geestelijke wapenrusting waarmee zij kan wederstaan in de boze dag. (Efeze 6).
d. De spits van deze brief ligt in de concretisering van het neen tegen kernwapens, nl. denuclearisering van Nederland als ondubbelzinnige, eenzijdige stap. Hier ligt voor mij tevens het struikelblok. Deze uitspraak gaat m.i. te ver. Zij is teveel identificatie met het I.K.V.-standpunt. Ik onderschrijf de mening van, de sektie Kerk en Krijgsmacht van de Raad voor de Herderlijke zorg, die stelde: 'de Kerk heeft haar eigen opdracht, ook ten aanzien van hen die zich niet in de zo gerichte akties van het I.K.V. kunnen vinden'.2)
Te weinig houdt deze brief rekening met het ontzaglijke dilemma waarvoor wij thans staan.
Kernwapenbezit kan vroeg of laat leiden tot een verschroeide aarde. Maar eenzijdige ontwapening kan ons brengen onder het juk van een totalitair atheïsme. Het behoud van de schepping als 'theatrum gloria Dei' moet ons zwaar wegen. Tegelijk mogen we niet vergeten dat geestelijke vrijheid, d. w.z. vrijheid om bnze Schepper in gehoorzaamheid te dienen een uiterst kostbaar goed is, dat niet zonder meer uitgeleverd mag worden omdat het dilemma zo verschrikkelijk is, moet er ruimte zijn voor meer dan één concretisering van het nee. Het is te betreuren dat deze ruimte in de brief ontbreeict. Daardoor kan hij als onbarmhartig overkomen. Hij zal velen in de gemeente van Christus die oprecht worstelen met het kernwapenprobleem, maar toch niet kunnen meekomen in het I.K.V.-standpunt in de kou laten staan. Ik vrees dat deze brief velen uit onze krijgsmacht in een geweldige gewetensnood zal brengen.'
Brief dr. G. J. van der Heijde (De weg van het I.K.V.)
'Nu de synode van onze Nederlandse Hervormde Kerk ook het devies van het I.K.V. heeft overgenomen: de kernwapens de wereld uit, te beginnen bij Nederland, en daardoor de schijn wekt, dat dit het standpunt is van alle leden van die kerk, meen ik dat het nodig is, een ander geluid te laten horen. Ik wil dat graag hier doen.
1. Het opvolgen van het advies van het I.K.V. is een zekere weg naar een atoomoorlog (in vaktermen: een nucleaire oorlog).
Een wereld zonder atoomwapenen is een hersenschim. Je zou dan de bestaande voorraden moeten ontmantelen, zoals dat heet; je zou alle fabrieken moeten afbreken en de boeken over dit onderwerp moeten verbranden. Maar je zou bovendien alle kennis, die is opgeslagen in de hoofden van diverse mensen moeten uitschakelen. Hoe denkt men dat voor elkaar te krijgen?
Het lijkt mij in principe mogelijk, een aantal weldenkende regeringen mee te krijgen in dit idee. Dan zal er een hoera op gaan bij de niet-weldenkende regeringen, omdat ze nu eindelijk de mogelijkheid zien met een betrekkelijk klein, en dus voor hen haalbaar aantal van die wapenen de gehele samenleving te chanteren. En als men dan aan die chantage niet wil toegeven, is een nucleaire oorlog werkelijkheid. Door de haast, die men dan heeft om de achterstand in te halen en zich voldoende te bewapenen zullen alle voorzorgen, reserves en veiligheid die nu zijn ingebouwd, worden verwaarloosd en vergeten.
De mens, die tot alles in staat is en nergens voor terugdeinst, krijgt op die manier de kans. En men heeft alleen maar de ogen te openen en om zich heen te zien om te weten, wat we dan kunnen verwachten.
