De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Verhouding van Oude tot het Nieuwe Testament (2)

Bekijk het origineel

De Verhouding van Oude tot het Nieuwe Testament (2)

De Heilige Schrift

7 minuten leestijd

Onderscheid tussen beideWe hebben de vorige keer stilgestaan bij de eenheid van de Schrift en van de beide testamenten, deze keer beginnen we met het onderscheid tussen deze twee. Want als we terecht hun eenheid onderstrepen, betekent dat nog niet, dat we deze vereenzelvigen. Het zal niet moeilijk zijn ook op enige punten van verschil te wijzen. Daarbij wordt op geen enkele wijze een breekijzer onder de Schrift gelegd.

Onderscheid tussen beide

We hebben de vorige keer stilgestaan bij de eenheid van de Schrift en van de beide testamenten, deze keer beginnen we met het onderscheid tussen deze twee. Want als we terecht hun eenheid onderstrepen, betekent dat nog niet, dat we deze vereenzelvigen. Het zal niet moeilijk zijn ook op enige punten van verschil te wijzen. Daarbij wordt op geen enkele wijze een breekijzer onder de Schrift gelegd.

a. In het Oude Testament ligt een sterk accent op het aardse

Het is opmerkelijk, dat als de Schrift, vooral in het Oude Testament spreekt van goddelijke zegen, deze sterk aardse trekken heeft. Denkt u maar eens aan de zegen van God aan Abram, Gen. 12 : 1, aan die van Izaak aan Jakob, Gen. 27, aan het uitzicht op het beloofde land, Deut. 11. Bij oppervlakkige lezing zou geklaagd kunnen worden: er zit zo weinig geestelijks in, dan is het Nieuwe Testament toch heel anders, gaat veel dieper'. Het gaat mij veel te ver om het Oude Testament als 'diesseitig' en het Nieuwe als 'jenseitig' aan te duiden, het Oude als slechts aards, op het hier en nu gericht, en het Nieuwe alleen als hemels, op de eeuwigheid betrokken. Aan de andere kant kan ik ook niet toestemmen dat de aardse zegeningen alleen maar als verpakkingsmateriaal van het geestelijke gelden. Een paar opmerkingen hierover. Het Oude Testament predikt, dat hier en nu, in de concrete werkelijkheid van dit bestaan, reeds openbaar komt het onderscheid tussen degenen, die de Heere wel en hen, die Hem niet dienen. We moeten de Bijbel niet bij voorbaat verspiritualiseren! Vervolgens mogen we reeds uit het Oude Testament leren dat de Heere ook in de aardse werkelijkheid, voor tijdelijke noden, gevraagd mag en moet worden. Tijdelijke en geestelijke weldaden zijn beide van dezelfde God afkomstig! Bovendien wil de Heere door tijdelijke goederen beter doen verstaan, dat Hij veel meer nog te geven heeft, om de harten van Zijn kinderen op te trekken. De tijdelijke straffen zijn ook menigmaal blijken en aanduidingen van Zijn ongenoegen over de overtreders van Zijn geboden en waarschuwingen. Het Nieuwe Testament is evenzeer op de werkelijkheid van hier en nu betrokken, maar richt zich meer op 'de toekomende stad', of 'het betere, eeuwige vaderland'.

b. Het Oude Testament gebruikt meer ceremoniën

Calvijn heeft ergens treffend schoon geschreven, dat het Oude Testament 'bij afwezigheid der werkelijkheid slechts een beeld, en in plaats van het lichaam een schaduw doet zien'. Dit onderscheid blijkt vooral daar, waar het Oude tegenover het Nieuwe Testament wordt gesteld. En u weet onmiddellijk, dat is vooral in de Hebreënbrief het geval. Telkens worden vergelijkingen getrokken tussen bijvoorbeeld Mozes en Christus, Aaron en Christus, Jozua en Christus. Priesterschap en tempeldienst kenden geen doel in zichzelf, maar waren afbeelding van en heenwijzing naar de volkomenheid van de Heere Jezus. Het Oude Testament spreekt ons van het verbond, dat ingehuld was in de schaduwachtige handelingen, die tijdelijk waren. Daarom kunnen we als christenen bijvoorbeeld ook het bijbelboek Leviticus lezen en bespreken, omdat het ons, ziende op Christus, leert, dat zonder verzoening de vergeving onmogelijk is, en op de vergeving ook de heiliging volgen moet.

