Contact over onderwijs en kerk
Bezoek aan Amerika en Canada
In Scioux Centre (U.S.A.) werd dezer dagen de derde internationale conferentie voor Christelijk Hoger Onderwijs in de wereld gehouden. De eerste was in 1975 in Potchefstroom (Zuid Afrika). De tweede in 1978 in Grand Rapids. Voor deze derde conferentie was Dordt College beschikbaar.
Aanvankelijk zou de conferentie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam worden gehouden maar de V.U. had geweigerd de conferentie te organiseren vanwege de aanwezigheid van de universiteit van Potchefstroom. Met dit gegeven is intussen ook aangestipt een stuk spanning op deze internationale conferenties. De kwestie van de apartheid in Zuid Afrika zorgde op de vorige conferentie, toen de V.U. al niet officieel aanwezig wilde zijn (maar er officieus wel was) voor emotionele discussies. Thans kwam de problematiek wéér aan de orde, minder emotioneel maar niet minder krachtig. Dat kwam allereerst naar voren toen een aanbeveling ter tafel lag om zich als congres uit te spreken over 'ongerechtigheid in de Zuid Afrikaanse samenleving', samen overigens met een brief aan president Reagan over zijn steun aan het bewind in Guatemala, waar 'Father Stanley Rother' werd vermoord, zonder dat de autoriteiten zelf zich inspanden een onderzoek naar de moord in te stellen en ook samen met een aanbeveling over hulp aan Poolse onderwijsinstellingen.
De eerste aanbeveling riep het ongenoegen van de Zuid Afrikaners op. Later kwam dezelfde discussie nog een keer terug, namelijk toen een structuurrapport voor de gevormde Internationale raad voor christelijk hoger onderwijs aan de orde kwam. Daarin werd uitgesproken dat instituten voor christelijk hoger onderwijs speciale aandacht zouden moeten hebben voor verminking van de waarheid door ideologieën als marxisme, kapitalisme, nationalisme en rassisme; waarbij ten aanzien van het laatste de apartheid afzonderlijk werd genoemd. De Zuid Afrikaanse gedelegeerden ervoeren dit als een rechtstreekse aanval op Potchefstroom als deelnemend instituut. Van Nederlandse zijde opponeerde met name prof. dr. W. H. Velema - aanwezig namens de Theologische Hogeschool van de Christelijke Gereformeerde Kerken te Apeldoorn - scherp tegen de genoemde aanbevelingen. Hij stelde, dat het thema van de conferentie was 'De uitdaging van het marxisme en het neomarxisme voor de christelijke wetenschapsbeoefening.' Nu ging veel tijd heen aan discussies over genoemde aanbevelingen, ten koste van de eigenlijke bespreking van het thema. Bovendien moest in betrekkelijk korte tijd over een aantal zeer zwaarwegende politieke onderwerpen worden beslist, zónder dat de achterliggende problematic voldoende was uitgediept en besproken.
Het is inderdaad een feit, dat het vrijwel ondoenlijk is om een officiële brief aan president Reagan over diens politiek ten aanzien van Zuid Amerika in een half uur te behandelen. Dan domineren enkele zeer goed ingewijden, die initiatiefnemers voor zo'n brief waren, teveel het hele congres. En wat de Zuid Afrika kwestie betreft, ook hier kan men geen uitspraken doen, in aanwezigheid van de Zuid Afrikaners, zonder dat er van een grondige discussie sprake is geweest. Mij zou het liever zijn geweest als bij het afwijzen van bepaalde ideologieën als het marxisme ook hetfascisme zou zijn genoemd (in plaats yan de dubbele aanduiding rassisme en nationalisme). Fascisme is immers een internationaal bekende ideologie. Dat kan - evenals het marxisme - per land worden ingevuld en ook daar, waar het in Zuid Afrika voorkomt, worden aangeduid. Nu werd voor een bepaalde ideologie één bepaald land concreet aangeduid, terwijl andere landen, gekenmerkt door andere ideologieën, buiten schot bleven.