2. Het optreden van het I.K.V.
Het I.K.V. weigert te praten met de rechtse politieke partijen. Die hebben een standpunt, dat samenwerking onmogelijk maakt, beweert het I.K.V. Wel werkt het samen met de linkse groeperingen. Het meent in de opvattingen daar zoveel terug te vinden van de bijbelse boodschap, dat men zich daar graag bij aan sluit. Zijn uitleg van de bijbel vindt het terug in de opvattingen van CPN, PSP, PPR en delen van andere partijen. Die hebben 'als van nature' iets van het evangelie. We menen in deze opvattingen de ideeën terug te vinden van de Duitse kerken in de tijd van Hitler, die ook in het Nationaal Socialisme christelijke openbaring terug vonden. In de praktijk gaat het wel om andere zaken, maar het principe is hetzelfde.
Wanneer ik de geluiden van het I.K.V. hoor, word ik herinnerd aan de propaganda van nazi-Duitsland, die we in de oorlogstijd te horen kregen. Men versimpelt de tegenstellingen. 'Beter een Russisch-communistische overheersing dan een atoomoorlog' is een vaak gehoorde kreet. Men probeert dan de mensen wijs te maken, dat onder Russische overheersing best te leven en te geloven valt. Daarom moet men dat risico maar nemen. Hitler zei vroeger: beter het Nationaal Socialisme dan het communisme. Als we zo stom waren geweest, daarop in te gaan, hadden we nu onder een communistische overheersing gezeten, datgene, wat hij het ergste noemde. Hetzelfde zal gebeuren, wanneer we de halve waarheid van het I.K.V. niet door hebben: de ergste van de twee mogelijkheden wordt werkelijkheid. Maar ook nu is er een derde weg; onszelf blijven in een betrekkelijke vrede. Het is goed en noodzakelijk, over ontwapening te praten. Maar tegelijk zal het noodzakelijk zijn, dat we leren leven met de atoombom.
Ook de manier waarop men andersdenkenden bejegent roept herinneringen op aan die tijd. Men is niet bereid ook maar de minste kritiek te aanvaarden. Elke andere mening wordt meteen bestempeld als oorlogszuchtig, fascistisch enz. Er is geen discussie mogelijk over het eigen standpunt. ledere afwijkende mening wordt verdacht gemaakt en men stort zijn propaganda zo uit over de mensen dat velen onder deze hersenspoeling bezwijken. Goed is het geweest, dat vooral door het doen van het I.K.V. in Nederland een bezinning over atoomwapenen op gang is gekomen. Maar de, helaas niet erg succesvolle ontwapeningsconferenties op wereldniveau bewjjzen, dat het onwaar is, dat deze bezinning uitsluitend aan het I.K.V. te danken is.
Ik heb lang gemeend, dat we het I.K.V. wel van éénzijdigheid konden betichten, maar dat we het geheel niet mochten veroordelen. Toch meen ik nu te moeten stellen:
1. Het I.K.V. is on-bijbels;
a. door de manier, waarop het zijn vrienden uit kiest,
b. door de manier, waarop het zijn propaganda bedrijft,
c. doordat het uitsluitend op deze wereld gericht is.
2. Het I.K.V. wijst ons een verkeerde weg. Opvolgen van haar advies zal zeker een atoomoorlog tot gevolg hebben en waarschijnlijk bovendien nog een communistische overheersing.'
Commentaar
Het loutere feit, dat er zoveel discussie en ook zoveel emotie is losgekomen rondom de synodale uitspraak van de Hervormde Kerk maakt duidelijk, dat het om diep ingrijpende zaken gaat. Mensen zijn er mee bezig. En of men nu minister van defensie is of lid van het parlement, of men dominee is of huismoeder, ons allen raakt dit vraagstuk, omdat het gaat om én de bescherming van Gods schepping, ons als rentmeesters toebetrouwd, én om de bescherming van en derhalve de verdediging ervan tegen demonische machten, die zich in deze tijd breed maken.
Bezien wij de pastorale brief van de synode dan willen we daarop in drie punten commentaar geven.
