De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Een gezegend prediker (5)

Bekijk het origineel

Een gezegend prediker (5)

8 minuten leestijd

Hasselt - een heel andere gemeente dan Waddinxveen. Een andere taal, een andere volksaard een andere manier om zich te uiten.

Hasselt

Als ik deze naam neerschrijf, dan moet u lezer, mij maar niet kwalijk nemen, als ik even mijn persoonlijk gevoel laat spreken.

Hasselt - het paradijs van mijn jongensjaren! In het Kunstreisboek voor Nederland begint de beschrijving van monumentale gebouwen in Hasselt met: 'Fraai oud Handels-en Hanzestadje aan het Zwartewater'.

Ik zie het nog voor me: met z'n grachten (ze leken me te kunnen concurreren met de Amsterdamse!), z'n singels, z'n in plantsoenen herschapen bolwerken, met het Zwartewater, waarin ik verdronken zou zijn, als niet de oudste zoon van de Gereformeerde predikant Bernard Tholen mij onder de aanlegplaats van de boten vandaan had mogen halen! Hasselt met z'n scheepswerven, z'n hooipers, z'n grindwal, z'n Stenen Dijk en galgeland, z'n buurtschappen Streukel, Genne, Zwartewaterklooster e.a., z'n fraaie, in onze tijd gerestaureerde raadhuis en last not least: z'n indrukwekkende Stephanuskerk, met de hoge, fraaie toren, het, vlak voor wij er kwamen, nog eens gerestaureerde orgel en z'n verheven drie-schepige kerkruimte. Verder denk ik vanzelf aan de ruime, mooie, nog steeds dienstdoende pastorie en haar, door ds. Van de Plassche, de voorganger van mijn vader uitstekend verzorgde tuin.

Ik heb er genoten, zoals nergens anders. En - ik geloof, een stuk gezondheid mogen opdoen.

Trouwens - ik lees in een brief van mijn vader nog uit Waddinxveen aan zijn familie: de streek is zeer gezond. Dat hoor ik algemeen en dat verblijdt me ten zeerste.

Directe oorzaak voor die blijdschap was de gezondheidstoestand van mijn broer, die in de winter 1904-1905 zoveel van het gymnasium had moeten verzuimen, dat het er naar uitzag, dat hij zou moeten doubleren. Maar dat niet alleen. Mijn vader vreesde, dat hij ook deze geliefde zoon wel eens zou moeten missen. Hij schrijft: 'O, ik heb weer een wintertje doorgemaakt. En - o wat bang gevoel in mijn ziel bij oogenblikken'.

Toch heeft dit niet de beslissende doorslag gegeven. In een andere brief vertelt hij van de stormvloed van brieven (80), die uit Hasselt op hem afkwam. Ook dat gaf niet de doorslag. Wel was er één bij, waarin hij de stem van de Macadonische man meende te horen. En hij vertelt dan met welke Schriftwoorden hij bezig geweest is, die hem tot de overtuiging brachten, dat hij, dit beroep aannemende, niet alléén zou gaan. Dat bracht de beslissing. Hij zou ongehoorzaam zijn, als hij deze stem geen gehoor gaf.

Maar de reactie, die toen in Waddinxveen losbrak, bij gemeente, kerkeraad en familie, was zo, dat hij nog weer aan het wankelen raakte. Maar dat kon toch niet standhouden tegen de innerlijke overtuiging, naar Hasselt te moeten gaan.

Overgang

We verhuisden per schip. Vóór de afscheidszondag 25juni, was bijna alles al ingescheept. Het schip lag in de Gouwe, waar de pastorie aan de Noordkade stond. Maar 's avonds kwamen toch nog zo'n 80 man bij ons aan huis. Ze zaten zomaar op banken, die het huis ingedragen waren. Er werd gebeden en gezongen, gesproken en geweend. Ik denk aan Paulus' afscheid van de gemeente van Efeze in Miléte (Hand. 20). Maar de volgende morgen half vier was het al weer dag, om het restje uit te dragen en in te laden. Om 8 uur was alles scheep en kon de schipper afvaren. Het werd echter dinsdagmiddag eer het schip Hasselt bereikte, zodat wij met de medegekomen dienstbode en nog een helpster, twee nachten bij Hasseltse families ondergebracht moesten worden.

Zaterdag kwam ds. Bouthoorn (al had Hasselt wel graag de bevestiging door ds. Van de Plassche laten geschieden).

De bevestigingstekst was Jesaja 52 : 7: Hoe lief lijk zijn op de bergen de voeten desgenen, die het goede boodschapt, die den vrede doet horen; desgenen, die goede boodschap brengt van het goede, die heil doet horen; desgenen, die tot Sion zegt: uw God is Koning! Ik laat de intreetekst hier ook maar in z'n geheel afdrukken. Het was 2 Cor. 4 : 5-7: Want wij prediken niet onszelven, maar Christus Jezus den Heere; en onszelven, dat wij uwe dienaren zijn om Jezus' wil. Want God, Die gezegd heeft, dat het licht uit de duisternis schijnen zou, is Degene, Die in onze harten geschenen heeft, om te geven verlichting der kennis der heerlijkheid Gods in het aangezicht van Jezus Christus. Maar wij hebben deze schat in aarden vaten opdat de uitnemendheid der kracht zij Godes en niet uit ons.

Mijn vader tekent nog aan, dat ds. en mevr. Eekhof van Rouveen (de ouders van de latere kerkhistoricus, prof. Eekhof) de hele dag bij ons te gast waren.