Ontmoetingen
Intussen heb ik reeds aangegeven waar ook op deze conferentie het spanningsveld lag. Daaruit zou geconcludeerd kunnen worden, dat er alleen maar sprake was van spanning. Het tegendeel is waar. Er waren diepgravende referaten over het marxisme. Er waren levendige groepsdiscussies. Er waren vooral ook de persoonlijke ontmoetingen, die een conferentie als deze altijd weer zo boeiend maken. Uit Nederland waren aanwezig, behalve prof. dr. W. H. Velema, die ik steeds noemde, ir. A. W. Biersteker namens de Stichting voor Calvinistische Wijsbegeerte, evenals dr. H. G. Geertsema en prof. dr. S. Griffioen. Prof. dr. K. Runia - voorzitter van het congres - vertegenwoordigde de Theologische Hogeschool te Kampen (een instituut, dat, overigens ook het congres - in navolging van de V.U. - niet wilde organiseren). Drs. J. A. van Delden was aanwezig namens de Evangelische Hogeschool en drs. K. Veling namens het 'Gereformeerd Wetenschappelijk Genootschap'. Laatstgenoemde hield over dat genootschap een voortreffelijk verhaal voor de congresgangers, waarbij hij zijn vrijgemaakte identiteit intussen niet verloochende. De heer H. H. J. van As was namens het Reformatorisch Dagblad aanwezig. Zelf mocht ik de Gereformeerde Sociale Academie 'De Vijverberg (Ede) vertegenwoordigen.
Ik sprak over persoonlijke ontmoetingen. Men ontmoet inderdaad Nederlanders, die men in eigen land nog niet is tegengekomen. Men ontmoet ook de broeders van verre landen. Een predikant uit Zimbabwe - het voormalige Rhodesië - , die zich nog niet aan een oordeel waagt over de huidige status van zijn land, hoewel hij ervaart dat de kerk thans meer vrijheid heeft dan onder het vorige regime! Een predikant uit een ander Afrikaans land, die me zegt, dat de zending uit het Westen (Europa) er niet in geslaagd is de Afrikaanse cultuur uit het godsdienstige leven uit te bannen en dit toespitst op de polygamie: Een man bezit méér dan één vrouw. Je begrijpt het als westerIing niet maar ervaart wél , dat hier voor de Afrikaner grote problemen liggen. Wat moet ik - zei de betreffende predikant - met mijn vrouwen en kinderen die, mét mij, mee zijn overgegaan naar het Christendom? Ik kan ze toch niet aan hun lot overlaten?
Ik geef maar door wat mij hier werd toevertrouwd!
Wat ik er maar mee wil zeggen is, dat ontmoetingen op internationale conferenties even wezenlijk zijn als discussies over referaten. Mensen uit verschillende achtergronden maar met dezelfde overtuiging ontmoeten elkaar.
Kerkelijk leven
Intussen ervaart men op een conferentie als deze ook iets van het kerkelijke leven in het land waar men is, in dit geval de U.S.A. Voor mij waren het drie ervaringen.
In de eerste plaats zijn er de grote 'meetings'. Een Amerikaanse evangelist loopt in typisch Amerikaanse kledij over een podium en bespeelt 'godsdienstig' een grote zaal vol mensen. Het is de Billy-Graham methode in het klein, hoewel voor Nederlandse begrippen nog altijd groot-schalig. Deze methode van evangeliseren - waarbij de T.V. is ingeschakeld - gaat kennelijk ook overwaaien naar Nederland.
Dan zijn er de gewone Amerikaanse kerkdiensten, die óók iets hebben van die Amerikaanse sfeer, ook al worden wezenlijk bijbelse noties aangereikt. Het is misschien te vergelijken met wat men langs de weg ziet: borden met opschrift 'bent u al wedergeboren? ' of 'bent u bereid te sterven? ' of 'kent u Jezus al als persoonlijk verlosser? '. Waardevolle en wezenlijke vragen, intussen op luidruchtige wijze gepresenteerd!
Verder zijn er de Hollandse diensten. Wie in lowa is - waar Scioux Centre ligt - wordt getroffen door het feit, dat ieder, die men aanspreekt, wel een halve of een hele mond Nederlands spreekt óf het zelfs goed spreekt. De bevolking van lowa is kennelijk van Nederlandse origine. Men loopt er dan ook letterlijk bekenden tegen het lijf.
