De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Vijf en zeventig jaar Gereformeerde Bond - een impressie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vijf en zeventig jaar Gereformeerde Bond - een impressie

7 minuten leestijd

Van de vijfenzeventig jaar dat de Gereformeerde Bond bestaat, heb ik er toch zeker zo' n dertig bewust meegemaakt.

Van de vijfenzeventig jaar dat de Gereformeerde Bond bestaat, heb ik er toch zeker zo' n dertig bewust meegemaakt. We groeiden thuis op in een gezin, waarin kerk en geloof een belangrijke rol speelden. Moeder was van huis uit gereformeerd, en vader hervormd. Hij deed op latere leeftijd belijdenis in onze kerk, en dat is één van die dingen die ik heel goed onthouden heb. En dan natuurlijk het gesprek tussen het hervormde en het gereformeerde deel van de familie. Dat was een stukje van ons dagelijkse bestaan. Het betekende, dat je je al heel vroeg bewust werd van wat die Hervormde Kerk, waartoe je behoorde met heel de familie van vaders kant, onderscheidde van de Gereformeerde Kerken, waartoe je al evenzeer behoorde met heel de familie van moeders kant. Maar gedoopt was ik in de hervormde kerk en daarom was dat de kerk, waartoe ik uiteindelijk behoorde.

In Dordrecht, waar ik opgroeide, was een hervormde gemeente met acht predikantsplaatsen, die keurig verdeeld waren over de vier modaliteiten, die elkaar destijds in Dordrecht aardig in evenwicht hielden: twee confessionele, twee ethische, twee vrijzinnige en twee gereformeerde bondsdominees. We leerden zodoende al vroeg, dat onze kerk een kerk is met vele mogelijkheden.

Bij mijn studie in Utrecht kwam ik opnieuw in aanraking met de Bond, omdat Utrecht sinds jaar en dag een groot contingent studenten van deze richting herbergt. Mijn huwelijk bracht me nog wat nader in kontakt met de Bond, omdat mijn vrouw - uit de Gereforrneerde Gemeenten afkomstig - destijds bij een Bondsdominee belijdenis deed. Voor mij is de hervormde kerk dus nooit een kerk zonder bonders geweest. Op dit moment, nu de redaktie mij gevraagd heeft om een impressie te schrijven, stel ik mezelf de vraag waarom ik nooit lid geworden ben van de Gereformeerde Bond. Daarop is misschien allereerst een psychologisch antwoord te geven. Het zit niet zo erg in me om mij aan te sluiten bij een modaliteitsorganisatie. Ook andere verenigingen op dat gebied in onze kerk hebben me nooit kunnen inschrijven als lid. Ik heb er niet zoveel behoefte aan om voor de waarheid - welke dan ook - in de bres te springen. De waarheid zit er niet op te wachten door mij in bescherming genomen te worden. Heeft dat iets met karakter of aanleg te maken? Ik heb de neiging dat met ja te beantwoorden. En vanuit mijn studie, waarin ik me voornamelijk door de filosofie aangetrokken heb gevoeld, heb ik een invoelen in wat anderen beweegt, geleerd, dat bijna automatisch tot een grote mate van tolerantie leidt. Op die manier slaag ik er altijd wel in bij de ander, wiens uitgangspunten ik niet of nauwelijks onderschrijf, toch zoveel goeds te ontdekken, dat ik niet de minste behoefte voel om fel in de slag te gaan. Echt betrokken raak ik pas dan als ik zie dat waarheidspretenties levens gaan kosten kerkelijkdogmatisch, politiek-economisch of ideologisch) en gerechtigheid en recht ondergeschikt gemaakt worden aan het grote doel: de waar­heid. Ik ben tegen de doodstraf! En de doodstraf kun je op veel manieren ten uitvoer leggen, ook door iemand dood te zwijgen. Daarom pleit ik voor ruimte, ruimte voor gesprek. En van jongsaf aan heb ik onze hervormde kerk ervaren als een ruimte, waarin het rnogelijk is op een open wijze met elkaar in gesprek te zijn aangaande de diepste zaken van geloof en leven. Dat levert telkens het verwijt op, dat er geen duidelijke grenzen zijn. Dat komt ons te staan op klachten als 'de hervormde kerk is een kerk waar alles maar kan', 'de hervormd kerk is een kerk waarin onvoldoende ernst gemaakt wordt met het belijden der kerk' en 'waar blijft eigenlijk de tucht? ' Het vervelende is, dat ik ook die klachten begrijpen kan. Dat maakt je natuurlijk tot een lastige gesprekspartner. Nog onlangs ging ik voor in een kerkdienst, die onder verantwoordelijkheid stond van een wijkgemeente van GB-signatuur. Na afloop ontspon zich in de kerkeraadskamer een heel gesprek, waarin mij nogal forse verwijten gemaakt werden. Als ik aan dat gesprek terugdenk, dan geloof ik dat ik die ouderlingen heel wat beter begrepen heb dan zij mij. Het waarheidsbegrip, dat zij hanteerden, ken ik maar al te goed. En daarmee samenhangend was er weinig bereidheid om in te gaan op wat ik in mijn preek nu eigenlijk gezegd had. Zij hadden vooral gehoord wat niet gezegd was! En wat wél gezegd had moeten worden. Nu ben ik niet zo naïef om te veronderstellen, dat er geen verschillen in theologisch inzicht zouden bestaan tussen de Gereformeerde Bond en mij. Maar nog vóór die echt aan de orde konden komen, waren daar al de verwijten. Op zo'n moment stuit je op een overtuiging, die ik niet deel. De waarheid is mij lief, maar heb ik die waarheid ook helemaal in pacht? Of helemaal in al haar diepten doorschouwd? Daarom is het voor mij theologisch noodzakelijk naast eigen inzichten ruimte te laten bestaan voor de ander, ook al deel ik diens visie niet. Mijn ervaring is, dat velen in de Gereformeerde Bond met zo'n standpunt veel moeite hebben.

