Boekbespreking
Dr. C. Graafland: Volwassendoop - kinderdoop - herdoop. Een bijbelse verkenning. Echo, Amersfoort, 1979, 72 blz.
Het betreft hier een klein boekje, bescheiden van omvang en opzet. Maar onderschat het niet! Het bevat een schat aan exegetische doorkijkjes, geeft overzicht en inzicht. De informatie is zo rijk en omvattend, dat het met recht een inleiding in de bijbelse leer van de kinderdoop mag heten. Het getuigt van een toegewijd luisteren naar de Schrift, én van een geduldig pogen om de bezwaren tegen de kinderdoop te verstaan en te beantwoorden. Het laatste is zelfs aanleiding van dit geschrift. Maar bron is de Bijbel!
Prof. Graafland pakt de kwestie aan waar die aangepakt moet worden, willen wij wezenlijk tot helderheid komen: bij de verhouding doop-besnijdenis.
Even verrassend als instructief is het, om hierbij uit te gaan varn de vervulling in het N.T. (Rom. 4): het gehalte (betekenis) van doop en besnijdenis is gelijk gebleven, maar de gestalte (vorm) is veranderd. De doop is de vervulde gestalte van de besnijdenis.
Nu blijkt de besnijdenis van meet aan enerzijds teken en zegel van de geloofsgerechtigheid, anderzijds van het verbond. Abraham werd immers besneden nadat hij geloofde, maar tegelijk werd ook zijn hele huis (plus kinderen) besneden, afgezien van voorafgaand geloof. Dit laatste vormt geen tegenstelling van het eerste, maar zij dekken elkaar geheel: de gerechtigheid des geloofs is de heilsinhoud van het verbond! Waarmee gezegd is, dat Gods verbond geen automatische, uitwendige, biologische zaak is, doch het wonder van geboorte én wedergeboorte, zich voltrekkend via opvoeding in geloof en Godsvrucht. Veruitwendige besnijdenis valt onder de kritiek van profeten en apostelen: niet zo dat ze daarom maar beter achterwege kan blijven, maar zo dat ze weer naar Gods oorspronkelijke bestemming moet worden voltrokken en beleefd! Veelzeggend i.v.m. de kritiek op de kinderdoop !
In het nieuwe verbond (Jer. 31) delen niet alleen volwassenen, maar ook de allerkleinsten! Dit blijkt dan ook in het N.T.-.juist voor de kinderen is het Koninkrijk (de vervulde gestalte van het verbond!). Als kinderen nu tot het Rijk van God behoren, zou men ze dan het teken daarvan onthouden?
Heel behartenswaardige woorden wijdt de schrijver vervolgens n.a.v. Handelingen en de brieven aan het gezin als levensverband in de gemeente, en aan de gemeente als een groot gezin. Allen tot één lichaam gedoopt!
Prof. Graafland besluit met een pleidooi voor evenwicht tussen het persoonlijke en verbondsmatige accent, een vermaan om de reikwijdte van de H. Geest geen grenzen te stellen (ook op kinderen daalt Hij neer!), en een pastoraal-ontdekkend woord over vernieuwing van de doop enerzijds, her-doop anderzijds.
Van dit boekje heb ik veel geleerd. Natuurlijk staat er heel wat in dat ook elders te vinden is, opgeslagen in zwaarwichtiger en moeilijk toegankelijke banden. Hier vinden we in kort bestek daarvan een overzicht. Ik gun de lezing ervan aan iedereen, vooral de colleges, i.v.m. doopgesprekken, katechese, kringwerk en prediking. Maar ieder gedoopte zal er veel aan toerusting in vinden. Vooral ook de jeugd zal er veel aan hebben!
Eén opmerking. Prof. Graafland maakt in het begin de onderscheiding tussen de fundamentele en de structurele kant van de kerk. De kinderdoop behoort tot de laatste. Hoe begrijpelijk en zinvol deze onderscheiding in bepaald verband ook is, juist de lezing van dit boekje heeft er mij ervan overtuigd dat we dit onderscheid toch nooit in relativerende zin t.a.v. de kinderdoop zullen gebruiken! Hoe licht komt immers bij verwerping van de kinderdoop de vrijheid van de genade op het spel te staan. Waar de klemtoon verschuift van God die ons voor is naar de mens die zo voor God is (kiest), daar is niet alleen het gebinte, maar ook de nerf van de doctrina, de Heilige Leer aangetast! Heel dit boekje is een schriftuurlijke onderlijning van het Sola gratia!
A. de Reuver
W. Teellinck: De standvastige christen, 271 p., ƒ37, 50, Den Hertog, Utrecht 1979.
Ds. J. van der Haar te Houten heeft er goed aan gedaan dit minder bekende werk van W. Teellinck te bewerken en doen uitgeven. Zo'n bewerking, tevens overzetting in hedendaagse spelling en bescheiden herschrijving van passages met al te zeer verouderd taalgebruik, vraagt heel wat tijd en inspanning. Maar die is beter besteed dan aan het schrijven van allerlei theologische ééndagsvliegen die slechts bedoelen altijd weer 'iets nieuws' te zeggen. Van der Haar spreekt in zijn inleiding over de bloedarmoede van de huidige theologie. Wel, het lezen en overdenken van deze drie gebundelde tractaten van Teellinck over de volharding der heiligen kan de waarde krijgen van een bloedtransfusie. Teellinck zou zichzelf ontrouw zijn als hij geen brede pastorale en diep geestelijke uitwerking gaf aan zijn leerstelling onderwerp. De uitgever gaf dit waardevolle boek een waardig uiterlijk. Van harte aanbevolen.
J. H.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 december 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 december 1980
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's