De enige vriend van zondaren
Deze ontvangt de zondaars en eet met hen. Luc. 15 : 2b
'En al de tollenaren en de zondaars naderden tot Hem, om Hem te horen'. Zo lezen wij in het vers, dat aan de tekst vooraf gaat. De grondtekst geeft het nog leerzamer weer. Eigenlijk staat er: 'En al de tollenaren en zondaren plachten tot Hem te naderen om Hem te horen'. Dat plachten zij te doen, d.w.z. dat was hun gewoonte.
Ach, deze horen bij elkaar, zondaren en Jezus, slechte mensen en een rechtvaardige Jezus. Dit is iets, wat alleen maar door genade een zondaar leert verstaan. De wereld verstaat het niet, omdat zij niet weet wat zonde is en wie Jezus is. En de godsdienstige mens, die er alleen maar verstandelijk kennis van heeft, ergert zich eraan, waarneer hij zondaren en Jezus samen ziet. Vol minachting klinkt het dan: 'deze ontvangt de zondaars en eet met hen'. Kwam dat nu met de waardigheid van Jezus overeen? En dat noemt Zich dan een leraar van God gezonden!
Neen, zoiets deed een leraar in Israël niet. De farizeeën zouden er zich wel voor wachten om tafelgemeenschap te houden met wie zij zondaren noemden. Het samen eten bracht, vooral volgens de Joodse gedachte, een nauwe gemeenschap tot stand en zulk een gemeenschap kon men toch moeilijk oefenen met zulke slechte mensen.
Nu is het opmerkelijk, dat de Farizeeën niet alleen tollenaren en zondaren van zich hielden, maar ook Jezus. Met de onheiligen verwierpen zij ook de Heilige. Ach, dit gaat nog steeds samen. Daar is door genade een volk dat zich werkelijk als slecht, als zondaar heeft leren kennen. Maar dit volk wordt niet verstaan en begrepen door de uiterlijke vrome, voorbeeldige christen. 'Is me dat een volk. Altijd maar klagen en tobben. Altijd zitten ze maar in het duister en hebben ze het er over, dat zij zo slecht zijn. Met zulke mensen kan Jezus toch geen omgang hebben. Zijn dat nu mensen waar God iets aan heeft!'
En zo mijden zij dat volk, dat door de Here bekommerd is gemaakt vanwege zijn zonde. Maar ook de God en de Christus van dit volk. Daarover kunnen zij niet spreken. De bearbeiding des Geestes en de genadegaven van Christus kennen zij niet. Ongelukkig mens, die zich hoger acht dan zondaar en die daarom Christus niet van node heeft.
Toch spraken de Farizeeën de waarheid. Een zeer troostvolle waarheid zelfs, welke niet spottend, maar als een jubelkreet moet klinken: 'deze ontvangt de zondaars en eet met hen'. Spottend klinkt dit uit de mond van wettisch vrome mensen, maar in diepe bewondering wordt dit gestameld door al Gods volk. 'Deze ontvangt de zondaars en eet met hen'? Deze als de enige. Wanneer de Heilige Geest een mens ontdekt, dan komt hij als een eenzame te staan. Dan is er niemand, die hem ontvangen kan en wil. God, zijn Schepper, kan hem niet ontvangen. O, dat heeft hij maar al te goed leren kennen, want met Hem heeft hij te maken gekregen in diens heiligheid en rechtvaardigheid. Neen, de driemaal Heilige kan hem niet ontvangen, maar moet hem eeuwig van zich stoten.
Mozes wil hem niet ontvangen. Sinds hij zich als een overtreder van al de geboden der wet heeft leren kennen, stoot zij hem van zich, is zij voor hem een tuchtmeester.
Zo komt de ontdekte ziel alleen te staan. Niemand, die hem kan aannemen. Ontzettende toestand. Door God zondaar gemaakt te zijn. Door de Heilige Geest ontdekkend bearbeid te zijn. Rond te lopen met een ontzaglijke schuld. De vloek der wet achter zich en het wraakzwaard van Gods recht voor zich. Zondaar te zijn en dit nu te weten. Daarover te moeten wenen nacht en dag.
Geen hulp of uitkomst meer te zien. Alleen maar klagen bij zichzelf: 'ik ellendig mens, wie zal mij verlossen'?
Wanneer gij door genade zo klagen moogt, nergens het meer vinden kunt, o houd aan en grijp moed, er is er toch nog Een, Die u ontvangen wil. Deze ontvangt de zondaars. Deze, d.i. de Zaligmaker van zondaren, Deze, die niet gekomen is om te rechtvaardigen, maar zondaren te verlossen.
Deze, die ook door niemand ontvangen werd en die daarom als een uitgestotene tussen aarde en hemel kwam te hangen. Vervloekt van de wet en verlaten van God. Deze ontvangt zondaren en verzoent hen met de Vader.
Hoort ge het, ontdekte ziel, zuchter en klager vanwege uw zonden, die wenend uitroept: 'Wie zal mij verlossen'? Hoort ge het goed? Deze ontvangt zondaren. Dacht ge soms, dat Hij niet ontvangen wil of kan ontvangen. Bedenk dan:
't Behoeftig volk in hun noden, in hun ellende en pijn, gans hulpeloos tot Hem gevloden, zal Hij ten redder zijn.
Deze ontvangt zondaren, beladen met schuld, om voor hen te betalen. Deze ontvangt zondaren, zwart van zonden om ze te reinigen in Zijn bloed. Deze ontvangt vloekwaardigen, want Hij heeft hun vloek gedragen. Deze ontvangt zondaren, bevend voor Gods recht, want Hij heeft aan Gods recht voldaan.
Deze ontvangt zondaren om hen te vergeven, om hen kinderen Gods te maken, om ze te bekleden met de mantel van Zijn gerechtigheid. Deze schenkt zondaren zijn Heilige Geest, opdat zij de weldaden door Hem verworven zouden toegepast krijgen aan het hart. Wanneer dit mag plaats hebben, o dan roepen alle zaligmakend bearbeide zondaren in volle verwondering uit: 'Hoedanig een is deze? Deze ontvangt zondaren, ja zelfs ook mij en oefent de nauwste gemeenschap met mij. Spijzigt mij van Zijn tafel. Bedeel m'n ziel uit Zijn volle rijkdom'.
Zalig door deze Christus als zondaar ontvangen te worden. Voor het eerst en gedurig weer. Dezulken zal Hij straks ontvangen en voor eeuwig bij zich houden. Dan zal Gods volk Christus' zondaarsmin eeuwig prijzen, maar ook Gods liefde, die deze Christus tot zaliging van zondaren gaf.
Behoort ge ook tot deze begenadigde zondaren, m'n lezer?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 augustus 1981
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 augustus 1981
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's