1. Het gaat hier om een ethisch vraagstuk van de eerste orde. De kerk moet zich bezig houden met vraagstukken van oorlog en vrede, zeker ook nü als we bedenken dat het wapen, dat we bezitten, wereldwijde vernietigende kracht heeft. De menselijke macht en het menselijk kunnen zijn zover voortgeschreden, dat we in staat zijn de ganse schepping te vernietigen. Hier staat de eigenmachtigheid van de moderne mens tegenover de heerschappij van de Schepper van hemel en aarde, die gezegd heeft: 'Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde'. Een nee tegen gebruik van kernwapens was dan ook in 1962 een noodzakelijke schreeuw van de kerk. Nu we 18 jaar later er niet in geslaagd zijn het arsenaal van kernwapens te beperken maar er veeleer een geweldige uitbreiding en ook een perfectionering van het bezit heeft plaatsgevonden is de vraag gerechtvaardigd of het aangaat het kenwapenmateriaal nog langer te (willen) bezitten, als men het niet óók wil gebruiken. Al staat daar tegenover dat het bezit tot heden het gebruik heeft kunnen voorkomen.
2. Een synode, die zich uitspreekt tegen het gebruik en het bezit van kernwapens overschrijdt daarmee haar grenzen niet. Zodra echter gesteld wordt, dat voorzichtige stappen moeten worden gezet in de richting van eenzijdige ontwapening zit de kerk op de stoel van de politici. In deze heeft de hervormde synode in feite het standpunt van het Interkerkelijk Vredesberaad (I.K.V.) tot het hare gemaakt: 'de kernwapens de wereld uit om te beginnen in Nederland'. Het is dan ook niet verwonderlijk, dat juist vanuit politieke kring sterk op deze brief is gereageerd. Wat moeten politici, die b.v. in verband met de NAVO in dit opzicht voor concrete beslissingen staan? Is de politieke consequentie van de synode-uitspraak over eenzijdige ontwapening niet een breken met de NAVO? Ds. S. Kooistra heeft op de synode mijns inziens terecht gezegd, dat loslaten van het machtsevenwicht oorlog uitlokt. Hij achtte de brief, zoals die nu wordt uitgegeven, een keuze vóór het I.K.V.-standpunt. Zo heeft dan toch de synode met het doen van een politieke uitspraak als consequentie van een standpuntsbepaling in ethisch opzicht de haar gegeven grenzen overschreden.
3. In de pastorale brief wordt gezegd: 'wij maken ons geen illusies over politieke systemen, waarvan wij gevrijwaard willen blijven en die wij vrezen'. Onze vraag is waarom hier over politieke systemen (meervoud) wordt gesproken. Als we bedenken, dat het kernwapen meer en meer het bezit van méér mogendheden dan Amerika en Rusland wordt, dan is dit nog te begrijpen. Maar in die context staat genoemde uitspraak niet. Ze staat in de context van 'vrijheid van godsdienst en vrijheid van meningsuiting', die verworvenheden zijn van onze (cursief van mij - v.d.G.) samenleving, waarvoor wij dankbaar zijn. Waarom dan hier niet heel royaal van één systeem gesproken, dat de vrijheid van onze samenleving bedreigt en wel dat van het communisme? Dat een voorstel om de bedreiging van ónze vrijheid door de Sovjet Unie in de brief op te nemen het niet haalde (twintig stemmen vóór) geeft te denken. Ieder denkt bij dreiging van onze vrede aan het communisme. De pastorale brief spreekt echter over systemen Daarmee is de intenrie van de brief uiterst vaag en zijn de politieke consequenties, die eruit getrokken kunnen worden, heilloos.
Hoezeer de kerk ook terecht een schreeuw heeft gegeven inzake het gigantische probleem van de kernwapens, als een probleem dat haar vanuit de Schrift op de ziel geschreven moet zijn, ze heeft nu haar schreeuw verzwakt door in een bepaalde politieke richting te roepen. Het laatste woord zal er intussen nog niet over gezegd zijn.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 december 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 december 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's