Schrijvend over de Gereformeerde Bond vind ik het een belangrijk gegeven, dat je er niet aan hoeft te twijfelen waar de Bond staat en waarvóór de Bond staat. De Bond kan moeilijk onduidelijkheid in zijn beleid verweten worden. Je weet wat je aan hem hebt. Dat kan heel positief werken. In de tijd, dat ik in Gouda predikant was, zijn we de milde confrontatie niet uit de weg gegaan, en probeerden we ons eigen inzicht steeds in relatie te brengen met wat, dat andere, bondsgedeelte, van de gemeente als wezenlijk geloofde. Zo werkt het gesprek wederzijds inspirerend. Van mijn kant heb ik meer dan eens predikanten van de Gereformeerde Bond (en van de Gereformeerde Gemeenten) uitgenodigd een uur katechisatie te komen geven aan mijn eigen katechisanten. Juist om elkaar niet uit het gezicht te verliezen, juist ook om aan deze collega's alle ruimte te geven zelf te vertellen in welke opzichten zij er anders, wellicht totaal anders over dachten, en om ze zelf te laten aangeven waarin zij met mij van mening verschilden. Ik bewaar er goede herinneringen aan, al heb ik het jammer gevonden dat ik nooit - door geen enkele collega - gevraagd ben om eens bij één van hen op de katechisatie te komen. Waarom geen tweerichtingverkeer? Nog steeds geloof ik, dat zo'n initiatief op plaatselijk niveau kan meehelpen om elkaar vast te houden.

Vijfenzeventig jaar Gereformeerde Bond. Juist in een kerk als de onze kan dat. Móet dat, hoor ik sommige lezers corrigeren. Nee, zover ga ik niet. Waarom niet, staat hierboven al aangegeven. Ik zie die vijfenzeventig jaar als een stukje van onze kerkgeschiedenis. Daarin zijn waardevolle dingen aan te wijzen, maar ook gewoon verkeerde. De verkeerde dingen zijn niet interessant, de waardevolle des te meer. Het lijkt onaardig om bij een jarige op te merken, dat hij het eeuwige leven niet heeft (als ik die uitdrukking hier even gebruiken mag). Dat te zeggen hoort bij een beetje relativeren van ook de kerkelijke geschiedenis. Dat geeft ook wat ontspanning. En die kunnen we goed gebruiken. Opdat we ons samen kunnen inspannen! Waar het ons samen om moet gaan, is de verkondiging van het evangelie. Zolang er mensen zijn, zullen we daarvoor verantwoordelijk zijn. Over het hoe en het wat, zijn we verantwoording schuldig aan God en aan elkaar. Dat is gebed én gesprek. De redaktie vroeg om een impressie. Welnu, laat deze verwoording van kritische verbondenheid uitdrukking mogen zijn van de indruk, die de Gereformeerde Bond op mij heeft gemaakt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 april 1981

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Vijf en zeventig jaar Gereformeerde Bond - een impressie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 april 1981

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's