c. Oud en Nieuw staan tot elkaar onder een heilige spanning

Wanneer we met name denken aan de profetie van Jeremia 31, dan spreekt daaruit de verzekering, dat er een nieuw verbond komt. De apostel Paulus pakt dat motief op in 2 Corinthe 3, als hij opmerkt dat 'bij 't eerste de wet op steen, bij 't tweede in 't hart gegrift wordt'. Daarom schrijft Paulus ook, dat het Oude Testament met de letter der wet de bediening des doods is; het Nieuwe, door de kracht van de Geest, is werktuig van het leven en bevrijdend van zonde en dood. Wel moeten we zien, dat de apostel bij wijze van vergelijking spreekt en het Oude Testament dus niet omlaag haalt. Op dezelfde manier wordt over het Oude gesproken als een testament van dienstbaarheid, dat vrees oproept, terwijl het Nieuwe een testament der vrijheid is, want het is gericht op vertrouwen in Christus alleen. Met name in Galaten 4 : 22 vv. trekt Paulus de beide testamenten in een vergelijking. Dat betekent natuurlijk niet, dat de gelovigen onder het Oude Verbond niet behouden zijn geworden door hun toevlucht te nemen tot Christus in de schaduwendienst. Calvijn merkt op, dat vaderen 'levend onder het Oude Testament altijd naar het Nieuwe hebben gestreefd. Die het alleen maar met de schaduwen zelf konden doen, en Christus daarin niet zagen, waren blind'.

d. Het Oude is beperkter dan het Nieuwe

Niet kan het ons ontgaan, dat onder het Oude Testament om zo te zeggen de grenzen van de Kerk bijkans samenvallen met die van Israël. Mozes wijst er op, dat toen 'de Allerhoogste de volken vaneen scheidde, Israël Zijn eigendom werd', Deuteron. 32 : 8. Aan de andere volken onthield God de prediking van 't Woord, en hen liet Hij in 'de ijdelheid wandelen'. Hand. 14 : 16. Wel regende God spaarzamelijk het heil op enkelingen buiten Israël, Job, Rachab, Ruth, Naaman, en moest Jona naar Nineve, maar de barmhartigheid van God bleef binnen de muren van Israël. Bij de komst van Christus, in de volheid van de tijd, is eerst de scheidsmuur doorbroken. De komst van Christus in de wereld, de gang van het evangelie naar de volken, de roeping en bekering van de heidenen maakt duidelijk hoe zeer het Nieuwe Testament uitgaat boven het Oude naar Gods bedoeling. De apostelen zelf hebben daarmede grote moeite gehad, zo geweldig was het, hoezeer ook de profeten onder het oude verbond dat wijde perspectief hebben laten zien door de Geest van de profetie.

e. Het Oude mag niet tegen het Nieuwe worden uitgespeeld

Nog een slotopmerking, als we over het onderscheid tussen de beide Testamenten spreken. We kunnen zeggen, dat met name in de tijd van de apostelen en in de vroeg-christelijke kerk ten koste van de eenheid van de Schrift van het onderscheid een scherpe tegenstelling is gemaakt. En wel van twee kanten uit, tegenovergesteld aan elkaar. Stellig hebt u wel eens van de naam 'Judaïsten' gehoord, felle tegenstanders van de prediking van Paulus vooral, als hij met het evangelie tot de heidenen gaat. Deze mensen wilden, eisten eigenlijk, dat de apostel voor de gelovigen uit de heidenen verplicht stelde de besnijdenis en de onderhouding van de Mozaïsche geboden. Het was wel mooi, dat de heidenen tot geloof in Christus kwamen, maar ja, ... als ze de voorvaderlijke inzettingen hielden, zouden ze nog zekerder van het behoud zijn. We zouden kunnen zeggen: voor deze lieden was het Oude Testament alles, het Nieuwe een aanhangsel, een bijwagen. Zij wilden de christelijke kerk persen in het oudtestamentische Joodse schema, het evangelie gevangen nemen onder de wet. Van de andere kant heeft de gnostiek de kerk ernstig bedreigd, waarbij het Oude Testament als lager, vleselijk, ongeestelijk werd afgedaan. Wie in Christus geloofde, had met geheel het Oude Testament niets meer te maken. Paulus heeft dat veel duidelijker nog dan de Heiland gesteld, oordeelde men in deze kringen, hij was hun man.

U ziet, hoop ik, het dodelijk gevaar zowel van de ene als van de andere stroming. Dan geraken we het spoor van de Schrift bijster, versmallen we de Bijbel eigenmachtig tot een deel en zijn we het Woord Gods kwijt. Het Oude roept echter om het Nieuwe Testament en het tweede is anderzijds de bloem uit de bol van het eerste.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 juli 1981

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

De Verhouding van Oude tot het Nieuwe Testament (2)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 juli 1981

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's