De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Niet doen, maar geloven

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Niet doen, maar geloven

5 minuten leestijd

'Wat moet ik doen, opdat ik zalig worde? Geloof in de Heer e Jezus Christus en gij zult zalig worden'. Hand. 16 : 30b en 31a

'Wat moet ik doen, opdat ik zalig worde? ' Dat is de vraag van de beheerder van het gevangenhuis te Filippi. Een vraag waarmee hij nog niet zo lang rond liep. 's Avonds was hij nog rustig naar bed gegaan. Gelukkig. Alles was goed afgesloten. Niemand kon ontvluchten. Zijn meerderen konden tevreden zijn over hem.

Maar dan te middernacht wordt zijn rust verstoord. De aarde beeft en de deuren der gevangenis springen open, weg is zijn rust, vernietigd zijn geluk. Door wanhoop gedreven staat hij op het punt zelfmoord te plegen. Allen, die hij bewaren moest zijn immers ontsnapt. Doch neen, daarvoor behoeft hij niet bevreesd te zijn. 'Wij zijn allen hier', hoort hij zich toeroepen door een der gevangenen.

Hij kan weer gerust zijn en zich gelukkig gevoelen. Toch is hij het niet. Dat blijkt wel uit zijn beangstigende vraag: 'Wat moet ik doen, opdat ik zalig worde'.

Dit is een vraag, die nog nooit bij hem opgekomen was en die nu in één nacht, in een enkel uur een brandende vraag, een levensvraag voor hem geworden is. En wonderlijk een vraag, die hij richt tot een tweetal... gevangenen, tot Paulus en Silas. Tot hen, die hij gisteravond als misdadigers, als gevaarlijke mensen diep wegsloot en goed vastklonk in de kerker. Ja, lezer wanneer God er aan te pas komt, dan kan er in één nacht heel wat gebeuren. En wanneer God gaat handelen, dan gebeuren er wonderlijke dingen. Dan wordt mogelijk, wat totaal onmogelijk schijnt bij ons.

Wat wordt dan mogelijk? Dat een gelukkig mens een ongelukkig mens wordt. Is dat dan zoveel waard, vraagt iemand. Ja, dat is alles waard. Een gelukkig mens in zichzelf vraagt niet naar zaligheid, vraagt niet naar God en naar het heil van zijn onsterfelijke ziel.

Van nature is de mens als de stokbewaarder van Filippi. Hij leeft gerust voort. Alles is immers goed verzekerd. Het loopt allemaal zo goed. Rustig legt hij het hoofd neer, voor morgen heeft hij immers weer alles wat nodig is, zo gaat de mens rustig voort in een valse rust op weg naar zijn eeuwige ondergang. Ieder mens, want er is van nature niemand, die God zoekt, niemand die vraagt, wat moet ik doen, opdat ik zalig worde?

Daar is een ingrijpen van de hemel voor nodig. Een Godsdaad, die de fundamenten van ons hart doet beven. Een levendwekkende daad, die de zondaar uit zijn doodslaap wakker schudt. Die het hart verbrijzelt en het geweten doet ontwaken.

Wanneer de Heere zo met machtige hand de mens aanroert, dan wordt zulk een z'n ongeluk gewaar. Daar ziet hij, hoe hij nu alles mist. God en het leven en de zaligheid. Daar ziet hij ook de ellende in zichzelf. De onreinheid en verdorvenheid van zijn hart. De ellende ook buiten zichzelf. De straf Gods en een eeuwig omkomen onder Gods toorn.

Zulk een door God aangeroerde komt in de diepte. Erger dan gevangenismuren zijn de benauwheden die hem omringen. Dan is het 'Ik werd benauwd van alle zijden'; Doch dan wordt het ook, 'maar riep de Heere ootmoedig aan'. 'Uit diepten van ellende roep ik tot u, o Heere'. Dan komt van bevende lippen de levensvraag: 'Wat moet ik doen opdat ik zalig worde? ' Nu kan men terstond het bezwaar maken, dat deze vraag toch nog wat Remonstrants klinkt: Wat moet ik doen? Dat is de werkheilige. De mens, die nog leven wil uit een gebroken werkverbond. Goed. Het kan zijn. Alleen dan tot u de vraag: 'Hebt ge ook zo al eens leren vragen? ? ' Het zou te prijzen zijn, indien we deze vraag dagelijks hoorden. Want hier is immers een mens, die zalig wil worden. En die zijn er zo weinig. Mensen, die echt zalig willen worden, omdat zij zich zo recht ongelukkig hebben leren voelen.

Mogelijk zegt iemand, ja, die vraag zou ik ook moeten stellen, maar het komt er bij mij niet van. Ik voel me nog zo tevreden met mijzelf. Het is wel verkeerd en het moet anders, maar neen, een levensvraag is het niet voor mij. Weet ge, wat ge dan moet doen? U wenden tot de Almachtige en vragen of Hij in genade ook uw ziel zo krachtig wil aanroeren als bij de gevangenenbewaarder. De Heere vragen om ontdekking door Zijn Heilige Geest. De Heere smeken om wat ge zelf niet kunt en toch nodig hebt, dat Hij u bekere tot Hem.

Tot u echter, die in de bekommering des harten met deze vraag van de stokbewaarder rondloopt, mogen wij met Paulus zeggen: 'geloof in de Heere Jezus Christus en gij zult zalig worden'. Het zalig worden is voor u zo gemakkelijk. Ge behoeft er niets meer voor te doen. Het is alles reeds voor u gedaan. Gedaan door de Zaligmaker. Door de Heere Jezus Christus. Hij is het, die Z'n volk zalig maakt van al hun zonden, door hun zondelast op Zich te nemen en hun straf te dragen en zo de toorn Gods te stillen en met Hem te verzoenen. Gij hebt slechts de hand te leggen op het volbrachte werk van uw Borg.

Vraag maar veel om het toepassende werk van de Heilige Geest, opdat ge met een gelovig hart de Heere Jezus Christus moogt omhelzen als uw Zondenvernieler en uw Levensverwerver. Ja, als uw volkomen Zaligmaker.

Neen, ge behoeft niets te doen. Christus' verdiensten zijn alleen de oorzaak van uw zaligheid en Zijn Heilige Geest wil ze uit genade, om niet toepassen aan uw hart. Volk des Heeren, dat antwoord ontving op uw bange zielevraag, laat die Christus u al meer zalig maken. Leef dat zalige leven uit Hem. Uit de volheid van zaligheid, die er in Hem te vinden is. En hunker naar het ogenblik, waarop ge met uw Zaligmaker, verlost van zonde, in eeuwigheid leven moogt. Dat is een leven in volkomen zaligheid.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1981

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Niet doen, maar geloven

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1981

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's