Hasselt - een heel andere gemeente dan Waddinxveen. Een andere taal, een andere volksaard een andere manier om zich te uiten. Mijn vader heeft wel wat moeite gehad met die overgang. Hij hóórde zo weinig van leven aan de ziel, van ervaringen van licht en duisternis, van nood en uitreddingen. Was het omdat schuchterheid weerhield? Of, omdat er niets te vertellen viel? ! Mijn vader vreest blijkbaar het laatste. Hij moest nog wennen aan een heel andere landsaard. De Saks legt niet zo maar z'n hart bloot. Hij is zwijgzamer - in geestelijke zaken - daarom niet minder nadenkend. Geen wonder dat Hasselt theologen heeft voortgebracht: de Schrotens, de Würstens, Woelderink.

Toch reageert Hasselt positief op de, sterk op het gemoed gerichte, prediking van mijn vader. Zondag aan zondag is de mooie kerk vol. Als jongen zat ik daar in de pastoriebank naast mijn moeder. Ik herinner me nog bepaalde preken van mijn vader. Bovenal heeft de Avondmaalsviering, met dat diepe besef van heilige eerbied, grote indruk op me gemaakt.

Preekwerk

In Hasselt hoefde mijn vader eigenlijk maar één keer te preken. Officieel waren er eigenlijk twee predikantsplaatsen. De tweede was 'slapend'. Een deskundig, geïnteresseerd lezer uit Driebergen schreef mij, dat mijn vader wel in de vacature van ds. F. F. J. van de Plassche kwam, maar 'formeel in de vacature H. G. Ubbink, een Kohlbruggiaan'. Er was trouwens een tweede pastorie op de Baangracht (één noord), die o.a. gebruikt werd voor, ook door mijn vader gaarne gehouden Bijbellezingen (o.a. over de geschiedenis van Jozef en over Ruth). Het kon er eivol zijn. Meestal vervulde mijn vader ook de beurt in de officieel vacante predikantsplaats, waarin, voor de vorm uiterst zelden, een beroep werd uitgebracht op iemand, van wie men verwachtte en hoopte, dat hij bedanken zou, een onwaarachtige toestand, waaraan gelukkig een eind gemaakt is geworden.

Enkele geestverwante predikanten als ds. Heijer (Staphorst), ds. Eekhof (Rouveen) en ds. Van Eist (Genemuiden) kwamen wel. Ook herinner ik me de Zwolse, markante ds. F. J. Krop op de preekstoel. Maar vaak preekte mijn vader driemaal. Overal voor zeer veel mensen. In IJsselmuiden had men mijn vader in hetzelfde jaar 1905 reeds willen beroepen! En in april 1906 deed men het toch! Dat kon toen. Mijn vader werd trouwens in zijn niet zo lange predikantenleven vereerd én geplaagd door zeer vele beroepen. Soms in dezelfde gemeente twee-of zelfs driemaal.

Schoolstichting

Wat in Waddinxveen niet kon gelukken, slaagde in Hasselt. 't Heeft wel strijd gekost! En offers! De getallen zijn in onze ogen wel erg klein, maar de gulden was toen erg hard! Op een gegeven moment zijn er toch tegenvallers wat de bouwkosten betreft, en er moet ook een aanvangswerkkapitaal zijn. Mijn va­der is dan bereid, persoonlijk naar den Haag te gaan om bij goed gesitueerde voorstanders van Chr. onderwijs uit oude aristocratische Reveilkringen aan te kloppen. Dat gebeurde vaker. Het is niet nodig geweest. Hasselt hielp zichzelf. Ook van de burgemeester van Hasselt, met wien mijn vader nogal bevriend raakte, Jhr. van Suchtelen van de Haare, heeft mijn vader veel medewerking, ook finantieël ondervonden.

Daartegenover stond ook veel vijandschap. Behalve de Openbare School, bevolkt door de grote meerderheid van de Hervormde kinderen, was er een kleine Gereformeerde School in de Nieuwstraat. Het was de school van 'de Cocksen'. Daar ben ik 4 jaar leerling geweest. Dat was een principiële positiekeuze van mijn vader. Maar een eigen Herv. School was toch zijn ideaal. Ook de enige mogelijkheid om veel meer Herv. kinderen Chr. onderwijs te doen geven.

Maar het kostte wel kerkgangers. Want de liberale ondergrond was sterk. Het hoofd van de Openbare School bedankte als kerkvoogd. Over allerlei dingen, o.a. het bouwterrein, werd strijd gevoerd. Maar de school kwam er. Nu nog het personeel. Het hoofd moest akte frans hebben, althans voor leerlingen die naar H.B.S. of gymnasium moesten. Het eerste hoofd, bij wie ik 9 maanden in de klas zat, had frans, maar paste niet goed, naar ik meen, bij het Hasselts klimaat. Maar de school, die met 4 lokalen begon, groeide tot de flinke school, die er nu staat. Het toen met tegenstand geplante twijgje, werd een boom. 29 december 1909 had de inwijding plaats. Ons huisorgel was daarvoor naar de school getransporteerd. Mijn broer speelde. 113 kinderen bevolkten de 4 lokalen. Wie weet tot hoeveel zegen dit onderwijs heeft mogen zijn! Een belangrijk ideaal van mijn vader was in vervulling gegaan: kerk en school één! De ondervonden vijandschap bewees hem zelfs, dat dit werk uit God was.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 mei 1981

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's

Een gezegend prediker (5)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 mei 1981

De Waarheidsvriend | 20 Pagina's