De Vredevorst
Alles zal bloeien door de vrede
Telkens als we het boek Jesaja lezen worden we getroffen door de vele beelden, die ons het onvoorstelbare van de volkomenheid van het Rijk Gods afbeelden.
In de Negev woestijn, in het zuiden van Israël, staat de kibboetswoning van Israels grote man, David Ben Gurion. Na zijn dood heeft men de woning intact gelaten. Op het bureau van de vroegere premier liggen zo ook, onder een glazen plaat, twee briefjes, waarop Ben Gurion eigenhandig twee teksten uit Jesaja had geschreven en die hij zo dagelijks voor zich had.
'De woestijn en de dorre plaatsen zullen hierover vrolijk zijn en de wildernis zal zich verheugen en zal bloeien als een roos.' (Jes. 35: 1).
'Ziet Ik zal wat nieuws maken, nu zal het uitspruiten; zult gij dan niet weten. Ja Ik zal in de woestijn een weg leggen, en rivieren in de wildernis. Het gedierte des velds zal Mij eren, de draken en de jonge struisen; want Ik zal in de woestijn wateren geven, en rivieren in de wildernis, om Mijn volk, om Mijn uitverkorenen drinken te geven.' (Jes. 43 : 19, 20).
Zulke Schriftgedeelten, wijzend naar het Messiaanse rijk van vrede, harmonie en gerechtigheid, kregen voor Ben Gurion kennelijk vlees en - bloed in het vruchtbaar maken van de woestijn door de bevloeiingen. Teken, heenwijzing, voorschot op het volledige, dat komen zal!
Telkens als we het boek Jesaja lezen worden we getroffen door de vele beelden, die ons het onvoorstelbare van de volkomenheid van het Rijk Gods afbeelden. 'De koe en de berin zullen tezamen weiden, hun jongen zullen tezamen neerliggen, en de leeuw zal stro eten gelijk de os.' 'De zuigeling vermaakt zich over het hol van een adder. Een gespeend kind steekt zijn hand in de kuil van de basilisk.' 'Men zal nergens leed doen noch verderven op de ganse berg Mijner heiligheid; want de aarde zal vol van kennis des Heeren zijn, gelijk de wateren de bodem der zee bedekken.' (Jes. 11). Onvoorstelbaar! Ver van de werkelijkheid van het leven van vandaag. En toch is het de realiteit van de Messias en Zijn vrederijk.' Zo ook de tekst uit Jesaja 2 : 4, waarin het gaat om de toekomstige heerlijkheid van Jeruzalem. 'En zij zullen hun zwaarden slaan tot spaden, en hun spiesen tot sikkels; het ene volk zal tegen het andere volk geen zwaard opheffen, en zij zullen geen oorlog meer leren.' Eveneens: onvoorstelbaar, maar wel voluit waar in het Rijk van de vrede!
De werkelijkheid vandaag
De werkelijkheid vandaag is wél anders. En dat 'vandaag' is begonnen met de oorlogsverklaring van de mens aan Zijn Schepper, aan zijn God. Sindsdien is er het zuchten van de schepping onder de vloek over de zonde. Sindsdien zijn vrede en harmonie geweken. De mens werd de mens een wolf. Hij hief de vuist op tegen God en zei in drieste overmoed: 'Kom aan, laat ons voor ons een stad bouwen, en een toren, welks opperste in de hemel zij...' (Gen. 11 : 4). Het antwoord van God was óók 'Kom aan': 'Kom aan laat Ons neervaren en laat Ons hun spraak aldaar verwarren...'(Gen. 11 : 7). De mens leeft sinds het paradijs in rebellie tegen Zijn God. Maar mét, dat hij de vuist tegen God ophief, nam hij ook het zwaard tegen zijn naaste op. En zo is de geschiedenis, sinds het paradijs, gedrenkt in bloed en tranen. Hoeveel miljoenen zijn de eeuwen door niet door het 'zwaard' omgekomen. Hoevelen sterven ook vandaag niet in de oorlogen die woeden, in de opstanden die plaats vinden, in de moordaanslagen die worden gepleegd?
Steeds gruwelijker werden de wapens die werden gemaakt. De Bijbel spreekt nog 'slechts' over het zwaard. Het zwaard, gesmeed van ijzer, behoorde bij de toenmalige stand van de techniek. De techniek schreed echter van eeuw tot eeuw voort, alleen al om de mensheid, de al maar uitbreidende mensheid, aan mogelijkheden te helpen om in het bestaan te voorzien. De zegen van de voortschrijdende techniek werd echter telkens weer overschaduwd door het gebruik van de technische mogelijkheden als een vloek, namelijk om steeds gruwelijker wapens te vormen.
Aanvankelijk was de ploegschaar een zegen van de techniek, om de mens bestaansmogelijkheid te scheppen. Het zwaard was echter de slagschaduw.
We zijn intussen terecht gekomen bij de ontdekking van de wereld van het atoom, waarin ongekende mogelijkheden liggen voor energiewinning voor miljarden. Maar de slagschaduw is het atoomwapen, het kernwapen, waarmee evenzovele miljarden in een ogenblik kunnen worden omgebracht. Er ligt zóveel materiaal aan kernwapens opgetast in deze wereld, dat de mensheid vele malen vernietigd zal kunnen worden. Huiveringwekkende mogelijkheid! We denken aan ons nageslacht. Maar we denken ook aan de huidige generatie. Stel dat de atoomtrekker een keer óver gaat. Zal dat het einde van de geschiedenis zijn?