Op de eerste zondag, dat ik er was, liep ik er zó maar een kerk binnen, om een kerkdienst mee te beleven. Het was de 'Netherlands Reformed Church'. Bij mijn vraag in de hal, wie er die morgen voorging, was het antwoord: ds. Vergunst van Kalamazoo. Het was een verrassende ontmoeting. Samen nuttigden we de maaltijd ten huize van ouderling Schelling, waar de voormalige Veense pastor logeerde.
Kerkelijke contacten
Sinds enige jaren heeft de Gereformeerde Bond contacten in de U.S.A. Ds. W. L. Tukker bezocht b.v. een aantal jaren geleden de gemeente van ds. B. Densel in Grand Rapids. Daarna bezocht dr. C. A. Tukker deze gemeente. En bij de vorige conferentie voor christelijk hoger onderwijs, die in Grand Rapids werd gehouden, heeft ondergetekende deze gemeente, die bestaat naast de Gereformeerde Gemeenten van ds. W. C. Lamain en de Free Reformed Church (de Christelijke Gereformeerde Kerken) van ds. C. Pronk, bezocht. In deze gemeente is ouderling de heer C. Lambregtse, bekend door zijn gedichten, die hier in Nederland zijn uitgegeven.
De laatste jaren zijn er allerlei mensen geëmigreerd naar Canada. Sommigen voegden zich bij de reeds langer bestaande kerken aldaar, b.v. de Christian Reformed Church of de Reformed Church. Anderen voegden zich bij de kerken ontstaan uit de Afscheiding in Nederland, b.v. de hierboven genoemde kerken van de Gereformeerde Gemeenten of de Christelijke Gereformeerde Kerken.
Wéér anderen, afkomstig uit hervormd-gereformeerde gemeenten in Nederland, voelen zich kerkelijk aldaar niet thuis en zoeken de prediking, die ze in Nederland gewend waren te horen. Daarom is de laatste jaren vanuit verschillende plaatsen in Canada contact gezocht met het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond. De Gereformeerde Bond kan als kerkelijke vereniging intussen niets ondernemen. Wél is het zo, dat het moderamen van de Generale Synode ten aanzien van de gemeente in Grand Rapids besloten heeft dat aldaar-wanneer dat bij vertrek van ds. Densel nodig is - een hervormd-gereformeerd predikant beroepen kan worden, die dan de rechten van een emeritus-predikant krijgt en bij terugkeer in Nederland weer normaal beroepbaar zal zijn.
Op deze basis is het ook mogelijk, dat andere gemeenten gevormd worden in Canada. In Edmenton werd zo een gemeente geïnstitueerd door ds. Densel, een man slecht ter been maar vurig van geest en levendig ter tale. Een nog kleine gemeente, waar als ouderling werd bevestigd Gerard Roolker, waar we gastvrij onthaal vonden.
Ook in Richmond - Chilliwack bestaan al geruime tijd plannen om tot instituering van een gemeente te komen. We hadden daar - na een indrukwekkende tocht over de Rockeys' - een korte, vermoeiende maar zeer goed en vruchtbaar contact met de heren Dijkstra, Goossen en Cazander.
De kerkelijke verscheidenheid en gescheidenheid is hier niet op te lossen en daar niet. We zijn in de loop der jaren uiteen gegroeid. De Gereformeerde Kerken hebben in de States , hun eigen vestiging gekregen. De Christelijke Gereformeerde Kerken en de Gereformeerde Gemeenten eveneens. Thans vragen hervormd-gereformeerden om kerkelijke voorzieningen.
We hadden een boeiende reis, met veel zeer afwisselende ervaringen. De ideologieën zijn wereldwijd, de kerkelijke verdeeldheid is eveneens wereldwijd. Toch mogen we vertrouwen dat het Rijk Gods door alles heen komt. Dan zal de kerk één zijn en zal ook op de bellen van de paarden staan - zó creatuurlijk: - heilig.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1981
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 september 1981
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's