Wij troosten ons met de bijbelse voorzegging, die een 'verborgenheid' is, namelijk dat wij niet allen zullen ontslapen, maar dat wij allen zullen veranderd worden in 'een punt des tijds, in een ogenblik, met de laatste bazuin', (het ogenblik is een ondeelbaar ogenblik, waarvoor het woord atomos staat) (1 Kor. 15 : 52).
Voor het zover is zullen wij als mensen echter kennelijk de oorlog niet afleren. Zwaarden blijven geheven. Het zal zelfs een teken zijn van het eind der tijden, dat er 'oorlogen en geruchten van oorlogen' zijn (Matth. 24 : 6). En nóg is het einde niet! Welnu, die realiteit ervaren we dagelijks om ons heen. De beelden, die ons via de media bereiken, tonen ons het zuchten van de schepping, de al maar doorgaande vernietiging van leven. Wij slagen er sinds het paradijs niet in de oorlog uit te bannen.
Wat doen we dan met zo'n tekst, dat de zwaarden zullen worden omgesmeed tot ploegscharen? Of, als we het eens modern vertalen, dat kernwapens zullen worden omgebouwd tot energiecentrales? Is dat niet de 'opium van het volk', waarvan Karl Marx sprak als hij het over de religie had? Zoethoudertjes naar de toekomst toe?
Vredevorst
'We wandelen door gelóóf, niet door aanschouwen.' Eén ding is ons namelijk geopenbaard: Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven en de heerschappij is op Zijn schouder; en men noemt Zijn Naam Wonderlijk, Raad, Sterke God, Vader der eeuwigheid. Vredevorst. Aan de grootheid van deze heerschappij en van de vrede zal geen einde zijn...' (Jes. 9 : 5, 6). Hij is het vleesgeworden teken van het Rijk van Vrede en gerechtigheid, dat tóch komt en in feite al aangebroken is.
Het hoofdstuk in Jesaja, dat spreekt over de koe en de berin, die samen zullen weiden, en van de wolf die met het Lam zal verkeren, begint met het 'Rijsje', dat voortkomen zal uit de afgehouwen tronk van Isaï. Hij de Immanuël. God-met-ons, is onze Vrede! Dat mag persoonlijk worden ervaren als de mens de wapens inlevert bij Zijn God en hij Vrede, die alle verstand te boven gaat, ervaren mag. Het is opvallend hoe vele malen het woord vrede, bedoeld als herstelde relatie van de mens met God door de komst van Christus in het vlees en door Zijn kruis en Opstanding, in de Schrift genoemd wordt.
Maar het gaat om nog véél meer. Niet alleen mijn persoonlijke leven mag delen in de Vrede van de Vredevorst. De bergen zullen vrede dragen zingt de Psalm van de Grote Koning (Psalm 72).
En: 't Rechtvaardig volk zal welig groeien Daar twist en wrok verdwijnt Zal alles door de vrede bloeien Totdat geen maan meer schijnt.
De toekomstige heerlijkheid van het Rijk van de Vrede, aangebroken met de komst van Christus in het vlees, als de Messias, is veel grootser dan de wanden van ons persoonlijke bestaan zal kunnen bevatten. Het gaat om harmonie, vrede en gerechtigheid op de ganse aarde. Uit dat toekomstperspectief mag Gods kind leven. Hij mag intussen weten dat het de ganse nieuwe schepping geldt.
Tekenen vandaag
Intussen blijf ik zitten met die teksten op het bureau van David Ben Gurion. Tekenen van het Messiaanse Rijk in de woestijn van de Negev. Zo staat ook de tekst uit Jesaja 2 over het omsmeden van zwaarden tot ploegscharen voor ons. Er is door de geschiedenis heen het zuchten van de ganse creatuur. Er zijn tot het einde toe de oorlogen en de geruchten van de oorlogen. Maar temidden van dit beweeg van de geschiedenis getuigt de kerk van de vrede, die gekomen is. De Vredevorstzelf heeft in de Bergrede de vreedzamen zalig gesproken. En de apostel Paulus roept op vreedzaam onder elkaar te zijn (1 Thess. 5:13). Christus roept ons zelfs op om, als we op de ene wang geslagen Worden, ook dé andere toe te keren. Christenen zijn vredestichters, in navolging van Hem, die grote Vrede kwam brengen. Wie zijn leven verteert door ruzies en getwist vertoont niet het beeld van de Zaligmaker. Hij richt namelijk onze voeten op 'de weg van de vrede' (Luc. 1 : 79).
Maar wat zo voor het individuele christenleven geldt, geldt ook de kerk in haar gehéél. Samen met alle heiligen wordt de vrede beleefd, die ons verstand teboven gaat. Samen met alle heiligen mag ook van de vrede worden getuigd. Daarom mag de kerk als kerk ook voortdurend herinneren aan de zwaarden, die tot ploegscharen worden omgesmeed. Daarom mag en zal zij ook profetisch spreken tegen de eigenmachtigheid van de moderne mens, die in de bewapeningswedloop zichzelf voorbij loopt en niet meer weet van een vrede die met de komst van de Vredevorst contouren heeft van het komende rijk, waarin de oorlog niét meer wordt geleerd. Wanneer de kerk hijgt naar die volkomen realisering van het Rijk van vrede en gerechtigheid, dan zal ze het niet kunnen laten om ook vandaag in al het wapengeweld, dat hoorbaar is, te getuigen van de Ene Naam, die tot zaligheid is gegeven en die ook garant staat voor de volle vrede die komt.
Vandaag zal ook de kerk teken-karakter hebben, tekenen oprichten van de volle vrede die komt. De zwaarden worden tóch een keer omgesmeed. De kernbommen ook. Dank zij de Messias die reeds gekomen is.
(Eerst geplaatst in het Huizer Kerkblad).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 december 1980
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 december 1980
De Waarheidsvriend | 24 Pagina's